de allereerste tankslag

Aangenomen wordt dat op 24 april 1918, in de omgeving van Villers-Bretonneux, de eerste strijd doorgaat waarbij beide tegenstrevers tanks inzetten. De Britten begonnen als eersten vanaf de herfst van 1916 sporadisch tanks in te zetten. het lijkt alsof de Duitsers aanvankelijk meer zagen in antitankwapens dan in de ontwikkeling van een eigen tank, maar vandaag verschijnt die dan toch op het slagveld.

Vroeg in de ochtend ontmoeten drie Britse en drie Duitse tanks elkaar. Het is uiteindelijk de derde Britse tank die dicht genoeg komt om de Duitse onder vuur te nemen, want die hadden vooral oog voor de manoeuvres van de twee andere Britse tuigen. De eerste tankslag eindigt dus in het voordeel van de Britten.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

A7V_Tank_Villers-Bretonneux_1918

Soldaten aan het einde van hun krachten

Rudolf Binding, een Duitse officier en schrijver, blijft wel geloven in Duitsland maar een glorieuze overwinning zit er niet meer in. In zijn dagboek noteert hij op 22 april 1918.

Natuurlijk telt voor het leger het gevoel van superioriteit dat onze soldaten sinds 21 maart 1918 (begin van het lenteoffensief) nog steeds hebben. Maar toch behalen alleen nog verse troepen overwinningen, troepen die echt rust hebben gehad, schoon ondergoed hebben, nieuwe zolen onder de laarzen, schone geweren, gereviseerde kanonnen en uitgeruste officieren.

De lichamelijke uitputting van de infanterie was zo groot dat de manschappen op het laatst nauwelijks meer een schot losten, zich bijna apathisch door het vijandelijk geschut aan flarden lieten rukken en de stellingen niet meer verlieten. Ze waren net afgebeulde paarden die de wagen laten staan en afgestompt de slaag accepteren die op hen neerregent.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

DeutscheSoldatenErschoepft_april1918

de laatste vlucht van de Rode Baron

Manfred von Richthofen is een cavalerieofficier als de oorlog begint. Als de oorlog in de loopgraven vastloopt, vraagt hij zijn overplaatsing aan naar de Deutsche Luftstreitkräfte. In 1915 is hij nog waarnemer-boordschutter maar na een ontmoeting met Oswald Boelcke wil hij piloot worden.  Hij neemt vlieglessen maar een grote indruk maakt hij niet. De eerste solo landing eindigt in een crash. Hij zet door en neemt supplementaire vlieglessen.

In april 1916 behaalt hij zijn eerste overwinning. Omdat het Franse toestel achter de Franse linies valt, wordt die overwinning niet erkend. In augustus 1916 neemt Boelcke von Richthofen op in zijn nieuw opgerichte Jagdstaffel 2 (kortweg Jasta 2). Op 17 september 1916 behaalt von Richthofen zijn eerste officieel erkende overwinning boven de Somme. Nog voor het einde van dat jaar behaalt von Richthofen vijftien officiële overwinningen op zijn palmares.  In januari 1917 wordt hij onderscheiden met de Pour le Mérite, de hoogste Duitse militaire onderscheiding. Kort daarna krijgt von Richthofen het bevel over zijn eigen escadrille, de Jasta 11. Zijn persoonlijke toestel laat hij in het rood schilderen, wat hem de bijnaam “de Rode Baron” oplevert. De titel baron verwijst naar zijn adellijke titel Freiherr.

Op 21 april 1918, twee weken voor zijn 26e verjaardag en een dag na zijn tachtigste overwinning, zet von Richthofen bij de Somme de aanval in op een Brits vliegtuig bestuurd door de onervaren Canadese luitenant Wilfrid May. Terwijl von Richthofen het Britse toestel volgt, wordt hij zelf achternagezeten door de Canadese kapitein Arthur “Roy” Brown. Tijdens dit gevecht, dat zich op erg lage hoogte afspeelt, wordt von Richthofen dodelijke getroffen. Ondanks zijn verwonding weet hij zijn toestel in een Australische sector aan de grond te zetten. Wanneer soldaten komen toegesneld, vangen ze nog net von Richthofens laatste woorden op :”Kaputt…”.

Von Richthofen blijkt in de borst en het hart getroffen door een enkele 303 British-kogel – de standaard munitie in de legers van Groot-Brittannië en het Gemenebest. Waarschijnlijk is de Rode Baron vanaf de grond getroffen en niet door zijn achtervolger Roy Brown.

