Asiel voor een U-boot

De laatste bevelhebber van de UB-23 is Oberleutnant zur See is Hans Ewald Niemeyer die op 20 maart 1917 aan boord stapt. Tijdens vijf missies vernietigt Niemer zeven schepen, onder andere de Belgische sleepboot Marcel.

Op 23 juli 1917 begint uB-23 aan haar laatste reis. Niemer zet de U-boot op periscoopdiepte om een vrachtschip te schaduwen. Een wakkere uitkijk op het Britse patrouilleschip HMS P-60 merkt de periscoop op en de P-60 laat twee dieptebommen vallen. De toegesnelde torpedobootjagers HMS Narwal en HMS Peyton laten op hun beurt dieptebommen vallen. De ontploffingen veroorzaken zware schade aan de batterijen en de duikuitrusting van UB-23. Niemer laat de UB-23 tot de bodem zakken en wacht de nacht af. Opnieuw aan de oppervlakte gekomen, stelt de bemanning vast dat de U-boot zo zwaar beschadigd is dat ze niet meer zou kunnen onderduiken. Niemer besluit om de bemanning van de UB-23 te laten interneren in La Coruna 360 mijl verder. Ze bereiken de neutrale Spaanse haven op 29 juli 1917 en blijven daar voor de rest van de oorlog.

IMG_0162

Bronnen

Tomas Termote, Oorlog onder water, Davidsfonds

https://elviajerohistorico.wordpress.com/2016/02/17/submarinos-hundidos-en-espana/

 

 

laatste proefvaart van UB-20

De UB-20 maakt vanaf 26 maart 1917 deel uit van de Unterseebootflottilje Flandern en heeft Oostende als thuishaven. Onder leiding van Oberleutnant zur See Hermann Glimpf vernietigt de UB-20 in vier patrouilles negen Nederlandse en Britse schepen. Aan het einde van de laatste reis wordt de U-boot via het kanaal Oostende-Brugge naar de Kaiserliche Werft overgebracht voor onderhoud. Bij een Britse luchtaanval op Brugge wordt de UB-20 beschadigd en moet nog vijf weken langer in reparatie blijven.

Op 28 juli 1917 om 11u40 verlaat de UB-20 de haven van Oostende voor een vier uur durende proefvaart om de reparaties op haar drukhuid te testen. Aan boord zijn er slechts dertien bemanningsleden, twee man werfpersoneel en twee legerofficieren. Op de dag van haar verdwijning zijn er twee U-boten door Britse vliegtuigen aangevallen. Meer dan waarschijnlijk zijn dit echter de UC-16 en UC-65. De beschadigingen aangetroffen bij de UB-20 wijzen in de richting van een dubbele mijnontploffing. De Britse admiraliteit bevestigt later dat de UB-20 mogelijk verloren is gegaan in een nieuw Brits mijnenveld. Dit mijnenveld is in het geheim gelegd op 25 juli 1917.

Alle zeventien opvarenden komen om het leven op UB-20. Het lijkt van Hermann Glimpf spoelt op 3 september 1917 aan in Jutland aan de Deense kust.

bronnen
Tomas Termote, oorlog onder water, Davidsfonds
http://www.wrecksite.eu/wreck.aspx?84
http://www.uboat.net/wwi/boats/successes/ub20.html

minefield.jpg

 

 

 

de laatste overwinning van Chadwick

De befaamde Canadese jachtpiloot Arnold Jacques Chadwick behaalt  op 25 juli 1917 zijn allerlaatste overwinning, zijn elfde. Hij vormt een team met Albert Enstone en Ronald Keirstead en samen slagen ze erin een Duits watervliegtuig te vernietigen ten noorden van Oostende.

Drie dagen later onderneemt hij een bijzonder moedige maar evenzeer risicovolle aanval op een formatie van maar liefst negen Duitse vliegtuigen. Hij verliest het gevecht en moet in het Kanaal duiken ter hoogte van de Panne. Enkele weken later spoelt zijn lichaam aan in de buurt van Duinkerke.

Bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

ArnoldJacquesChadwick.png

 

 

Unternehmen Strandfest

De Britten denken al vanaf 1914 plannen uit om de Duitsers uit de Belgische kust te verdrijven. Pas in 1917, met de derde slag van Ieper, lijkt het moment daar om een landing op de Belgische kust uit te voeren. Deze landing krijgt de naam “Operation Hush” en wordt voorafgegaan door verkenningstochten door vliegtuigen en schepen om de doelen aan de Belgische kust in kaart te brengen.

