terugtocht van Sulzbach

De hele oorlog lang was Herbert Sulzbach, een Duitse vrijwilliger van het eerste uur, als trotse officier aan het front. Op 12 november 1918 kan hij niet anders dan de nederlaag doorslikken.

Naar Sart-Eustache. Erg aangenaam is het daar niet. Fanatieke Belgen lieten de Belgische vlag boven ons wapperen. De klokken luiden voor de Fransen die achter ons komen binnenmarcheren. We moeten kalm blijven en deze provocatie maar slikken.

Bij de tweede wereldoorlog leert Sulzbach de betekenis van “stank voor dank” maar al te goed kennen : in zijn geliefde vaderland is de oud-officier van Joodse herkomst niet meer gewenst. Hij vlucht naar Groot-Brittannië, neemt dienst in het Britse leger en helpt bij de ondervraging van Duitse krijgsgevangenen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Sulzbach_1918_1945

de laatste gesneuvelde Duitser

Het laatste Duitse slachtoffer valt op 11 november 1918 na 11 uur, wanneer luitenant Erwin Thomä zich in de buurt van Stenay naar een groepje Amerikanen begeeft om hen logies aan te bieden, nu de oorlog voorbij is. De Amerikaanse soldaten, die de Duitse luitenant zien naderen, weten echter nog niet dat de wapenstilstand een feit is omdat hun telefoonverbindingen door vijandelijk artillerievuur vernietigd zijn. Luitenant Thomä roept naar de Amerikanen in het Engels dat de wapenstilstand van kracht is maar wordt niet begrepen. Kort na 11 uur wordt de luitenant als laatste Duitse gesneuvelde door Amerikaanse soldaten neergeschoten.

bronnen
Mark De Geest, 14-18 in honderd dagen, Manteau
http://www.wuerttemberger-im-weltkrieg.de/2018/11/11-november-1918.html

ErwinThomae_19181111

 

de laatste wapenstilstand

Na Bulgarije, het Ottomaanse rijk en Oostenrijk-Hongarije tekent nu ook Duitsland een wapenstilstand. Op de avond van 10 november 1918 laat de Duitse regering haar onderhandelaars weten dat Duitsland akkoord gaat met de voorwaarden van de geallieerden en dat zij de tekst van de wapenstilstand mogen ondertekenen. In een apart telegram dringt von Hindenburg aan op spoed. Om levens te sparen is het immers belangrijk dat de wapens zo snel mogelijk zwijgen.

Op 11 november 1918, kort na 2 uur, laten de Duitsers weten dat zij klaar zijn voor een laatste gesprek. Zij worden onmiddellijk naar het rijtuig van Foch gebracht. Tien minuten later stapt ook de Franse delegatie binnen. Generaal Weygand leest de definitieve tekst van de wapenstilstand voor. Die bestaat uit vierentwintig artikelen met daarin bepalingen in verband met de ontruiming van de bezette gebieden, de teruggave van de Elzas en Lotharingen, de overdracht van oorlogsmaterieel en spoorwegmaterieel, de bezetting van bruggenhoofden langs de Rijn, de terugkeer van krijgsgevangenen enzovoort. De wapenstilstand zal van kracht zijn gedurende zesendertig dagen. Zes uur na de ondertekening zullen de wapens zwijgen aan beide zijden van het front.

Weer wordt het een lang gesprek. Elke bepaling moet in het Duits vertaald worden en enkele punten geven alsnog aanleiding tot opmerkingen of vragen om verduidelijking. Pas om 5u10 wordt de tekst van de wapenstilstand door beide partijen ondertekend. Zes uur later, om 11u stipt – op het elfde uur van de elfde dag van de elfde maand – weerklinkt het staakt-het-vuren over de hele lengte van het westelijk front. Wanneer de kanonnen zwijgen, wordt het plotseling heel stil. Na meer dan vier jaar oorlog komt er eindelijk een einde aan de verschrikking.

