slag om Kütahya-Eskişehir

Tussen 10 en 24 juli 1921 leveren Grieken en Turken slag in de regio tussen Kütahya en Eskişehir. Beide steden liggen aan een spoorlijn die hen onderling en met Ankara verbindt. Ze zijn dan ook cruciaal voor het Turkse troepentransport. Na de 2e slag om Inönü (lees hierover in dit bericht ) hebben de Grieken gewacht op een tweede gelegenheid om alsnog beide steden in te nemen. De Griekse koning Constantijn komt aan in Anatolië om zijn troepen moed in te spreken.

De Grieken slagen erin om door de Turkse verdedigingslinies te breken en ze nemen zowel Kütahya als Eskişehir in. De Turken trekken zich ordelijk terug ten oosten van de Sakarya rivier. Dit is een gemiste kans voor de Grieken om definitief de Turkse legers te vernietigen. Ze nemen een maand de tijd om hun aanvalsplannen op te stellen en trekken dan verder richting Sakarya voor het ultiem treffen. Maar ook de Turken bereiden zich voor. Generaal Izmet Pasha wordt opzij geschoven en Mustafa Kemal wordt benoemd tot opperbevelhebber van het leger voor een termijn van zes maanden.

bronnen
Battle of Kütahya–Eskişehir – Wikipedia
Greek occupation of Asia Minor (levantineheritage.com)
Greco-Turkish War (1919–1922) – Wikiwand

Een Grieks Schneider-Canet kanon met bemanning in actie tijdens de slag om Eskişehir, Juli 1921.



Sacco en Vanzetti ter dood veroordeeld

De affaire Sacco en Vanzetti verwijst naar een bewogen rechtszaak die als schoolvoorbeeld dient van een gerechtelijke dwaling in de Verenigde Staten. Nicola Sacco en Bartolomeo Vanzetti zijn twee Italianen die in 1908 naar de Verenigde Staten emigreren. Ze leren mekaar kennen in 1917 tijdens een staking. Beiden worden verondersteld sympathieën te hebben voor de anarchisten en aanhangers te zijn van de Italiaanse anarchist Galleani. Die predikt een gewelddadige vorm van anarchisme en is voorstander van geweld en aanslagen om zijn politieke doelen te bereiken.

In 1920 hebben de aanhangers van Galleani al een reeks aanslagen gepleegd en staan deze anarchisten bij de FBI gekend als een gevaarlijke groepering. Op 15 april 1920 wordt een overval gepleegd op twee geldlopers, die de lonen komen brengen van de Slater-Morrill Shoe Company in Braine, Massachussets. De twee geldopers worden daarbij gedood n de autoriteiten verdenken al snel de anarchisten van Galleani. Deze overval en de overval op een andere schoenenwinkel leidt de politie naar een Italiaan die in beide winkels heeft gewerkt, Mario Buda. Via hem komen ze uit bij Sacco en Vanzetti. Buda slaagt er nog in te ontsnappen naar het Italiaanse moederland, maar Sacco en Vanzetti worden gearresteerd. Op het moment van hun arrestatie zijn beiden in het bezit van een wapen klaar voor gebruik.

Op 31 mei 1921 , meer dan een jaar na de dodelijke overval op de twee geldlopers, start het proces tegen Sacco en Vanzetti. Ze hebben jammer genoeg hun reputatie van anarchisten en aanhangers van Galleani tegen zich. Daarenboven is alles wat geassocieerd kan worden met bolsjewisme of aanverwante strekkingen zeer verdacht in de Verenigde Staten. Ondanks de niet overtuigende bewijzen worden beiden op 14 juli 1921 ter dood veroordeeld.

