lange doodstrijd voor de SS Justicia

Na een strijd van 22 uur tegen 2 U-boten zinkt de SS Justicia op 20 juli 1918 voor de kust van Malin Head (Ierland).

De SS Justicia is een Brits troepentransportschip, gebouw in de scheepswerven van Harland and Wolff (Belfast). Het schip wordt te water gelaten op 9 juli 1914 onder de naam Statendam. In 1915 wordt het schip opgevorderd door de Britse regering voor troepentransport. Het krijgt dan de nieuwe naam Justicia. Onder de bemanning zijn er veel overlevenden van de aanval op de Brittanic, zusterschip van de Titanic. Het schip was voorzien van dazzle camouflage, een strepenpatroon dat de bemanning van de U-boten moet verwarren.

Op 19 juli 1918 vaart de Justicia van Belfast naar New York, geëscorteerd door een aantal destroyers. Op ongeveer 40 kilometer ten zuiden van Skerryvore (Schotland) wordt het schip getroffen door een torpedo van de U-boot UB-64. De torpedo slaat in op de machinekamer en doodt daarbij 9 matrozen. De waterbestendige deuren worden gesloten en stellen zo het zinken uit.

De U-boot vuurt nog twee torpedo’s af maar die missen doel. Een vierde torpedo raakt de Justicia wel maar het schip blijft drijven. De destroyers vallen de U-boot aan en jagen die op de vlucht. Ondertussen verlaat het grootste deel van de bemanning de Justicia. De sleepboot Sonia neemt de Justicia op sleeptouw naar Lough Swilly met de bedoeling het schip daar aan land te brengen.

Ondertussen is een 2e U-boot genaderd. De UB-124 vuurt twee torpedo’s af die het schip de genadeslag geven. De overblijvende bemanningsleden verlaten het schip. De Justicia zinkt op 20 juli 1918 op ongeveer 60 kilometers ten noordwesten van Malin Head (Ierland). Als de U-boot opduikt, beschieten de destroyers de duikboot en brengen die tot zinken.

bron : http://coastmonkey.ie/ss-justicia/

Justicia_19180720

torpedo ongeluk aan boord van de UB-65

Ergens ten zuiden van Ierland explodeert op 10 juli 1918 voortijdig een torpedo aan boord van de onderzeeër UB-65. Er is behoorlijk wat schade maar toch kan het schip verder varen, zodanig zelfs dat het er op 14 juli 1918 in slaagt om het Portugese zeilschip María José te doen zinken nabij het eiland Lundy. Uiteindelijk gaat de UB-65 dan ook ten onder, even verder ter hoogte van Padslow (Cornwall). Geen enkel bemanningslid overleeft.

In zijn betrekkelijk korte loopbaan van augustus 1917 tot juli 1918 maakt het schip zes patrouillevaarten waarbij zeven schepen tot zinken werd gebracht en zes beschadigd.

Wie googelt op UB-65 1918, komt uit op heel wat sites en video’s op Youtube die deze U-boot catalogeren als vervloekte duikboot. Liefhebbers van spookverhalen kunnen hun hartje ophalen.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
https://mysteriousuniverse.org/2015/07/the-haunted-submarine-of-world-war-i/
http://www.zeeuwsarchief.nl/zeeuwse-verhalen/torpedos-1914-1918/

DuitseTorpedo_1918

Duitse luchtmacht valt Britse duikboot aan

Ongeveer 25 kilometer voor de kust van Onford Ness (Suffolk) bestookt op 6 juli 1918 een eskader van vijf Duitse watervliegtuigen, onder leiding van luitenant Friedrich Christiansen, de Britse onderzeeër C-25. Zowel machinegeweren als bommen treffen doel wanneer de C-25 aan de oppervlakte komt.

Boordcommandant David C. Bell en drie wachtposten overleven de aanval niet. Een van hun lichamen blokkeert de werking van de apparatuur, zodat het schip niet meer kan duiken. De bemanning kan de duikboot nog drijvende houden, maar ook dat kost enkelen onder hen het leven.

Een andere onderzeeër, de E-51, neemt de C-25 op sleeptouw naar de meest nabije haven. De destroyer HMS Lurcher, die inmiddels in de buurt is, kan nieuwe aanvallen van de Duitse watervliegtuigen afweren.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

HansaBrandenburg_Christiansen

het einde van de UC-11

Hoewel UC-11 een redelijk hoog nummer heeft bij de mijnenleggers van de UC-1-klasse, vaart ze toch als eerste mijnenlegger de haven van Zeebrugge binnen. UC-11 voert in bijna drie jaar oorlog 81 succesvolle operaties uit en doet 25 schepen zinken.

