Polen vechten voor Lviv

Als Oostenrijk-Hongarije uiteenvalt, breekt er een conflict uit tussen de Polen en de Oekraïners om het bezit van Galicië. Op 1 november 1918 wordt de westelijke Oekraïense nationale republiek uitgeroepen. Na zware evechten drijven de Polen de Oekraïners uit Lviv (oude naam Lemberg) op 21 november 1918. Bij ongeregeldheden en opstootjes van 22 tot 24 november 1918, worden een groot aantal Joodse burgers gedood of gewond. Hun huizen en de huizen van de Oekraïners worden geplunderd en afgebrand. Ondanks bemiddelingspogingen door de Entente duurt de oorlog nog tot juli 1919. Met het verdrag van Warschau, getekend op 21 april 1920, eindigen de vijandelijkheden tussen de Poolse republiek en de Oekraïense volksrepubliek. Dit verdrag erkent de Poolse veroveringen in westelijk Oekraïne en de grens lans de Zbruch rivier.

Bron : https://encyclopedia.1914-1918-online.net/article/lvivlemberg

Duitse vloot in Scapa Flow

In uitvoering van de bepalingen van de wapenstilstand van 11 november 1918 gaat de Duitse Hochseeflotte op 21 november 1918 voor anker in de Britse marinehaven van Scapa Flow, op de Orkney eilanden. De oorlogsvloot omvat onder meer 11 slagschepen, 8 kruisers en 48 torpedojagers.

Op 21 juni 1919 liggen de schepen nog steeds in Scapa Flow, maar dan geeft de Duitse bevelhebber admiraal Ludwig von Reuter het bevel om de eigen schepen tot zinken te brengen om te beletten dat ze in Britse handen vallen. Hij reageert daarmee wellicht op de bepalingen in de vrede van Versailles die een week later ondertekend wordt en waarin de overdracht van de Hochseeflotte voorzien is. 

Van de 74 Duitse schepen zinken er 54. Daarbij komen negen Duitse bemanningsleden om het leven : de laatste slachtoffers van de vreselijke eerste wereldoorlog.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Onderstaande schilderij toont de HMS Cardiff die de Duitse schepen naar Scapa Flow begeleidt. Ik heb niet kunnen terugvinden van wie dit schilderij is. 

BHC0670: HMS ‘Cardiff ‘ leading the German High Seas Fleet to surrender in the Firth of Forth, 21 November 1918



Amerikanen bezetten Rijnland

Het Amerikaans 3e leger begint op 17 november 1918 aan de bezetting van Duitsland, zoals overeengekomen bij de wapenstilstand. Uiteindelijk zullen ze op 15 december 1918 hun hoofdkwartier vestigen in Koblenz. Dan telt dit leger zo’n 230.000 manschappen. Dit 3e leger is samengesteld in Frankrijk op 7 november, nog voor de wapenstilstand dus. Een week later komt generaal-majoor Joseph Dickman aan het hoofd ervan. Op 2 juli 1919 wordt deze troepenmacht ontbonden, enkele dagen na de ondertekening van het verdrag van Versailles.

bron : oorlogskalender 2014-2018 , Davidsfonds

Hongaarse republiek uitgeroepen

Nadat de Hongaren de Oostenrijkse keizer aan de deur zetten op 31 oktober, roepen zij op 16 november 1918 de republiek uit. Mihaly Karolyi, sinds 25 oktober 1918 voorzitter van de revolutionaire nationale raad, wordt de eerste president van de Hongaarse republiek. Na eeuwenlange Habsburgse overheersing wordt het land onafhankelijk.

Karoly komt met een hervormingsprogramma voor de dag en als blijk van zijn goede wil verdeelt hij zijn uitgebreide landerijen onder de boeren. Toch gaan de hervormingen veel te traag, waardoor hij op 16 april 1919 afgezet wordt.

terugtocht van Sulzbach

De hele oorlog lang was Herbert Sulzbach, een Duitse vrijwilliger van het eerste uur, als trotse officier aan het front. Op 12 november 1918 kan hij niet anders dan de nederlaag doorslikken.

Naar Sart-Eustache. Erg aangenaam is het daar niet. Fanatieke Belgen lieten de Belgische vlag boven ons wapperen. De klokken luiden voor de Fransen die achter ons komen binnenmarcheren. We moeten kalm blijven en deze provocatie maar slikken.

