aanleg van een mijnenveld

Op 2 mei 1918 voltooit de USS Baltimore haar taak in het Noorderkanaal, een zeestraat tussen Groot-Brittannië en Ierland. Sinds 13 april werden er ongeveer negenhonderd diepzeemijnen gelegd. Het schip vervoegt nu het Mine Squadron, dat een groot mijnenveld aanlegt tussen de Orkney-eilanden en Ijsland.

De USS Baltimore is een schip met een lange en gevarieerde staat van dienst. Sinds de tewaterlating in 1888 deed het schip zo ongeveer de hele wereld aan. Deze stoomboot was aanwezig in Chileense wateren tijdens de Chileense revolutie, beschermde Amerikaanse handelsbelangen in de Indische Oceaan, was actief in Hongkong en Havana, beschoot de vijand tijdens de Spaans-Amerikaanse oorlog en patrouilleerde op de Middellandse zee. Ze werd omgebouwd tot mijnenlegger en diende later als oefenschip.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Uss_baltimore_1918

USS Baltimore

 

Spaanse griep in Fort Riley

Een precieze datum vaststellen voor de uitbraak van een pandemie als die van de Spaanse griep is onmogelijk. Algemeen wordt de datum van 5 maart 1918 aanvaard omdat een wetenschappelijk artikel uit 1921 die datum vermeldt als het begin van de uitbraak van deze epidemie op de Amerikaanse militaire basis Fort Riley nabij Manhattan, Kansas.

Nauwelijks een maand later is de ziekte al aanwezig op diverse militaire basissen in Europa. Het eerste Belgische geval van Spaanse griep duikt op in het militair hospitaal van Cabour (Adinkerke) op 27 april 1918. Spanje is het eerste Europese land waar de ziekte zich ook sterk verspreidt onder de gewone bevolking, niet alleen bij de militairen. Vandaar de naam Spaanse griep. Het precieze aantal doden wereldwijd van deze ziekte is niet precies te bepalen, maar cijfers van 20 of 40 miljoen en zelfs meer worden vermeld,

bron : oorlogskalender 204-2018, Davidsfonds

SpaanseGriep_FortRiley

de ziekenboeg in Fort Riley

sergeant Stubby

Op 5 februari 1918 ging hij de loopgraven van de Chemin des Dames in, ten noorden van Soissons. Hij lag meer dan een maand dag en nacht onder vuur. De herrie en stress die een aanslag vormden op de zenuwen van vele van zijn kameraden, tastten Stubby’s stemming niet aan. Zeker was hij zich bewust van het gevaar. Zijn boze gehuil als de slag voortduurde en zijn razende geblaf terwijl hij van de ene kant van de loopgraven naar de andere rende, toonden dat wel aan. Maar hij scheen te weten dat de grootste verdienste die hij kon leveren, het brengen van troost en vrolijkheid was.

Zo begint in 1926 het in memoriam voor sergeant Stubby, de meest gedecoreerde hond van de eerste wereldoorlog. Stubby (Stompje), zo genoemd vanwege zijn staartje, is uit de VS meegemsokkeld door korporaal Robert Conroy. Stubby verblijft de rest van de oorlog bij zijn baasje, hoewel de hond meerdere malen gewond raakt door granaatscherven en bij gasaanvallen. Hij is zo geliefd dat hij in het ziekenhuis van het Rode Kruis bijna als een mens behandeld wordt. Stubby treedt op als verzorgingshond die het slagveld afzoekt naar gewonde soldaten om hun troost te bieden, dan wel om de hospikken te waarschuwen. Na de bevrijding van Château-Thierry maken de vrouwen van de stad speciaal voor hem een geitenleren dekje, waar zijn medailles en lintjes aanhingen.

bron : Roel Tanja, een korte geschiedenis van de eerste wereldoorlog, BBNC uitgevers

SergeantStubby_1918

Sokken voor de jongens

Vanaf begin 1915 bewegen in Canada massaal breinaalden heen en weer. In antwoord op een oproep van enkele officieren beginnen groepjes dames grote hoeveelheden sokken te breinen voor de Canadese militairen aan het front in Europa. “Socks for the boys” zoals de actie weldra heet, heeft zowel een fysieke als een mentale impact : drogen voeten en een gevoel van steun van het thuisfront. Wie meer wil weten over het belang van propere kousen in oorlogstijd, kan eens googelen op de termen “loopgraafvoet” of “trench feet”. Een slechte verzorging van voeten en gebrek aan propere kousen kon zelfs leiden tot amputatie van tenen of een deel van de voet.

