Raoul Snoeck defileert in Parijs

Raoul Snoeck viert le quatorze juillet, Franse nationale feestdag, in Parijs.

14 juli 1918 : om drie uur worden we gewekt om ons toilet te maken. We zien eruit als herboren in ons kaki uniform. Met een onbezorgd en vrolijk gezicht vergeten we vlug de oorlogskommer en denken slechts aan het geluk van die enkele vrije uren. We verzamelen in de kazerne Clémencourt die we om zeven uur verlaten. De soldaten vormen rijen van vier en de onderofficieren marcheren naast hun mannen. Onze uniformen zijn in goede staat en vormen een schril contrast met die van de Fransen. We willen er altijd piekfijn uitzien met verlof, voor ons is het een kwestie van eigenliefde. Merkwaardig dat onze Franse wapenbroeders het tegenovergestelde doen. Ze zijn zeker niet van plan hun uniform schoon te maken, opdat iedereen onmiddellijk zou merken dat ze van het front komen.

Om tien uur zet de stoet met troepen uit alle geallieerde landen zich in beweging. Elke groep zingt zijn patriottische liederen. De Fransen bezorgen de Belgen een warm onthaal vol geestdrift en bewondering en brengen laaiend enthousiast hulde aan de soldaten uit het kleine België.

‘s Middags wordt de stoet ontbonden. Het feest dat ’s morgens begon, gaat zonder onderbreking de hele dag door. Nooit hebben de Belgische en Franse harten zo eendrachtig geklopt als op die gedenkwaardige dag. In de kazerne bieden Franse soldaten de Belgen sigaren en Champagne aan. Ik breng mijn vrije uren door bij mijn vrienden.

bronnen
Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, Snoeck Ducaju en zoon

http://www.14-18.bruxelles.be/index.php/fr/nouvelles-du-front/operations-militaires/operations-militaires-galerie?start=7

stormachtige 11 juli voor Gaston Le Roy

Op 11 juli 1918 noteert Gaston le Roy het volgende in zijn dagboek :

Blauwvoet_1918Vlamingen, herdenk de Guldensporenslag ! Vliegt de Blauwvoet ! Storm op zee ! Het leven in de loopgraven nodigt niet uit tot uitbundig vreugdebetoon. Graag had ik mijn bunker met groen en veldbloemen versierd. Helaas, het weer is zo guur, de wind stormachtig dat ik maar liever binnenblijf. Rond ons kaarsje zongen we en spraken we over de helden die Vlaanderen zullen redden van de Franse dwingelandij. Naar verluidt zullen de Duitsers vannacht aanvallen. Dan moet ik in tweede lijn blijven als afgevaardigde. Welke reen zou daarachter schuilen? Ben ik onbetrouwbaar ?

bron : André Gysel, Gaston Le Roy – dagboek van een Vlaamse oorlogsvrijwilliger, Lannoo

torpedo ongeluk aan boord van de UB-65

Ergens ten zuiden van Ierland explodeert op 10 juli 1918 voortijdig een torpedo aan boord van de onderzeeër UB-65. Er is behoorlijk wat schade maar toch kan het schip verder varen, zodanig zelfs dat het er op 14 juli 1918 in slaagt om het Portugese zeilschip María José te doen zinken nabij het eiland Lundy. Uiteindelijk gaat de UB-65 dan ook ten onder, even verder ter hoogte van Padslow (Cornwall). Geen enkel bemanningslid overleeft.

In zijn betrekkelijk korte loopbaan van augustus 1917 tot juli 1918 maakt het schip zes patrouillevaarten waarbij zeven schepen tot zinken werd gebracht en zes beschadigd.

Wie googelt op UB-65 1918, komt uit op heel wat sites en video’s op Youtube die deze U-boot catalogeren als vervloekte duikboot. Liefhebbers van spookverhalen kunnen hun hartje ophalen.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
https://mysteriousuniverse.org/2015/07/the-haunted-submarine-of-world-war-i/
http://www.zeeuwsarchief.nl/zeeuwse-verhalen/torpedos-1914-1918/

DuitseTorpedo_1918

Herbert Sulzbach haalt herinneringen op

De marsorders brengen Herbert Sulzbach, luitenant bij de Duitse artillerie, naar een streek waar hij ook al in 1914 en 1915 is geweest. Dat brengt bij hem goede en weemoedige herinneringen terug.

Op 19 juni 1918 trekt hij naar Les Petites Armoises om zijn oude bivakplaats terug te vinden en de Fransen waar hij goed herinneringen aan heeft.

