arrestatie van Victor Spencer

Britse soldaten houden soldaat Victor Manson Spencer (New Zealand Expeditionary Force) aan op 2 januari 1918 nadat hij in augustus 1917 al voor de tweede keer deserteerde. Ditmaal kent het krijgsgerecht geen genade : op 24 februari 1918 volgt zijn terechtstelling.

Zijn graf vind je op The Huts Cemetery in perk XV. Naast hem rust soldaat Henry Hughes, die eveneens geëxecuteerd werd om disciplinaire redenen. Hij deserteerde terwijl de over hem uitgesproken doodstraf voorlopig was opgeschort.

Victor Spencer mag dan voor desertie veroordeeld worden; hij is geen angsthaas. Hij heeft zich in 1915 als vrijwilliger aangeboden en heeft dat jaar in  Gallipoli gevochten. Daarna is hij naar het westelijk front gestuurd. In juli 1916 blijft zijn bataljon een maand in de hevigste beschietingen in de eerste linies nabij Armentières. En dat heeft zijn tol geëist. Hij verblijft een maand in het hospitaal voor wat ze dan “shell shock” noemen. Hij deserteert een eerste maal en wordt tot negen maanden dwangarbeid veroordeeld. Daarna wordt hij terug naar de vuurlinie gestuurd. Hij deserteert een tweede keer en wordt daarna opgepakt als hij schuilt bij een Franse vrouw en haar 2 kinderen. Hij zal nooit meer kunnen vluchten…

In september 2000 krijgt Victor Manson en vier andere soldaten postuum gratie als het Nieuw-Zeelandse parlement stemt voor de Pardon for Soldiers of the Great War Act.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
https://nzhistory.govt.nz/media/video/executed-five-great-war-story

VictorMansonSpencer_1918

 

 

slecht jaareinde voor de Maori’s

Vroeg in de ochtend van 31 december 1917 komt er een granaat terecht in het Maori Pioneer Battalion, dat geleid wordt door luitenant Joseph Paku. Zes Maori’s sterven ter plekke, op het kruispunt van de Zonnebeekseweg en de huidige Jan Ypermanstraat in Ieper. Allemaal liggen ze begraven op het Ramparts Cemetery in Ieper.

Net als ongeveer 2500 andere Maori’s dienden zij in het Nieuw-Zeelandse leger. Bij datzelfde leger horen ook mensen van de Polynesische eilanden, onder meer van de Cookeilanden Gojim Rarotonga, Tonga, Samoa…

Zonder twijfel een van de mooist gelegen begraafplaatsen in Flanders Fields is Ramparts Cemetery op de Vesten, op 50 meter van de Rijselpoort in Ieper. Daar rusten 197 militairen uit het Britse Gemenebest, onder wie dus ook de zes voormelde Maori’s.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

MaoriPioneerBattalion_1917

executie van John King

In Steenwerck (noord-Frankrijk) executeren Nieuw-Zeelandse manschappen op 19 augustus 1917 soldaat John King, een 22-jarige Nieuw-Zeelander van Australische afkomst die vrijwillig in dienst was getreden. Hij ligt begraven op Trois Arbres Cemetery in Steenwerck (6 kilometer van Bailleul). John King rust hier reeds als het dorp op 10 april 1918 in Duitse handen valt.

In 2007 keurt de Nieuw-Zeelandse regering de Pardon for Soldiers of the Great War Act goed, waarmee ze een laatste eer bewijzen aan soldaten die bij wijze van voorbeeld geëxecuteerd waren. De regering wenst daarmee uit te drukken dat hun veroordeling onrechtvaardig is. Zeven jaar later is een delegatie in Steenwerck om daar het eerherstel van John King aan te kondigen.

Op Trois Arbres Cemetery (Steenwerck, Frans-Vlaanderen) rusten 1074 manschappen uit het Gemenebest onder wie 213 Nieuw-Zeelanders en 470 Australiërs. Vier van hen zijn zogenaamde shot at dawns (geëxecuteerd in de ochtend wegens desertie).

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

ShotAtDawn

Duel met de Möwe

Vroeg in de ochtend van 10 maart 1917 bemerkt de Möwe op de Atlantische oceaan het stoomschip Esmeralda, dat op weg is naar Baltimore (VS) met een lading goederen. Het Duitse schip is gespecialiseerd in het aanvallen van koopvaardijschepen maar is ook actief als mijnenlegger. De bemanning van de Esmeralda wordt van boord gehaald en het schip tot zinken gebracht met explosieven.

Op dat ogenblik duikt het Nieuw-Zeelandse schip Otaki op. ter verdediging heeft het één 4.7 inch-kanon aan boord. De Otaki treft meermaals doel vooraleer de Duitsers in een goede schietpositie komen. Maar dan volgt ook meteen een voltreffer : na een gevecht van iets meer dan een kwartier kapseist de Nieuw-Zeelander en zinkt. De zwaar gehavende Möwe kan nog zijn thuisbasis bereiken.

Na de oorlog wordt Archibald Smith, de kapitein van het Nieuw-Zeelandse schip postuum bevorderd tot (tijdelijk) luitenant van de Royal Naval Reserve. Die bevordering is nodig om hem het hoog gewaardeerde Victoria Cross te kunnen schenken. Die onderscheiding is immers alleen bedoeld voor militairen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

SS_Otaki_sinking1917.jpg

de laatste dagen van Henare Mokena

HenareMokena1916.jpgTweede luitenant Henare Mokena, afkomstig van Te Araroa, het meest westelijke puntje van Nieuw-Zeeland, ligt te wachten totdat hij sterft op een draagberrie in een schuilplaats ergens in het gebied van de Somme. In zijn ene hand heeft hij een brandende sigaret, de andere is toegetakeld door een ghranaat.

Hij ziet er gelukkig uit, maar weet dat hij gaat sterven. Peter Buck, een hogere in rang, komt hem bezoeken en op de vraag hoe het het hem gaat, antwoordt Mokena in zijn eigen taal :”Ka nui te kino” (het ziet er zeer slecht uit).

Twee dagen, op 16 september 1916, later sterft de 26-jarige Henare Mokena. Vooraleer ze thuis weten dat hij er niet meer is, is hij hier allang begraven.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds