dood in krijgsgevangenschap

Luitenant-kolonel Neville Elliot-Cooper overlijdt op 11 februari 1918 in Hannover in Duitse krijgsgevangenschap. In 1917, als hij op 28-jarige leeftijd tijdelijk luitenant-kolonel is, ontvangt hij het Victoria Cross, de hoogste Britse militaire onderscheiding. Hij dankt die eer aan zijn heldhaftige optreden in La Vacquerie, tijdens de slag van Cambrai.

Tijdens dat gevecht slaagt hij erin om een vijandelijke aanval af te breken en hen vervolgens 500 meter terug te drijven. Wanneer hij vaststelt dat zijn manschappen in de minderheid komen, zorgt hij ervoor dat ze kunnen ontkomen, wetende dat hijzelf dan krijgsgevangen zou worden.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

neville-bowes-elliot-cooper

 

Transkaukasische republiek

Sommige staten kennen een erg korte levensduur. Een voorbeeld illustreert hoe vluchtig het leven van een staat wel kan zijn. Een Trans-Kaukasisch huis van afgevaardigden vergadert op 10 februari 1918 en roept een nieuwe staat uit : de Trans-Kaukasische Federatieve republiek, die ongeveer drie maanden zal bestaan. De nieuwe republiek wordt bestuurd door het Trans-Kaukasische Commissariaat dat onder het gemeenschappelijke voorzitterschap staat van afgevaardigden uit Armenië, Azerbeidzjan en Georgië.

Op 26 mei 1918 verdwijnt de nieuwe staat alweer naar de geschiedenisboeken. Georgië roept de onafhankelijkheid uit. Een paar dagen later doen Azerbeidzjan en Armenië hetzelfde.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Flag_of_the_Transcaucasian_Federation.svg

 

het gevolg van de honger in Centraal Europa

De honger laat zich vanaf 1917 in Europa goed voelen. De oktoberrevolutie in Rusland wordt door sommige partijen gezien als grote voorbeeld om een einde te maken aan de eindeloze oorlog. In 1918 drijft de honger en het verlangen naar vrede de arbeiders in Oostenrijk-Hongarije en Duitsland tot stakingen die weken lang aanslepen. Ook matrozen nemen deel aan muiterijen. Lees er meer over op deze pagina.

De tekening hieronder is van de Duitse kunstenares Käthe Kollwitz, vooral gekend van het treurende ouderpaar in Vladslo. De tekening hieronder draagt de titel “Unsere Kinder hungern” en is van 1924. Dat geeft duidelijk aan dat de vrede niet direct een verbetering bracht in de voedselbedeling.

 

grafschennis in Oeren

In de loop van de nacht van 9 februari 1918 besmeuren onverlaten op het Belgische militaire kerkhof in Oeren 38 grafzerken. De letters AVV – VVK (Alles Voor Vlaanderen, Vlaanderen Voor Kristus) worden dichtgesmeerd met cement. De daaropvolgende nacht reageren de Vlamingen en beschilderen de dichtgecementeerde letters met zwarte verf.

De beschadigde heldenhuldezerkjes, naar een ontwerp van Joe English, hebben de vorm van een Keltisch kruis en dragen behalve de vermelde letters ook een blauwvoet. De daders worden nooit gevonden, maar komen wellicht uit Franstalige en/of belgicistische kringen.

Toeristische tip : Belgische militaire begraafplaats, Oerenstraat , Oeren (Alveringem). Op het kerkhof aan de mooie Sint-Pietersbandenkerk rusten 642 Belgische gesneuvelden uit de eerste wereldoorlog. Nog slechts vijf heldenhuldezerkjes blijven bewaard.

bron : oorlogskalender 2014 – 2018, Davidsfonds

Heldenhuldzerk_Oeren

Autonoom Turkestan verliest onafhankelijkheid

Laat in de avond en nacht van 6 februari 1918 vallen eenheden van de Tasjkent sovjet de stad Kokand aan (in de provincie Fergana in Oost-Oezbekistan). Tijdens urenlange straatgevechten vallen talloze doden, een aantal van meer dan tienduizend wordt vermeld.

Op het ogenblik van de aanval is de stad in handen van de islamitische jadiden (hervormers) die er de voorlopige regering van Autonoom Turkestan uitriepen. Na de aanval hebben de Russische revolutionairen het er voor het zeggen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Soviet_191802

 

Troepentransport Tuscania zinkt

De Duitse onderzeeër U-77 torpedeert op 5 februari 1918 voor de kust van Ierland het stoomschip Tuscania dat bijna 2400 Amerikaanse militairen naar Le Havre moet brengen.

Zowat 12 kilometer voor de kust vuurt de U-77 tweemaal. De eerste torpedo is een misser, maar de tweede raakt de Tuscania vol aan stuurboordzijde met een bijzonder krachtige ontploffing tot gevolg. Omdat het getroffen schip in een Brits konvooi vaart, is er onmiddellijk hulp ter plaatse : 2187 Amerikaanse militairen worden gered, samen met het grootste deel van de bemanning.

De Britse werkwijze om in konvooien de oceaan over te steken, is zeer belangrijk en efficiënt voor de geallieerde troepenaanvoer. Van de ruim 1,1 miljoen Amerikaanse militairen die naar Europa getransporteerd worden, verdrinken er slechts 637 ten gevolge van aanvallen door Duitse duikboten.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Tuscania_1918

 

spionagenetwerk Knapen opgerold

Tijdens de eerste dagen van februari 1918 rollen de Duitsers in Brugge het spionagenet Knapen op, zo genoemd naar Ulysse Knapen, een gewezen luitenant die het uitbouwde. Tot het netwerk horen ook zijn echtgenote en twee zonen, op dat ogenblik 19 en 16 jaar oud. Vermoedelijk maken ook enkele broeders xaverianen deel uit van het netwerk. De doodstraf van de vader wordt later omgezet in levenslang.

De geallieerden stelden dit spionagenet erg op prijs omwille van de gedetailleerde informatie over de Duitse militaire installaties in Oostende en Zeebrugge.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
de foto komt van de website http://www.wearethemighty.com/articles/this-is-why-world-war-i-era-british-spies-used-semen-as-invisible-ink

SPies-WWI-World-War-I-Semen-invisible-ink

 

Matrozenmuiterij in Catarro

Rond de middag van 1 februari 1918 slaan manschappen aan boord van een Oostenrijks-Hongaarse kruiser die voor anker ligt in Catarro (nu Kotor, Montenegro) aan het muiten. Net op het ogenblik dat de officieren aan tafel gaan en het orkest begint te spelen, is er rumoer aan dek. Een toegesnelde officier krijgt een kogel in het lichaam. De opstandelingen weigeren een dokter naderbij te laten komen. Ze protesteren tegen een teveel aan fysieke training en de slechte voedselvoorziening.

Terwijl de muiterij overslaat naar andere schepen, duiken ook politieke eisen op : de mannen willen vrede, minder Oostenrijkse afhankelijkheid van Duitsland en democratisering van de overheid.

’s Anderendaags bloedt de muiterij dood. Alle achthonderd betrokkenen worden gearresteerd en vier van de leiders (Franz Rasch, Anton GrabarJerko Sisgorić en Mate Berničevič) worden berecht, veroordeeld en vervolgens terechtgesteld op 11 februari 1918.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
https://de.wikipedia.org/wiki/Oesterreichische_Marine#Matrosenaufstand_von_Cattaro_Februar_1918
http://www.radio.cz/de/rubrik/geschichte/landratten-zu-wasser-tschechische-matrosen-im-ersten-weltkrieg

Matrosenkappe_KuK_1918

 