Bij de tweede wereldoorlog leert Sulzbach de betekenis van “stank voor dank” maar al te goed kennen : in zijn geliefde vaderland is de oud-officier van Joodse herkomst niet meer gewenst. Hij vlucht naar Groot-Brittannië, neemt dienst in het Britse leger en helpt bij de ondervraging van Duitse krijgsgevangenen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Sulzbach_1918_1945

Duitse keizer doet troonsafstand

Keizer Wilhelm II doet troonsafstand op 9 november 1918. Eerder was er al muiterij in zijn geliefde Kaiserliche Marine, tot zijn grote verbijstering overigens. In het hoofdkwartier van het Duitse leger in Spa krijgt hij te horen dat de officieren en soldaten van het landleger niet zullen vechten voor het behoud van zijn troon. Daarnaast is er ook nog de revolutie die het land in zijn ban krijgt.

Even denkt de van realiteitszin verstoken keizer dat het afstaan van de keizerskroon zal volstaan en hij koning van Pruisen kan blijven. Prins Max von Baden kondigt evenwel de volledige troonsafstand aan. Op 10 november 1918 vlucht Wilhelm Hohenzollern, zoals zijn burgernaam luidt, met de staart tussen de benen per trein naar Nederland. In het verdrag van Versailles (1919) staat later dat de voormalige keizer vervolgd moet worden, maar de Nederlandse koningin Wilhelmina weigert halsstarrig om deze oorlogsmisdadiger uit te leveren.

Op de foto hieronder staat de keizer en zijn gevolg te wachten in het station van Eijsden (Nederland). Hij is de vierde vanaf links, aangeduid door het kruisje.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

WilhelmII_19181109

Revolutie in Munchen

Munchen, 8 november 1918. Op de foto van Heinrich Hoffmann zie je soldaten door de stad lopen. Niet meer in marsformaties, zoals de voorbije vier jaar, maar eerder als voetbalfans na een overwinning van hun club.

Een week eerder is alles begonnen. Op 29 oktober 1918 wil het opperbevel van de Duitse marine in Kiel en Wilhelmshaven  het bevel geven om uit te varen. Men wil een laatste gevecht aangaan met de Britten om de eer te redden. Maar de matrozen voelen daar niet veel voor, nu het einde van de oorlog zo dichtbij is. Op dat moment denkt nog niemand aan een revolutie.  Pas als de muitende matrozen gearresteerd worden, met krijgsgerecht in het vooruitzicht, radicaliseert de beweging. Duizenden matrozen demonstreren om hun kameraden vrij te krijgen. De militaire politie schiet op de demonstranten met negen doden tot gevolg. De matrozen grijpen de macht op de schepen en hijsen de rode vlag. Ze stichten de eerste soldatenraad in Duitsland en ontwapenen hun officieren. Vanuit Kiel en Wilhelmshaven breidt de revolutionaire geest zich uit over Duitsland.

Overal sluiten arbeiders zich aan bij de muitende matrozen en soldaten. Het volk wil vrede. Maar de revolutie is niet gewelddadig. men beperkt zich tot het hijsen van rode vlaggen en het afrukken van de epauletten van de officieren, symbool van hun macht. In Munchen vindt op 7 november 1918 een vredesdemonstratie plaats waarop de USPD politicus Kurt Eisner de revolutie uitroept. Heel wat soldaten sluiten zich daarbij aan. Tegen de avond trekt de menigte naar het koninklijk paleis. Koning Ludwig III van Beieren slaat op de vlucht.  Kort na middernacht roept Eisner Beieren uit als eerste Duitse republiek.

Het zal Eisner niet veel succes brengen. Bij de eerste vrije verkiezingen in januari 1919 behaalt de USPD slechts 2,5 procent. Eind februari 1919 wordt Kurt Eisner door een rechtsradikaal vermoord. Beieren zakt dan verder weg in het politieke geweld.

bron : Guido Knopp, der erste Weltkrieg – die Bilanz in Bildern, Edel

Munchen_19181108

de brug van Nederename

Tijdens de geallieerde opmars rukt de 37e divisie van het Amerikaanse expeditieleger op van Olsene naar Kruishoutem en dan verder naar Heurne en Eine. Vervolgens steekt het 148e regiment van de Buckeye divisie daar de Schelde over naar Nederename.

Op die plek was er eerder een metalen brug, maar de geallieerden hadden die opgeblazen in 1914 om de Duitse opmars te vertragen. De Duitsers bouwden dan een houten noodbrug, maar verwoestten die op hun beurt in oktober 1918 om de geallieerde opmars te hinderen.

