begin van de Ierse burgeroorlog

De Ierse onafhankelijkheidsoorlog (1919-1921) is nog geen jaar gedaan of het geweld breekt terug uit in Ierland. In 1922 is er nochtans hoop door het Brits-Ierse verdrag dat de rust eindelijk kan weerkeren. Dat verdrag voorziet in de Ierse vrijstaat met een eigen leger en politie. Het verdrag voorziet ook de mogelijkheid voor Noord-Ierland om bij het Verenigd Koninkrijk te blijven. Maar Vrijstaat betekent ook dat Ierland binnen het Brits gemenebest blijft met de Britse koning als staatshoofd. En dat gaat voor sommige Ieren niet ver genoeg. Dat bewijst ook de stemming in het Ierse parlement op 7 januari 1922. Het verdrag wordt goedgekeurd met 64 stemmen voor en 57 stemmen tegen. De Ierse nationalisten zijn diep verdeeld.

De Ierse president Eamon de Valera treedt af bij wijze van protest maar wordt niet herverkozen dor het parlement. Daarop verwijt hij de Ierse parlementairen dat ze hun eed aan de Ierse republiek schenden door het verdrag te aanvaarden. De verdeeldheid van de Ierse nationalisten komt tot uiting als de Valera begin maart 1922 een nieuwe partij sticht.

De verwarring is compleet bij de verkiezingen op 18 juni 1922. Er komen twee nationalistische partijen op die beiden de naam Sinn Féin dragen, maar waarbij de ene partij voor en de andere tegen het Brits-Iers verdrag is. De aanhangers van het verdrag behalen de meerderheid en ze worden gesterkt door de resultaten van de niet-nationalistische partijen waarvan de meerderheid ook achter het verdrag staat. Maar Eamon de Valera, zijn politieke aanhangers en de meerderheid van de IRA blijven gekant tegen het verdrag. Volgens sommigen zou de Valera gezegd hebben :”De meerderheid heeft het recht niet verkeerd te handelen.”.

Michael Collins en Arthur Griffith zetten ondertussen hun schouders onder de Ierse Vrijstaat en stichten het Iers nationaal leger dat de IRA moet vervangen. Maar hun tegenstanders zitten niet stil. Eenheden van de IRA die gekant zijn tegen het verdrag bezetten vanaf april 1922 de “Four Courts”, zo genoemd naar de vier gerechtshoven die in hartje Dublin zetelen. Griffith wil het Ierse leger direct laten optreden, maar Collins laat deze IRA aanhangers ongemoeid. Hij gokt erop dat de aanhangers van het verdrag de meerderheid behalen bij de verkiezingen en dat de bezetters van de Four Courts democratisch genoeg zijn om de bezetting dan te beëindigen. Maar dat gebeurt niet. Bovendien is er op 22 juni 1922 nog de aanslag op veldmaarschalk Wilson in hartje Londen. Deze aanslag dwingt de Ierse regering tot handelen. Als ze niet kunnen bewijzen dat zij de macht hebben in Ierland, dreigen de Britten zelf op te treden. Op 26 juni 1922 kidnappen de tegenstanders van het verdrag een Ierse generaal. Nu heeft Michael Collins geen keuze meer. Hij stelt de bezetters van de Four Courts een ultimatum. Op 27 juni moeten ze de bezetting beëindigen. Op 28 juni 1922 begint het Ierse leger de Four Courts te bombarderen. Na drie dagen bombardement geven de bezetters zich over. Maar vuurgevechten blijven nog voortduren in Dublin tot 5 juli 1922. De Ierse burgeroorlog is begonnen.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Irish_Civil_War

De Four Courts in Dublin na het bombardement

aanslag op Walter Rathenau

Zaterdag 24 juni 1922. Alweer zo’n natte, bewolkte junimorgen in Berlijn. In de ochtendedities van de Berlijnse kranten staan berichten over de parlementszitting van de vorige dag, over Helfferichs provocaties tegen de minister van Buitenlandse Zaken Walter Rathenau, over de debatten die tot in de avond duurden. Een paar kleinere voorstellen zijn door de Rijksdag uitgesteld tot deze zaterdag.

Ernst Werner Techow is sinds zeven uur vanmorgen op de been om te kijken hoe het met de reparaties aan de Mercedes staat. Hij schat dat de auto tegen tien uur weer rijklaar kan zijn. Door het observeren van de minister weten ze dat hij om half elf in de auto zal stappen. Nog één keer bespreken ze hun aanpak, verzekeren Erwin Kern en Hermann Fischer zich ervan dat hun chauffeur zijn zenuwen de baas is.

