Britten trekken terug nabij Cambrai

Hoewel veldmaarschalk sir Douglas Haig, bevelhebber van de British Expeditionary Force, in allerijl versterkingen heeft gestuurd naar Cambrai zodat de Duitse tegenaanval de linie van generaal sir Julian Byngs 3e leger niet kunnen doorbreken, besluit hij op 3 december 1917 zijn troepen terug te trekken naar de posities die ze innamen voor het gevecht begon op 20 november.

Haigs bevel beëindigt het gevecht op de 5e december. Aan Britse en Duitse zijde zijn ongeveer evenveel slachtoffers gevallen : zo’n 40.000 soldaten. De Britten hebben 11.000 soldaten gevangen genomen. de Duitsers 9.000. Cambrai zet echter twee belangrijke zaken in de verf. Ten eerste hoeven offensieven niet voorafgegaan te worden door langdurige artilleriebombardementen om succesvol te zijn. Ten tweede kan de massale inzet van tanks  een grote doorbraak forceren, ondanks hun technische onbetrouwbaarheid en kwetsbaarheid voor vijandelijk vuur. Beide partijen nemen deze les ter harte voor het offensief dat ze plannen voor 1918.

bron : Ian Westwell, 1914 – 1918 – de eerste wereldoorlog dag na dag, deltas

Cambrai_191712

slachtpartij bij maanlicht

Omwille van het uitzicht dat de Duitsers op een aantal plaatsen in Passendale hebben, kunnen aanvallen eigenlijk alleen maar ’s nachts uitgevoerd worden. 

Op 2 december 1917, om 1u55 sluipen de Britten de vijandige linies tot op 500 meter en vallen dan aan. Zodra hun silhouetten zichtbaar worden tegen de maanverlichte hemel, worden ze neergemaaid door een moordend kruisvuur. De manschappen verliezen de richting en proberen door elkaar heen voort te strompelen op de moerassige ondergrond. Er heerst absolute chaos. 

Bij het 2e bataljon van de King’s Own Yorkshire Light Infantry zijn er tientallen doden, 120 gewonden en veel vermisten. Onder de vermisten zijn ook de soldaten Albert Cooksey en David Connerty. Allebei hun namen komen voor op de panelen van Tyne Cot Cemetery. 

Bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds 

De tekening hieronder komt van de FB pagina https://www.facebook.com/TheGreatWar191418

Passendale_19171202

raid van Rommel

Op 24 oktober 1917 begint de slag van Caporetto (lees meer daarover in dit bericht). In deze slag gebruikten Duitse en Oostenrijks-Hongaarse divisies de nieuwe tactieken ontwikkeld door de stormtroepen : het vermijden van sterke concentraties vijandelijke soldaten en kiezen voor diepe infiltratie.  De slag zou duren tot 19 november 1917 als de Duits-Oostenrijks-Hongaarse opmars gestopt wordt.

Tijdens deze slag is er één Duitse officier die erin slaagt om op 2 dagen tijd 9.000 Italianen krijgsgevangen te maken en 3 bergtoppen te veroveren op 2 dagen tijd : Erwin Rommel. Hij is commandant van het Württembergisches Gebirgs-Bataillon. Dit bataljon start aan de slag ten zuiden van Tolmino en staErwin_Rommelat tegenover 3 bergtoppen : Monte Cragonza, Mrzli en Matajur. Tijdens de opmars kiest het bataljon ervoor om frontale aanvallen te vermijden en in plaats daarvan via onverwachte paden de Italianen aan te vallen daar waar ze niet verwacht worden. Monte Cragonza wordt zo ingenomen na een nachtelijke klim. Tussen de toppen van Mrzli en Matajur slagen de Duitsers erin 1500 Italianen tot overgave te dwingen. Als Rommel de Matajur wil aanvallen, roept majoor Sproesser zijn bataljon terug. De grote aantallen krijgsgevangenen geven hem de indruk dat het doel al bereikt is.