Daarna start een jarenlang juridisch steekspel. Even lijkt het er op dat ze de dans gaan ontspringen als een zekere Celestino Medeiros , opgepakt wegens een bankoverval, zijn betrokkenheid bij de overval en de moorden bekent en eraan toevoegt dat noch Sacco noch Vanzetti betrokken zijn. De schuldbekentenis wordt als ongeloofwaardig afgedaan en zonder gevolg geklasseerd. Voor zijn aandeel in de bankoverval met dodelijke afloop krijgt Medeiros wel de doodstraf. Maar men blijft protesteren tegen het doodvonnis van Sacco en Vanzetti op basis van een te magere bewijsvoering. Het proces wordt ook uitvoerig becommentarieerd in de media en in verscheidene steden worden protestbetogingen gehouden ten gunste van Sacco en Vanzetti. Ook paus Pius XI sluit zich aan bij de pleitbezorgers van Sacco en Vanzetti. Het is echter allemaal tevergeefs. Door een vreemde samenloop van omstandigheden wordt de executie van de drie veroordeelden, Sacco, Vanzetti en Medeiros op dezelfde dag gepland. Op 23 augustus 1927 eindigen ze alledrie op de elektrische stoel.

Het proces van Sacco en Vanzetti wordt tot vandaag beschouwd als het voorbeeld van juridische dwaling in de Verenigde Staten.

bronnen
Sacco and Vanzetti – Wikipedia

Sacco and Vanzetti, 1921 | Gilder Lehrman Institute of American History

De zaak Nicola Sacco en Bartolomeo Vanzetti | Historiek

https://www.newbedfordguide.com/celestino-medeiros-in-the-shadow/2013/09/03

wapenstilstand in Ierland

Op 11 juli 1921 om 12 uur start een wapenstilstand tussen de Irish Republican Army en de Britse overheid in Ierland. Een vredesvoorstel om een einde te maken aan de bloedige aanslagen over en weer lag er al van december 1920 op tafel. De Ieren krijgen eigen zeggenschap in het grondgebied van zuid-Ierland wettelijk voorzien in de Fourth Home Rule Bill die in november 1920 door het Brits parlement aanvaard werd. In de praktijk zijn er dan 2 parlementen op Ierse bodem : een in noord-Ierland in Belfast en één in zuid-Ierland in Dublin.

Maar de Britse premier Lloyd George is in eerste instantie niet gehaast om de wapenstilstand te ondertekenen. Het gevolg is dat het conflict weer maanden verder gaat met vele doden tot gevolg. Maar er is hoe langer hoe meer twijfel bij de Britten over de haalbaarheid van een louter militaire oplossing. Ook koning George V laat zijn ontevredenheid blijken over het uitblijven van een oplossing. Hij vraagt generaal Jan Smuts om een voorstel . Dit voorstel van Smuts wordt gedeeld met de premier Llloyd George en zijn kabinet. Op 24 juni 1921 schrijft Lloyd George naar Eamon de Valera, als de leider van meerderheid in zuid-Ierland om onderhandelingsgesprekken te beginnen. Gesprekken tussen de Valera en Lord Middleton vinden plaats tussen 4 en 8 juli. Op 8 juli 1921 wordt er dan formeel een wapenstilstand getekend door leden van het Ierse Dail cabinet, Robert Barton en Eamon Duggan en de Britse militaire bevelhebber generaal Neville Macready.

Het duurt nog even voor alle leiders van het Irish Republican Army op de hoogte zijn van de wapenstilstand. Niet iedereen is overtuigd en enthousiast over de wapenstilstand en het einde van de vijandelijkheden. Sommige IRA cellen vallen nog Britse eenheden aan. Dat leidt dan weer tot tegengeweld : op 10 juli 1921 nemen loyalisten wraak in Belfast voor de IRA aanslag van de dag ervoor. Er vallen 16 doden en 161 huizen gaan in vlammen op. Die gebeurtenissen staan bekend als Belfast’s Bloody Sunday.