Onderstaande schilderij is van de Fransman Maurice Pillard Verneuil en stelt de ondertekening van de wapenstilstand in Compiègne voor.

bron : Mark De Geest, 14-18 in honderd dagen, Manteau

MauricePillardVerneuil_Armistice

 

Staakt-het-vuren aan het westelijk front

Op 7 november 1918 overschrijden een aantal Duitse wagen de frontlinies nabij Buironfosse (Aisne) op de weg van Haudroy naar La Capelle. Aan boord zijn Matthias Erzberger, een diplomaat graaf von Oberndorff, een militair attaché met de nodige kennis van het Frans generaal von Winterfeldt, een tolk kapitein von Helldorf, een stenograaf en 2 andere militairen. Korporaal Pierre Sellier is de klaroenblazer die voor het eerst het staakt-het-vuren blaast aan het westelijk front.

De Duitse delegatie wordt naar de villa Pasques geleid in La Capelle om de onderhandelingen over de wapenstilstand voor te bereiden. Onder leiding van commandant de Bourbon Busset rijden de zes wagens naar het station van Tergnier waar een trein op hen wacht. Die trein brengt hen naar een rustige plek nabij Compiègne. Daar wacht een andere trein met aan boord maarschalk Foch. De Duitse delegatie komt aan op 8 november 5u30. Daarna begint matthias Erzberger aan drie lange dagen die hij beschrijft als een ware calvarie.

Onderstaande tekening is van Georges Scott.

bronhttps://fr.wikipedia.org/wiki/Armistice_de_1918

GeorgesScott_CessezLeFeu

Revolutie in Munchen

Munchen, 8 november 1918. Op de foto van Heinrich Hoffmann zie je soldaten door de stad lopen. Niet meer in marsformaties, zoals de voorbije vier jaar, maar eerder als voetbalfans na een overwinning van hun club.

Een week eerder is alles begonnen. Op 29 oktober 1918 wil het opperbevel van de Duitse marine in Kiel en Wilhelmshaven  het bevel geven om uit te varen. Men wil een laatste gevecht aangaan met de Britten om de eer te redden. Maar de matrozen voelen daar niet veel voor, nu het einde van de oorlog zo dichtbij is. Op dat moment denkt nog niemand aan een revolutie.  Pas als de muitende matrozen gearresteerd worden, met krijgsgerecht in het vooruitzicht, radicaliseert de beweging. Duizenden matrozen demonstreren om hun kameraden vrij te krijgen. De militaire politie schiet op de demonstranten met negen doden tot gevolg. De matrozen grijpen de macht op de schepen en hijsen de rode vlag. Ze stichten de eerste soldatenraad in Duitsland en ontwapenen hun officieren. Vanuit Kiel en Wilhelmshaven breidt de revolutionaire geest zich uit over Duitsland.

Overal sluiten arbeiders zich aan bij de muitende matrozen en soldaten. Het volk wil vrede. Maar de revolutie is niet gewelddadig. men beperkt zich tot het hijsen van rode vlaggen en het afrukken van de epauletten van de officieren, symbool van hun macht. In Munchen vindt op 7 november 1918 een vredesdemonstratie plaats waarop de USPD politicus Kurt Eisner de revolutie uitroept. Heel wat soldaten sluiten zich daarbij aan. Tegen de avond trekt de menigte naar het koninklijk paleis. Koning Ludwig III van Beieren slaat op de vlucht.  Kort na middernacht roept Eisner Beieren uit als eerste Duitse republiek.

Het zal Eisner niet veel succes brengen. Bij de eerste vrije verkiezingen in januari 1919 behaalt de USPD slechts 2,5 procent. Eind februari 1919 wordt Kurt Eisner door een rechtsradikaal vermoord. Beieren zakt dan verder weg in het politieke geweld.

bron : Guido Knopp, der erste Weltkrieg – die Bilanz in Bildern, Edel

Munchen_19181108

afgesneden van de achterste linies

Herbert Sulzbach, luitenant bij de Duitse artillerie, noteert het volgende in zijn dagboek :

3 november 1918 : Vandaag ben ik vijftig maanden ten velde. Oostenrijk en Hongarije zijn republieken. Karl I is terecht Karl de laatste genoemd. Enige commentaar op deze drieste tijdingen is volstrekt overbodig, want niets kan uitdrukken wat iedere soldaat nu voelt : wanhoop, woede en verontwaardiging in de hoogste graad. Men zegt zelfs dat de Oostenrijkers hun eigen soldaten en officieren hebben aangevallen en het embleem van het keizerrijk van hun kepi afgerukt.