Kort voor half elf start Ernst Werner Techow de auto en rijdt de weg op. Hij parkeert de wagen in de Joseph-Joachim-Strasse. Van hieruit hebben ze zicht op de kruising van de Koenigsallee, die maar enkele meters verwijderd is van het huis met nummer 65. Als Rathenau naar het centrum wil rijden, moeten ze zijn auto zien langskomen.

Te veel inspanning, te weinig slaap en daardoor komt Rathenau iets te laat uit zijn huis in Grunewald. De minister stapt in zijn auto. Het is kwart voor elf. Er is op deze zaterdagmorgen maar heel weinig verkeer in Grunewald, zodat Techow ver vooruit kan kijken in de straat en zonder haast de achtervolging kan inzetten. Een politiemand ziet de twee auto’s langsrijden, het kleine grijze voertuig met de rode wielen, en daarachter de donkerbruine gevechtsmachine met de drie vliegenierskappen. Techow ziet een kar waardoor de auto voor hem moet afremmen en hijzelf de kans krijgt om aan te sluiten op precies dat punt dat ze gisteravond op de stansplategrond hebben afgesproken : de s-bocht in de Koenigsallee, hoek Wallotstrasse en Erdener Strasse.

Noch Walter Rathenau, noch zijn chauffeur Prozeller hebben iets van de achtervolging gemerkt. Een bouwvakker ziet twee open auto’s tijdens een inhaalmaneuver op zich afkomen tot ze ter hoogte van hem op armlengte naast elkaar rijden. Hij hoort acht tot tien schoten kraken. Daarna gooit een van de aanvallers een voorwerp zo groot als een vuist op de achterbank van de cabriolet. De aanvallers rijden met grote snelheid weg en er weerklinkt nog een doffe knal. De handgranaat is in de voetenruimte onder Walter Rathenau ontploft.

De verpleegkundige Helene Kaiser, die op de hoek van de Erdener Strasse op de tram zat te wachten, loopt naar de rokende auto toe en kijkt in het bebloede gezicht van de minister. Ze ziet de verbrijzelde onderste gezichtshelft, zijn lichaam dat uit vele wonden bloedt, de brandende bekleding en de grote zwartrode plas op de bodem van de auto. De chauffeur, die met behulp van de slinger de motor van de auto weer op gang heeft gekregen, keert en rijdt over de Koenigsallee naar de villa, terwijl Helene Kaiser zich om de stervende Rathenau bekommert. Wanneer Walter Rathenau kort voor elf uur weer terugkeert in zijn villa, is hij dood. Hij is vierenvijftig jaar geworden.

bron : Florian Huber, de wraak van de verliezers, Hollands Diep

Walter Rathenau

aanslag op sir Henry Wilson

Sir Henry Wilson is een hoge Britse militair met een indrukwekkende staat van verdienste. Zijn eerste ervaringen doet hij op tijdens de Boerenoorlog in Zuid-Afrika. Voor de Groote Oorlog is hij al betrokken bij de spanningen in Ierland tijdens het Curragh incident in maart 1914. Tijdens de oorlog dient hij als stafchef in het British Expeditionary Force van generaal French. Als French wordt opgevolgd door Haig, wordt hij de voornaamste liaison officier en in 1918 chief of imperial general staff in het Britse leger. Na de oorlog is hij veiligheidsadviseur voor Ierland. ZO speelt hij ook een rol tijdens de Ierse onafhankelijkheidsoorlog (1919-1921).

Op 22 juni 1922 keert sir Henry Wilson terug van de inauguratie van het Great Eastern Railway War Memorial in Liverpool street station. Twee leden van het IRA die in Londen zijn gelegerd, Reginald Dunne en Joseph O’Sullivan, wachten hem bij zijn terugkeer op. Beiden zijn veteranen van het Britse leger. Wilson is makkelijk te herkennen gezien hij in militair uniform terugkomt van de ceremonie. De IRA aanhangers vuren maar missen het eerste schot. In plaats van zijn huis in te vluchten trekt Wilson zijn zwaard en valt hen aan maar zo geeft hij hen de kans opnieuw te schieten. Zes kogels treffen doel waarvan er twee dodelijk zijn.