Sergeant-majoor Beswick, een van de vele soldaten die sokken krijgt, schrijft op 27 december 1917 een dankbrief aan Marion Simpson, een van de vrouwen achter de organisatie.

Lieve mevrouw Simpson, ik heb uw schattig pakje goed ontvangen en volgens uw instructies heb ik het pas geopend op kerstdag. Ik kan u verzekeren dat de inhoud zeer op prijs werd gesteld. Rekening houdend met het feit dat ik van dienst was die dag, was het toch een aangename dag. Het weer was ideaal : er vielen enkele centimeters sneeuw en er was genoeg vorst in de lucht om te denken dat ik in Canada was.

bronnen :
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
https://nl.wikipedia.org/wiki/Loopgraafvoet

SocksForTheBoys

de explosie van Halifax

Halifax, Nova Scotia, is een belangrijke haven en marinebasis in Canada. Tijdens de Groote Oorlog neemt het belang toe van deze haven, ook al omdat ze  constant ijsvrij is. Bovendien beschikt ze over goede treinverbindingen met het hinterland in Canada en de Verenigde Staten. Halifax wordt zo een belangrijk vertrekpunt voor oorlogsvoorraden en troepenschepen.

Het verkeer van de haven naar de Atlantische oceaan verloopt via een engte (“the Narrows”). Het verkeer in die engte volgt de gebruikelijke regels : uitgaande schepen kiezen de westelijke vaargeul aan de kant van Halifax. Inkomende schepen kiezen de oostelijke vaargeul aan de kant van Dartmouth.

Op 6 december 1917 voltrekt zich een ramp in Halifax. De hoofdrolspelers zijn twee schepen : het Noorse schip Imo, die op weg is met voedsel naar België en het Franse schip Mont Blanc, die geladen is met munitie en zeer ontvlambaar benzeen. Beide schepen zetten zich om 7u30 in beweging. De Imo verlaat de haven van Halifax, maar ontmoet een schip dat aan de verkeerde kant vaart. Daardoor kiest de Imo de oostelijke vaargeul. Vervolgens passeert het Noors schip een sleepboot die ook aan de verkeerde kant vaart. De Imo blijft dus maar in de oostelijke vaargeul maar ziet daardoor de Mont Blanc naderen die de haven binnenvaart.

Beide schepen geven een fluitsignaal om aan te geven dat ze op hun koers willen blijven. Pas op het laatste nippertje geven beide kapiteins het bevel om een botsing te vermijden, maar het is te laat. Door de botsing om 8u45 ontstaat er brand aan boord van de Mont Blanc. De brand grijpt snel om zich heen en kapitein Le Médec geeft het bevel het schip te verlaten. Het schip ontploft om 9u04 en het is de tot dan toe grootste ontploffing ooit veroorzaakt door de mens. De Mont Blanc wordt vernietigd in een vuurbal die een hoogte van bijna 2 kilometer bereikt en wordt gevolgd door een paddenstoelwolk. De ontploffing veroorzaakt ook een vloedgolf die zich op de kade werpt. De ontploffing werpt ook brokstukken van het schip tot 5 kilometer ver.

VinceColeman_Halifax_1917In Halifax vallen er 2.000 doden en 9.000 gewonden, waarvan 6.000 ernstig. Deze aantallen hadden nog groter kunnen zijn als Vince Coleman zich niet had opgeofferd. Coleman werkt als treindienstleider en weet dat er een passagierstrein binnen enkele minuten zal aankomen. Hij blijft op zijn post en stuurt enkele minuten voor de fatale klap zijn laatste telegram.

Stop de trein. Munitieschip in brand in de haven. Nadert Pier 6 en gaat ontploffen. Dit zal mijn laatste bericht wel worden. Vaarwel.

Dit bericht van Coleman brengt alle treinen op weg naar Halifax tot stilstand waardoor er ongetwijfeld levens zijn gered.

