België kiest een nieuw parlement

Op 16 november 1919 trekken de Belgen voor de eerste keer terug naar de stembureau’s sinds het einde van de Groote Oorlog. Het zijn tevens de eerste verkiezingen die verlopen onder algemeen enkelvoudig stemrecht voor mannen. De vrouwen hebben nog geen stemrecht al kent men de weduwen van gesneuvelde soldaten wel het voorrecht toe om ook te gaan stemmen. Dit stemrecht is vlak na de wapenstilstand op 15 november 1918 afgesproken tussen de koning en enkele parlementairen op het kasteel van Loppem. Daarmee wil men voorkomen dat een antwoord op de legitieme vraag naar een betere politieke vertegenwoordiging te lang op zich laat wachten en sommigen dan maar het voorbeeld van de Russische revolutie van 1917 zouden verkiezen. Meer informatie over die afspraak is te lezen in dit artikel.

Na de verkiezingen is de absolute meerderheid van de katholieken gebroken. De katholieke en socialistische blokken zijn bijna even groot : 73 tegenover 70 zetels. De katholieken zijn echter verdeeld: de Vlaams- en democratisch-gezinde katholieken vormen een aparte fractie in de Kamer. De liberalen zitten met 34 zetels op de wip tussen de twee grote partijen. De Frontpartij en Daensisten behalen 5 zetels. In de senaat zijn de fiscale voorwaarden om verkozen te worden nog niet aangepast. Daardoor behouden de katholieken daar hun absolute meerderheid. Na de verkiezingen wordt een regering van nationale eenheid Delacroix II gevormd. De katholieken krijgen 5 ministers toegewezen, de socialisten 4 ministers en de liberalen krijgen 3 ministers. De regering zal echter al ontslag nemen op 20 november 1920 na een onenigheid over het leveren van munitie aan Polen dat door het Rode leger bedreigd wordt.

bronnen
https://nl.wikipedia.org/wiki/Belgische_verkiezingen_1919
https://nl.wikipedia.org/wiki/Regering-Delacroix_II

de eerste minuut stilte

Op 11 november 1919 is het een jaar geleden dat de wapenstilstand een feit werd. Voor de allereerste keer gedenken de overwinnaars hun gevallen soldaten. Bij de Fransen wordt voor de eerste keer een minuut stilte gehouden ter nagedachtenis van de gesneuvelden. Sindsdien is die minuut stilte een traditie geworden.

Maar de oorlog is daarmee niet achter de rug. In het westen duurt de demobilisatie van de soldaten nog tot 1921. Maar het wapengekletter is er wel al gedaan. Dat is helemaal anders in het oosten van Europa en in het oude Ottomaanse rijk. Daar starten nieuwe conflicten die nog tot 1923 zullen duren. Een voorbeeld is Polen : het verdrag van Versailles regelt de westelijke grens van Polen met Duitsland. Maar het verdrag zegt niets over de oostelijke grens van Polen. En dus voeren de Polen oorlog met Oekraïne, Litouwen, Sovjet-Rusland.

De Grieks-Turkse oorlog (1919-1922) wordt gekenmerkt door wreedheden tegenover de burgerbevolking en eindigt tenslotte in een afgesproken volksverhuizing langs beide kanten om tot een homogene bevolking te komen. Een gelijkaardige oorlogsvoering zie je terug in Oekraïne waar men door middel van pogroms mensen met een andere achtergrond wil verjagen. Deze pogroms zijn de voorbode van wat later de genocide genoemd zal worden.

bronnen
https://www.francetvinfo.fr/replay-radio/l-ephemeride/11-novembre-1919-premiere-minute-de-silence_1768507.html

https://www.la-croix.com/Culture/11-novembre-1918-lente-sortie-guerre-2018-10-02-1200973074

Orel-Koersk operatie

Tot oktober 1919 lijkt het erop dat de Witte legers succesvol zijn in hun opmars naar Moskou. Je kan de voorgeschiedenis lezen in dit artikel. In september 1919 slaan de Witte legers een tegenoffensief van het Rode leger bij Kharkov af en hernemen hun opmars naar Moskou met de inname van grote steden zoals Koersk, Orel en Toela.

Het Rode leger stuurt versterkingen naar het front nabij Orel onder leiding van generaal Yegorov. Met die versterkingen komen ze in de Orel sector aan een totaal van 52.000 infanteristen, meer dan 7.000 cavaleristen, 278 kanonnen, 1.119 machinegeweren. Daarmee hebben ze een numerieke superioriteit van 3 tegen 1 ten opzichte van de Witten.