Ter nagedachtenis van de slag aan de Schelde schenkt de Amerikaanse staat Ohio, vanwaar veel militairen van de 37e divisie afkomstig waren, een brug over de Schelde tussen Eine en Nederename. Op de uiteinden van de brug staan vier Amerikaanse bizons. In mei 1940 blaast de Britse genie de brug op, maar in 1954 wordt ze vervangen door een nieuw exemplaar, bizons inbegrepen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Eine_Brug_1918_1930

de reddende engel Cher Ami

In de ochtend van 2 oktober 1918 trekken majoor Whittlesey en zijn manschappen op over de dichtbegroeide heuvels van de Argonne.  Samen met de manschappen van het 2de Bataljon onder bevel van kapitein McMurtry bereiken ze tegen de avond hun aanvalsdoel voor die dag.

Wanneer majoor Whittlesey op 3 oktober verneemt dat de eenheden naast hem achtergebleven zijn, merkt hij dat het merendeel van zijn troepen – 554 man sterk – afgesneden is van de hoofdmacht en dat hij volledig omsingeld is door Duitsers. Om 8.50 u stuurt hij een postduif naar het hoofdkwartier met de vraag voor artilleriesteun.

Op 4 oktober meldt Whittlesey dat de nacht al-bij-al rustig verlopen is, hoewel zijn troepen korte tijd onder Amerikaans granaatvuur – ‘friendly fire’ – kwamen te liggen. Hij vraagt dringend proviand en laat weten dat het aantal gewonden snel oploopt.

Nog voor de middag slaakt hij alweer een nieuwe noodkreet  met vraag voor versterkingen per postduif. Meer dan de helft van zijn manschappen is ondertussen dood of gewond, velen als slachtoffer van Amerikaanse granaten.

Eenheden van de 77e divisie proberen de troepen van Whittlesey te ontzetten, maar lukken daar voorlopig niet in. Opnieuw regent het Amerikaanse granaten op de omsingelde manschappen. Ondertussen heeft de Amerikaanse pers lucht gekregen van het dramatische lot van Whittlesey en zijn manschappen. Kranten beschouwen het bataljon ondertussen als verloren en schrijven hen onder de naam ‘the Lost Battalion’ de legende in.

Op 4 oktober 1918 tuurt een wanhopige Whittlesey zijn laatste postduif : Cher Ami, met 11 oorlogsvluchten op zijn actief een veteraan onder de postduiven van het Amerikaanse leger. In zijn bericht meldt Whittlesey nauwkeurig de positie van zijn troepen en vraagt om het friendly fire onmiddellijk te stoppen : ‘Our own artillery is dropping a barrage directly on us. For heaven’s sake, stop it.’.

Zodra Cher Ami vertrekt, wordt zij door de Duitsers onder vuur genomen. Zij krijgt een kogel in de borst en raakt blind aan één oog. Toch slaagt zij erin om het Amerikaanse hoofdkwartier te bereiken, 40 km verderop. Bij haar aankomst hangt één van haar poten nog slechts met een zenuw vast en moet worden geamputeerd. Kort na de dramatische vlucht van Cher Ami stopt het Amerikaanse artillerievuur.

In de Verenigde Staten wordt Cher Ami als een held de hemel ingeprezen. In Frankrijk ontvangt zij het Croix de Guerre. Lang kan Cher Ami niet genieten van deze heldenstatus. Nadat de moedige duif in de zomer van 1919 overlijdt, krijgt haar opgezette lichaam een ereplaats in het Smithsonian Institute, later in het National Museum of American History.

bronhttps://www.vrt.be/vrtnws/100-jaar-geleden-de-duif-cher-ami-redt-het-verloren-bataljon/

CherAmi_1918

legendarische heldendaden van Alvin York

Alvin Cullum York moet een van de meest gedecoreerde gewone soldaten zijn uit deze oorlog. Als hij naar Tennessee terugkeert, is hij drager van bijna vijftig onderscheidingen uit diverse soldaten. Op 8 oktober 1918 verricht hij zijn meest opmerkelijke actie : hij komt terug van het slagveld met liefst 132 gevangenen. Tijdens de gevechten sneuvelen drie hogere officieren in zijn eenheid net als tal van soldaten.

Korporaal Alvin Yorck is de hoogste in rang van de acht overblijvende manschappen en neemt noodgedwongen het bevel. Het lijkt wel of hij niet kan getroffen worden door vijandelijke kogels terwijl hij maar raak blijft schieten. De eerste die zich overgeeft is luitenant Paul Jürgen Vollmer, nadien volgen er steeds meer terwijl Alvin York met zijn groeiende groep gevangenen over het slagveld trekt. Korporaal York wordt daarna bevorderd tot sergeant.

Op basis van zijn dagboek wordt in 1941 een film gemaakt met Gary Cooper in de hoofdrol : Sergeant York. Het schilderij hieronder dat de heldendaden van Alvin Yorck herdenkt is van Frank Schoonover.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

FrankSchoonover_Alvin_C_York_Painting_1918