Maar uiteindelijk zwijgen de wapens dan toch. De overgrote meerderheid van de mesen in Ierland is opluchting dat de nachtmerrie die 131 weken heeft geduurd, voorbij is. Sommigen komen dan ook samen om te bidden dat de wapenstilstand tot een definitief akkoord leidt (zie foto hieronder).

bronnen

Today in Irish History, The Truce, 11 July 1921 – The Irish Story

Irish War of Independence – Truce | The Irish War

File:Not an Irish Civil War Prayer Vigil after all! (7485579104).jpg – Wikimedia Commons

de Grieken komen !

Hans Tröbst, voormalig Duits officier, heeft zich na de oorlog bij de Kemalisten in Anatolië aangesloten. Daar wacht hij op de verwachte veldslag met de Grieken begin juli 1921.

Het was al laat als we weer in ons dorp Güwem aankwamen. Daags erna kwam overste Shükri Bey aan met het nieuws dat piloot verkenners gemeld hadden dat onze tegenstanders in twee kolonnes vanuit Uşak en Gedis onze richting uitkwamen. De sectie bij Güwem was twintig tot vijfentwintig kilometer lang. De stellingen lagen op zacht glooiende hellingen die kaal waren en een mooi uitzicht boden op het schootsveld. Ongeveer in het midden van de stellingen was een drie kilometer breed woud, voorzien van de nodige ravijnen en dat schrijlings op onze stellingen aansloot. Maar men had niets gedaan om zich hier tegen verrassingsaanvallen te verdedigen. Ik deelde mijn bedenkingen met mijn overste maar hij verklaarde rotsvast overtuigd van het eigen gelijk :”De Griek vermijdt de bossen bij de aanval en wij vermijden ze bij de verdediging en dus moeten we hier geen versterkingen voorzien.”.

Omdat ook andere Turkse officieren van het pioniersbataljon mijn bedenkingen deelden, reed ik met luitenant-kolonel Heireddin langs onze verdediging om toch minstens één linie te voorzien. Voor meer verdedigingswerken hadden we niet voldoende manschappen.

Als de eerste berichten over de naderende vijand binnenkwamen, was er maar een klein deel van de stellingen klaar. Gelukkig kwam er op dat ogenblik een konvooi ossenwagens aan met het nodige gereedschap, zodat we niet alleen de pioniers maar ook de infanteristen zelf aan het werk konden zetten. Maar om het rampzalige woud bekommerde zich niemand.

Tegen de avond was de Griekse kolonne die vanuit Gedis kwam (een infanteriedivisie met sterke cavalerie) nog maar twintig kilometer verwijderd. Onze divisiecommandant was de linies langsgereden en zag tot zijn ontzetting dat er voor de verdediging van het woud nog niet het minste was gedaan. Als de vijand daags erna zou aanvallen, dan zaten onze soldaten op een stenige bodem in kniediepe loopgraven zonder verdere hindernissen en met officieren die geen voorkennis hebben van het niemandsland voor de linies. Het gebrek aan communicatieapparatuur, de moeilijke bevelvoering, de weinig geschikte inrichting van de loopgraven, een zwakke artillerie, al dat en nog duizend andere zaken stemden me zeer zorgelijk.

De dag erna was even zonnig als alle andere voorgaande. Maar er hing iets onbestemd in de lucht. De artillerie schoot zich verder in en de granaatinslagen riepen in de bergen een veelvoudige echo op. De soldaten verzamelden zich, stafmedewerkers en boodschappers galoppeerden over en weer. Maar voor de rest heerste er in de drukkende hitte de rust van een kerkhof.

