Autonoom Turkestan verliest onafhankelijkheid

Laat in de avond en nacht van 6 februari 1918 vallen eenheden van de Tasjkent sovjet de stad Kokand aan (in de provincie Fergana in Oost-Oezbekistan). Tijdens urenlange straatgevechten vallen talloze doden, een aantal van meer dan tienduizend wordt vermeld.

Op het ogenblik van de aanval is de stad in handen van de islamitische jadiden (hervormers) die er de voorlopige regering van Autonoom Turkestan uitriepen. Na de aanval hebben de Russische revolutionairen het er voor het zeggen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Soviet_191802

 

Troepentransport Tuscania zinkt

De Duitse onderzeeër U-77 torpedeert op 5 februari 1918 voor de kust van Ierland het stoomschip Tuscania dat bijna 2400 Amerikaanse militairen naar Le Havre moet brengen.

Zowat 12 kilometer voor de kust vuurt de U-77 tweemaal. De eerste torpedo is een misser, maar de tweede raakt de Tuscania vol aan stuurboordzijde met een bijzonder krachtige ontploffing tot gevolg. Omdat het getroffen schip in een Brits konvooi vaart, is er onmiddellijk hulp ter plaatse : 2187 Amerikaanse militairen worden gered, samen met het grootste deel van de bemanning.

De Britse werkwijze om in konvooien de oceaan over te steken, is zeer belangrijk en efficiënt voor de geallieerde troepenaanvoer. Van de ruim 1,1 miljoen Amerikaanse militairen die naar Europa getransporteerd worden, verdrinken er slechts 637 ten gevolge van aanvallen door Duitse duikboten.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Tuscania_1918

 

spionagenetwerk Knapen opgerold

Tijdens de eerste dagen van februari 1918 rollen de Duitsers in Brugge het spionagenet Knapen op, zo genoemd naar Ulysse Knapen, een gewezen luitenant die het uitbouwde. Tot het netwerk horen ook zijn echtgenote en twee zonen, op dat ogenblik 19 en 16 jaar oud. Vermoedelijk maken ook enkele broeders xaverianen deel uit van het netwerk. De doodstraf van de vader wordt later omgezet in levenslang.

De geallieerden stelden dit spionagenet erg op prijs omwille van de gedetailleerde informatie over de Duitse militaire installaties in Oostende en Zeebrugge.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
de foto komt van de website http://www.wearethemighty.com/articles/this-is-why-world-war-i-era-british-spies-used-semen-as-invisible-ink

SPies-WWI-World-War-I-Semen-invisible-ink

 

maritieme verbinding Folkestone Vlissingen

In het eerste weekend van februari 2018 was ik voor de eerste keer in Vlissingen. Ik had behoefte aan een nieuw zicht op de noordzee in plaats van mijn gewone bestemming. En dat is bijzonder goed meegevallen. Het is pas als ik al een tijdje heb rondgewandeld dat ik me realiseer dat mijn grootvader Martinus Evers hier ook geweest is. Tenminste dat veronderstel ik… Hij is ingelijfd in het Belgische leger in Folkestone en er was destijds een maritieme verbinding tussen Folkestone en Vlissingen. Het is heel goed mogelijk dat Martinus Evers onderstaande gebouwen aan de boulevard in Vlissingen heeft zien staan. In 1916 waren die toen gloednieuw… Het is daar dat hij – zo veronderstel ik – een schip heeft genomen richting Folkestone om zich daar te laten inlijven in het Belgisch leger.

Vlissingen_2018_Anno1900

Deze maritieme verbinding werd onderhouden door de Stoomvaart Maatschappij Zeeland (SMZ), een rederij die tussen 1875 en 1989 een veerdienst tussen Nederland en Engeland over de Noordzee onderhield. Tot en met 1939 was de Nederlandse afvaarthaven Vlissingen, vanaf 1946 was dat Hoek van Holland.

De afvaarthaven aan Engelse zijde veranderde in de loop van de tijd nogal eens: in het eerste jaar was dit Sheerness, vanaf 1876 Queenborough, vanaf 1911 zowel Queenborough (dagdienst) als Folkestone (nachtdienst), vanaf 1919 Folkestone en vanaf 1927 Harwich.