Tijdens hun vluchten schieten de aanslagplegers nog 2 agenten en een chauffeur neer maar ze worden uiteindelijk toch overmeesterd. Ze worden veroordeeld voor moord en opgehangen op 10 augustus 1922. De Britse geheime dienst onderzoekt de moord en verdenkt de opperbevelhebber van de Ierse vrijstaat Michael Collins als opdrachtgever voor de moord.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Sir_Henry_Wilson,_1st_Baronet

Sir Henry Wilson

politieke crisis in Griekenland

De tegenvallende militaire resultaten in de Turk-Griekse oorlog zorgen voor een politieke crisis in Griekenland. De eerste minister Dimitrios Gounaris overleeft op 11 mei 1922 ternauwernood een vertrouwensstemmingen het Griekse parlement waarbij zijn regering maar één stem op overschot heeft. Het uitstel is van korte duur : daags erna valt de regering dan toch nog.

Dimitrios Gounaris s evenwel geen onervaren politicus. In 1915 was hij al eerste minister geweest. In 1917 voelt hij zich genoodzaakt in ballingschap te gaan omdat hij eerder voorstander is van neutraliteit tijdens de Groote Oorlog. Die ballingschap duurt tot 1920 waarna hij terug op de politieke voorgrond treedt. Het duurt nog tot maart 1921 voor hij eerste minister wordt. Hij staat dan ook achter de Griekse offensief in Turkije. In het begin boeken de Grieken nog successen maar ze worden gestopt voor Ankara in de zomer van 1921. Als het tij keert, zoekt Gounaris steun bij de Britten. Die geven niet thuis en het kost Gounaris zijn kop. In mei 1922 is het nog figuurlijk als hij het premierschap verliest. Maar als de Griekse nederlaag in Turkije volledig is, en er komt een eind aan duizenden jaren Griekse aanwezigheid in Klein-Azië, dan wordt hem samen met andere politieke verantwoordelijken de rekening voorgelegd in de vorm van een proces. Op 28 november 1922 wordt Gounaris gefusilleerd.

bronnen

https://en.wikipedia.org/wiki/Dimitrios_Gounaris
https://en.wikipedia.org/wiki/May_1922#May_12,1922(Friday)

Dimitrios Gounaris


Operatie Nemesis slaat weer toe in Berlijn

Operatie Nemesis is de naam die gegeven wordt aan de campagne van een groep Armeniërs die de schuldigen voor de Armeense genocide wil straffen. In 1922 beraamt men opnieuw een aanslag in Berlijn, na de moord op Talaat Pasha in Berlijn in 1921.

De Armeniërs sturen weer verkenners uit naar Berlijn om hun volgende slachtoffers te schaduwen. Eén van deze verkenners, Hrap Papazian, sluit vriendschap met Kemal, de zoon van Djemal Azmi, en met de weduwe van Talaat Pasha. Papazian doet zich natuurlijk voor als oud landgenoot maar verraadt zijn Armeense afkomst niet. Aan tafel hoort bij vaak verhalen over de vervolging van de Armeniërs tijdens de oorlogsjaren. Een andere verkenner, Arshavir Shiragian, sluit op zijn beurt vriendschap met de familie van een Duitse politieagent, herr Sack. Deze agent brengt het nodige papierwerk in orde voor Shiragian zodat hij legaal in Duitsland kan blijven.

Op de avond van 17 april 1922 besluit de groep tot de aanval over te gaan. Shiragian en Yerganian gaan na het eten een wandeling maken in de buurt waarvan ze denken dat ze hun doelwitten kunnen ontmoeten. Rond 10 uur ’s avonds zien ze hun doelwitten : Djemal Azmi, voormalig gouverneur van Trebizonde, en dokter Shakir wandelen met hun vertrouwde gezelschap langs de drukke straat. De Armeniërs vermoeden dat er ook gewapende lijfwachten in het gezelschap zijn en volgen hen daarom op een discrete afstand. Hun wandeling brengt hen langs de Uhlandstrasse, niet ver van de Kurfürstendamm. Eén van de cinema’s in de buurt speelt de film “Dr. Mabuse, der Spieler”. Er heerst een gezellige drukte. Yerganian fluistert Shiragian toe dat ze de operatie moeten afbreken wegens de aanwezigheid van twee lijfwachten en de mensenmassa’s op straat.