Enkel in het dorp weerklonk gehuil en geweeklaag. Het bevel tot evacueren was aangekomen. Maar ook zonder dat bevel zou het resultaat hetzelfde geweest zijn. De melding “De Grieken komen eraan !” was voldoende om een volksverhuizing in gang te zetten in richting van de achterste linies.

bron : Die Reise nach Anatolien – Band 8: Vom Baltikum zu Kemal Pascha (Ein Soldatenleben in 10 Bänden 1910 – 1923) Kindle-editie

Griekse cavalerie in opmars – Klein Azië – 1921

foto uit “the shining” 100 jaar

De roman van Stephen King , “the shining”, is in 1980 verfilmd door Stanley Kubrick. Aan het einde van de film sterft het personage vertolkt door Jack Nicholson. En voor de aftiteling wordt een foto getoond die als datum 4 juli 1921 vermeldt. De authentieke foto genomen in het Overlook Hotel is nu 100 jaar geworden. Het gezicht van Jack Nicholson is er natuurlijk later aan toegevoegd om te suggereren dat het personage Jack Torrance gereïncarneerd is.

bron : ‘The Shining’ Creepy ‘Overlook Hotel July 4th Ball 1921’ Shot Turns 100 (thewrap.com)

Organisation Consul

De Kapp-putsch van maart 1920 heeft de top van de Duitse rijksregering duidelijk gemaakt hoezeer de controle over de vrijkorpsen uit hun vingers is geglipt. De troepenvermindering die in het verdrag van Versailles is vastgelegd, laat de regering dan ook geen andere keus dan deze eenheden te ontbinden, wat niet overal even goed lukt zoals bij de marinebrigade van Hermann Ehrhardt.

Hermann Ehrhardt kiest om ondergronds te gaan na de mislukte staatsgreep en zoekt een onderkomen in Beieren. De keuze voor Beieren is niet toevallig omdat hij er een jaar eerder met zijn marinebrigade is opgetrokken tegen de radenrepubliek. Het antibolsjewistische deel van de Beierse bevolking heeft hem daarbij toegejuicht. Hij wisselt in München herhaaldelijk van verblijfplaats. Zijn schuilnamen zijn Hugo von Eschwege, Hugo Eisele of consul Hans Eichmann.

In de late herfst van 1920 betrekt een groep Ehrhardt-officieren een hoekgebouw met een jugenstilgevel in het stadsdeel München-Schwabing. In de onopvallende huurwoning in de Trautenwolfstrasse is een houtverwerkingsbedrijf gevestigd die in werkelijkheid nooit zaken doet in de verwerking van hout. Achter deze dekmantel gaat de centrale van Hermann Ehrhardts nieuwe geheime genootschap schuil. Al gauw komen in de kleine wijk Schwabing een groep mannen weer bijeen die elkaar kennen uit hun gemeenschappelijke tijd aan het front en in het vrijkorps en die worden verenigd door dezelfde gevoelens. Ze hebben het nooit kunnen verkroppen dat ze ontzet zijn uit hun leidersrolals officier in het Duitse keizerrijk. In een nieuw verbond willen ze hun lot als verliezers in het tegendeel doen omslaan.

Deze groep krijgt in 1921 versterking van nieuwe aanhangers. Als bij een referendum in Silezië vereist door het verdrag van Versailles , in maart 1921 een onverwacht duidelijke meerderheid ervoor kiest om bij het Duitse rijk te blijven, negeren Poolse opstandelingen deze uitslag en bezetten grote delen van Opper-Silezië om die gebieden in te lijven bij de republiek Polen. Honderden mannen uit de vroegere vrijkorpsen mobiliseren zich uit eigen beweging en steken de grens met Opper-Silezië over om zich aan de sluiten bij Zelfverdediging Opper-Silezië.

