hinderlaag in Kilmichael

Een week na de bloedige zondag in Dublin (lees meer op deze pagina) slaat de IRA weer toe. 36 militanten van de Irish Republican Army onder leiding van Tom Barry wachten in Kilmichael op zondag 28 november 1920 een Britse patrouille op. Deze Britse patrouille behoort tot de Royal Irish Constabulary Auxiliary Division. Deze hulptroepen van de Ierse politie zijn veelal Britse veteranen uit de Groote Oorlog. De Auxiliaries en de Black and Tans zijn niet heel populair bij de Ierse bevolking en staan vaak bekend om hun brutaliteit.

Op 21 november heeft de IRA al de ideale positie voor de hinderlaag uitgezocht : op de weg tussen Macroom-Dunmanway, meer bepaald in het gedeelte tussen Kilmichael en Gleann. De Auxiliaries gebruiken deze weg dagelijks.

Om 4u05 komen de twee vrachtwagens van de Britse patrouille in zicht. Tom Barry, in een uniform van een IRA officier, doet de eerste vrachtwagen stoppen. Later zullen de Britten zeggen dat Barry een Brits uniform droeg en dat dit zorgde voor verwarring. De IRA militanten hebben zich in drie groepen verdeeld om de hinderlaag te doen slagen. Zodra de eerste vrachtwagen stopt, gooit Barry een granaat in de open laadbak van de eerste vrachtwagen, en het vuurgevecht begint.

De tweede vrachtwagen is ook gestopt en de inzittenden zijn verder verwijderd van de tweede IRA groep. Ook daar begint een vuurgevecht. Op gegeven ogenblik laten de Britse soldaten hun geweren vallen om aan te geven dat ze zich overgeven. Volgens de IRA komen hun militanten tevoorschijn en grijpen sommige Britten dan naar hun revolvers, waarbij twee IRA militanten gedood worden. Daarop geeft Tom Barry het bevel om te schieten en pas te stoppen als hij daartoe het bevel geeft.

Aan het einde van het gevecht zijn twee IRA militanten dood en één dodelijk gewond. Bij de Britten zijn er 18 doden. Eén soldaat die voor dood wordt achtergelaten, zal achteraf toch overleven.

De Britse soldaten op Ierland tellen 30.000 manschappen dus het verlies van 18 is behoorlijk klein. Maar de psychologische impact van een Ierse hinderlaag die een ganse Britse patrouille wegveegt, is behoorlijk schokkend. Voor de Britse regering is het duidelijk dat het geweld in Ierland escaleert. Daarom wordt 10 december 1920 de krijgswet afgekondigd in de counties van Cork, Kerry, Limerick, Tipperary. Daarmee krijgen de Britse militairen veel meer hun handen vrij. Het zal niet lang duren voor ze die extra vrijheid gebruiken om zich te wreken voor de hinderlaag in Kilmichael.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Kilmichael_Ambush

bloedige zondag in Ierland

Iedereen kent het lied van U2 “Sunday, bloody sunday” dat verwijst naar een bloedige zondag in 1972. Maar Ierland kende al veel eerder een bloedige zondag op 21 november 1920.

Alles begint met een operatie van de IRA(Irish republican Army) tegen de zogenaamde “Cairo gang“. Die naam werd gegeven aan Britse geheim agenten die samen komen in de Cairo Café in Grafton StreetDublin. De Ierse contraspionage onder leiding van Michael Collins, houdt deze mannen in de gaten en stelt een lijst op van vermoedelijke geheim agenten. Begin november worden een aantal hoog geplaatste figuren in de IRA bijna gearresteerd. Op 10 november kan een officier van de IRA weer ternauwernood ontsnappen, maar dit maal maken de Britten een aantal belangrijke documenten met adressen buit. Dan besluit Michael Collins dat de Britse geheim agenten gedood moeten worden, wil men de IRA in Dublin in stand houden.

