krijgsgevangen na Duitse raid

Rond 4u in de ochtend van 11 augustus 1918 omsingelen een honderdtal dronken Duitse soldaten een bunker aan de Ijzer die functioneert als Belgische voorpost. Voor Jozef Devisch, afkomstig uit Doomkerke, en zijn kameraden zit er niets anders op dan zich over te geven, zo niet gooien de lallende Duitsers granaten in hun schuilplaats.

Via Deinze komt Jozef Devisch uiteindelijk in Duitse kampen terecht, eerst in Dulme, later in Göttingen. Op termijn belandt hij bij een boer die hengsten houdt. Het leven is er alleszins stukken beter dan aan het front. Bij wapenstilstand trekt Jozef naar huis. Wel moet hij nog een tijdje naar het Ruhrgebied als lid van de bezettingsmacht.

Bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

BelgischeKrijgsgevangenen

 

 

Willy Coppens haalt 3 luchtballons neer

Belgiës beste jachtpiloot Willy Coppens haalt op één dag maar liefst drie waarnemingsballonnen neer. De dag van 10 augustus 1918 is nog maar net begonnen wanneer hij in Leffinge een ballon uit de lucht schiet. Dezelfde dag volgen nog successen in Zarren en Waasten. 

Tijdens de oorlog halen Belgische piloten 75 vliegtuigen en 44 waarnemingsballonnen neer. Deze cijfers zeggen alvast iets over het voorkomen van de ballons. Het Belgische leger maakt zelf ook gebruik van dergelijke observatieposten. 

Onder aan waarnemingsballonnen hangt een rieten mandje voor een of twee personen. Vanuit hun hoge positie geven de waarnemers informatie door aan de troepen op de grond. De waarnemers volgen vijandelijke troepenbewegingen en sturen het vuur van hun artillerie. Wanneer een vijandelijk vliegtuig opduikt, is het van belang de ballon zo snel mogelijk naar beneden te halen met de kabel die hem op zijn plaats houdt. 

Bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds 

WillyCoppens_19180810

Duitsers zoeken dwangarbeiders

In de loop van de nacht van 29 op 30 juli 1918 halen Duitse soldaten landbouwer Frans Cleemput uit zijn woning aan de Moorselbaan in Aalst en sluiten hem op in de Kommandatur. Terwijl men hem op 11 augustus 1918 naar de trein richting Duitsland brengt, tracht hij te ontsnappen op het Stationsplein. Een bewaker schiet hem ter plaatse dood.

Eerder in juli 1918 proberen de Duitsers ook elders mensen op te pakken om voor hen te werken, bijvoorbeeld in munitiefabrieken. In sommige dorpen van de provincie Luxemburg wordt bijna de volledige mannelijke bevolking gedeporteerd. In Gent zijn de Duitsers op zoek naar jonge arbeidskrachten. Ze houden daarvoor razzia’s in cafes en op trams.

De tekening hieronder is van de Nederlandse cartoonist Louis Raemaekers.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

LouisRaemaekers_Dwangarbeiders

 

gesneuveld ver van het front

Een van de meest onfortuinlijke oorlogsslachtoffers is ongetwijfeld soldaat tweede klas Benedictus Smans uit Zandvliet. Op 21 juli 1918 meldt Benedictus Smans zich als vrijwilliger bij het Belgisch leger. Minder dan drie weken later overlijdt hij aan een longontsteking in de kazerne Duquesne in Dieppe. Hij was nog niet eens aan het front geweest. Smans ligt begraven op de stedelijke begraafplaats van Dieppe. Op het Cimetière Communal Rue Montigny te Dieppe liggen 219 slachtoffers uit de eerste wereldoorlog onder wie 38 Belgen.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
http://www.zandvlietdorp.be/v01/gesneuvelden/wo1/smans.htm

BenedictusSmans_19180721

 

Raoul Snoeck defileert in Parijs

Raoul Snoeck viert le quatorze juillet, Franse nationale feestdag, in Parijs.

14 juli 1918 : om drie uur worden we gewekt om ons toilet te maken. We zien eruit als herboren in ons kaki uniform. Met een onbezorgd en vrolijk gezicht vergeten we vlug de oorlogskommer en denken slechts aan het geluk van die enkele vrije uren. We verzamelen in de kazerne Clémencourt die we om zeven uur verlaten. De soldaten vormen rijen van vier en de onderofficieren marcheren naast hun mannen. Onze uniformen zijn in goede staat en vormen een schril contrast met die van de Fransen. We willen er altijd piekfijn uitzien met verlof, voor ons is het een kwestie van eigenliefde. Merkwaardig dat onze Franse wapenbroeders het tegenovergestelde doen. Ze zijn zeker niet van plan hun uniform schoon te maken, opdat iedereen onmiddellijk zou merken dat ze van het front komen.

Om tien uur zet de stoet met troepen uit alle geallieerde landen zich in beweging. Elke groep zingt zijn patriottische liederen. De Fransen bezorgen de Belgen een warm onthaal vol geestdrift en bewondering en brengen laaiend enthousiast hulde aan de soldaten uit het kleine België.

‘s Middags wordt de stoet ontbonden. Het feest dat ’s morgens begon, gaat zonder onderbreking de hele dag door. Nooit hebben de Belgische en Franse harten zo eendrachtig geklopt als op die gedenkwaardige dag. In de kazerne bieden Franse soldaten de Belgen sigaren en Champagne aan. Ik breng mijn vrije uren door bij mijn vrienden.

bronnen
Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, Snoeck Ducaju en zoon

http://www.14-18.bruxelles.be/index.php/fr/nouvelles-du-front/operations-militaires/operations-militaires-galerie?start=7

stormachtige 11 juli voor Gaston Le Roy

Op 11 juli 1918 noteert Gaston le Roy het volgende in zijn dagboek :

Blauwvoet_1918Vlamingen, herdenk de Guldensporenslag ! Vliegt de Blauwvoet ! Storm op zee ! Het leven in de loopgraven nodigt niet uit tot uitbundig vreugdebetoon. Graag had ik mijn bunker met groen en veldbloemen versierd. Helaas, het weer is zo guur, de wind stormachtig dat ik maar liever binnenblijf. Rond ons kaarsje zongen we en spraken we over de helden die Vlaanderen zullen redden van de Franse dwingelandij. Naar verluidt zullen de Duitsers vannacht aanvallen. Dan moet ik in tweede lijn blijven als afgevaardigde. Welke reen zou daarachter schuilen? Ben ik onbetrouwbaar ?

bron : André Gysel, Gaston Le Roy – dagboek van een Vlaamse oorlogsvrijwilliger, Lannoo

de stamvader van het Belang van Limburg

In Tongeren overlijdt op 2 juli 1918 Nicolaas Theelen, uitgever-journalist van wat later Het belang van Limburg zal worden.

In 1879 publiceert hij in Bilzen het eerste nummer van het Vlaamsgezinde en katholieke Het Algemeen Belang der Provincie Limburg. Als landmeter bij het kadaster werkt hij voor de Belgische overheid en die blijkt niet gelukkig met deze Vlaamsgezinde uitgave. Nicolaas Theelen wordt overgeplaatst naar Torhout. De job van landmeter licht hem niet echt en hij geeft er de brui aan. In 1880 woont hij weer in Limburg, in Tongeren en zet hij de uitgave van Het Algemeen belang voort.

Na de oorlog neemt zijn zoon Frans Theelen de zaak in handen : hij begint in Hasselt met de uitgave van Het Belang van Limburg.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

NicolaasTheelen