Apollinaire verlaat het ziekenhuis

Apollinaire_1918

De Franse auteur Guillaume Apollinaire verlaat op 13 mei 1918 het militaire ziekenhuis Val-de-Grâce waar hij op 1 januari opgenomen werd met ademhalingsproblemen. Een tiental dagen geleden verliet Apollinaire ook al eens het ziekenhuis , toen om te huwen met Jacqueline Kolb.

Na zijn ontslag uit het ziekenhuis kreeg Apollinaire een taak bij het ministerie van oorlog. Lang blijft hij er nierwant reeds op 9 november 1918 sterft hij verzwakt door zijn oorlogswonden. Enkele dagen daarna vindt de pas 38-jarige Apollinaire de eeuwige rust op het kerkhof Père Lachaise.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Oostenrijks vredesvoorstel afgewezen

De Franse eerste minister publiceert op 8 april 1918 de brief waarin de Oostenrijkse keizer Karel I vredesvoorstellen deed, buiten het medeweten van zijn Duitse bondgenoot en zijn eigen minister van Buitenlandse zaken. De Oostenrijkse keer komt daardoor in een lastig parket. De geloofwaardigheid van het keizerrijk wordt zwaar aangetast. Bovendien krijgt de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie geen zitje bij de vredesbesprekingen die een einde maken aan de oorlog. Tijdens de onderhandelingen wordt de dubbelmonarchie gewoon opgeheven.

bron: oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

KeizerKarel_I

 

de profetie van Foch

De geallieerde troepen aan het westelijk front komen onder het opperbevel van de 66-jarige Franse generaal Ferdinand Foch. Een week geleden is dit besluit genomen in Doullens, om beter weerstand te kunnen bieden aan het Duitse lenteoffensief dat enkele dagen daarvoor werd ingezet. 

Achteraf gezien blijkt deze gemeenschappelijke beslissing van de Britse, Franse en Amerikaanse regering bijzonder succesvol. Foch blijft deze functie uitoefenen tot aan de wapenstilstand. Na de ondertekening van het verdrag van Versailles in 1919 spreekt hij deze profetische woorden :”Dit is geen vrede, maar een wapenstilstand voor twintig jaar.”. Op 65 dagen na klopt die profetie.  

Oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds 

FerdinandFoch_Citation1918

een paasei voor Louis Barthas

Louis Barthas krijgt aan het einde van dagenlange marsen dan toch een bijzonder paasei aangeboden. 

Op een dag kregen we tijdens het rapport te horen :”Alle verloven zijn ingetrokken.”. Hoe laconiek ook gezegd, toch was dit voor iedereen een zin waarvan een dreiging uitging. Wat een ramp was het voor de soldaten die nog dezelfde dag of de dag erna met verlof zouden vertrekken. Ik ken een paar soldaten die hun familie al blij hadden gemaakt met hun komst en pas toen de oorlog voorbij was tussen vier dennenplanken thuiskwamen ! 

Op 23 en 24 maart 1918 werd Les Islettes zwaar gebombardeerd. Alle diensten in het dorp waren in allerijl verhuisd. 

In de nacht van 24 op 25 maart, gebruik makend van een heldere maan, kwamen de Gothas verschillende keren bommen werpen op de spoorweg en het station. Twee of drie bommen vielen op nog geen honderd meter van onze slaapplaats die we gelukkig hadden verlaten om de nacht in de openlucht door te brengen. Je nam liever het risico van bronchitis dan onthoofd, opengereten of vermorzeld te worden.  

Op 27 maart was er alarm. We moesten de hele dag bij onze uitrustig blijven, klaar om te vertrekken, met de geweren in de rijen gezet. Rond vijf uur ’s middags kwam het bevel dat we de volgende morgen om zes uur te voet moesten vertrekken. 

Op 28 maart 1918 trokken we om acht uur door Sainte-Menehould dat een droevige aanblik bood. Tot nu toe was de stad door een vreemde gril van de Duitsers gespaard, maar sinds zes dagen vielen de granaten in groten getale op de stad. De inwoners sloegen op de vlucht alsof er een verschrikkelijke ramp op komst was.  

Bij de uitgang van de stad stond een oud vrouwtje dat iets in haar schort droeg en naar ons toekwam. Het waren eieren die ze aan ons uitdeelde. In het voorbijgaan mocht in er een nemen. Een ei betekent weinig maar we waren allemaal ontroerd. Dit arme vrouwtje ontzegde zichzelf het noodzakelijkste om het ons te geven. De manier van geven is belangrijker dan wat je geeft. 

Bron : Louis Barthas, oorlogsdagboeken, uit het Frans vertaald door Dirk Lambrechts, uitgeverij Bas Lubberhuizen 

Paasei_Poilus

Duitse artillerie volgt de stormtroepen

Herbert Sulzbach, luitenant bij de Duitse artillerie, volgt de oprukkende stormtroepen samen met zijn kameraden. Zijn startpunt is Saint-Quentin.