Shiragian maakt een kruisteken en antwoordt Yeragian dat hij zelf moet bepalen of hij meekomt of niet maar dat de aanval wat hem betreft doorgaat. Shiragian trekt zijn wapen en Yerganian volgt. De weduwe van Talaat Pasha ziet de wapens en begint te gillen. Shiragian duwt haar opzij, mikt en schiet Azmi onder zijn linkeroog. Die valt dood neer. Daarna richt Shiragian zijn wapen op dokter Shakir, vuurt en verwondt hem. Yerganian vuurt op zijn beurt op Shakir en geeft hem zo het genadeschot. Ze zetten het op een lopen, tot hun verbazing achterna gezeten door de massa toeschouwers in de straten.

Ze slagen erin om te ontsnappen en gaan later in de buurt kijken naar het resultaat van hun moordaanslag. De twee Armeniërs begrijpen dat er snel een politiecordon is opgezet. Shiragian geraakt aan de praat met een Duitse familie tussen de omstaanders en met deze Duitse familie slagen ze erin om door het cordon te wandelen zonder verder verontrust te worden.

bron : Eric Bogosian, Operation Nemesis, Back Bay Books, p.254

pyjamaconferentie in Rapallo

In het kader van de grote Europese conferentie in Genua, waar overwinnaars en overwonnenen na de Groote Oorlog samenkomen, hopen de Duitsers een nieuwe regeling te treffen voor hun herstelbetalingen. Op Goede Vrijdag 1922 horen de Duitsers geruchten dat de westelijke mogendheden en Rusland het eens zijn geworden. De zaterdag voor Pasen nemen deze geruchten toe. Duits minister Rathenau probeert voortdurende de Britse premier Lloyd George te bereiken maar tevergeefs.

Die zaterdagavond, voor de onderbreking door de feestdagen, zit de Duitse delegatie geheel alleen in de lounge van haar hotel, eindeloos discussiërend en speculerend, terwijl de ene sombere mogelijkheid na de andere wordt overwogen. Tegen middernacht beëindigt men terneergeslagen de vruchteloze gesprekken en gaat naar bed. Maar twee uur later ligt iedereen nog wakker.

Rond die tijd wordt er zachtjes bij Maltzan op de deur geklopt : er is een heer met een gekke naam voor hem aan de telefoon. Maltzan gaat in kamerjas en op pantoffels door het trappenhuis naar beneden naar de telefooncel in de foyer. Aan de telefoon is Tsjitsjerin, de Russische minister van Buitenlandse Zaken :”Wij moeten elkaar morgen zo vroeg mogelijk ontmoeten,” zegt hij,” Het is van het grootste belang.”.

Van de Duitse gedelegeerden is Maltzan degene die zijn blik het meeste op het oosten gericht heeft. Hij wenst een verdrag met de Russen en zou het graag al voor Genua met hen hebben gesloten. De Russen weten dat of vermoeden het tenminste. Om twee uur in de ochtend trommelt Maltzan de hele Duitse delegatie uit bed.

En nu volgt de beroemde “pyjamaconferentie” in de kamer van Rathenau, Duits minister van Buitenlandse Zaken. Alle leden van de Duitse delegatie – de rijkskanselier, minister van Buitenlandse Zaken, ambtenaren en diplomaten – zijn in hun pyjama en kamerjas bijeengekomen en bespreken, moe door te weinig nachtrust – de nieuwe situatie. De Russen dringen aan op een onmiddellijke bijeenkomst met de Duitsers : nu, op de eerste paasdag in Rapallo, waar zij, ver van de andere delegaties gehuisvest zijn. Het plaatst de Duitsers voor zeer verdragende beslissingen die ter plekke en onmiddellijk genomen moeten worden. Moet men met de Russen een overeenkomst sluiten halsoverkop op paaszondag ?

Rathenau ziet de fraaie kans op een overeenkomst met het Westen in rook opgaan als hij het Russische aanbod accepteert. “Nu ik van de stand van zaken op de hoogte ben, ga ik met Lloyd George praten,”verklaart hij.Maltzan geeft ten antwoord :”Als u dat doet, treed ik af.”. Rijkskanselier Wirth maakt een einde aan de korte crisis door zich achter Maltzan te scharen. Om vijf uur ’s ochtens besluit de Duitse delegatie naar Rapallo te gaan. Rathenau drijft nog door dat men voordien de Engelse delegatie tenminste nog telefonisch op de hoogte stelt. Men belt de Engelsen tweemaal. De eerste keer slapen zij nog, de tweede keer hebben zij hun hotel verlaten.

