Von Kluck neemt zijn draai ten westen van Parijs

generaal von Kluck

Op 31 augustus 1914 neemt generaal Alexander von Kluck het besluit om zijn eerste leger naar het zuidwesten van Parijs te laten afzwenken. Daarmee wil hij von Bülow te hulp snellen die in de slag van Guise een onverwacht tegenoffensief van de Fransen moest verduren. Een gevolg van deze beslissing is dat hiermee het von Schlieffenplan volledig wordt verlaten. Het eerste leger van von Kluck had volgens de plannen ten zuidoosten van Parijs moeten blijven. In plaats daarvan zit het eerste Duitse leger van von Kluck nu ten zuidwesten. En wat nog erger is, zijn flanken zijn daarmee blootgesteld aan de aanvallen van het Franse zesde leger dat zich aan het verzamelen is in de buurt van Parijs.
Begin september volgt dan de slag aan de Marne die nadelig zou uitdraaien voor de Duitsers. Ze beginnen aan hun terugtocht en vier jaar lang zou het westelijk front zo goed als onveranderlijk zijn. Buiten het feit dat er wel dagelijks soldaten sneuvelen. 
Wie meer wil weten over de slag van Guise, kan terecht op deze pagina

het oorspronkelijke Schlieffenplan

het oorspronkelijke Schlieffenplan

Duitse spion aangehouden in Oostende

brief van Paul Ehrhardt

brief van Paul Ehrhardt

De Belgische krijgsraad veroordeelt de Duitse spion Paul August Ehrhardt tot de dood met de kogel. Enkele dagen geleden werd hij in Oostende aangehouden. Hij volgende de Britse troepenbewegingen in de stad. In afwachting van zijn executie op 5 september zit hij vast in het fort van Zwijndrecht. Over zijn beroep als spion vertelt hij :” Het is geen prettige beroep, spion zijn. Maar het is niet mijn fout dat ik het gedaan heb : ik word ertoe verplicht. Alle Duitse reserveofficieren die in het buitenland verblijven, zijn met spionage belast. Ik heb gehoorzaamd, ik heb mijn taak gedaan, ik sterf voor mijn vaderland.”.

bron : kalender 2014-2018 , Davidsfonds

Als je op het internet zoekt op deze naam in combinatie met 1914, kom je op een aantal documenten uit die met deze Duitse spion of met executies door het Belgisch leger te maken hebben. Je vind de brief van Paul Ehrhardt terug samen met extra documentatie op deze webpagina : https://archive.org/details/disclosuresofger00inehrh
E
en overzicht van de personen die geëxecuteerd werden op bevel van het Belgisch militair gerecht vind je in dit pdf-document terug : http://www.cegesoma.be/docs/media/chtp_beg/chtp_16/chtp16_007_Chronique_Maes.pdf

 

 

 

 

Von Hiddessen vliegt boven Parijs

In de laatste augustusdagen van 1914 hebben de Duitsers de streek van Saint-Quentin veroverd en daarmee zitten ze op zo’n 160 kilometer van Parijs. Het Duitse opperbevel beslist dat het tijd is voor wat psychologische oorlogsvoering. Om de druk op de Fransen te verhogen, besluiten ze vliegtuigen boven Parijs te sturen. Het doel van die vliegtuigen is om troepenbewegingen te observeren, pamfletten en bommen boven Parijs uit te gooien.

Von Hiddesen boven Parijs

Von Hiddesen boven Parijs

Op zondag 30 augustus 1914 is het mistig rond Saint-Quentin. Maar als de mist om 10 uur optrekt, is het een zonnige en heldere dag.  Oberleutnant Ferdinand von Hiddesen vertrekt om 11 uur samen met een andere piloot in zijn Taube vanop het vliegveld van Sain-Quentin. Rond half een zijn ze boven Parijs. Ze vliegen een half uur boven de stad en dan werpen ze de pamfletten uit. Ze laten ook vier bommen van 2 kg vallen. Die bommen maken 2 lichtgewonden en materiële schade. Uiteindelijk laten ze een vlag met de keizerlijke kleuren (zwart-wit-rood) waaraan een zandzakje zit vallen. In dit zanzakje zit een briefomslag met daarin de boodschap :”Het Duitse leger bevindt zich voor de poorten van Parijs. Overgave is de enige uitweg.”. Dezelfde tekst als op de talrijke pamfletten.

De vlag met briefomslag en boodschap wordt naar de Parijse prefectuur gebracht. Op 1 september 1914 vliegt er terug een Taube over Parijs. Dan vallen de eerste burgerdoden door Duitse vliegtuigbommen.