Een korte samenvatting van de explosie en de gebeurtenissen die eraan vooraf gaan, vind je in onderstaande filmpje. De foto van de wolk hieronder is vermoedelijk 20 seconden na de explosie gemaakt.

Halifax_Explosion_blast_cloud_restored

bronnen
http://www.thecanadianencyclopedia.ca/en/article/halifax-explosion/
https://nl.wikipedia.org/wiki/Explosie_van_Halifax

 

nacht van terreur voor suffragettes

Bij het begin van de oorlog is er in diverse landen een stille overeenkomst tussen de partijen om de strijd voor bepaalde rechten op te schorten tot na de oorlog. De eis voor vrouwenstemrecht is er daar één van. Vrouwen die voor het stemrecht opkomen, worden aangeduid met de term sufragettes (denk aan het Franse woord suffrage universel – algemeen stemrecht).

In de Verenigde Staten denkt de National Woman Party daar anders over. Als Woodrow Wilson president wordt in januari 1917, betogen vrouwen aan het Witte Huis  voor hun stemrecht. De voornaamste leiders van de National Woman Party zijn Lucy Burns en Alice Paul. Zij klagen dagelijks de hypocrisie van president Wilson aan die “de democratie in de ganse wereld wil brengen” terwijl er in eigen land geen democratie is voor de vrouwen.

Lucy Burns and Kaiser Wilson banner 1917

De arrestaties beginnen in juni 1917. Vaak was de aanklacht het hinderen van het verkeer, maar vele gevangenisbewakers beschouwen de suffragettes als verraders. In het Occoquan Workhouse (Virginia) krijgen de vrouwen slecht eten en wordt hun het recht op medische verzorging en bezoek ontzegd. Ze vragen de status aan van politieke gevangene maar ook dat wordt geweigerd.

 

Zodra de vrouwen hun gevangenisstraf hebben uitgezeten, keren ze terug naar het Witte Huis om opnieuw te betogen voor vrouwenstemrecht. De suffragettes krijgen ook meer en meer steun van andere vrouwen voor de hekken van het Witte Huis. In november 1917 neemt het aantal betogingen en arrestaties evenredig toe.

Op 14 november 1917 krijgt een groep van 33 gearresteerde suffragettes een bijzonder gewelddadig welkom in het Occoquan Workhouse. 44 gevangenisbewakers slagen de 33 vrouwen, waaronder een vrouw van 73 jaar, met matrakken. Deze gebeurtenis staat bekend als de nacht van terreur (night of terror). Ook tijdens de volgende dagen worden de vrouwen mishandeld en krijgen ze slecht eten. Als ze een hongerstaking beginnen, worden sommige vrouwen, waaronder Alice Paul , onder dwang gevoed. De video bij dit bericht is een fragment uit de TV-film “Iron Jawed Angels” waarin Hillary Swank in de rol van Alice Paul onder dwang gevoed wordt.

De brutale nacht van terreur blijkt achteraf een keerpunt te zijn. Minder dan twee weken later zal een gerechtelijke commissie de mishandelde vrouwen aan het woord laten. De rechter oordeelt dat deze vrouwen het grondwettelijk recht hebben om te protesteren. Het zal nog drie jaar duren voor de vrouwen in de Verenigde Staten stemrecht hebben. De Belgische vrouwen moeten echter wachten tot na de tweede wereldoorlog.

bron : http://womensenews.org/2004/10/night-terror-leads-womens-vote-1917/

 

de enige Vlaming op Tyne Cot

Op Tyne Cot Cemetery ligt er één enkele Vlaming begraven : korporaal Richard Verhaeghe, die sneuvelt op 30 oktober 1917 op 39-jarige leeftijd, weliswaar in Canadese dienst.

In het begin van de 20e eeuw emigreert hij van de streek rond Brugge naar Canada, waar hij zich vestigt in Saskatoon (Sakatchewan), samen met zijn vrouw Augusta. In 1915 meldt Richard zich als vrijwilliger bij het 5th Batallion Canadian Mounted Rifles. In de volgen de jaren vecht deze ruiterbrigade onder meer aan de Somme en in Passendale.

Korporaal Richard Verhaeghe sterft tijdens de slag bij Passendale tijdens een aanval op Duitse stellingen in het bos Woodlands Plantation dat er eerder uitziet als een moeras.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

RichardVerhaeghe_1917.jpeg