Enkele weken later maakt een wapenstilstand een einde aan het avontuur voordat de gevechten zouden uitlopen in een Duitse burgeroorlog. De Münchense organisatie van Hermann Ehrhardt krijgt hierdoor een nieuwe dynamiek. De inzet heeft niet alleen oude kameraden bijeengebracht maar ook vele nieuwe aanhangers opgeleverd. Vanwege de toestroom worden de structuren van de centrale in Schwabing uitgebreid. In de loop van de zomer 1921 is in München de veteranengroep van iemand die gezocht wordt wegens hoogverraad veranderd in een slagvaardige, landelijk opererende geheime organisatie die zich sindsdien Organisation Consul noemt. De nieuwe schuilnaam is afgeleid van een pseudoniem van Ehrhardt die zich tijdens zijn ballingschap in Beieren uitgeeft als “de heer consul”.

bron : Florian Huber, de wraak van de verliezers, Hollands diep.

marsorder naar Kütahya

Hans Tröbst krijgt zijn nieuwe marsorders in de aanloop naar een verwachte veldslag tussen Grieken en Turken.

Eind juni 1921 was het nieuwe marsbevaal daar. Ons einddoel was Kütahya, een stad tussen Afyonkarahisar en Eskişehir. Tot dan toe hadden we steeds mooi weer gehad, maar als we afmarcheerden, goot het natuurlijk met bakken uit de hemel. Dat had ik ook al vaak vastgesteld tijdens de Groote Oorlog. Zolang we onderdak hadden, kon de zon niet heet genoeg schijnen. En zodra het masrbeval er was, begon de smeerlapperij. Om 10 uur in de voormiddag vertrokken we met onze bagage, honderddertig wagens getrokken door tweehonderdzestig waterbuffels. Stel je even voor dat deze kolonne op een traag tempo door de enge dalen trok,en je zal begrijpen dat het avond was als we ongeveer vijftien kilometer hebben afgelegd.

Majoor Izzet was natuurlijk zoals het een groot commandant past met zijn gevolg vooruitgetrokken. Wijzelf bereiketen eerst tegen zeven uur ’s avonds ons eerste kwartier, in de volksmond “bad van de vijf vissen” genaamd. Het was inderdaad een kuuroord, want er waren drie natuurlijke bronnen in de buurt.

’s Anderendaags trokken we om zeven uur verder en we bereikten de grote weg die van Eskişehir naar Kütahya leidt. Na verscheidene marspauen kwamen we in ons einddoel aan. Het ganse bataillon kreeg onderdak in een oude, lege kazerne. Zodra wij officieren ons hadden geïnstalleerd en na ons te hebben opgefrist, trokken e de stad in om de inwendige en uitwendige mens te versterken. Kütahya, het oude Kythaion, was gebouwd zoals elke andere Turkse stad. Net zoals Ankara en Kastamuni lag ze aan de voet van een kleinere bergkegel, waarop de ruïnes en vervallen muren van een vroegere burg lagen. De stad zelf wemelde van de militairen. Overal voortjagende auto’s, lange treinkolonnen, telefoondraden, koeriers, officieren en soldaten van allerlei graden en uit allerlei legeronderdelen. Kortom, de beelden die ik nog ken uit de Groote Oorlog.

De volgende morgen verliet het bataillon opnieuw Kütahya en trok naar Güwen, een dorp op ongeveer drie uur van de stad en waar we de hoofdverdedigingslinie zouden bouwen. Volgens de laatste berichten was de Griekse aanval nakend en meer dan waarschijnlijk. Er waren Griekse troepenconcentraties nabij Uşak gemeld.

bron : Die Reise nach Anatolien – Band 8: Vom Baltikum zu Kemal Pascha (Ein Soldatenleben in 10 Bänden 1910 – 1923) Kindle-editie

Arditi del Popolo

De term “arditi” (letterlijk : stoutmoedigen) verwijst naar stoottroepen in het Italiaanse leger die in 1917 zijn opgericht. Ze zijn de tegenhanger van de Duitse Sturmtruppe. Beide korpsen worden tijdens de oorlog ingezet om een snelle doorbraak te forceren in de loopgravenoorlog.