De SMZ was een belangrijke werkgever voor Vlissingen. De verbinding werd beroemd vanwege de uitstekende aansluitingen vanuit heel Europa via het internationale spoorwegnetwerk naar het Station Vlissingen, waar direct kon worden overgestoken naar de naastgelegen vertrekgebouwen van de SMZ. Van groot belang was het postcontract, waardoor een groot deel van internationale postverkeer tussen Europa en Engeland via Vlissingen verliep en de SMZ en haar schepen bekend werden onder de benamingen ‘maildienst’ en ‘mailboot’.

bron
https://nl.wikipedia.org/wiki/Stoomvaart_Maatschappij_Zeeland

VlissingerPostRoute

 

Matrozenmuiterij in Catarro

Rond de middag van 1 februari 1918 slaan manschappen aan boord van een Oostenrijks-Hongaarse kruiser die voor anker ligt in Catarro (nu Kotor, Montenegro) aan het muiten. Net op het ogenblik dat de officieren aan tafel gaan en het orkest begint te spelen, is er rumoer aan dek. Een toegesnelde officier krijgt een kogel in het lichaam. De opstandelingen weigeren een dokter naderbij te laten komen. Ze protesteren tegen een teveel aan fysieke training en de slechte voedselvoorziening.

Terwijl de muiterij overslaat naar andere schepen, duiken ook politieke eisen op : de mannen willen vrede, minder Oostenrijkse afhankelijkheid van Duitsland en democratisering van de overheid.

’s Anderendaags bloedt de muiterij dood. Alle achthonderd betrokkenen worden gearresteerd en vier van de leiders (Franz Rasch, Anton GrabarJerko Sisgorić en Mate Berničevič) worden berecht, veroordeeld en vervolgens terechtgesteld op 11 februari 1918.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
https://de.wikipedia.org/wiki/Oesterreichische_Marine#Matrosenaufstand_von_Cattaro_Februar_1918
http://www.radio.cz/de/rubrik/geschichte/landratten-zu-wasser-tschechische-matrosen-im-ersten-weltkrieg

Matrosenkappe_KuK_1918

 

 

gasalarm in Diksmuide

Op 29 januari 1918 laat het hoofdkwartier weten dat een grootschalig gasbombardement werd uitgevoerd op de Belgen ten zuiden van Diksmuide. Ze horen overal gasalarm weerklinken, maar hebben geen idee van de resultaten. Verpleger Hilarion Thans weet het wel. Het is in zijn hospitaal een tragische dag omdat een loopgracht met slapende soldaten verrast werden door het Duitse gas. Velen zijn al dood als ze aankomen, anderen zieltogen en het schuim staat op hun lippen als rode sneeuw. Hij helpt met het toedienen van zuurstof. Dan treedt er even verbetering op, maar daarna begint hun adem te jagen. Het gezicht verraadt plotse benauwdheid. Dan volgt de dood. “Ze strekten de benen uit en stierven” noteert hij in zijn dagboek. Na 24 uur telt Hilarion veertien doden.

Dat de Belgen uit zijn op wraak, valt te begrijpen. De volgende dag (30 jan 1918) schieten hun kanonnen voor de zoveelste maal naar Diksmuide. De stad is altijd een geschikt doelwit geweest als ze de Duitsers willen doen bloeden. Op het kerkhof bij Adinkerke speelt zich een ander drama af. Het wordt een plechtige begrafenis van de gasdoden. Er zijn wat toespraken, maar er vloeien geen tranen. De erewacht van frontsoldaten presenteert het geweer. Even later ziet onze verpleger “de gehelmde frontmannen” zich verdringen voor de deur van de kantine. Ze roepen om pinten bier.

bron : Luc Vandeweyer, Koning Albert en zijn soldaten, Manteau

loopgraven_diksmuide

 

drukke tijden voor Belgische spionnen

Het is in januari 1918 voor de spionnen meer dan ooit zaak om de transporten over de Duitse spoorwegen te traceren. Typisch voor de groeiende achterdocht bij de inlichtingenofficieren is de nieuwsbrief van 8 januari 1918. Deze keer gaat het om een deserteur uit de Elzas, een soldaat van de 187e infanteriedivisie. Hij heeft in het station van Gent Oostenrijkse troepen en artillerie en ook Bulgaren gezien. Die vreemde troepen moesten daar van de trein met het oog op hun inzet aan het front in Vlaanderen.

Er wordt geschat dat er midden januari 1918 al vijftien divisies zijn bijgekomen aan het westelijke front. Ze zijn in uitstekende staat en goed bewapend. De divisies die vertrokken, zijn ofwel middelmatig van kwaliteit ofwel zwaar toegetakeld tijdens de recente Britse offensieven. De rapporten van de daarop volgende dagen wijzen evenwel uit dat de meeste nieuwe Duitse divisies naar het westen worden gevoerd via de Franse oost-west spoorlijnen die via Luxemburg, Thionville en Straatsburg lopen. Slechts drie van de negentien getraceerde divisies gebruikten het Belgische spoorwegnetwerk. Dat verschil is zo opvallend dat de Belgen zich afvragen of er soms ernstige problemen zijn op de spoorlijn via Visé naar Tongeren.