Op 19 juni 1917 nemen de Duitsers enkele Britse soldaten krijgsgevangen tijdens een verkenningsopdracht. De Duitsers hebben nu door dat de Britten een landing op de Belgische kust plannen. Daarom plannen de Duitsers een tegenaanval onder de naam “Unternehmen Strandfest“. Vanaf Lombardsijde wordt op 10 juli 1917 om 5u30 de aanval ingezet op de smalle strook land aan de oostelijke oever van IJzer. Daarbij voeren Duitse vliegtuigen bombardementen uit. Matrozen van de gespecialiseerde Sturmabteilung vallen de Britse loopgraven aan. Uiteindelijk valt het Britse bruggehoofd in Duitse handen. De foto hieronder toont Britse krijgsgevangenen in Brugge op 11 juli 1917, daags na Unternehmen Strandfest.

Maar ook voor wie er niet bij is, is de aanval indrukwekkend. Joris Van Severen vermeldt in zijn dagboek het volgende :

Van 6 uur ’s morgens tot 1 uur van de nacht, zonder een seconde stilstand, bombardement van de Engelsen op de Duitse stellingen van Nieuwpoort. Hachelijk. Het horen alleen, op 5 km afstand, bemachtigt bang mijn ziel. En ’s avonds ben ik verwonderd. Dan zitten nog levende mensen in die poel ! Dan zijn er nog die de moed hebben fusees te werpen. En dan gaat het Engelse geschut erop los met obussen die wreedakelig en flakkerlaaiend met een geweldige gloed door de nacht branden en walmen. Dit is het wreedste en het afgrijselijkste dat ik gezien heb sinds deze oorlog.

Brugge_1917_0711_Strandfest.jpg

bronnen
https://en.wikipedia.org/wiki/Operation_Hush
http://www.zeeuwsarchief.nl/zeeuwse-verhalen/marinekorps-flandern-1914-1918/
Joris Van Severen, die vervloekte oorlog – dagboek 1914-1918, studiecentrum Joris Van Severen

 

de Ville de Liège in Britse dienst

Vanaf 21 juni 1917 tot en met 31 december 1918 staat de Belgische maalboot Ville de Liège onder het commando van het Britse ministerie van Oorlog en doet dar dienst als hospitaalschip. In deze periode maakt het schip talloze overtochten tussen Groot-Brittannië en het vasteland waarbij het 77.194 gewonden en 36.356 valide manschappen transporteert.

In de voorafgaande oorlogsjaren, onder meer tijdens de slag aan de Ijzer (1914), vervoerde het schip gewonden en allerhande materiaal waaronder munitie, tussen het onbezette gedeelte van de Belgische kust en Frankrijk. Later werden de gewonden per trein vervoerd.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

ville de liege 03

Kapitein Horthy valt aan

Oostenrijks-Hongaarse oorlogsschepen van kapitein Miklós Horthy, de latere Hongaarse dictator, vallen op 15 mei 1917 Italiaanse schepen aan voor de Albanese kust. Veertien ervan zijn gezonken voor Britse, Franse en Italiaanse oorlogsbodems ingrijpen. Horthy ziet zich genoodzaakt tot terugtrekking.

bron : Ian Westwell, 1914-1918 de eerste wereldoorlog dag na dag, Deltas

MiklosHorty_KuK_Marine

kapitein Horthy staat rechts vooraan op de foto

Amerikaanse schepen gezonken

Duitse duikboten brengen in de periode van 18 maart 1917 in enkele dagen tijd drie Amerikaanse schepen tot zinken in de Atlantische oceaan : de City of Memphis, de Illinois en de Vigilancia. In de Verenigde Staten groeit de afkeer jegens Duitsland.

Na enkele waarschuwingsschoten op de City of Memphis, die alleen maar ballast aan boord heeft, krijgt de bemanning het bevel in de reddingssloepen te stappen. Een tiental kanonschoten bezegelen dan het lot van het schip. De bemanning raakt veilig aan land in Ierland.

De tanker Illinois, eveneens geladen met ballast, was op weg van Londen naar Port Arthur om daar een nieuwe lading petroleumproducten in te slaan. Ook hier overleeft de bemanning.

Nadat twee torpedo’s de Vigilancia zonder voorafgaande waarschuwing treffen, gaat ook hier de bemanning van boord. Slechts een gedeelte van hen komt veilig aan wal omdat een van de reddingsboten omslaat.

Onderstaande schilderij is van de Duitse kunstenaar Willy Stöwer.

bron :: oorlogskalender 2014-2018, davidsfonds

WillyStöwer_U-Boot_Truppentransporter