Rommel houdt echter 100 soldaten en zes machinegeweren achter en vat met deze kleine groep de aanval op de Matajur aan. Voor de Italianen door hebben hoe weinig talrijk de Duitsers zijn, hebben ze zich al overgegeven. Op 2 dagen tijd hebben Rommels soldaten vijf Italiaanse regimenten vernietigd en 9.000 krijgsgevangenen gemaakt. Het bataljon verliest 36 soldaten, waarvan er zes sneuvelen.

bron
http://michaeltfassbender.com/nonfiction/the-world-wars/battles-and-campaigns/rommel-at-caporetto-1917/

 

 

 

de slag bij Caporetto

de slag bij Caporetto

De slag bij Caporetto of twaalfde slag bij de Isonzo is een gecombineerde Oostenrijks-Hongaarse en Duitse actie waarbij de Italiaanse linies doorbroken worden. De eerste elf slagen zijn allemaal overbodig geweest wat terreinwinst betreft, maar ze hebben het Oostenrijks-Hongaarse leger wel ernstig uitgeput. Paul von Hindenburg en Erich Ludendorff schieten daarom met 6 Duitse divisies te hulp. De Italiaanse opperbevelhebber Luigi Cadorna heeft via deserteurs en vliegtuigverkenningen wel door dat de Duitsers er activiteiten ontwikkelen maar weet niet op welke schaal.

Onder bevel van generaal Otto von Below gaan 9 Oostenrijks-Hongaarse en 6 Duitse divisies op 24 oktober 1917 bij Caporetto in de aanval. De verwachtingen zijn laag en de aanval is meer bedoeld om de Oostenrijkers wat lucht te verschaffen. Begeleid door bombardementen, gasaanvallen en rookgordijnen rukken de Duitsers en Oostenrijks-Hongaarse soldaten op en rennen dwars door de Italiaanse verdediging heen. De eerste dag rukken ze 25 kilometer op. De Italianen kunnen zich pas 30 kilometer ten noorden van Venetië reorganiseren.

De slag kost het Italiaanse leger 300.000 man van wie 90% krijgsgevangen wordt gemaakt. Cadorna wordt ontslagen en er komt een nieuwe premier aan de macht Vittorio Orlando. Nu de Duitsers er zitten, sturen ook de Fransen 6 divisies en de Engelsen 5 divisies naar Italië.

bron : Roel Tanja, een korte geschiendenis van de eerste wereldoorlog, BBNC uitgevers

Caporetto1917_02.jpg

het verdriet van Eernegem

De bevolking van Eernegem kent relatief weinig burgerdoden in de loop van de eerste wereldoorlog, behalve dan op 22 oktober 1917. Het dorp wordt in diepe rouw gedompeld nadat in Vladslo een obus terechtkomt te midden van een groepje opgeëiste jongeren afkomstig van Eernegem. De slachtoffers zijn Adriaan Bonny, Oscar Bonny, Maurice Broucke, Remi Callewaert, Florent Debussche, Edward Declerck, Maurice Samyn en Albert Spaens. Twee dagen later worden ze allemaal begraven.

Onder de militairen telt Eernegem veertig doden. Voor deze helden wordt na de oorlog het monument van de ‘treurende moeder’ opgericht.

Eenmaal ontsnapte Eernegem aan een grote ramp. In de eerste nacht van de bezetting in 1914 wordt er een Duitse soldaat vermoord. De Duitsers nemen een aantal gijzelaars en dreigen het dorp plat te branden indien er tegen ’s anderendaags geen 30.000 frank overhandigd wordt.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Eernegem_oorlogsmonument

Gontrode een eeuw later

Op 28 september 1917 stort een Duitse Gotha bommenwerper neer nabij het Nederlandse  Sas-van-Gent. Daarbij komen de drie Duitsers aan boord om het leven : piloot Emil Haes, Martin Emmler en Heinz Schreiber. Omroep Flevoland stuurde een reporter  om te kijken wat er overblijft van het vliegveld van Gontrode nabij Gent.

bron
http://www.omroepflevoland.nl/nieuws/151635/dronten-duits-oorlogstoestel-woi-crashte-een-eeuw-geleden

 

Martinus Evers houder van de vuurkaart

Na de oorlog kregen de overlevende soldaten een bewijs dat de ze Groote Oorlog overleefd hadden. Deze Belgische soldaten werden houder van de vuurkaart. Martinus Evers kreeg daarvoor een gedenkpenning, die hieronder staat afgebeeld. Op de achterkant van deze penning staat zijn naam duidelijk te lezen.

MedailleMartinusEvers03