4 november 1918 : De Fransen beginnen een trommelvuur om 6u45. Het is het hevigste dat ik de voorbije vier jaar heb meegemaakt. De situatie is zeer ernstig. Er is nog een telefoonlijn waar ik mee kan communiceren en ik probeer de commandanten van de andere batterijen aan de lijn te krijgen. Als dat niet lukt, stuur ik boodschappers uit die op gevaar van eigen leven naar de andere batterijen lopen door het trommelvuur. Enige tijd later beginnen ook onze eigen kanonnen een trommelvuur te leggen.

Ondertussen is iedere communicatie onmogelijk geworden, want de Fransen hebben onze achterste linies zodanig onder vuur genomen dat geen enkele telefoonlijn nog werkt. Niemand weet nog wat er aan de hand is. Misschien is de vijand wel doorgebroken en staan we op het punt omsingeld te worden. Mijn kanonnen blijven verder vuren. De boodschappers komen ondertussen terug, samen met andere soldaten. De linies van onze batterij nummer 1 is veroverd door de vijand. Ook batterij nummer 2 is buiten gevecht gesteld. Daarbij is onze kleine luitenant Scholz-Babisch, die we liefdevol “Bube” (boeleke) noemden, gesneuveld. Hij vocht samen met de commandant en de soldaten als de Fransen hun positie bestormden.

’s Avonds krijgen we het bevel om terug te trekken. Valenciennes is verloren gegaan. We trekken ons terug naar de Maas, onze nieuwe verdedigingslinie. Ondertussen ben ik alleen met mijn telefonist en mijn boodschappers en ik weet niet of er nog infanterie achter ons is. Het trommelvuur is gestopt, maar de vijand vuurt nog met geregelde tussenpozen. Om 10u ’s avonds trek ik me met 6 andere soldaten terug. Eerst wilden we de nacht er doorbrengen, maar als we dat gedaan hadden, zouden we krijgsgevangen gemaakt zijn. Iets na middernacht vinden we de linies terug van een Beiers artillerieregiment. We zijn doodmoe en blij dat onze kameraden ons uitnodigen bij hen te blijven slapen.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military

Feldtelefon_19181104

 

Sulzbach op zoek naar de juiste trein

Herbert Sulzbach, luitenant bij de Duitse artillerie, is op zoek naar de juiste trein na zijn verlof.

22 oktober 1918 : Ik reis verder naar Hirson en verneem dat onze 9e infanteriedivisie is overgegaan van het 1e naar het 18e leger. Het is gelegerd tussen Solesmes en Le Cateau, eens te meer, of beter zoals gewoonlijk, op één van de heetste plekken van de gevechten die momenteel woeden.

23 oktober 1918 : Het is bijna onmogelijk om voorbij Hirson te geraken, aangezien enkel een klein aantal treinen naar het front vertrekt. Het merendeel wat je ziet zijn transporten die van het front terugkomen. Uiteindelijk kunnen een andere officier en ikzelf toch een trein nemen die ons naar Avesnes neemt.

24 oktober 1918 : Avesnes ! Mijn oude militaire hospitaal waar ik in februari 1917 was ! Een zeer aangename streek, die toen nog in de achterste linies lag, is nu een oorlogszone geworden. Ik trek verder naar Le Trichou waar mijn afdeling is gelegerd. Heerlijk weerzien met mijn kameraden en ik stel blij vast dat niemand lijdt onder een slecht moreel.

27 oktober 1918 : Vandaag krijgen we slecht nieuws. Ludendorff is ontheven uit zijn functie. En keizer Wilhelm zal hem weldra volgen. Voor ons frontsoldaten zijn dit de twee ergste gebeurtenissen die konden voorvallen.

28 oktober 1918 : Om 6 uur ’s morgens valt de vijand de linkervleugel van onze sector aan en hij wordt afgeslagen. Het lijkt allemaal een nutteloze inspanning. Hoeveel plichtsgetrouwheid en inspanningen van duizenden mannen zitten er in dat kleine woordje “afgeslagen”. Niemand thuis heeft daar enig idee van. Akelige scènes in de Reichstag : we zijn op de kortste weg naar de ondergang, net zoals Bulgarije en Oostenrijk. Het is afschuwelijk.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military

DuitseTrein_01