marsorders en verlof voor Herbert Sulzbach

Het nieuwe jaar 1918 begint niet zo goed voor Herbert Sulzbach, de Duitse artillerieofficier. Hij krijgt het bevel een opleiding te volgen in het kamp van Beverloo. Hij kan zich troosten met het feit dat hij eerst nog op verlof mag in zijn heimat. Op 2 januari 1918 noteert hij in zijn dagboek :

Ik ben sprakeloos, en helemaal niet opgetogen over het feit dat ik op training moet gaan in de artillerieschool in Beverloo in België. Het kazerneleven met bijbehorende corvee staat me daar te wachten en dat is echt niet waar ik naar uitkijk. Ze zeggen me dat het een eer is omdat ik opnieuw opgeleid wordt voor de nieuwe veldslagen die het nieuwe jaar met zich meebrengt. Ik heb een afscheidsfeestje met mijn kameraden van batterij nr 2, maar ik mis niets van het frontleven, want de dag dat ik vertrek naar Beverloo, wordt de ganse divisie in onze sector afgelost en wordt teruggetrokken naar de achterste linies voor een training in mobiele oorlogsvoering.

Voor ik me afmeld bij de commandant, word ik naar het stafhoofdkwartier geroepen en krijg daar nog enkele dagen verlof. Ik reis af op 4 januari, passeer langs Keulen waar ik enkele kameraden terugzie, en reis dan verder naar Frankfurt-am-Main.

Onderstaande tekening is een postkaart van Arthur Thiele.

Kuenstler-AK-Arthur-Thiele-Auf-Urlaub-Erzaehlung-von-Kriegserlebnissen

 

een relatief rustige kerst voor Herbert Sulzbach

Herbert Sulzbach, een Duitse luitenant bij de artillerie, brengt de decemberdagen door tussen Nouvion en Laval, in de buurt van de Chemin des Dames. December brengt goed nieuws van het oostfront voor de Duitsers.

5 december 1917 : wapenstilstand met Roemenië. De situatie lijkt steeds twijfelachtiger voor de geallieerden.

Op 17 december kon ik de mannen zeggen dat de wapenstilstand met Rusland verlengd is tot 14 januari 1918. In deze periode zullen vredesonderhandelingen plaats hebben.

Twee tot drie maal per week komt een sergeant langs naar de frontlinies, om de soldaten uit te betalen of andere formaliteiten met me te regelen. Op 21 december komt hij weer langs, vertrok goedgezind en tien minuten later belt een nabijgelegen eenheid me op om te zeggen dat de sergeant getroffen is door een bominslag. Zo verlies ik weer een van mijn goede mannen. Al mijn  manschappen zijn ontdaan, en sommigen kenden hem van bij het begin van de oorlog.

Ondertussen is de temperatuur tot 8 graden onder nul gezakt, overal ligt sneeuw, de bossen schitteren erdoor en de kanonnen zijn volledig ingesneeuwd. Hoe onschuldig, hoe vredig ligt het landschap erbij in de verrukkelijke sneeuw.

En daarmee is het kerstavond, de vierde in Frankrijk, de vierde ten velde. De vorige kerst aan de Somme was veel erger. We hebben een misviering waar iedereen naar de kapelaan luistert. Daarna gaan de mannen terug naar hun schuilplaatsen, ieder met zijn eigen kerstboom. Na een korte stilte beginnen meer en meer soldaten te zingen. Het weer kon niet geschikter voor kerstmis zijn; al deze sneeuw is ongewoon voor Frankrijk. Het landschap ziet er onschuldig uit. Je kan de ruïnes van de dorpen in het avondlicht zien en in de verte de kathedraal van Laon en ik voel me ontroerd. Later op de avond gaat het er vrolijker aan toe, iedereen heeft genoeg te eten en te drinken en we moeten niet veel vuren, het is een harmonieuze kerstavond.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military

Weihnachten_1917_02

 

 

Opleiding in Beverlo

Het laatste bericht over Herbert Sulzbach verwijst naar zijn dagboek over juli 1917 (lees hier). In zijn dagboek beschrijft Sulzbach hoe hij zich aanmeldt als vrijwilliger bij de Duitse luchtmacht. Na zijn keuring wacht hij af. In tussentijd krijgt hij de aangename opdracht van zijn commandant om wijn in Frankfurt te kopen. Op de trein maakt hij kennis met een jong meisje die rouwkledij draagt. De vonk tussen hen beiden slaat over en ze spreken af in Bonn.