De Australiërs begraven von Richthofen met militaire eer op het kerkhof van het dorpje Bertangles bij Amiens. Na de oorlog begraven de Fransen hem op het Duitse militaire kerkhof van Fricourt. Nog later verhuist zijn stoffelijk overschot naar Wiesbaden.

bron : Mark de Geest, 14-18 in onder dagen, Manteau

 

slag van Hazebrouck

Drie dagen geleden begonnen de Duitsers een veldslag die de geschiedenis ingaat als de slag van Hazebrouck (Frans Vlaanderen) en slaan daarbij een bres in de Britse verdedigingslinies. Veldmaarschalk Douglas Haig geeft orders dat de troepen zich onder geen beding mogen terugtrekken.

Op 15 april 1918 eindigen de gevechten bij Hazebrouck maar het zal nog een paar dagen duren eer de Britten, gecommandeerd door generaal Herbert Plumer, over de hele linie de Duitse troepen tot staan brengen. Het Duitse leger zal er niet in slagen de Britten terug te dringen en zelf de Franse havens aan het Kanaal in handen te krijgen.

Hazebrouck ligt bijna 50 kilometer zuidwestelijk van Ieper in Frans Vlaanderen. Gedurende het grootste deel van de eerste wereldoorlog is deze regio in geallieerde handen tot de Duitsers ook hier hun lenteoffensief lanceren.

Meer informatie over operatie Georgette, waar de slag om Hazebrouck deel van uitmaakt, is te vinden op deze website : http://bbcfm.be/operationGeorgette.html

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

OperatieGeorgette_191804

Dagorder van Douglas Haig

Het speciale dagorder van 11 april 1918 van generaal sir Douglas Haig bevat verwijzingen naar het “England expects” signaal voor de slag van Trafalgar. Het is een ongewoon dagorder voor de immer kalme Haig. Maar op 11 april voelt hij aan dat hij dicht bij de nederlaag zit. Twee dagen voordien begonnen de Duitsers de slag aan de Leie en ze baanden zich een weg door een Portugese divisie.

Als de Duitse opmars de Franse havens aan het Kanaal bereiken, zullen de Britten worden afgesneden van hun thuisland. Een overhaaste terugtocht, zoals we een oorlog later in Duinkerke meemaken, kan dan de enige optie zijn.

Het speciale dagorder van de commandant van de British Expeditionary Force (BEF) aan zijn soldaten roept hen op om iedere positie tot de laatste man vast te houden. Eén zin springt eruit :”Met onze rug tegen de muur moet ieder van ons blijven vechten tot het einde.”. Daarom noemt men dit order vaak de “rug-tegen-de-muur-order“.

Er komen gemengde reacties op dit dagorder. Sommige soldaten nemen zich voor om zich tot het uiterste te verzetten. Anderen beginnen te panikeren omdat ze zich nu realiseren dat het Britse leger in een heel benarde situatie zit. We mogen stellen dat deze dagen inderdaad de gevaarlijkste dagen voor de Britten zijn.

bron : Gary Sheffield, the first world war in 100 objects, Blackwell

DouglasHaig_Dagorder_19180411

de slag aan de Leie

De Duitse troepen lanceren op 9 april 1918 in de Franse Leiestreek de operatie Georgette als een tweede fase van hun grote Lenteoffensief. Onder leiding van generaal Erich Ludendorff willen ze de Britse troepen terugdringen naar de havens aan het Kanaal.

Bij wijze van voorproefje beschieten de Duitsers de Britten in de omgeving van Armentières op nauwelijks 20 kilometer van Ieper gedurende ruim vier uur met zwaar geschut. Vervolgens vallen ze ongemeen hevig aan over een front met een breedte van ongeveer 15 kilometer en slagen erin een doorbraak te forceren over een breedte van ongeveer 5 kilometer. Vooral de Portugese divisie, die meevecht met de Britten, wordt zwaar aangepakt : ongeveer zesduizend van hen worden gevangen genomen. Bovendien laten de Duitsers ook 2000 ton gifgassen (onder meer mosterdgas en fosgeen) vrij die ettelijke duizenden vijanden buiten gevecht stellen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

PortugeseSoldaten_19180409

Oostenrijks vredesvoorstel afgewezen

De Franse eerste minister publiceert op 8 april 1918 de brief waarin de Oostenrijkse keizer Karel I vredesvoorstellen deed, buiten het medeweten van zijn Duitse bondgenoot en zijn eigen minister van Buitenlandse zaken. De Oostenrijkse keer komt daardoor in een lastig parket. De geloofwaardigheid van het keizerrijk wordt zwaar aangetast. Bovendien krijgt de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie geen zitje bij de vredesbesprekingen die een einde maken aan de oorlog. Tijdens de onderhandelingen wordt de dubbelmonarchie gewoon opgeheven.

bron: oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

KeizerKarel_I