Op 11 oktober 1919 begint het Rode leger aan het offensief. De Witten reageren onmiddellijk en op 13 oktober 1919 nemen ze Orel in. Dit is het meest noordelijke punt dat het Witte leger kan bereiken. Daarmee staat het op 330 kilometer van Moskou en dichter zullen de Witten niet meer geraken. Yegorov stuurt zijn Rode schoktroepen diep in de linies van de Witten en op 15 oktober nemen ze Kromy in. Dan beginnen de Witten aan defensieve gevechten om hun linies te herstellen. Op 20 oktober zijn ze echter verplicht Orel weer te verlaten.

Daarmee zijn de gevechten nog niet ten einde. Op 24 oktober nemen de Witten Kromy weer in dat ze op 27 oktober weer aan de Roden verliezen. Op 3 november 1919 nemen de Roden Livny in, waarmee ze de Witten weer meer naar het zuiden hebben teruggedrongen. Het Rode leger is nog niet aan het einde van het offensief en stelt een volgend doel voorop : Koersk !

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Orel–Kursk_operation

Onderstaande schilderij toont de inname van Orel door het Rode leger.

de laatste vrouwelijke conducteurs

Tijdens de Groote Oorlog had Groot-Brittanië meer en meer manschappen nodig. En dus werden de werkplaatsen van de mannen die naar het front werden gestuurd, overgegeven aan de vrouwen.

In 1919 komen er hoe langer hoe meer mannen terug van het leger en het gevolg is dat de vrouwen hun werk moeten terug geven. Op de foto hieronder staan 2 vrouwelijks busconducteurs. Op 3 oktober 1919 waren alle vrouwelijke busconducteurs weer ontslagen en vervangen door mannen.

bron : Twitter account van 1919Live

Een Duitse korporaal en een splinterpartij

Korporaal Adolf Hitler krijgt van zijn superieuren de vraag om een onderzoek te doen naar een kleine politieke groep in Munchen die de naam draagt van Deutsche Arbeiter Partei. De term “Arbeiter” is verdacht in de ogen van het Duitse leger dat voortdurend zoekt naar mogelijke marxistische activisten.

En dus gaat Hitler op 12 september 1919 in burgerkleren naar de bijeenkomst van de D.A.P. in een achterzaaltje van een Munchener Bierhalle. Daar zitten ongeveer 25 personen. Hij luistert naar de toespraak over economie van Gottfried Feder met de titel “Hoe kunnen we het kapitalisme elimineren ?”. Na de toespraak maakt Hitler aanstalten om weg te gaan als er een man opstaat die uitroept dat Beieren zich onafhankelijk moet verklaren en één staat moet vormen met Oostenrijk. Hitler wordt woedend en spreekt vurig tegen de man gedurende vijftien minuten. Een van de stichters van de D.A.P., Anton Drexler, merkt Hitler op en zegt tegen zijn buur :”Die man heeft de gave van het woord. Die kunnen we gebruiken”.

Als Hitler wil weggaan, haast Drexler zich naar hem toe en stopt hem een pamflet van 40 pagina’s toe met de titel “Mijn politiek ontwaken”. Hij dringt er bij Hitler op aan om het pamflet te lezen en later naar een nieuwe bijeenkomst te komen.

Daags erna leest Hitler het pamflet van Anton Drexler en hij vindt er heel wat van zijn eigen ideeën terug. Enkele dagen later krijgt hij een postkaart die hem meldt dat hij als lid van de D.A.P. is aanvaard. Hij wordt gevraagd om naar een bestuursvergadering te komen en gaat op die uitnodiging in. Hitler ziet in deze kleine splinterpartij de ideale gelegenheid om ze volledig naar zijn hand te zetten en beslist in de politiek te gaan.