Ferdinand Von Hiddesen zal in 1915 boven Verdun worden neergeschoten. Hij wordt dan zwaargewond naar een hospitaal gebracht en brengt de rest van de oorlog in krijgsgevangenschap door. Einde 1929 wordt hij lid van de NSDAP, partij van Adolf Hitler, die op dat moment met zijn politieke opmars bezig is. Hij wordt verkozen voor de NSDAP, maar zit enige tijd gevangen in het kader van de Roehm-putsch in 1934. Hij overleeft deze putsch en zal pas in 1971 sterven op 84-jarige leeftijd.

bronnen :

http://1914ancien.free.fr/parisbom.htm

http://de.wikipedia.org/wiki/Ferdinand_von_Hiddessen

Maubeuge : de eerste Franse stad onder Duits beleg

Na de slag om de grenzen (bataille des frontières) moeten Fransen en Engelsen zich terugtrekken. Vanuit Mons (Bergen) zakken de Duitsers af naar het zuiden. De eerste Franse stad die ze op hun weg tegenkomen, is Maubeuge, even over de Frans-Belgische grens. De belegering start op 28 augustus 1914 en zal eindigen op 8 september 1914 met de overgave van de stad. 

bombardement van Maubeuge

bombardement van Maubeuge

de trein redt de Duitsers aan het oostfront

Hieronder zie je een locomotief  van 1914. Deze locomotief samen met de nodige wagons zullen de Duitsers aan het oostfront helpen om een dreigende nederlaag om te buigen in een klinkende overwinning. Zonder de trein waren de nodige soldaten nooit tijdig van de oostgrens naar de zuidgrens van Oost-Pruisen geraakt om achtereenvolgens een Russisch leger te stoppen en daarna een ander Russisch leger te vernietigen. Wie wil weten hoe deze slag verliep, kan dat lezen in de slag van Tannenberg.

sneltreinlocHSM_1914_Berlijn

Gisbert Combaz en de brand van Leuven

Het martelarenplein in Leuven verwijst naar de gruwelijke dagen van 25 tot en met 28 augustus 1914. Tot de 25e augustus hadden de Duitsers de Leuvense burgers met rust gelaten. Maar die dag zijn de Duitsers zenuwachtig want het Belgisch leger valt aan vanuit Mechelen en nadert Leuven. Mogelijk hebben Duitse soldaten in Leuven terugtrekkende Duitsers vanuit Mechelen voor Belgische soldaten aangezien en zijn ze op mekaar beginnen vuren. De Duitsers zelf beweren dat ze aangevallen zijn door Belgische burgers en dat daarom Leuven moet boeten. Duitse soldaten schieten op de huizen vanwaaruit ze menen aangevallen te worden en steken de huizen in brand. Meer dan tweeduizend gebouwen gaan in vlammen op, waaronder de universiteitsbibliotheek met 300.000 boeken, de Sint-Petruskerk, de schouwburg en talloze huizen. De Duitsers sparen het stadhuis omdat ze daar hun hoofdkwartier gevestigd hebben.

De terreur gaat door op 26 augustus. Op 27 augustus wordt iedereen uit de stad gejaagd richting Tervuren, Mechelen of Tienen. Duizend vijfhonderd mensen, onder wie een honderdtal vrouwen en kinderen, worden naar het map van Münster gedeporteerd. Op 28 augustus komen de verdrevenen uit Aarschot aan op het stationsplein van Leuven. Ze worden meteen beschoten door Duitse soldaten. Met veel moeite kunnen de officieren de schietpartij stoppen. Aan het einde van de slachtpartij hebben zo’n tweehonderd burgers het leven verloren, zijn velen mishandeld en staat er van het centrum in Leuven niet veel meer recht.

Leuvenbrand1914_02

Leuvenbrand1914_03

Er zijn al eerder onschuldige burgers door de Duitse soldaten vermoord of mishandeld, zoals in Dinant, Tamines, Aarschot. Maar de stad Leuven is natuurlijk in de ganse wereld gekend als de universiteitsstad met een rijke culturele schat. De brand en slachtpartij in Leuven wordt dan ook breed uitgesmeerd in de internationale kranten. De Duitsers krijgen nu een reputatie van wreedaardige cultuurbarbaren waar ze voor de rest van de oorlog (en lang erna) niet meer van af geraken.