21 maart 1918 : De artillerie begint te vuren om 4u40 and na 5 uur trommelvuur, om 9u40 begint de infanterie met zijn stormaanval voorafgegaan door voortschrijdend trommelvuur. ’s Avonds zit ik op een affuit om mijn gedachten van deze dag te ordenen. Ik zou er helder boeken over kunnen schrijven. Het onmogelijke is dan toch gebeurd : we hebben een doorbraak geforceerd. Tijdens het vuren moest ik af en toe een pauze nemen, omdat ik het niet meer uithield met al het gas en de rook. De kanonniers staan in hemdsmouwen met het zweet dat van hen afdruipt. Granaat na granaat wordt afgevuurd op de vijandelijke linies en je moet geen bevelen meer geven omdat de soldaten geestdriftig genoeg zijn om snel de granaten af te vuren.

22 maart 1918 : We rukken op naar Essigny maar er is zo’n opstopping van voertuigen dat we nauwelijks een kilometer verder geraken na drie uur. We passeren de eerste linie van de Britten en zijn al snel in hun tweede linie. We horen dat generaal Foch tegen ons oprukt met het Franse reserveleger.

23 maart 1918 : Onze stormtroepen nemen Ham in en we zullen al snel onze oude posities terug innemen die we in 1916 hebben verlaten. Nu hebben we minder last van opstoppingen en we rukken sneller op.

24 maart 1918 : Onze sappeurs bouwen een brug over het kanaal en we zien enkele grote Britse kanonnen. We gaan verder naar Dury.

26 maart 1918 : Vanuit Eppeville bereiken we om 4 uur Nesle. In Carrépuis nemen we posities in links van het dorp. Onze infanterie brengt grote aantallen Britse krijgsgevangenen naar achter. Er zitten ook enkele Fransen tussen. De eerste Fransen die ik spreek, vragen me angstig of het waar is dat onze zware kanonnen Parijs onder vuur nemen. In Carrépuis worden we voor het eerst gebombardeerd door vijandelijke vliegtuigen.

27 maart 1918 : in Laboissière worden we onder vuur genomen door de Fransen. Ik leid mijn batterij naar veilige posities door het vijandelijk bombardement en we hebben slechts enkele gewonden te betreuren. Het lijkt erop dat we ons doel bereikt hebben en de Britse legers hebben gescheiden van de Franse.

Ook in Faverolles komen we terecht in een Frans bombardement. We trekken ons terug en brengen de nacht door in houten hutten. Daags erna zien we dat Faverolles grotendeels onbeschadigd is.  Alles lijkt hier vreedzaam, een hoop voorraad ligt voor het grijpen en de burgers lijken op het laatste nippertje te zijn gevlucht.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword Military.

operation-michael-german-offensive-march-21-1918

 

 

 

Ferdinand Foch in de tegenaanval

Ferdinand Foch coördineert vanaf voortaan alle Britse, Franse en Amerikaanse troepen op het westfront na een bijeenkomst van de gezamenlijke Supreme War Council op 27 maart 1918. Fochs hoofdbekommernis is het stoppen van het Duitse offensief, Operatie Michael, dat in noord-Frankrijk een bres heeft geslagen in de Britse linie. Franse versterkingen spoeden zich naar de bedreigde sector ten zuiden van de Somme waar ze samen met de Britse troepen onder het bevel staan van de Franse generaal Marie Fayolle.

Het Britse 3e leger van generaal sir Julian Byng dat ten noorden van de Somme strijdt, stopt de Duitse opmars, deels door doeltreffende steun vanuit de lucht. De Duitsers proberen twee dagen later een nieuwe aanval te lanceren met als doelwit Arras. Dat offensief mislukt echter. De strijd concentreert zich nu ten zuiden van de Somme.

bron : Ian Westwell, de eerste wereldoorlog dag na dag, Deltas

FerdinandFoch

Duitsers rukken op naar Amiens

Het Duitse 2e leger van generaal Georg von der Marwitz breekt op 25 maart 1918 door op het samensmeltingspunt van het Britse 3e en 5e leger bij operatie Michael. Generaal Erich Ludendorff, afgevaardigde van de Duitse generale staf, denkt dat de Britten op het punt staan in te storten dus geeft hij zijn bevelhebbers nieuwe orders. Marits moet oprukken naar Amiens, terwijl generaal Oskar von Hutier met zijn 18e leger Parijs moet aanvallen. Het 17e leger van generaal Otto von Below rukt verder op naar de havens bij de noord-Franse kust.

De Britse opperbevelhebber, veldmaarschalk sir Douglas Haig, brengt zijn Britse troepen in aller ijl over om de kloof in zijn linie te dichten. Maar zijn Franse evenknie, maarschalk Henri-Philippe Pétain, bekommert zich zoals Ludendorff vermoedde, meer om Parijs en stuurt slechts een beperkt aantal soldaten naar de sterk onder druk staande Britten.

bron : Ian Westwell, 1914-1918 – de eerste wereldoorlog dag na dag, Deltas

UnternehmenMichael_kaart01