In de vroege ochtend van zondag 21 november 1920 komen een aantal ploegen van de IRA samen in Dublin. Ze slaan toe op acht verschillende plaatsen. 15 Britten worden gedood bij de acties. Achteraf zal blijken dat de slachtoffers niet allemaal betrokken waren bij Britse militaire acties.

Na de Britse doden volgt een Britse tegenreactie. Luitenant-kolonel Bray geeft het bevel om een raid te organiseren op een voetbalwedstrijd en iedere man te ondervragen. In Croke Park, waar de wedstrijd zal plaatsvinden, zijn rond 15u ongeveer vijfduizend toeschouwers toegekomen. Een konvooi van Britse vrachtwagens en gepantserde auto’s nadert het stadion, klaar om alles af te grendelen en alle aanwezigen te fouilleren. Over wat er daarna gebeurt, lopen de getuigenissen uiteen. Sommige politieagenten verklaren achteraf dat ze beschoten werden en dat ze daarom het vuur openden. Volgens Ierse toeschouwers waren het de Britten die als eerste het vuur openden. Lang duurt het schieten niet maar als alles terug stil wordt, liggen er verschillende doden en gewonden op de grond. In totaal eist dit optreden van de Britse veiligheidsdiensten vijftien doden.

Achteraf zal deze bloedige zondag de Ierse steun aan de IRA doen toenemen. De Britse reputatie krijgt internationaal een stevige knauw.

bronnen
https://en.wikipedia.org/wiki/Bloody_Sunday_(1920)
https://www.yourirish.com/history/20th-century/bloody-sunday-1920


Ierse muiterij in India

Op 2 november 1920 sterft James Daly voor het executiepeloton. Daarmee komt er een einde aan de muiterij van de Ierse Connaught Rangers in Brits-Indië. Die muiterij begint einde juni 1920 in Wellington Barracks in Jalandhar (Punjab). Daar is William Daly, broer van James Daly, bij betrokken. Het nieuws van de muiterij verspreidt zich de dagen daarna bij de andere regimenten van de Connaught Rangers. Reden van de muiterij is het ongenoegen over het Britse optreden in Ierland. De muiters hijsen de Ierse driekleur boven de barakken en weigeren de bevelen van de officieren op te volgen. Ze geven hun wapens af die in het magazijn worden bijeengebracht. Maar een deel van de muiters breken op een nacht in het magazijn in om hun wapens terug te nemen. Bij die actie vallen 2 doden.

Daarmee is het geduld van de Britse militaire overheid ten einde. Loyale regimenten nemen de macht in de barakken van de muiters over. Alle muiters verschijnen voor het krijgsgerecht. 10 muiters krijgen de vrijspraak, 59 krijgen levenslang en 19 de doodstraf. Die straffen worden later nog gemilderd maar niet voor Daly. Op 2 november 1920 wordt James Daly door het vuurpeloton doodgeschoten. Daarmee is hij (tot nu toe) de laatste Britse militair die wegens muiterij wordt geëxecuteerd.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/James_Daly_(mutineer)

executie van Kevin Barry

Op 1 november 1920 wordt de Ier Kevin Barry, aanhanger van de IRA, door de Britten geëxecuteerd. Dit drijft de spanning tussen Ieren en Britten op, ook al omdat de hongerdood van Terence MacSwiney zo kort geleden is. (lees maar over die hongerstaking op deze pagina).

Kevin Barry sluit zich in 1917 aan bij de Irish Republican Army. Hij is dan nog maar 15 jaar oud. Vanaf 1918 neemt hij deel aan operaties van de IRA. Op 20 september 1920 is hij ook van de parij als de IRA een hinderlaag legt nabij Bolton Street in Dublin voor Britse soldaten die brood komen ophalen in een vrachtwagen. De operatie lijkt eerst vlot te verlopen als de Britten hun wapens neerleggen. Maar dan klinkt er een schot en de IRA aanhangers beginnen daarop verschrikt rond te schieten. Het wapen van Kevin Barry blokkeert tot twee maal toe en hij duikt onder de vrachtwagen. De andere IRA aanhangers slagen erin te ontsnappen maar Kevin wordt door de Britten ontdekt en opgepakt. Bij de hinderlaag sterven drie Britse soldaten.