bron : http://www.historyplace.com/worldwar2/riseofhitler/joins.htm


bezetting van Fiume

De havenstad Fiume (vandaag Rijeka in Kroatië) wordt na het uiteenvallen van Oostenrijk-Hongarije in 1918 opgeëist door zowel Italië als het Koninkrijk der Serven, Kroaten en Slovenen. De stad bezit een gemengd Italiaans-Kroatische bevolking, en de Hongaarse regering heeft in de nadagen van de Dubbelmonarchie de immigratie van Italianen aangemoedigd om de Kroaten te verzwakken.
Gabriele D’Annunzio, officier in het Italiaanse leger, gekend voor zijn deelname aan de vlucht boven Wenen (lees meer op deze pagina ) wil de druk verhogen om Fiume toe te wijzen aan Italië. Op 12 september 1919 marcheert hij aan het hoofd van Italiaanse nationalistische partizanen de stad binnen. De geallieerde troepen die daar gelegerd zijn, zien zich gedwongen om terug te trekken. De Italiaanse regering stuurt troepen naar Fiume om de bezetting ongedaan te maken, maar alle uitgezonden troepen lopen naar D’Annunzio over.
De groep verzoekt de Italiaanse regering om Fiume te annexeren, maar deze weigert. In plaats daarvan blokkeert Italië alle wegen naar de stad, om zo de groep tot overgave te dwingen. De politiek zit in een spagaat, want enerzijds wilt ook de Italiaanse regering Fiume annexeren, maar anderzijds kan zij de bezetting door D’Annunzio niet tolereren.
Als reactie hierop verklaart D’Annunzio in 1920 dat de stad onder het Italiaanse Regentschap Carnaro valt, met een grondwet die veel overeenkomsten vertoonde met het latere Italiaanse fascistische systeem. Hij roept zich uit tot dictator en noemt zichzelf de Duce. Uit alle hoeken van Italië stromen sympathisanten toe tot D’Annunzio hen moet oproepen weg te blijven omdat de stad hen anders niet meer kan voeden. Uiteindelijk geeft de groep onder D’Annunzio zich pas over in december 1920 na een bombardement van de Italiaanse marine.
De Vrijstaat Fiume wordt uitgeroepen, met een gematigder regering aan het hoofd. De Italiaanse politici blijven de stad echter opeisen en in 1924 moet het Koninkrijk der Serven, Kroaten en Slovenen het hoofd buigen en de annexatie door het inmiddels fascistische Italië accepteren.

bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Italiaans_Regentschap_Carnaro

verdrag van Saint-Germain

Op 10 september 1919 ondertekenen de geallieerden en de overgebleven rompstaat Oostenrijk het verdrag van Saint-Germain. Het verdrag is genoemd naar de Parijse voorstad Saint-Germain-en-Laye, waar het in het plaatselijke kasteel is onderhandeld en ondertekend. Het verdrag wordt op 16 juli 1920 formeel van kracht.

Dit verdrag regelt niet alleen de erkenning van het nieuwe Oostenrijk, maar ook de erkenning van de nieuwe staten, die uit het oude Oostenrijk-Hongarije zijn ontstaan. Oostenrijk erkent dus de onafhankelijkheid van Hongarije, Tsjechoslowakije, Polen en Joegoslavië. In dit verdrag wordt tevens gesproken over de noodzaak van herstelbetalingen, die het nieuwe Oostenrijk zal moeten voldoen, maar gezien het bankroet van de staat is het nooit tot een taxatie van schade en betalingen gekomen.

Het verdrag bevat de volgende bepalingen :

  • Oostenrijk wordt verboden om een politieke of economische unie met Duitsland aan te gaan zonder goedkeuring van de Volkenbond. Deze goedkeuring werd niet gegeven.
  • Het gebruik van de naam Deutschösterreich als staatsnaam is verboden.
  • Beperking van een toekomstig Oostenrijks leger tot maximaal 30.000 manschappen.
  • De formele schuld van de Eerste Wereldoorlog werd aan het Habsburgse huis en het Duitse Keizerrijk toegerekend.
  • De kroonlanden Bohemen, Moravië, Oostenrijks-Silezië en enkele Neder-Oostenrijkse gemeenten worden aan het nieuwe Tsjechoslowakije toegewezen.
  • Zuid-Tirol, Trentino en het Karinthische Kanaltal, voortaan Val Canale, vallen voortaan onder Italië.
  • Het kroonland Galicië, wordt deel van de nieuwe staat Polen.
  • Het kroonland Boekovina komt aan Roemenië.
  • Het kroonland Dalmatië en delen van Zuid-Stiermarken en Zuid-Karinthië gaan naar de nieuwe Staat van Slovenen, Kroaten en Serven.
  • De westelijke grensgebieden van Hongarije vervallen aan Oostenrijk, als Burgenland
  • Over de stad Triëst en haar omgeving, waaronder Istrië, worden beraadslagingen voortgezet.

Bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Verdrag_van_Saint-Germain_(1919)