In Rapallo verloopt die dag alles gesmeerd. De Russen zijn de beminnelijkheid zelve. Zij uiten zelfs geen bezwaren alks de Duitsers nog een voor hen gunstige verandering in het concept eisen. Om vijf uur ’s middags is het verdrag van Rapallo getekend. Naar de inhoud is het een zakelijk vredesverdrag, meer niet. Het vedrag van Brest-Litovsk is al in november 1918 geannuleerd. Er komt nu een werkelijk vredesverdrag in de plaats. Beide partijen erkennen elkaars territorium, knopên diplomatieke betrekkingen aan, zien wederzijds af van herstelbetalingen. Geheime clausules in militair of ander opzicht bevat het verdrag niet.

Niettemin is het verdrag een van de gebeurtenissen van de eeuw. Duitsland en Rusland , beide voor het eerst weer tot de Europese statengemeenschap toegelaten, hebben de gelegenheid te baat genomen tegenover deze gemeenschap gemene zaak te maken. En dat nog wel achter de rug van de conferentie van Genua om, en terzelfdertijd als het waren onder haar ogen. Lloyd George krijgt een aanval van razernij als hij het bericht ontvangt : zijn hele opzet ligt in duigen. De Franse delegatie pakt demonstratief haar koffers. Enkele kranten spreken overe oorlog.

Het gaat allemaal voorbij. Er komen verklaringen en verzekeringen, er wordt gesust, en langzaam keert de rust weer. De conferentie van Genua draait niet meteen op een mislukking uit; zij sleept zich nog een paar weken voort.

Het verdrag van Rapallo, hoe plotseling en overhaast ook tot stand gekomen, blijkt heel bestendig. Formeel blijft het bijna twintig jaar van kracht: tot Hitlers overval op Rusland op 22 juni 1941. Na de machtsovername van Hitler in 1933 wordt het natuurlijk een dode letter. Maar elf jaar lang, van 1922 tot 1933, bepaalt het feitelijk de betrekkingen tussen het Duitse RIjk en de Sovjet-Unie.

bron : Sebastian Hafnner, het duivelspact, Uitgeverij Rainbow, Amsterdam

Rijkskanselier Wirth (2e van links), en de Russische vertegenwoordigers Krassin, Tsjitsjerin en Joffe.

Europese conferentie in Genua

Van 10 april tot 19 mei 1922 vindt in Genua een economische conferentie plaats. Vrijwel alle Europese regeringsleiders zijn aanwezig, op de Franse premier Poincaré na. Frankrijk stuurt wel een bescheiden delegatie. Verder zijn er 33 andere landen aanwezig, zoals afgesproken op de Conferentie van Cannes, waaronder ook Duitsland en de Sovjet-Unie. Deze Europese conferentie is een idee van de Britse premier Lloyd George. Maar die heeft niet volledig carte blanche gekregen om zijn ideeën over een naoorlogs Europa uit te werken. In ruil voor de toestemming van de Fransen om met de Russen te onderhandelen moet hij het idee van het kwijtschelden van Duitse oorlogsschulden laten varen. Van het Britse parlement heeft hij een aantal richtlijnen meegekregen die vooral een strenge opstelling tegenover de Sovjet-Unie inhouden.

Er blijken al snel onoverkomelijke meningsverschillen te zijn tussen de delegaties van de Sovjet-Unie en Frankrijk. De Fransen eisen dat de Sovjet-Unie alle schulden van het vroegere Russische keizerrijk op zich zal nemen en zal terugbetalen voor er over een eventuele diplomatieke erkenning gepraat zou kunnen worden. Lloyd George geeft ondertussen door zijn gedrag de Duitsers het idee dat hij niet meer geïnteresseerd is ze te helpen met hun financiële problemen. Dat is een scherp contrast met een paar maanden eerder, wanneer hij op de Conferentie van Cannes heeft beloofd dat een aanzienlijk deel van de schulden kwijtgescholden zal kunnen worden. De sfeer op de conferentie is hierdoor niet al te best.

bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Conferentie_van_Genua

Conferentie in Genoa

staatsgreep in Fiume

Fiume was voor de Groote Oorlog een havenstad in Oostenrijk-Hongarije. In de stad spreken de meeste inwoners Italiaans, in het platteland daarrond is het Kroatisch de voertaal. Na de oorlog hopen de Italianen deze stad in Dalmatië te kunnen annexeren. Gabriele d’Annunzio, officier in het Italiaanse leger, trekt met een aantal aanhangers op 12 september 1919 de stad binnen (lees meer in dit bericht). Hij hoopt hiermee de Italiaanse regering te kunnen overtuigen de stad officieel te annexeren maar de regering gaat hier niet op in. In 1920 roept d’Annunzio het regentschap Carnaro uit. In december van datzelfde jaar bombardeert de Italiaanse marine Fiume om d’Annunzio en zijn aanhangers uit de stad te verdrijven. Fiume in 1920 wordt vaak beschouwd als de eerste fascistische staat (lees meer in dit bericht).