Bij de ondervraging door de Britse militairen krijgt Barry het zwaar te verduren. Op 20 oktober 1920 verschijnt hij voor de Britse militaire rechtbank. Als hij terug in de gevangeniscel zit, krijgt hij om 8 uur ’s avonds te horen dat hij veroordeeld is tot de doodstraf door de strop. Op 31 oktober krijgt hij drie bezoeken. Bij het laatste bezoek ziet hij zijn moeder, broers en zussen. Op 1 november 1920 wordt Kevin Barry opgehangen in Mountjoy prison in Dublin.

Er is niet lang na zijn dood nog een ballade geschreven over Kevin Barry, dat door meerdere artiesten werd gezongen, waaronder Leonard Cohen en The Dubliners.

In Mountjoy jail one Monday morning
High upon the gallows tree,
Kevin Barry gave his young life
For the cause of liberty.
Just a lad of eighteen summers,
Still there’s no one can deny,
As he walked to death that morning,
He proudly held his head on high.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Kevin_Barry

een hongerstaking van 74 dagen

Op 25 oktober 1920 sterft de Ier Terence MacSwiney na een hongerstaking van 74 dagen in de gevangenis van Brixton in Engeland. Hij is de hongerstaking begonnen als protest tegen zijn veroordeling in augustus 1920 voor het bezit van opruiende teksten.

MacSwiney heeft al eerder de aandacht van de Britten getrokken als Iers nationalist. In 1913 is hij de voorzitter van de afdeling van Sinn Fein in Cork. In 1916 wordt hij gearresteerd voor zijn betrokkenheid bij de paasopstand in Ierland. In 1917 wordt hij weer vrijgelaten en enkele maanden later weer gearresteerd. Hij gaat in hongerstaking en wordt vrijgelaten. In 1920 neemt hij deel aan de verkiezingen en hij wordt burgemeester van Cork tot aan zijn arrestatie op 12 augustus. Door zijn hongerstaking trekt hij veel internationale aandacht en het protest leidt tot druk op de Britse regering.

Na zijn dood komen 30.000 mensen zijn opgebaarde lichaam begroeten in de kathedraal van Saint-George in Southwark (Londen). De lijkkist wordt naar Cork gebracht waar de begrafenis op 31 oktober 1920 grote massa’s op de been brengt.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Terence_MacSwiney

Represailles in Rineen

Op 22 september 1920 legt de Irish Republican Army een hinderlaag voor de Royal Irish Constabulary in Rineen. De leiding over deze operatie lag bij  Ignatius O’Neill, een veteraan van de Groote Oorlog die bij de Irish Guards gevochten had. De hinderlaag is gericht tegen een vrachtwagen van de RIC die regelmatig eenzelfde traject volgt tussen Ennistymon en Milltown Mallbay.

Terzelfdertijd rijdt kapitein Alan Lendrum, magistraat, in op een wegversperring van een andere IRA-brigade. De IRA militanten dwingen kapitein Lendrum uit te stappen en zijn wagen te overhandigen. ALs hij zijn wapen trekt, wordt hij doodgeschoten. Deze actie van de IRA, die niets te maken heeft met de actie in Rineen, zal gevolgen hebben voor de hindzerlaag in Rineen. Doordat kapitein Lendrum niet opdaagt, worden er vrachtwagens met Britse soldaten uitgestuurd om hem te gaan zoeken.