Einde september 1917 hoort hij dat hij is afgewezen als piloot. En hij krijgt het blije nieuws dat zijn broer gaat trouwen. Hij krijgt toestemming om het huwelijksfeest bij te wonen. Op weg naar het feest is Herbert op 29 september 1917 in Brussel  en daarna Bonn, waar hij weer heeft afgesproken met de jongedame van de vorige treinreis. Half oktober 1917 krijgt Herbert Sulzbach de opdracht om een opleiding voor machinegeweren te volgen. Uit de foto blijkt dat deze cursus doorgaat in Beverlo (Beringen), Limburg.

Op 15 oktober 1917 marcheren we naar het noorden van Laon. Daar krijgen verschillende officieren de opdracht om een cursus machinegeweren te volgen, een luitenant van iedere batterij. (…) De opleiding duurt verscheidene weken. Het idee is om iedere Duitse batterij te voorzien van machinegeweren voor verdediging bij lijfgevechten. De infanterie en artillerie moeten nauwer samenwerken. Als ik terugkeer zal ik de training doorgeven aan de soldaten van mijn batterij.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword Military

HerbertSulzbach_Beverloo_1917

Na de Franse tankaanval

In het vorige blogbericht over Herbert Sulzbach lijkt het misschien of hij een rustig leventje leidde van trein naar verlof naar trein terug… Dat is allerminst het geval. Herbert Sulzbach is wel degelijk geruime tijd in de eerste frontlinies aanwezig.

2 juli 1917 : Ik bereik mijn nieuwe frontlinies. We zijn gelegerd links van de fel bevochten Winterberg, ongeveer 25 kilometers van Laon, en ten zuidoosten van ons ligt Reims. Of beter gezegd, onze positie lugt tussen Craonne en Barry-au-Bac. Aan het front is het bar en leeg en relatief rustig. (…) ALs ik neem ik foto’s met mijn draagbare camera. Je zou kunnen zeggen dat ik de regimentsfotograaf geworden ben.

Ik wandel naar de eerste linies en kom voorbij heel wat Franse tanks die uitgeschakeld zijn tijdens de laatste aanval. Er zijn er 20 in onze sector, en drie ervan liggen in onze linies. Één kanonnier van onze batterij die hier voor ons lag, heeft er 6 uitgeschakeld op zijn eentje. 24 uur later kreeg hij het Ijzeren Kruis eerste klasse. De dag erna werd hij tijdens gevechten gedood.

Ik zie nu voor de eerste keer deze ijzeren monsters en ik begrijp het gruwelijk effect op het moraal van de soldaten tijdens de gevechten. Onze infanterielinies liggen voor de ruïnes van Juvincourt.

Bron : Herbert Sulzbach, with the German Guns, Pen & Sword Military

CharSaintChamond02

 

Herbert Sulzbach van oost naar west

Herbert Sulzbach is een Duitse luitenant bij de artillerie. In het laatste blogbericht over Sulzbach zagen we dat hij begin mei toekwam aan het oostfront. Maar lang blijft hij daar niet. In mei en juni reist hij geregeld met de trein om naar het westfront, het thuisfront en weer het westfront te gaan. Een korte samenvatting uit zijn dagboek.

Als ik in Lemberg ben (huidige naam Lviv in Oekraïne), bezoek ik mijn nicht Vera, wiens echtgenoot een Hongaars regiment leidt aan het oostfront. ‘S Middags reis ik door naar Krasnoe en dan naar Zolochev, het laatste station voor het front. Ik kom aan in een mooie bosrijke omgeving waar Oostenrijkse, Hongaarse en Duitse troepen gelegerd zijn. (…) Hier ontmoet ik ook mijn oude kameraad luitenant Kirsten.