Net zoals Nestor Outer in Dinant (lees meer in het bericht nestor-outer-en-het-trauma-van-virton/) is er nu ook een kunstenaar die zijn afschuw in kunst verwerkt. Gisbert Combaz (Antwerpen 1869 – Sint-Gillis 1941) maakt onderstaande tekening naar aanleiding van de brand van Leuven.Hij heeft trouwens meer tekeningen gemaakt die geïnspireerd zijn door de Groote Oorlog.

brand van Leuven gezien door Gisbert Combaz

brand van Leuven gezien door Gisbert Combaz

bronnen 

www.kaiserscross.com/soldiersburden

Knack Historia 1914

Davidsfonds Kalender 2014-2018

http://www.bl.uk/world-war-one/articles/historiography-atrocities-the-long-shadow

Nestor Outer en het trauma van Virton

Nestor Outer is geboren op 2 april 1865 in Virton, hoofdstad van Belgisch Lotharingen en vlak bij de Franse grens. In 1884 trekt hij naar de academie voor schone kunsten in Brussel. Tijdens zijn studieperiode trekt hij ook naar Parijs en maakt er kennis met de kunstenaars in Montmartre. Na zijn studies keert hij terug naar Virton en wordt er leraar tekenen in het collège communal. De eerste wereldoorlog zal Outer zwaar traumatiseren. Tussen 22 en 24 augustus 1914 woedt de slag der grenzen (“bataille des frontières”) in alle hevigheid aan de Belgisch-Franse grens. In Rossignol, op iets meer dan 20 kilometer van Virton, sterven er op 22 augustus 2014, 27.000 Franse soldaten, het hoogste aantal Fransen op één dag in de Groote Oorlog. De Duitsers verliezen 14.000 soldaten. Ze zijn ervan overtuigd dat de burgers hebben de Franse soldaten hebben geholpen en laten hen daarvoor boeten. In Rossignol worden er burgers door de Duitsers gefusilleerd, evenals in Ethe en Latour. In 1916 beginnen de Duitsers Belgische burgers te deporteren naar Duitsland, maar als vijftigplusser ontsnapt Outer aan dat lot. Tegen het einde van de oorlog is hij wel zijn ouders verloren evenals twee broers en dat stemt hem bitter. In 1921 trouwt hij nog met een 30-jarige vrouw uit de nabijheid van Virton. In 1930 sterft hij na enkele jaren met de gezondheid gesukkeld te hebben. 

Wie meer wil weten over Nestor Outer en de bloedige dag in augustus 1914 in Virton en omgeving, kan terecht op onderstaande websites. Onder de bronnen staan een aantal schilderijen van Nestor Outer die geïnspireerd zijn op die gruwelijke gebeurtenissen nabij Virton tussen 22 en 24 augustus 1914. 

Bronhet stille pand

deredactie.be/dodelijksedag

Assaut de l'infanterie française

Assaut de l’infanterie française

Surlendemain de la bataille

Surlendemain de la bataille

Ethe en flammes

Ethe en flammes

van Brussel naar de bataille des frontières

Brussel wordt bezet door de Duitsers op 20 augustus 1914. Dit gebeurt zonder slag of stoot. Even heeft de Belgische overheid nog getwijfeld om Brussel te verdedigen. Er waren al verschansingen opgeworpen, en er waren 20.000 Burgerwachten bijeengebracht. Uit schrik voor represailles werd de burgerwacht terug geroepen en de stellingen weer afgebroken. Burgemeester Adolphe Max roept de bevolking op om zich rustig te houden en er zijn zo goed als geen opstootjes. In tegenstelling tot elders gebeurt de intocht van de Duitsers in alle kalmte.

Brussel_augustus1914

Duitse troepen op de Brusselse Grote Markt

Het Belgische leger trekt zich terug naar Antwerpen, dat haar rol als nationaal bolwerk opneemt. Ook de ministeries en politici zijn naar daar getrokken. Nederland wil echter zijn neutraliteit bewaren en heeft de westerschelde afgesloten. Daardoor kunnen de Britten Antwerpen niet bevoorraden. De Duitsers rukken verder op naar het zuiden en hierdoor vermindert de druk op het Belgische leger.

De komende dagen zullen de Duitsers de forten in Namen belegeren. Tussen 23 en 25 augustus 1914 vallen de forten rond Namen één voor één. In die dagen wordt er ook gevechten in Charleroi, waarbij de Belgen steun krijgen van Britten en Fransen. Ook in Bergen wordt er gevochten op 22 augustus en ook hier zijn er Britse en Franse troepen betrokken. Deze gevechten staan bekend als de slag aan de grenzen (“bataille des frontières”).