Na de oorlog zijn er heel wat voormalige arditi die d’Annunzio volgen in zijn bezetting van Trieste. De republiek van d’Annunzio wordt beschouwd als de eerste fascistische staat. Lees meer daarover in dit bericht. Maar er zijn ook arditi die niet kiezen voor de zwarthemden. ZIj hebben een speficieke voorkeur voor de linkse partijen. Die partijen, waaronder vooral de communisten, hebben hun eisen op tafel gelegd en kracht bijgezet door stakingen en bezettingen van fabrieken in de jaren 1919 en 1920. Deze periode staat bekend als de “biennio rosso“. Maar na de rode tweejaarse volgt er een zwarte tweejaarse, de “biennio nero“. In 1921 neemt het fascistisch geweld tegen politieke medestanders toe.

Op 22 juni 1921 is er in Rome een bijeenkomst van de ANAI, de Associazione Nazionale degli Arditi d’Italia. Daar komt het tot een discussie tussen veteranen die het fascisme aanhangen en hun tegenstanders. De discussie eindigt met een breuk tussen beide groepen. De antifascistische veteranen van de arditi besluiten hun eigen beweging op te richten. Op 29 juni 1921 wordt onder leiding van onder meer de anarchist Argo Secondari de Arditi del Popolo opgericht. Het symbool van deze nieuwe beweging is een bijl die de roedenbundel of fasces cum securi (symbool van de fascisten) in twee breekt.

bronnen

Arditi del Popolo – Wikipedia

Argo Secondari – Wikipedia

vrijspraak voor Tehlirian

De Armeniër Soghomon Tehlirian verschijnt op 2 juni 1921 voor de Duitse rechtbank in Berlijn. Daar moet hij zich verantwoorden voor de moord die hij heeft gepleegd op Talaat Pasha. De moord kadert in operatie Nemesis, waarbij een kleine groep Armeniërs de Turken die zij verantwoordelijk achten voor de Armeense genocide, op te sporen en te vermoorden. De dag van de moord op Talaat Pasha wordt in dit bericht beschreven. Maar Tehlirian vermeldt voor de rechtbank geen enkel detail van operatie Nemesis

Tehlirian wordt ook door dokters onderzocht om het motief van de moord te verklaren. In 1921 zet de psychoanalyse grote stappen vooruit. Eén jaar eerder is het Berliner Psychonalalytisches Institut door medewerkers van Freud opgericht. Na de Groote Oorlog is de psychoanalyse ook een woord rijker om het trauma van bepaalde veteranen te omschrijven : shell shock. Daarom wordt Tehlirian ook medisch onderzocht omdat hij een trauma heeft opgelopen door zeer gewelddadige gebeurtenissen en hij een moord heeft begaan vijf jaar na de feiten omwille van dit trauma. Ook de dromen waarin zijn vermoorde moeder hem beveelt te doden uit wraak, worden aangehaald. Vijf dokters verschjnen als getuige om hun inzicht te geven over het geval Tehlirian. Het debat in de rechtszaal draait om de vraag in welke mate hij nog beschikte over een vrije wil op het moment dat hij de moord pleegde. De dokters gebruiken hiervoor de term “dwangmatig gebod”. Ze zijn het erover eens dat Tehlirian getraumatiseerd was door de gebeurtenissen die hij beweerde te hebben meegemaakt in Anatolië. Hij had zijn familie zien vermoord worden (wat in feite niet was gebeurd). Het verdict vanuit een medisch perspectief was duidelijk : de Turken hadden Tehlirian vreselijke dingen aangedaan, hij was psychologisch beschadigd en zijn algemene toestand droeg bij aan zijn neiging tot moorden. Daarmee geven de dokters net dat wat de verdeiging van Tehlirian zocht.

Zelf verklaart Tehlirian over de moord :”Ik beschouw mezelf niet schuldig want ik heb een zuiver geweten. Ik heb een man gedood maar ik ben geen moordenaar.”. Zonder enige kennis van operatie Nemesis en de voorbereidingen om Talaat Pasha op te sporen moet de jury nu beraadslagen. Op minder dan 2 uur is de uitspraak er : “onschuldig”. Tehlirian moet nog aan zijn vertaler vragen wat het betekent. Die antwoordt :”Je bent vrij.”.

