Catanzaro brigade gedecimeerd

Ik gebruik ook Google+ om mijn berichten van de blog van Martinus Evers te verspreiden. En daar kwam ik uit op een bericht dat mijn aandacht trok. De Catanzaro brigade rust uit achter de linies in Santa Maria la Longa (Udine). Als de rustperiode ten einde komt, weigert de Catanzaro brigade om terug naar de eerste linies te gaan. De gemoederen raken zodanig verhit dat het in de nacht van 15 op 16 juli 1917 tot een vuurgevecht komt met soldaten van andere regimenten. Er komt een compagnie Carabinieri aan te pas om de rebellie de kop in te drukken. Vier soldaten worden meteen opgepakt omdat ze betrapt worden met een geweer met een warme loop. De brigade wordt ook naar aloude Romeinse gewoonte gedecimeerd : de soldaten worden in rijen opgesteld, een officier begint te tellen en iedere tiende (decimus) soldaat wordt uit de rij meegenomen om gefusilleerd te worden. Naast de vier opgepakte soldaten worden er nog 12 uit de rijen genomen. De zestien soldaten worden in het bijzijn van hun kameraden geëxecuteerd en in de massagraf geworpen.

Dit verhaal doet me denken aan een scène uit een Italiaanse oorlogsfilm “Uomini contro”. Die scène staat hieronder :

bronnen
https://plus.google.com/b/101227772471143209683/+PetePanozzo/posts/9Zk3kPiz4WH
https://it.wikipedia.org/wiki/Brigata_%22Catanzaro%22

 

 

Kipling aan het Italiaanse front

De Britse ambassadeur in Italië, sir Rennell Rodd, maakt zich zorgen over het gebrek aan begrip dat er in zijn land heerst over de omvang van de Italiaanse oorlogsinspanningen. Daarom nodigt hij diverse vooraanstaande auteurs uit om een bezoek te brengen aan het Italiaanse front. Schrijver Rudyard Kipling (Jungle Book) publiceert over zijn belevenissen een aantal artikels in The Daily Telegraph.

Op 13 mei 1917 is hij aan de Passo di Falzarego, ongeveer 14 kilometer van Cortina. Kipling biedt onder meer een levendige beschrijving van de Altiplano dei Sette Communi, waar Britse troepen later datzelfde jaar aan de slag gaan.

Andere auteurs deden in 1916 al het Italiaanse front aan, onder hen onder meer Conan Doyle, H.G. Wells en Gilbert Keith Chesterton.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

RudyardKipling_1917_ItalianFront.jpg

Kipling temidden van Italiaanse soldaten

het moedigste regiment van de KuK Armee

De KuK Armee staat voor Königliche und Kaiserliche Armee.We hebben het dan over het leger van de dubbelmonarchie Oostenrijk-Hongarije. Maar het moedigste regiment is niet Oostenrijks noch Hongaars. Die eer is voorbehouden voor het Bosnisch-Herzegovinisch infanterieregiment nr 2 en is gebaseerd op de gevechten tijdens de zogenaamde Strafexpedition van Oostenrijk-Hongarije tegen Italië.

Op verschillende plaatsen langs het front wordt er in juni 1916 hevig gevochten om de bergtoppen en de posities in het rotsachtige gebergte. De Monte Meletta (of Monte Fior in het Italiaans), een stevige bergtop van 1824 meter hoogte, is de scène van bloedige gevechten. Voor bevelhebber Conrad Von Hötzendorf is de inname van deze bergtop cruciaal om door te kunnen stoten naar de vlaktes.

Op 5 juni 1916 gaan Bosnische en Oostenrijkse troepen in de aanval. Ze bestormen de bergtop maar de goed verschanste Italianen onthalen hen op geweervuur. Daarneboven worden ze per ongeluk bestookt door hun eigen artillerie.

Twee dagen duren de gevechten en pas op 7 juni 1916 komt er een doorbraak. Tegen de avond bestormt de aanvalsgroep van de 49-jarige Kroaat Oberstleutnant Stevo Dui de bergtop. Na hevige lijf-aan-lijfgevechten veroveren en behouden Dui en zijn mannen de positie ondanks de Italiaanse tegenaanvallen. Heel de nacht duurt de brutale strijd om de bergtop. Krijgsgevangenen worden er niet genomen. 208 Bosnische soldaten en 1233 Italiaanse Alpini komen om het leven. Voor de rest van de oorlog zou het bosnisch-herzegowinisches Infanterieregiment nr 2 als het moedigste worden beschouwd van het hele Oostenrijks-Hongaarse leger. Maar de vele heroïsche exploten van jonge soldaten en oudere officieren ten spijt, daags na de verovering verzandt het offensief aan de rand van de Asiogovlakte.

bron : Historia 1916, Knack

bosnjaci-na-monte-meletta-1916-1918

Bosnische soldaten op de Monte Meletta

Doorbraak bij Passo Buole

Sinds 15 mei 1916 is er een Oostenrijks-Hongaars offensief gaande (onder de naam Strafexpedition) in de bergen rondom het Asiagoplateau. De successen van de vijand zijn groot geweest, in elk geval vergeleken met de vruchteloze doorbraakpogingen van het Italiaanse leger bij Isonzo. Als het de Italianen niet lukt hen te stoppen, dan bereiken ze het laagland en kunnen doorgaan tot aan de kust, tot aan Venetië. De snelheid van de opmars verrast sommige Italiaanse eenheden.

Op 23 mei 1916 is er al een bataljon Italiaanse alpenjagers achtergebleven op Cima Undici terwijl de Oostenrijks-Hongaarse soldaten al de berg achter hen, Cima Dodici, hadden ingenomen. Pas na enkel angstige uren, waarbij ze brandende dorpen doorkruisen, kunnen ze aansluiting vinden bij hun eigen troepen.

Op 30 mei 1916 neemt de Oostenrijks-Hongaarse artillerie gedurende enkele uren de Italiaanse posities op de Passo Buole onder vuur.Daarna valt de infanterie van de Kaiserliche und Königliche Armee aan. De Italianen verzetten zich hevig en de Passo Buole krijgt de naam Thermopylae van Italië (verwijzing naar de slag bij de Thermopylae tussen 300 Spartanen en een groot Perzisch leger).

Op 1 juni gaat de strijd verder op de Monte Cengio en de Monte Giove. Ook hier raken Italiaanse eenheden omsingeld. Versterkingen worden vakkundig tegengehouden door de Oostenrijks-Hongaarse artillerie.

bronnen
Peter Englund, de schoonheid en het verdriet van de oorlog, Spectrum
http://www.notiziedalfronte.it/strafexpedition-gli-austriaci-attaccano-passo-buole/
http://www.notiziedalfronte.it/strafexpedition-la-battaglia-infuria-sul-monte-cengio/

 

Italie_MeiJuni1916

Monte Scorluzzo in Oostenrijkse handen

Het Oostenrijks-Hongaarse leger verovert op 4 juni 1915 de top van de Monte Scorluzzo op de Italianen. Precies over de top van deze ruim 3000 meter hoge berg, in het zuiden van de Stelviopas, loopt de grens tussen Italië en Oostenrijk. De berg ligt op de grens van Lombardije en het betwiste gebied Trentino-Alto Adige.
In de nabijheid van deze naar het schijnt gemakkelijk te beklimmen bergtop verwijzen tal van resten naar de oorlog, zoals loopgraven en uitgehakte schuilplaatsen.

Onderstaande foto toont een kanon in zo’n uitgehakte schuilplaats op de Monte Scorluzzo.

Scorluzzo_Tour_004.2_Geschuetzkaverne_histbron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds