Weer Belgen aan de Nederlandse grens

De Duitsers zijn weg en Belgische soldaten gaan op 6 november 1918 de grens bewaken. Joris Van Severen is een van hen.

Om 7u stappen wij het af naar Sint-Laureins om de Hollandse grens te gaan bewaken. Droevig regenweer. We kijken met kinderlijke belangstelling de Hollandse schildwachten aan en kouten vertrouwelijk met hen. Hoe benijd ik ze en heel dat landeke dat zo vredig is blijven liggen midden het tragische dolle gebeuren, waar de mensen leven en doodgaan zoals “vroeger”, waar zo’n hoog en fijn intellectueel leven bloeit.

De “groten” spelen met duizenden en miljoenen levens, spelen tussen champagneglas of theekop met de miljoenen bloedende moederharten, met de ontzaglijke angst van miljoenen jonge mensen. Ze spelen het duivelse spel en de arme slaven laten spelen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

NederlandseGrens_1918

Hoopvol nieuws met Gent in zicht

Positieve berichten bereiken het front. Onderluitenant Pasquier ziet op 5 november 1918 Gent liggen en kijkt al uit naar Brussel.

In de vroege morgen krijgen we per telefoon prettig nieuws binnen. Oostenrijk ondertekent een wapenstilstand onder verpletterende voorwaarden. Bulgarije is overwonnen en Turkije heeft de vrede ondertekend. Het is niet te geloven.

Ondertussen bereiden we nog een serieuze vuurconcentratie voor om het front te doorbreken. Gisteren zag ik torens en daken van Gent vanaf een hoge uitkijk en wenste dat ze niet door de beschieting zouden worden geschonden. Zie ik binnenkort de torens van Brussel ? Er wordt veel gepraat over een staakt-het-vuren met Duitsland. Zou dit het einde kunnen betekenen van een nachtmerrie die de wereld vier jaar heeft geteisterd ?

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Gent_1918

afgesneden van de achterste linies

Herbert Sulzbach, luitenant bij de Duitse artillerie, noteert het volgende in zijn dagboek :

3 november 1918 : Vandaag ben ik vijftig maanden ten velde. Oostenrijk en Hongarije zijn republieken. Karl I is terecht Karl de laatste genoemd. Enige commentaar op deze drieste tijdingen is volstrekt overbodig, want niets kan uitdrukken wat iedere soldaat nu voelt : wanhoop, woede en verontwaardiging in de hoogste graad. Men zegt zelfs dat de Oostenrijkers hun eigen soldaten en officieren hebben aangevallen en het embleem van het keizerrijk van hun kepi afgerukt.

4 november 1918 : De Fransen beginnen een trommelvuur om 6u45. Het is het hevigste dat ik de voorbije vier jaar heb meegemaakt. De situatie is zeer ernstig. Er is nog een telefoonlijn waar ik mee kan communiceren en ik probeer de commandanten van de andere batterijen aan de lijn te krijgen. Als dat niet lukt, stuur ik boodschappers uit die op gevaar van eigen leven naar de andere batterijen lopen door het trommelvuur. Enige tijd later beginnen ook onze eigen kanonnen een trommelvuur te leggen.

Ondertussen is iedere communicatie onmogelijk geworden, want de Fransen hebben onze achterste linies zodanig onder vuur genomen dat geen enkele telefoonlijn nog werkt. Niemand weet nog wat er aan de hand is. Misschien is de vijand wel doorgebroken en staan we op het punt omsingeld te worden. Mijn kanonnen blijven verder vuren. De boodschappers komen ondertussen terug, samen met andere soldaten. De linies van onze batterij nummer 1 is veroverd door de vijand. Ook batterij nummer 2 is buiten gevecht gesteld. Daarbij is onze kleine luitenant Scholz-Babisch, die we liefdevol “Bube” (boeleke) noemden, gesneuveld. Hij vocht samen met de commandant en de soldaten als de Fransen hun positie bestormden.

’s Avonds krijgen we het bevel om terug te trekken. Valenciennes is verloren gegaan. We trekken ons terug naar de Maas, onze nieuwe verdedigingslinie. Ondertussen ben ik alleen met mijn telefonist en mijn boodschappers en ik weet niet of er nog infanterie achter ons is. Het trommelvuur is gestopt, maar de vijand vuurt nog met geregelde tussenpozen. Om 10u ’s avonds trek ik me met 6 andere soldaten terug. Eerst wilden we de nacht er doorbrengen, maar als we dat gedaan hadden, zouden we krijgsgevangen gemaakt zijn. Iets na middernacht vinden we de linies terug van een Beiers artillerieregiment. We zijn doodmoe en blij dat onze kameraden ons uitnodigen bij hen te blijven slapen.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military

Feldtelefon_19181104

 

Wapenstilstand aan het Italiaanse front

De veldslag om Vittorio Veneto is de genadeslag voor de Kaiserliche und Königliche Armee van Oostenrijk-Hongarije. Het keizerrijk zelf valt uiteen en er onstaan nieuwe landen. In die chaos zijn er heel wat soldaten van het Oostenrijks-Hongaars leger die weigeren verder te vechten. Oostenrijk-Hongarije vraagt daarom een wapenstilstand aan de Italianen.

Op 30 oktober 1918 arriveert generaal Weber von Webenau in Padua, dat in Italiaanse handen was, om over een wapenstilstand te onderhandelen. De hoofdonderhandelaar van de Italianen is luitenant-generaal Pietro Badoglio. De Italiaanse eisen zijn dermate dat de Oostenrijkse generaal geregeld contact moet opnemen met Wenen. Ondertussen gaan de gevechten gewoon door.

Op 3 november 1918 arriveren Weber von Webenau en zes andere Oostenrijks-Hongaarse delegatieleden in de Villa Giusti in Padua, de woning van graaf Giust del Giardino, die tot 1915 senator van het koninkrijk Italië is geweest. Hier moet de wapenstilstand worden getekend. Generaal Badoglio maakt nogmaals de eisen van de Entente over. Weber gaat akkoord met de ontruiming van Val Canale, Triëst, Istrië en Dalmatië, alsook de Brennerpas. Vervolgens krijgen de legers van de Entente 36 uur de tijd om verder op te rukken zonder dat Oostenrijks-Hongaarse troepen hen kunnen hinderen. Als gevolg hiervan bezetten de Italianen gebieden die tot dan toe niet tot het Italiaanse rijk behoren. (Bij gevolg worden nog eens 350.000 Oostenrijks-Hongaarse militaire krijgsgevangen genomen.) Dit laatste stuit aanvankelijk op fel verzet van Weber, maar hij heeft geen andere keus dan in te stemmen met de eisen. Oostenrijk wordt voorts gedwongen haar infrastructuur ter beschikking te stellen van de Entente en de Duitsers die aan Oostenrijks-Hongaarse zijde vechten moeten hun wapens direct neerleggen. Feitelijk komt het wapenstilstandsverdrag neer op een volledige capitulatie.

Het getekende wapenstilstandsverdrag dat in totaal 19 artikelen bevat, gaat op 4 november 1918 om 15:00 uur in.

bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Wapenstilstand_van_Villa_Giusti

VillaGiusti_19181103

 

 

het einde van de Viribus Unitis

De SMS Viribus Unitis (Latijn voor “met vereende krachten”) was een slagschap van de Kaiserliche und Königliche Marine van Oostenrijk-Hongarije. Het schip is gebouwd in 1910-1911 in de toenmalige Oostenrijks-Hongaarse havenstad Trieste.

Aartshertog Franz Ferdinand vaart aan boord van de Viribus Unitis naar Sarajewo in juni 1914. Op 30 juni 1914, na de aanslag in Sarajewo, worden de lijken van Franz Ferdinand en zijn echtgenote aan boord van de Viribus Unitis terug naar Trieste gebracht.

Aan de vooravond van de eerste wereldoorlog helpt het slagschip samen met andere schepen van de Oostenrijks-Hongaarse marine om de Duitse schepen SMS Goeben en Breslau toe te laten te vluchten door de straat van Messsina naar Constantinopel. Daar treden de schepen toe tot de Ottomaanse marine, weliswaar met de oorspronkelijke Duitse bemanning aan boord.

Door de Otranto barrage, waarmee de geallieerden de Adriatische zee afsloten, verlaat het schip nauwelijks de haven van Pola. In mei 1915 neemt de Viribus Unitis nog deel aan een bombardement van de Italiaanse stad Ancona.

In juni 1918  neemt de Viribus Unitis deel aan een aanval op de Otranto barrage. Het doel is om meer schepen van de Centralen toe te laten door de straat van Messina te varen. In de nacht van 8 juni op 9 juni 1918 verlaat admiraal Miklós Horthy met een aantal slagschepen, waaronder de Viribus Unitus, de haven van Pola. Op 10 juni wordt de vloot ontdekt door 2 Italiaanse schepen. De Italianen gaan direct over tot de aanval. Ze slagen erin de Szent Istvan de raken met torpdeo’s alvorens ze moeten vluchten. Het schip zinkt en nu de Italianen op de hoogte zijn van hun komst, besluit admiraal Horthy terug te keren. Dat is ook de laatste actie van de Viribus Unitis.

Eind oktober 1918 is het duidelijk dat Oostenrijk-Hongarije de nederlaag niet meer kan afwenden. De Oostenrijks-Hongaarse marine geeft er de voorkeur aan om de Viribus Unitis te geven aan de nieuw gevormde staat van Slovenen, Kroaten en Serviërs. Het schip wordt op 31 oktober 1918 herdoopt in Jugoslavija.
Op 1 november 1918 gaan twee Italianen Raffaele Paolucci en Raffaele Rossetti op een gemotoriseerde torpedo naar de haven van Pola. Om 4u40 plaatsen ze een mijn op de Jugoslavija. Ze worden betrapt en gevangen genomen. Bij hun ondervraging melden ze de kapitein van het schip dat ze een mijn hebben geplaatst zonder te juiste locatie te geven. Admiral Janko Vuković laat de twee gevangenen overbrengen naar de Tegetthoff en beveelt de evacuatie van de Jugoslavija. Omdat de explosie niet plaats vindt om 6u30, neemt Vuković aan dat de Italianen gelogen hebben. De admiraal en heel wat matrozen gaan terug aan boord van het schip als om 6u44 de mijn alsnog ontploft. De Jugoslavija zinkt in 15 minuten. De admiraal en 300 tot 400 matrozen komen om. Paolucci en Rossetti blijven gevangen tot het einde van de oorlog enkele dagen later en krijgen beide een medaille voor hun heldendaad.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/SMS_Viribus_Unitis

SMS-Viribus-Unitis

 

 

 

Amerikanen bevrijden Oudenaarde

De 91e divisie van het Amerikaanse expeditieleger verovert Oudenaarde op 2 november 1918 zonder grote problemen. Zowat veertigduizend Amerikaanse soldaten zijn betrokken bij de herovering van de Schelderegio. De gesneuvelden rusten op het Amerikaanse kerkhof in Waregem.

Tijdens de voorafgaande gevechten van 1 november raakte de Sint-Walburgakerk zwaar beschadigd aan de oostelijke en zuidelijke kant.

Op het Tacamboraplein (Generaal Persingstraat, Oudenaarde) staat een herdenkingszuil voor de Amerikaanse troepen die in de nabijheid de Schelde overstaken.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Oudenaarde1918

Vittorio Veneto veroverd

In de slag van Vittorio Veneto gaat de Britse, Franse en Italiaanse opmars tegen de Oostenrijks-Hongaarse troepen verder. Zij veroveren Vittorio Veneto op 30 oktober 1918, waarmee ze een wig drijven tussen de Oostenrijks-Hongaarse troepen in noord-Italië. na een week bedraagt de verste opmars 24 km over een front van 56 km.

De Oostenrijks-Hongaarse troepen verbrokkelen zienderogen. Italiaanse soldaten bereiken de linie bij de Tagliamento op 2 november 1918 terwijl Britse en Franse troepen in Trentino snel oprukken naar Trente. Officieel eindigt het gevecht op 3 november 1918. Zo’n 300.000 Oostenrijks-Hongaarse soldaten worden gevangen genomen terwijl de Italianen 38.000 soldaten hebben verloren.

bron : Ian Westwell, de eerste wereldoorlog dag na dag, Deltas

VittorioVeneto_19181101B

de brug van Nederename

Tijdens de geallieerde opmars rukt de 37e divisie van het Amerikaanse expeditieleger op van Olsene naar Kruishoutem en dan verder naar Heurne en Eine. Vervolgens steekt het 148e regiment van de Buckeye divisie daar de Schelde over naar Nederename.

Op die plek was er eerder een metalen brug, maar de geallieerden hadden die opgeblazen in 1914 om de Duitse opmars te vertragen. De Duitsers bouwden dan een houten noodbrug, maar verwoestten die op hun beurt in oktober 1918 om de geallieerde opmars te hinderen.

Ter nagedachtenis van de slag aan de Schelde schenkt de Amerikaanse staat Ohio, vanwaar veel militairen van de 37e divisie afkomstig waren, een brug over de Schelde tussen Eine en Nederename. Op de uiteinden van de brug staan vier Amerikaanse bizons. In mei 1940 blaast de Britse genie de brug op, maar in 1954 wordt ze vervangen door een nieuw exemplaar, bizons inbegrepen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Eine_Brug_1918_1930

het einde van Oostenrijk-Hongarije

De Hongaarse regering zegt op 31 oktober 1918 de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie vaarwel, waarmee die na 51 jaar ophoudt te bestaan. In de voorafgaande dagen hebben ook al anderen het zinkende schip van de monarchie verlaten : de Tsjechen de Slovaken, de Kroaten, de Slovenen.

Anders dan de naam doet uitschijnen, omvatte die dubbelmonarchie niet alleen Oostenrijk en Hongarije maar ooit ook delen van het huidige Slovenië, Bosnië-Herzegovina, Kroatië, Tsjechië, Slovakije, Servië en Roemenië, plus nog een aantal kleinere gebieden elders.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Oostenrijk-Hongarije_19181031

Ottomanen ondertekenen wapenstilstand

Aan boord van de HMS Agamemnon ondertekenen het Ottomaanse Rijk en Groot-Brittannië (namens de geallieerden) op 30 oktober 1918 de wapenstilstand van Mudros. Het schip ligt voor anker in de haven van Mudros, op het Griekse eiland Limnos. Vandaar de naam van het verdrag.

De voornaamste bepaling van het verdrag is dat het Ottomaanse Rijk zich moet terugtrekken binnen de grenzen van voor de oorlog. Daarnaast krijgen de geallieerden diverse strategische punten in handen, zoals forten, spoorlijnen, de tunnels van het Taurusgebergte… Het Ottomaanse leger wordt gedemobiliseerd. Ook krijgen ze het recht om de zes Armeense provincies te bezetten in geval van wanorde.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Agamemnon_at_Mudros