 

gasalarm in Diksmuide

Op 29 januari 1918 laat het hoofdkwartier weten dat een grootschalig gasbombardement werd uitgevoerd op de Belgen ten zuiden van Diksmuide. Ze horen overal gasalarm weerklinken, maar hebben geen idee van de resultaten. Verpleger Hilarion Thans weet het wel. Het is in zijn hospitaal een tragische dag omdat een loopgracht met slapende soldaten verrast werden door het Duitse gas. Velen zijn al dood als ze aankomen, anderen zieltogen en het schuim staat op hun lippen als rode sneeuw. Hij helpt met het toedienen van zuurstof. Dan treedt er even verbetering op, maar daarna begint hun adem te jagen. Het gezicht verraadt plotse benauwdheid. Dan volgt de dood. “Ze strekten de benen uit en stierven” noteert hij in zijn dagboek. Na 24 uur telt Hilarion veertien doden.

Dat de Belgen uit zijn op wraak, valt te begrijpen. De volgende dag (30 jan 1918) schieten hun kanonnen voor de zoveelste maal naar Diksmuide. De stad is altijd een geschikt doelwit geweest als ze de Duitsers willen doen bloeden. Op het kerkhof bij Adinkerke speelt zich een ander drama af. Het wordt een plechtige begrafenis van de gasdoden. Er zijn wat toespraken, maar er vloeien geen tranen. De erewacht van frontsoldaten presenteert het geweer. Even later ziet onze verpleger “de gehelmde frontmannen” zich verdringen voor de deur van de kantine. Ze roepen om pinten bier.

bron : Luc Vandeweyer, Koning Albert en zijn soldaten, Manteau

loopgraven_diksmuide

 

drukke tijden voor Belgische spionnen

Het is in januari 1918 voor de spionnen meer dan ooit zaak om de transporten over de Duitse spoorwegen te traceren. Typisch voor de groeiende achterdocht bij de inlichtingenofficieren is de nieuwsbrief van 8 januari 1918. Deze keer gaat het om een deserteur uit de Elzas, een soldaat van de 187e infanteriedivisie. Hij heeft in het station van Gent Oostenrijkse troepen en artillerie en ook Bulgaren gezien. Die vreemde troepen moesten daar van de trein met het oog op hun inzet aan het front in Vlaanderen.

Er wordt geschat dat er midden januari 1918 al vijftien divisies zijn bijgekomen aan het westelijke front. Ze zijn in uitstekende staat en goed bewapend. De divisies die vertrokken, zijn ofwel middelmatig van kwaliteit ofwel zwaar toegetakeld tijdens de recente Britse offensieven. De rapporten van de daarop volgende dagen wijzen evenwel uit dat de meeste nieuwe Duitse divisies naar het westen worden gevoerd via de Franse oost-west spoorlijnen die via Luxemburg, Thionville en Straatsburg lopen. Slechts drie van de negentien getraceerde divisies gebruikten het Belgische spoorwegnetwerk. Dat verschil is zo opvallend dat de Belgen zich afvragen of er soms ernstige problemen zijn op de spoorlijn via Visé naar Tongeren.

De Duitse legerleiding kiest er voor om de beste en jongste elementen uit de divisies in het oosten af te romen en ze als individuen naar het westen te sturen. Voor een groot deel van die mannen is een tijdelijk oponthoud voorzien in Leopoldsburg of een ander opleidingscentrum in Limburg. Het zijn deze soldaten die via de spoorlijnen door Luik en Visé naar het westen komen. Het aantal soldaten in opleiding in Limburg neemt daardoor fors toe. De aangroei is zo opvallend dat sommige spionnen in de streek het cijfer 150.000 laten vallen als ze willen aangeven hoe groot de Duitse militaire aanwezigheid in de kampen en op de oefenterreinen wel is.

de tekening hieronder is van de Duitse schilder Albert Leistner en is getiteld “Abfahrt ins Feld von Leipzig am Ostersonntag, 1916”

bron : Luc Vandeweyer, Koning Albert en zijn soldaten, Manteau

AlbrechtLestner_AbfahrtInsFeld