De frontlinies rond 20 augustus 1914

De frontlinies rond 20 augustus 1914

 

Aarschot krijgt een zware rekening te betalen

Bron : kalender 2014-2018, Davidsfonds vermeldt op 19 augustus 2014 onderstaande feit van toen 100 jaar geleden

Terwijl de Duitsers agressief de stad Aarschot binnentrekken, vallen er schoten. Van Duitse soldaten, van ongecontroleerde sluipschutters of van allebei… Beschuldigingen vliegen over en weer, maar burgemeester Jozef Tielemans voorkomt erger. Later op de dag schiet iemand de Duitse kolonel Johannes Stenger neer wanneer die verschijnt op het balkon van het huis van de burgemeester. De Duitse wraak is bloeddorstig : huizen op de markt gaan op in vlammen en een groep van 75 mannen en jongens krijgt de kogel. Nadien volgen er nog 29, onder wie de burgemeester. Nog meer huizen vatten vuur. Op 6 september worden 300 mensen getransporteerd naar Duitsland.

Opmerking : in Aarschot staat onderstaande foto vlakbij het oude huis van de burgemeester waar de noodlottige repressailles zouden starten.

herdenking aan de Duitse inval in Aarschot 1914

herdenking aan de Duitse inval in Aarschot 1914

Raoul Snoeck krijgt zijn vuurdoop in Tienen

Op 18 augustus 1914 krijgt Raoul Snoeck zijn vuurdoop in Tienen. De Duitsers hebben zich hersteld van hun nederlaag in de slag om Halen en staan klaar om de Gete over te steken. De volgende tekst komt uit het dagboek van Raoul Snoeck, gepubliceerd onder de titel “in de modderbrij van de Ijzervallei”.

Vandaag krijgen we de vuurdoop in de omgeving van Tienen. Het gevecht begint om twee uur in de namiddag. aan onze kant strijden het 2de linie en de rest van het derde, ongeveer duizend achthonderd man. De Duitsers brengen zo’n twintigduizend man in het veld. Om zeven uur ’s avonds duurt het gevecht nog voort. De vijand slaagt erin ons te omsingelen. Onmogelijk stand te houden. We verlaten het slagveld om halfnegen na hen zware verliezen te hebben toegebracht. Ook wij tellen doden. Een stuk van ons veldgeschut is compleet buiten dienst. De Duitsers gebruikten een schandelijke list om de mannen van het 2de Linie, compagnie 3/2 te verschalken. Ze vermomden zich als Belgische soldaten met een armband van het Rode Kruis. Zo gleden ze in de loopgraven bij onze soldaten om ze dan op het gepaste moment af te maken.

Tienen 1914

Tienen 1914

Onze compagnie, de 3/2 moet de aftocht dekken. We blijven als laatsten op het slagveld. Omdat we de tijd niet meer hebben om te vluchten, beveelt commandant Ruquoy het vuren te staken en ons op de bodem van de loopgraven onder stro te verbergen. De Duitsers die zich tweehonderd meter verderop bevinden, beelden zich in dat we de biezen gepakt hebben. Het is bijna duister als zij voorzichtig de loopgraven naderen. Ze denken dat ze verlaten zijn, trekken voorbij en groeperen zich wat verder. Op een sein van de chef springen we uit onze schuilplaats en vallen de Moffen in de rug aan de bajonet op het geweer. Ze zijn zo verrast dat ze elkaar omverlopen terwijl wij ontsnappen. Dit maneuver heeft ons maar een gewonde gekost, een zekere Robert Fréchier. Ze schieten nog wel op ons, maar te laat want ’s nachts is het onmogelijk te mikken en op duizend kogels is er maar zelden een raak. Onder een hagelbui van projectielen trekken we ons terug richting Lovenjoel en arriveren er om middernacht. De reservecompagnies wisten niet dat er zich nog Belgen achter de vijand bevonden en vuurden zonder ophouden omdat ze Duitsers opgemerkt hadden in het schijnsel van de branden. Het is een mirakel dat de makkers niet getroffen werden voor ze onze linies bereikten, vooral omdat ze briesten en lawaai maakten als een aanvallende ruiterij. Dankzij onze koelbloedigheid kon een ernstige vergissing vermeden worden.Men beveelt de terugtocht. De start is moeilijk, want we vorderen onder een geweldige bui van mitrailleur- en geweervuur. Maar de Duitsers achtervolgen ons niet.

bron : Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, vertaald uit het Frans door André Gysel, Snoeck-Ducaju