Op de vlucht voor dwangarbeid

Richard De Winter ontvangt op 26 augustus 1918 een brief waarin staat dat hij vanaf nu vrijgesteld is van werk in Duitse arbeidskampen. De 36-jarige Richard heeft er reeds enkele van dergelijke arbeidsperiodes opzitten, waarbij hij telkens met enorme tegenzin zijn vrouw en twee kinderen (7 en 8 jaar oud) achterliet. Tijdens zijn laatste verlofperiode besliste het gezin dat hij zou onderduiken.

Het enige wat Richard nog moet doen is zich met het bericht van zijn vrijstelling aanmelden bij d Duitse overheid in Zottegem. De brief blijkt een list, want hij wordt meteen opgepakt.

Enkele dagen later, op 31 augustus 1918, wordt hij onder bewaking, maar vergezeld door zijn familie, naar het station van Zottegem gebracht. Gebruik makend van een ogenblik van onoplettendheid van de bewaker vlucht Richard De Winter weg over het stationsplein. De bewaker schoudert zijn geweer en treft de vluchteling dodelijk in de rug.

In het station van Zottegem is er een herdenkingsplaat die aan deze tragische gebeurtenis herinnert.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
https://www.zottegem.be/over-zottegem-en-haar-bestuur/over-zottegem/de-groote-oorlog/moord-op-richard-de-winter.aspx

Zottegem_Statie

 

honger kwelt de krijgsgevangenen

De Legerbode bericht op 24 augustus 1918 over Britse en Russische krijgsgevangenen die voor de Duitsers moeten werken.

Sedert augustus 1917 werken Britse en Russische krijgsgevangenen aan het aanleggen van een verbindingsspoor tussen de tram van Festingue en het station van Nechin. De behandeling van deze ongelukkigen door hun Duitse meesters laat veel te wensen over, in het bijzonder voor wat de voeding betreft.

De heer Du Chatelet, brouwer, was er reeds enkele malen in geslaagd hen levensmiddelen te bezorgen in bussels stro, maar dat werd op een dag door de moffen ontdekt. De achtenswaardige burgemeester, die reeds een tijdje werd bespioneerd, werd afgezet en door een Duitser vervangen die nu zeer streng optreedt.

Onderstaande tekening is van de Franse schilder Jean-Pierre Laurens.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://arbrebaz.free.fr/Documents/PrisonniersAB.html

JeanPierreLaurens_SoupePourLesPrisonniersdeGuerre

 

Duitsers zoeken dwangarbeiders

In de loop van de nacht van 29 op 30 juli 1918 halen Duitse soldaten landbouwer Frans Cleemput uit zijn woning aan de Moorselbaan in Aalst en sluiten hem op in de Kommandatur. Terwijl men hem op 11 augustus 1918 naar de trein richting Duitsland brengt, tracht hij te ontsnappen op het Stationsplein. Een bewaker schiet hem ter plaatse dood.

Eerder in juli 1918 proberen de Duitsers ook elders mensen op te pakken om voor hen te werken, bijvoorbeeld in munitiefabrieken. In sommige dorpen van de provincie Luxemburg wordt bijna de volledige mannelijke bevolking gedeporteerd. In Gent zijn de Duitsers op zoek naar jonge arbeidskrachten. Ze houden daarvoor razzia’s in cafes en op trams.

De tekening hieronder is van de Nederlandse cartoonist Louis Raemaekers.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

LouisRaemaekers_Dwangarbeiders

 

gemeente Mol wordt gestraft

Volgens een vertegenwoordiger van het lokale Davidsfonds wordt er in geen enkele gemeente meer gedaan aan smokkel van goederen en brieven en illegale grensoverschrijding dan in Mol. Bovendien zijn de bewoners zeer weigerachtig om naar Duitsland te trekken om er te werken. De bezetter bestraft de gemeente daarom meermaals en zo ook op 13 februari 1918.

Niemand mag Mol uitgaan. Niemand mag zijn woning verlaten tussen vier uur ’s avonds en 6 uur ’s ochtends. Op iedere deur moet een lijst hangen van de bewoners van het huis. Alle herbergen blijven gesloten. Geestrijke dranken verkopen mag evenmin.