Op 24 juni 1918 vetrekt de UC-11 op haar 82e missie. Ze staat onder bevel van Oberleutnant zur See Kurt Utke. Hij heeft de U-boot pas een week tevoren overgenomen van zijn collega Werne Lange, die ziek geworden is. Utke heeft dan al een lange carrière achter de rug. Hij heeft gediend in een Matrosenregiment in Vlaanderen en heeft gevochten in de loopgraven nabij Ieper. In 1916 neemt hij deel aan de slag van Jutland. In 1917 biedt hij zich aan als vrijwilliger voor U-bootdienst.

Op 24 juni om 17u zet Kurt Utke koers vanuit Zeebrugge naar Harwich. De volgende dag om 9u komt de UC-11 aan de oppervlakte om de scheepvaartroutes te bestuderen. Rond 9u45 treft een zware mijnontploffing het achterschip van de UC-11 en ze vergaat onmiddellijk. Utke bevindt zich alleen in de toren en de bracht van de ontploffing werpt hem van de ene zijde naar de andere, waarbij hij even het bewustzijn verliest. Het opstijgende water maakt hem wakker en hij probeert het torenluik te openen. Hij glipt erdoor en kan in een grote luchtbel aan de oppervlakte komen. Hij zwemt zo hard hij kan met het getij mee om niet ondergetrokken te worden door zijn natte kleren. Hij kan zich uiteindelijk vasthouden aan een boei. Utke heeft geluk want na een half uur arriveert de reddingsboot Patrick. Hij is uitgeput en in shock maar verkeert in een goede gezondheid. Later wordt hij ondervraagd en gaat in Britse gevangenschap voor de rest van de oorlog.

bron : Tomas Termote, oorlog onder water, Davidsfonds

UC11_Besatzung

bemanning van de UC-11 / datum onbekend

 

Hospitaalschip Llandovery Castle getorpedeerd

Ten zuiden van Ierland torpedeert de Duitse onderzeeër U-86 het Canadese hospitaalschip HMS Llandovery Castle op 27 juni 1918. Het schip is onderweg van Halifax (Canada) naar Liverpool. Slechts 24 van de 258 opvarenden overleven de ramp.

In 1921 verschijnt de kapitein van de U-86 samen met twee van zijn luitenanten voor een Duitse rechtbank tijdens een van de zogenaamde Leipzig trials. De overlevenden beschuldigden hen ervan te hebben geschoten op reddingsboten en op overlevenden in het water. De kapitein verlaat het land en de beide anderen ontsnappen eveneens.

De tekening hieronder is van George Wilkinson.

LlandoveryCastleWilkinson,_G.W.,_print_(art),_27_June_1918

de Szent Istvan zinkt

Het slagschip S.M.S Szent Istvan van de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie gaat op 10 juni 1918 ten onder tijdens haar eerste belangrijke opdracht.

De bouw ervan in Rijeka (Kroatië) liep vertraging op door het uitbreken van de eerste wereldoorlog, maar het schip wordt dan toch opgeleverd in december 1915. Het grootste deel van haar bestaan ligt de SMS Szent Istvan aan de kade in Pula (Kroatië). Ze vaart alleen af en toe uit voor schietoefeningen.

Op 9 juni 1918 vertrekt het schip dan toch voor een belangrijke opdracht : een aanval op de geallieerde zeeblokkade in de straat van Otranto, tussen Korfoe en Brindisi. Onderweg naar of van dat doel beschieten twee Italiaanse torpedomotorboten de Szent Istvan, die kapseist en vervolgens zinkt. Alle 89 bemanningsleden brengen het er levend van af.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

SzentIstvan_1918

het einde van UB-74

Op 26 mei 1918 wordt de periscoop van UB-74 opgemerkt door het stoomjacht Lorna in Lyme Bay ter hoogte van Portland. Zijn commandant, luitenant C.L. Tottenham, stuurt Lorna er op volle kracht heen en kan de onderduikende UB-74 verrassen en de toren lichtjes raken. Lorna laat een dieptebom vallen, gevolgd door een tweede op 50 meter afstand. Blijkbaar hebben de dieptebommen hun doel geraakt, want bijna onmiddeelijk welt een luchtbel op waarin zich vier objecten bevinden. Tottenham laat nog een dieptebom vallen en lost een boei op de locatie.

De bemanning van de Lorna hoort vage hulpkreten in het Duits :”Kamerad, Kamerad !”. Er zijn vier drenkelingen in het water te zien, maar slechts één van hen is in leven. De Britten halen hem uit het water, waarna hij bevestigt dat hij van de UB-74 is. Drie uur later sterft hij aan de gevolgen van de opstijging en van de waterdruk van de ontploffingen. De laatste dieptebom heeft waarschijnlijk zijn drie kameraden gedood en hem fataal verwond. Tottenham ontvangt een Distinguised Service Cross voor het vernietigen van UB-74.

bronnen
Tomas Termote, oorlog onder water, Davidsfonds
http://portlanddivecharters.co.uk/view_site.asp?id=56

u-boot_gezonken