In Rineen laat de IRA de vrachtwagen passeren om zeker te zijn om hoeveel tegenstanders het gaat. Op zijn terugweg, wordt de vrachtwagen dan aangevallen. Vijf agenten van de RIC en één soldaat van de Black-and-Tans worden bij de aanval gedood. De militanten van de IRA verzamelen de wapens van de gesneuvelden en steken de vrachtwagen in brand.

En dan verschijnen totaal onverwacht tien vrachtwagens van het Britse leger ten tonele. Zij zijn op zoek naar de vermiste kapitein Lendrum en komen uit op de brandende vrachtwagen. Er ontstaat een vuurgevecht tussen de IRA en de Britten. Daarbij vallen weer gewonden en doden aan beide zijden. Maar de meeste IRA militanten kunnen ontsnappen.

De Britten zijn razend over de hinderlaag en nemen represailles in de omgeving van Rineen. Verschillende huizen gaan in vlammen op en burgers die verdacht worden van medewerking aan de IRA worden opgepakt en sommigen mishandeld, verwond of gedood.

De represailles worden veroordeeld in de Ierse, Britse en internationale pers. De Britse Labour partij vraagt om een onderzoek.

Deze hinderlaag heeft twee gevolgen. De Royal Irish Constabulary wordt voorzichtiger in transporten en stuurt altijd minstens drie vrachtwagens de weg op. De Ierse brugers van hun kant raken verbitterd over de wraakacties van de Britten en de sympathie voor de IRA groeit daardoor.

bronnen
https://en.wikipedia.org/wiki/Rineen_ambush
https://theirishwar.com/i-r-a-rineen-ambush-22-september-1920/

Brand in Balbriggan

In 1920 krijgt de Royal Irish Constabulary, de Ierse politie onder Britse controle, meer en meer te maken met aanvallen van de Irish Repûblican Army. Ze krijgen versterking van de Black-and-Tans, een paramilitaire organisatie met politionele bevoegdheden. Heel vaak gaat het om werkloze Britse militairen die op die manier aan werk geraken.

Op 20 september 1920 stoppen Peter Burke en Michael Burke van de RIC in een pub in Balbriggan om nog iets te drinken na het werk. In de pub komt het tot ruzie waar de lokale politie wordt bijgehaald. Ook enkele leden van de IRA komen toe en het komt tot een vuurgevecht waarbij Peter Burke sterft en zijn broer Michael zwaargewond geraakt.

Om 11 uur ’s avonds stoppen enkele vrachtwagens met meer dan 100 Black-and-Tans in Balbriggan. Ze steken huizen en winkels in brand en getuigen zien hoe de Black-and-Tans al lachend hun brandstichtingen verder zetten. De inwoners van Balbriggan vluchten de velden in. Als ze terugkeren, zie ze dat 49 huizen in vlammen zijn opgegaan. Bovendien zijn twee plaatselijke handelaars, de melkman Sean Gibbons en de barbier Seamus Lawless, zwaar mishandeld en met de bajonet doodgestoken en achtergelaten.

De brandstichting van Balbriggan krijgt internationale aandacht en leidt ook tot een debat in het Britse parlement over de aanpak van ordehandhaving in Ierland

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Sack_of_Balbriggan

de legendarische kolonel Murphy

n de nacht van 4 op 5 augustus 1917 is er fel gevochten om de Kantijnebossen, ergens in de richting van Zillebeke. Onderpastoor Van Walleghem hoort met bijzonder veel lof spreken over een Ierse kolonel die bij zijn troepen de onkwetsbare wordt genoemd. De auteur heeft het over “kolonel Morhy” maar het zou ook Murphy kunnen zijn.

Voor de aanvallen en te midden van de gruwelijkste bombardementen staat deze Morhy samen met een sergeant-majoor boven op de borstwering, al pijprokend zijn orders te schrijven, want in het helse lawaai kon men elkaar toch niet horen. Daarna trok hij ten aanval en was de enige officier van zijn bataljon die terugkeerde.