9 mei 1917 : Ik krijg het nieuws dat ik ben overgeplaatst naar het 5e veldartillerieregiment aan het westfront.Op 13 mei reis ik door naar Lemberg, Przemysl, Krakau en Oderberg. Na een tussenstop in Frankfurt-am-Main zet ik de reis verder naar het westen.

Herbert Sulzbach neemt nog verlof en bezoekt zijn familie in Berlijn en Frankfurt-al-Main. Daarna gaat hij naar zijn nieuwe regiment in Ardon, Frankrijk. Hij maakt er aanvallen en tegenaanvallen mee nabij Berthe-Ferme. Begin juni 1917 wordt het regiment een rustpauze gegund en gaan de soldaten naar hun nieuwe omgeving achter het front, nabij Roisin aan de Belgisch-Franse grens. Op 13 juni 1917 kan Herbert Sulzbach zijn familie weer bezoeken in Frankfurt-al-Main. Op 27 juni is zijn verlof over en reist hij weer naar het front langs Keulen, Brussel en zo naar Laon om te eindigen aan het front bij Sissonne.

Bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword Military

IMG_0145

Marsorders voor het oostfront

Herbert Sulzbach, een Duitse luitenant bij de artillerie, zit al enkele jaren aan het westfront. In april 1917 heeft hij verlof maar daarna moet hij naar zijn nieuwe regiment aan het oostfront.

Op 10 april ben ik in Keulen en dan reis ik door via Mainz naar Frankfurt-am-Main. Daar zie ik mijn ouders, mijn vrienden en kennissen weer eens. Ik ontmoet er ook mijn vriend Kurt Reinhardt en zijn broer, luitenant Reinhardt, maar ze zijn jammer genoeg hier voor een droevige reden. Hun vader is ernstig gewond geraakt en ligt op zijn sterfbed.

Vanuit Frankfurt-am-Main reist Sulzbach naar Berlijn en op 26 april verlaat hij Berlijn om op 28 april in Wenen aan te komen. Op 29 april reist hij dan naar Boedapest. Op 30 april neemt hij opnieuw de trein, dit keer met bestemming Lemberg (momenteel Lvov in Oekraïne).

Op 30 april begin ik aan een rit van 22 uur op de trein. Bijzonder charmant, dit groene Hongaarse platteland, zo weelderig, rijk en gevarieerd. We rijden voorbij de Tokay regio, voorbij de Karpaten waar we 2 jaar geleden de Russen verjaagd hebben. Stilletjesaan begint het landschap Oost-Europese trekken te vertonen. De trein stopt vaak en je ziet er een mengeling van allerlei volkeren : Tsjechen, Slovaken, Slovenen. De trein rijdt door de Lubkow pas, valleien en kloven. Ik ben bijzonder gefascineerd door het Hongaarse landschap en alle nieuwe dingen die ik zie, maar tenslotte val ik in slaap. Op 1 mei 1917 kom ik aan in Lemberg. Ik verfris me en doe een eerste wandeling door dit Galicische stadje. Ik breng ook een bezoek aan mijn nicht Vera. ’s Middags reis ik door naat Krasnoe en Zolochev, het laatste station voor ik het front bereik en mijn nieuwe post bij batterij nr 8.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military

Galizien

Galicië

gedwongen rust voor Herbert Sulzbach

Herbert Sulzbach brengt de maand februari 1917 bijna geheel door in een veldlazaret.

8 februari 1917 : mijn derde verjaardag aan het front. Ik heb een keelontsteking en ga naar het hospitaal via Saint-Quentin naar Le Cateau en Sains du Nord. Alle militaire hospitalen zijn opgedeeld in kleinere departementen. Ik voel me uiterst beroerd maar word goed verzorgd.

De eerste dagen zijn heel vervelend omdat ik in bed moet blijven liggen. Tegen eind februari mag ik voor de eerste keer uit bed. Ondertussen heb ik vriendschap gesloten met 2 andere patiënten in dezelfde zaal, allebei luitenanten van een artillerieregiment. Beetje bij beetje mogen we meer de zaal verlaten en ontspanning zoeken in de kantine of de filmzaal.

Tijdens mijn verblijf in het ziekenhuis krijg ik het Ijzeren Kruis 2e klasse waarvoor luitenant Reinhardt me in december 1914 had aanbevolen.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military

feldlazarett