De Duitse legerleiding kiest er voor om de beste en jongste elementen uit de divisies in het oosten af te romen en ze als individuen naar het westen te sturen. Voor een groot deel van die mannen is een tijdelijk oponthoud voorzien in Leopoldsburg of een ander opleidingscentrum in Limburg. Het zijn deze soldaten die via de spoorlijnen door Luik en Visé naar het westen komen. Het aantal soldaten in opleiding in Limburg neemt daardoor fors toe. De aangroei is zo opvallend dat sommige spionnen in de streek het cijfer 150.000 laten vallen als ze willen aangeven hoe groot de Duitse militaire aanwezigheid in de kampen en op de oefenterreinen wel is.

de tekening hieronder is van de Duitse schilder Albert Leistner en is getiteld “Abfahrt ins Feld von Leipzig am Ostersonntag, 1916”

bron : Luc Vandeweyer, Koning Albert en zijn soldaten, Manteau

AlbrechtLestner_AbfahrtInsFeld

 

dood van John McCrae

John McCrae, onvergetelijk omwille van zijn gedicht “in Flanders Fields” overlijdt op 28 januari 1918 aan een longontsteking in het Canadese militaire hospitaal in Boulogne, waar hij dienstdoende commandant is. Zijn graf bevindt zich enkele kilometers buiten de stad.

Hij schreef zijn wereldvermaarde gedicht in een bunker in Boezinge. De eerste strofe zoals hij die schreef op 8 december 1915 (vertaling P. Ostyn)

Op Vlaamse velden bloeien klaprozen
in rijen tussen witte kruisen
die onze plaatsen wijzen; en in de hemel
vliegen leuweriken en zingen dapper
maar onhoorbaar door het kanongebulder

Toeristische tip : Nabij Essex Farm cemetery (Diksmuideweg, Boezinge) is de bunker waarin John McCrae zijn onsterfelijk gedicht schreef. Op de site staan diverse informatieborden.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

JohnMcCrae_1918

burgeroorlog in Finland

Finland is onderdeel van het Russische rijk als de Grote Oorlog uitbreekt in 1914. Na de val van de tsaar streven de Finnen naar onafhankelijkheid. Op 4 januari 1918 wordt die ook door de Sovjet-Unie herkend (lees daarover meer op deze pagina).

De Finse burgeroorlog start op 27 januari 1918 als in Helsinki een rode lantaarn wordt gehesen op het Huis van de Arbeider als signaal om de revolutie te starten. Bataljons van de Rode Garde bezetten politiecommissariaten, het station, de senaat en andere belangrijke gebouwen van de stad. Ze vormen een rode regering onder leiding van Kullervo Manner. Het parlement wordt vervangen door een arbeidersraad. Alle kranten worden verboden, enkel de krant “Työmies” (“de arbeider) is toegelaten.

De Witten roepen Vaasa uit tot hun hoofdstad en ontwapenen het aanwezige Russische garnizoen. De voormalige tsaristische generaal Carl Gustaf Mannerheim wordt opperbevelhebber van het Witte leger. Het eerste treffen tussen de Roden en de Witten vindt plaats in Tavetti (Karelië) waar Lauri Pelkonen het eerste slachtoffer aan de kant van de Witten is.

bronnen
http://www.palasuomenhistoriaa.net/en/?Turning_points_in_Finnish_history_The_1918_Civil_War_The_outbreak_of_war

https://miepvonsydow.wordpress.com/2014/01/12/white-guards-in-vasa-at-the-beginning-of-the-finnish-civil-war-ca-1918/Finland_WitteGarde_1918

Gentse feesten op zijn Duits

Zoals op tal van andere plaatsen vieren de Duitsers ook in Gent op 27 januari 1918 de 59e verjaardag van keizer Wilhelm II. In haar oorlogsdagboeken vertelt de in Gent wonende Virginie Loveling dat de feestelijkheden daar al de avond voordien begonnen met een indrukwekkende fakkeltocht door de straten.

Op 27 januari 1918 heeft er op het Sint-Pietersplein een vreugdebetoging plaats waaraan naar verluidt zowat drieduizend militairen deelnemen. Virginie Loveling vertelt verder

In ontelbare cohorten, voorafgegaan door twee muziekkorpsen, kwamen er reeksen op paradestap door de Citadellaan afgedaald en langs de Kunstlaan was het gewoel van soldaten, burgerlijken met de driekleurige band rond de arm , mannen en vrouwen, zo groot, dat er moeilijk tussendoor te geraken was.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Gent_Parade01