Ik vind mademoiselle Valentine terug terwijl ze de koeien melkt, net zoals drie jaar geleden. Les Petites Armoises ! Het dorp met de zachte, aangename, vredevolle omgeving – hoe vaak heb ik ernaar verlangd om hier terug te zijn. Vandaag is mijn wens uitgekomen en ik reed 80 kilometer om om dit dorp en mijn Franse vrienden terug te zien. Ik rijd in draf het dorp binnen en stop bij het huis van de familie Vesseron. Valentine en moeder Pauline komen naar buiten gelopen en roepen uit “Erbère ! Non, c’est impossible, mon Dieu, mon Dieu !”.

Ze vragen naar mijn kameraden van 3 jaar terug en ook naar Kurt en ze zijn geschokt als ik ze meld dat hij dood is. Ze leiden me door het dorp en ik kom oude kennissen tegen. Daarna maak ik een wandeling met Valentine naar de oude molen. Toen ik hier voor het eerst was, was Valentine 16 jaar oud en ik 20, Vandaag is ze nog mooier en vrolijker, met zwarte haren en grote bruine ogen, een echte dorpsschoonheid.

Daags erna verlaat hij reeds om 4 uur ’s morgens Valentine en moeder Pauline. Om 9 uur vindt hij zijn regiment terug in Mesmont. Tijdens de rustdagen van het regiment maakt hij nog een 2e uitstap naar Les Petites Armoises. Op 2 juli 1918 verlaat het regiment Mesmont en ze slaan hun kamp op in Pontfaverger. Weer een plek waar herinneringen komen bovendrijven.

Hier zit ik weer in ons district waar we reeds in 1914 waren. Ik blijf maar denken aan mijn dode kameraad Kurt. Ik zal onze eerste kerst samen aan het front nooit vergeten.
We blijven in ons kamp en maken ons klaar voor het komende offensief. We hopen dat dit ons naar de eindoverwinning zal voeren. We wachten op een aanval op Reims.

Op 7 juli 1918 ga ik naar het front met kapitein Knigge om de artillerieposities te inspecteren en de beschietingen voor te bereiden. Op onze terugweg komen we door Pontfaverger, dat ik nog ken uit het eerste oorlogsjaar. Het was toen een levendig klein dorpje. Nu blijft er alleen maar een hoop puin over. Dit dorp is even dood als mijn vriend Kurt.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military

FeldgrauenInBiwak

 

 

Hemingway raakt gewond

Ernest Hemingway, winnaar van de Nobelprijs literatuur in 1954, wil ook zijn steentje bijdragen tot de oorlog maar wordt afgekeurd, mogelijk omwille van zijn ogen. Hij gaat dan maar werken als ambulancier bij het Rode Kruis.

Op 8 juli 1918 loopt Hemingway tijdens zijn werkzaamheden als ambulancier aan het Italiaanse front zware verwondingen op door mortiervuur. Ze zullen hem ongeveer een half jaar hospitaal kosten. Hij was nauwelijks een maand aan het front.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Ernest_Hemingway_in_Milan_1918_retouched_3

 

Goering neemt de leiding over

De latere nazileider Hermann Göring neemt op 7 juli 1918 de leiding over van het Flying Circus, zoals de jachteskaders van Manfred von Richthofen alias de Rode Baron genoemd worden door de Engelsen.

Als Manfred von Richthofen op 21 april 1918 neergeschoten wordt, staan er tachtig luchtoverwinningen op zijn naam. Daarmee is hij de meest beroemde jachtpiloot van zijn tijd, maar zijn neerstorten is ook een zware morele klap voor het Duitse leger. Hem opvolgen is een loodzware taak.

Onmiddellijk na de dood van de Rode Baron krijgt Wilhelm Reinhardt die taak, maar als die tweeënhalve maand later het leven laat tijdens een testvlucht, is het de beurt aan Hermann Göring die het uithoudt tot de oorlog voorbij is. In 1935 benoemt Hitler hem tot opperbevelhebber van de Luftwaffe, de Duitse luchtmacht.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Hermann_Goering_1918

Duitse luchtmacht valt Britse duikboot aan

Ongeveer 25 kilometer voor de kust van Onford Ness (Suffolk) bestookt op 6 juli 1918 een eskader van vijf Duitse watervliegtuigen, onder leiding van luitenant Friedrich Christiansen, de Britse onderzeeër C-25. Zowel machinegeweren als bommen treffen doel wanneer de C-25 aan de oppervlakte komt.

Boordcommandant David C. Bell en drie wachtposten overleven de aanval niet. Een van hun lichamen blokkeert de werking van de apparatuur, zodat het schip niet meer kan duiken. De bemanning kan de duikboot nog drijvende houden, maar ook dat kost enkelen onder hen het leven.