Het gemeentebestuur krijgt bericht dat de inwoners worden uitgesloten van elke bedeling van suiker, siroop, kunsthoning en bitterpeeën (cichorei). Er zal geen boter tot hun beschikking staan en er zal niet meer geslacht mogen worden.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Moll_tBorgerhout

Duitse luchtmacht strijkt neer te Egem

Egem (Pittem) is een van de talrijke plaatsen in West-Vlaanderen waar het Duitse leger een vliegveld aanlegt. Veldwachter Victor Maeseele maakt het zelf mee.

Op 3 juni 1917 wordt door de gemeente uitgebeld (aangekondigd) dat alle bekwame manspersonen door de gemeente opgeëist worden om aan het vliegveld te helpen werken met zeisen, spaden en pikken.

De veldwachter weet ook nog te melden dat de officieren ingekwartierd worden in het nabije kasteel en dat het ’s anderendaags moet worden gereinigd door een twintigtal opgeëiste vrouwen.

Opvallen is de grote snelheid waarmee dit vliegplein aangelegd wordt : op 3 juni arriveren auto’s met materiaal en op 16 juni landen de eerste zes vliegtuigen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

DuitsVliegtuig

Dwangarbeid onder internationale druk gestopt

Regeringen van diverse landen, onder meer van Verenigde Staten, het Vaticaan en Nederland, bekritiseren Duitsland omdat het werklozen inzet voor dwangarbeid. In Scandinavië roert de publieke opinie zich daaromtrent en zelfs in eigen land zijn er enkele parlementsleden die het aandurven kritiek te hebben.

Op 14 maart 1917 geeft de Duitse keizer toe en beveelt – tot nader order- de gedwongen deportatie van werkloze Belgen naar Duitsland stop te zetten.

In Antwerpen schrijft de Davidsfondsverantwoordelijke daarover het volgende :

Niets heeft in Antwerpen meer de gemoederen tegten de Duitse dwingelandij opgezweept dan het wegvoeren van jonge werklozen.

De Nederlandse cartoonist Louis Raemaekers heeft met zijn cartoons veel bijgedragen aan de bewustwording van de wantoestanden in de oorlog. Hieronder is een voorbeeld uit zijn werk.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

LouisRaemaekers_Dwangarbeid

Unternehmen Alberich

Unternehmen Alberich

De Duitse troepen beginnen in februari 1917 hun terugtrekking naar de pas gebouwde defensie in de diepte van de Siegfriedlinie op ongeveer 32 kilometer achter het bestaande front dat tussen Arras en Soissons ligt. Tussen de oude frontlinie en hun nieuwe stellingen vernielen de Duitsers in een periode van 5 weken steden, dorpen en communicatielijnen. Ze kappen bossen en vergiftigen watervoorraden. Deze geheime actie is rond tegen 5 april 1917.

Het doel achter deze terugtrekking is het inkorten van de frontlinies met 40 kilometer. Daardoor kunnen de Duitsers divisies vrijmaken als reserve voor de geallieerde aanval die ze in 1917 verwachten. Het idee kwam al in oktober 1916 als de slag aan de Somme aan zijn laatste fase bezig is.

Over een afstand van 150 kilometer werken meer dan 26.000 krijgsgevangenen en 9.000 Belgische en Franse dwangarbeiders aan deze verdedigingslinie en gebruiken daarvoor 510.000 ton grind en steenslag, 110.000 ton cement, 20.000 ton rond staal en 12.500 ton prikkeldraad.

Ernst Jünger schrijft in zijn dagboek :

Tot aan de Hindenburglinie is elk dorp een puinhoop, elke boom wordt geveld, elke weg ondermijnd, elke waterput besmet, elke rivier afgedamd , elke kelder ondermijnd, elke rail losgeschroefd , elke telefoondraad stukgesneden, al het branbles brandbare verbrand, kortom, we hebben het land dat onze oprukkende vijand opwachtte, in een woestenij veranderd.

Herbert Sulzbach schrijft over deze tactische terugtrekking het volgende :

Midden maart starten we de geplande terugtrekking van Duitse troepen van de Ancre. Een briljant idee omdat het gebied van de Somme met al zijn granaattrechters een onmogelijk gebied zou zijn voor onze soldaten, alleen al op grond van de gezondheid. Ik vrees wel dat mijn geliefde Noyon in de vuurlinies terechtkomt en dat ik het niet meer ga terugzien.

bronnen
Ian Westwell, 1914-1918 – de eerste wereldoorlog dag na dag, Deltas
Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military
http://www.spiegel.de/einestages/unternehmen-alberich-im-ersten-weltkrieg-verbrannte-erde-in-frankreich-a-1133451.html

alberich-gebiet_1917