Tehlirian wordt door andere leden van het commando in een wagen gezet om te vermijden dat er foto’s worden gemaakt. Men was er zich van bewust dat vanaf die dag Tehlirian nu zelf een doelwit zou zijn. De New York Times bloklettert de vrijsparaak als volgt :”They Simply Had To Let Him Go.”.

bron : Eric Bogosian, Operation Nemesis, Back Bay Books

bloedbad in Tulsa

Na de Groote Oorlog zijn er al heel wat veteranen teruggekeerd naar de Verenigde Staten. Maar er is krapte op de arbeidsmarkt en dus zijn er ook heel wat werklozen. De spanning tussen blank en zwart in de VS hangt in de lucht. In de meeste staten hebben de Afro-Amerikanen geen stemrecht. Maar in Tulsa, Oklahoma is er een zwarte wijk waar de bewoners het relatief goed doen. Men spreekt zelfs van Black Wall Street omdat de zwarten er welstellend zijn en eigen dokters, scholen, kranten en kerken hebben. Afgunst is er zeker niet ver af. En dan gebeurt er iets waardoor de vlam in de pan slaat.

Op 30 mei 1921 is er een klein incident dat zware gevolgen zal hebben. De zwarte schoenenpoetser Dick Rowland zou de blanke liftbediende Sarah Page aangerand hebben. Rowland wordt gearresteerd door de politie en al snel gaan de geruchten de ronde. Een groepje blanke mannen verzamelen om naar het politiekantoor te trekken en te eisen Rowland aan hen over te leveren. Een groepje zwarte mannen verzamelen zich eveneens en trekken naar datzelfde politiekantoor om Rowland te beschermen tegen lynchers. Als beide groepen tegenover mekaar staan, is de politie zo goed als machteloos. De sheriff tracht nog te onderhandelen en de groepen te overtuigen om naar huis te gaan. Maar in beide groepen zijn er gewapende mannen en de spanning stijgt. Dan valt er een schot en het schieten over en weer begint. Er vallen 12 doden : 10 blanken en 2 zwarten. En dit is nog maar het begin van het bloedbad van Tulsa. Het nieuws van de schietpartij verspreidt zich als een lopend vuurtje en beiden groepen lopen te wapen.

Het bloedbad van Tulsa duurt van 31 mei tot 1 juni 1921. Groepen blanken dringen de zwarte wijk in Tulsa binnen en slaan aan het plunderen en moorden. Ze stichten brand en de zwarte wijk gaat grotendeels in vlammen op. Uiteindelijk grijpt de Nationale Wacht van Oklahoma in en keert de rust terug onder de krijgswet. Maar de balans is zeer zwaar. De cijfers over het aantal doden loopt uiteen : er is sprake van 36 doden tot enkele honderden. Meer dan 1200 huizen en 191 winkels zijn in vlammen opgegaan. Meer dan tienduizend mensen zijn dakloos. Greenwood, het bloeiende centrum van de zwarten in Tulsa, is niet meer dan een schaduw van wat het ooit was.

In de jaren nadien wordt er over het bloedbad van Tulsa gezwegen. Maar de traumatische ervaring en de spanningen tussen de rassen in de VS blijven op de achtergrond om af en toe met een pijnlijk incident weer naar voor te komen. 100 jaar na het bloedbad gaat president Biden naar Tulsa om het bloedbad te gedenken.

bronnen
https://nl.wikipedia.org/wiki/Rassenrellen_van_Tulsa
https://en.wikipedia.org/wiki/Tulsa_race_massacre
Biden Visits Site of Tulsa Massacre a Century Later. ‘While darkness can hide much, it erases nothing.’ – The New York Times (nytimes.com)