Een andere onderzeeër, de E-51, neemt de C-25 op sleeptouw naar de meest nabije haven. De destroyer HMS Lurcher, die inmiddels in de buurt is, kan nieuwe aanvallen van de Duitse watervliegtuigen afweren.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

HansaBrandenburg_Christiansen

De KuK Armee trekt zich terug

De Kaiserliche und Königliche (K.u.K.) Armee trekt zich terug begin juli 1918 terug over de Piave naar hun beginposities voor het Oostenrijks-Hongaars zomeroffensief. Tijd voor de Oostenrijkers om een balans op te maken. Na de slag van Caporetto waren ze erin geslaagd de Italianen ver terug te drijven. Met het zomeroffensief hoopten ze de genadeslag toe te brengen, maar de Italianen, versterkt met Britse en Franse legereenheden, hebben zich sterk geweerd. Tijd om een balans op te maken :

Italianen (inclusief Franse en Britse eenheden) : 6.110 doden, 27.560 gewonden, 51.857 vermisten
Oostenrijks-Hongaars leger : 11.645 doden, 80.853 gewonden, 25.550 vermisten

De Oostenrijks-Hongaarse legers zijn de Piave overgestoken maar hebben daar hun krachten teveel verdeeld. Er was te weinig samenwerking tussen de generaals Conrad en Boroevič. De bruggen over de Piave waren voortdurend onder vuur van de Italiaanse artillerie en de geallieerden hadden ook een overmacht in de lucht. Hierdoor was het moeilijk voor de Oostenrijks-Hongaarse legers om tijdig versterkingen te laten aanrukken. Munitie, eten en drank waren niet op de juiste momenten voldoende voorradig. De Italiaanse tegenaanvallen, waaronder de heldhaftige verdediging van Monte Grappa, zorgden ervoor dat de Oostenrijks-Hongaarse legers zich moesten terugtrekken naar hun beginposities.

De Italianen zijn opgetogen door deze overwinning, maar het moment is nog niet gekomen om op hun beurt de Piave over te steken om de Oostenrijkers en Hongaren op hun versterkte posities aan te vallen. Pas in oktober 1918 gaan de Italianen tot de aanval over en weerom zal er hard worden gevochten rond de Monte Grappa.

De Oostenrijkers en Hongaren trekken hun conclusies : de generaals von Arz, Conrad en Waldstaetten worden ontslagen. Boroevic mag op post blijven omdat hij in zijn sector een effectieve verdediging heeft opgezet. De ontslagen generaals worden vervangen door de Duitser Otto von Below, die al eerder een succesvol offensief aan dit front heeft geleid. De Oostenrijks-Hongaarse generale staf zal nog meer moeten luisteren naar de Duitse tegenhanger.

bronnen
http://www.notiziedalfronte.it/la-fallita-offensiva-austriaca-il-bilancio/
http://www.notiziedalfronte.it/il-terremoto-nelle-alte-sfere-austo-ungariche/

dopo_Caporetto

 

dood van Mehmet V

De 35e sultan van het Ottomaanse rijk, Mehmet V, overlijdt op 3 juli 1918. Niet dat zijn dood grote politieke gevolgen heeft want de echte macht ligt bij de dictatoriale drie Pasja’s, de leiders van de Jonge Turken.

Zijn enige zwaarwichtige politieke daad was het uitroepen van de jihad tegen de geallieerden op 11 november 1914. En die actie kwam er slechts nadat de echte machthebbers  enige tijd voordien toezegden om te strijden aan de zijde van de Centralen (Duitsland, Oostenrijk-Hongarije, Bulgarije). Verder mocht hij de Duitse keizer Willem II eenmaal ontvangen in Constantinopel en kreeg hij later van hem de titel veldmaarschalk.

Gelukkig voor hem maakt de poëtisch ingestelde Mehmet V de nederlaag in de wereldoorlog niet mee, en evenmin het einde van het Ottomaanse rijk in 1922.

bron : oorlogsdagboek 2°14-2018, Davidsfonds

Mehmet_V

de stamvader van het Belang van Limburg

In Tongeren overlijdt op 2 juli 1918 Nicolaas Theelen, uitgever-journalist van wat later Het belang van Limburg zal worden.

In 1879 publiceert hij in Bilzen het eerste nummer van het Vlaamsgezinde en katholieke Het Algemeen Belang der Provincie Limburg. Als landmeter bij het kadaster werkt hij voor de Belgische overheid en die blijkt niet gelukkig met deze Vlaamsgezinde uitgave. Nicolaas Theelen wordt overgeplaatst naar Torhout. De job van landmeter licht hem niet echt en hij geeft er de brui aan. In 1880 woont hij weer in Limburg, in Tongeren en zet hij de uitgave van Het Algemeen belang voort.

Na de oorlog neemt zijn zoon Frans Theelen de zaak in handen : hij begint in Hasselt met de uitgave van Het Belang van Limburg.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

NicolaasTheelen