Na het vertrek van d’Annunzio duidt de Nationale Raad van Fiume een voorlopige regering aan. In april 1921 volgen verkiezingen. Maar dit leidt niet tot politieke stabiliteit. Machthebbers en regeringen wisselen elkaar af tot de fascisten onder leiding van Giovanni Giurati op 3 maart 1922 een staatsgreep plegen en president Ricardo Zanella afzetten. . Op 6 maart vragen zij de Italiaanse regering de orde te herstellen. Italiaanse soldaten trekken de stad binnen op 17 maart. Het duurt dan nog tot 1924 voor Italië en het koninkrijk van Serviërs, Kroaten en Slovenen overeenkomen dat Fiume door Italië geannexeerd mag worden.

bronnen
https://en.wikipedia.org/wiki/Free_State_of_Fiume
https://en.wikipedia.org/wiki/March_1922

confiscatie van kerkelijke goederen

De confiscatie van kerkelijke goederen in Rusland is een decreet van de Sovjet-regering om alle kerkelijke waarden van de Russisch-orthodoxe Kerk te vorderen om de heersende hongersnood in het land te bestrijden. Dit decreet is op 23 februari 1922 aangenomen door het Centraal Uitvoerend Comité. De opbrengst is lager dan verwacht. In plaats van de verwachte ongeveer 800 miljoen gouden roebels, brengt de confiscatie bijna 34 miljoen gouden roebels op. In werkelijkheid wordt slechts een klein deel voor de bestrijding van de hongersnood gebruikt, het overgrote deel die de geroofde kerkelijke bezittingen opbrengen, wordt besteed aan propagandadoeleinden en aanzetting tot de wereldrevolutie.

Op 12 maart 1922 trekt in Sjoeja een grote menigte naar het centrale plein om de inbeslagneming van kerkelijke goederen van de Opstandingskathedraal te beletten. De bolsjewistische vertegenwoordigers dringen niet verder aan maar ondernemen enkele dagen later een tweede poging, ditmaal onder begeleiding van gewapende troepen. Als men de confiscatie opnieuw wil voorkomen, krijgen de troepen opdracht het vuur te openen op de gelovigen. Vier burgers worden gedood en tien raken gewond. De gebeurtenissen in Sjoeja leiden tot grote publieke verontwaardiging en overal in het land gaan menigten de straat op om hun kerken te verdedigen.

bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Confiscatie_van_kerkelijke_goederen_in_Rusland_in_1922

Onderstaande schilderij is van Ivan Vladimirov en toont de inbeslagname van kerkelijke goederen in Petrograd.

slag om Volochayevka

In november 1921 trekt het Witte leger in het verre Oosten van Rusland op vanuit Vladivostok. Ze volgen de spoorlijn en de Ussuri rivier richting westen. De voornaamste stad die ze veroveren is Khabarovsk. Ze trekken verder naar het westen maar worden door het Rode leger op 110 kilometer ten westen van Khabarovsk tot staan gebracht op 28 december 1921.

Het Witte leger trekt zich terug naar Volochayevka en graaft zich in op de Ju-Quran heuvel. In januari 1922 zijn er geregeld schermutselingen waarbij Witten en Roden mekaars sterkte aftasten. Bij zonsopgang op 10 februari 1922, bij een bijtende kou en diepe sneeuw, begint het Rode leger onder leiding van commandant Blyukher aan een offensief. Die aanval wordt afgeslagen ten koste van veel verliezen bij het Rode leger. Daags erna hergroepeert Blyukher zijn soldaten en hij valt opnieuw aan op 12 februari. Dit keer breken de Rode soldaten wel door de Witte linies en in de namiddag veroveren ze de Ju-Quran heuvel. Het Witte leger trekt zich terug tot voorbij Khabarovsk dat ze in november het jaar daarvoor veroverd hadden. Het Rode leger is echter te uitgeput om de achtervolging in te zetten. Maar hoe dan ook is deze veldslag de genadeslag voor de Witte legers in het verre oosten van Rusland.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Battle_of_Volochayevka