Een andere keer zat hij te observeren in een boom. Hij werd opgemerkt door de Duitsers, die hem tevergeefs beschoten. Dan schoten ze met shrapnels naar hem : de tak waarop hij zat, brak af en Morhy viel op de grond. Kalm veegde hij de aarde van zijn kleding en vertrok op zijn gemakt.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

6009017270_bd30a421f0_b

Paasopstand in Ierland

Tijdens de eerste wereldoorlog ligt de strijd om onafhankelijkheid bijna overal stil. Australië en Canada maken wel van hun militaire positie gebruik om meer zelfstandigheid te eisen, maar in India legt Mohandas (Mahatma) Gandhi de strijd eenvoudig stil. Sterker nog : hij helpt  bij de rekrutering van Indiase soldaten voor de geallieerden. In Ierland daarentegen zien een aantal onafhankelijkheidsstrijders nu hun kans schoon om in opstand te komen.

Het was de bedoeling geweest dat Ierland gedeeltelijk zelfbestuur zou krijgen, de zogeheten Home Rule, maar dit werd vanwege de oorlog uitgesteld. Niettemin nemen duizenden Ierse jongemannen dienst in het Britse leger en 50.000 Ieren sterven in de loopgraven. Toch zijn lang niet alle Ieren overtuigd van de goede bedoelingen van de Engelsen. De Ierse leider Roger Casement treedt zelfs in onderhandeling met Duitsland. Hij vraagt om een invasie of wapens. Dat eerste durven de Duitsers niet aan, wapens worden wel gestuurd op een als neutraal Noors koopvaardijschip, de Aud, uitgedoste Duitse boot. Casement, die bang is dat de opstand zal mislukken, probeert de boot nog tegen te houden. Helaas legt de Aud aan in de verkeerde haven en als de Engelsen het schip aanhouden, gooien de “Noren” hun lading overboord. Toch is er een groep die de opstand wel wil doorzetten. Zeven mannen nemen de verantwoordelijkheid op zich om die te organiseren.

Op paasmaandag 1916 komen de Irish Volunteers in actie, maar ook nu gaat er van alles mis. Van de 10.000 mannen die aangesloten zijn bij de Volunteers, komen er maar 1.600 opdagen. Een poging om het Dublin Castle te veroveren, mislukt doordat de opstabndelingen zich hebben laten tegenhouden door één politieman, hoewel het kasteel wegens de paasvakantie nauwelijks bezet is. Het hoofdpostkantoor in O’Connel Street wordt al gauw het hoofdkwartier van de opstandelingen.Maar de Engelsen hebben ’s avonds al versterkingen naar Dublin gestuurd en de staat van beleg afgekondigd. Op donderdag arriveren nog eens 12.000 Britse militairen. De Engelsen laten zelfs een kanonneerboot, de Helga, aanrukken om de opstandelingen te beschieten terwijl de Ierse tegenstanders zelfs niet over één machinegeweer beschikken. De strijd is kort, bloederig en verwoestend. Uiteindelijk geeft Padaig Pearse zich namens de rebellen over.

De Britten arresteren zo’n 3.000 mannen van wie er 1.800 achter de Engelse tralies verdwijnen en er 100 ter dood worden veroordeeld. Onder de geëxecuteerden bevinden zich Pearse en Casement. Ook Eamon de Valera wordt ter door veroordeeld, maar vanwege zijn Amerikaanse staatsburgerschap niet geëxecuteerd. Hij zou later drie keer president van Ierland worden.

De Paasopstand is een grote mislukking, de rebellen worden door de meeste Ieren veracht. Maar de hardvochtige afrekeningen van de Britten doen uiteindelijk de stemming omslaan. De Paasopstand wordt nu herdacht als een van de belangrijkste gebeurtenissen uit de Ierse geschiedenis.

bron : Roel Tanja – een korte geschiedenis van de eerste wereldoorlog, BBNC uitgevers

PaasopstandDublin1916.jpg