Canadezen komen aan in Dikkebus

Terwijl de nacht valt, lossen Canadese Patricia’s op 6 januari 1915 de resten van een Frans regiment af in de sector van de Vierstraat (Dikkebus). Al snel vallen de eerste slachtoffers onder de Patricia’s. Tegen de ochtende “verwelkomen” de Duitsers de pas gearriveerde Canadezen met een artilleriebombardement en een treiterend vuur van sluipschutters.

De Patricia’s, voluit Princess Patricia’s Canadian Light Infantry, werden opgericht en betaald door Hamilton Gault, een zakenman uit Montreal. Deze legerafdeling was daarmee het laatste door een privépersoon onderhouden regiment in Canada. In plaats van het regiment zijn naam te geven, noemde hij het naar prinses Patricia van Connaught, de dochter van de toenmalige Britse gouverneur-generaal in het land.

Princess Patricia's Canadian Light Infantry

Princess Patricia’s Canadian Light Infantry

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

De Fransen veroveren Steinbach

Frankrijk had de Elzas moeten afstaan na de Frans-Pruisische oorlog in 1870. Sindsdien waren de Fransen erop gebrand om de Elzas terug Frans grondgebied te maken. Daarvoor hadden ze een oorlogsplan met name plan XVII. Vanaf de eerste oorlogsdagen in augustus 1914 gaan de Franse legers ook effectief over tot de aanval in de Elzas, dan Duits grondgebied. Na een eerste successen moeten ze zich terugtrekken en verschuift de aandacht naar Parijs, de slag om de Marne en de zogenaamde race naar de zee.

Vanaf 13 december 1914 zijn de Fransen terug actief in de Elzas. Ze nemen Steinbach in, een dorp gelegen op 24 km van Mulhouse. De dag erop heroveren de Duitsers Steinbach. Op kerstdag 1914 komen de Fransen terug opzetten richting Steinbach. Nu begint een periode van 15 dagen van huis-aan-huisgevechten waarbij Steinbach volledig verwoest wordt. De sneeuw en de koude maken de gevechten nog gruwelijker zodat de Fransen later spreken van “l’enfer de Steinbach”. Het belang van Steinbach heeft te maken met zijn ligging nabij heuvel 425 van waaruit men de ganse vallei kan observeren.

Op 4 januari 1915 valt Steinbach definitief in Franse handen. De Duitsers zullen de Franse posities nog bombarderen, maar de Fransen blijven definitief meester van Steinbach. Dit feit wordt in de kranten gevierd als een symbool van de terugkeer van de Elzas naar Frankrijk.

p.39-1994

bronnen

http://www.steinbach68.org/enfer.htm

http://ww1blog.osborneink.com/?p=4613

Odon maakt kennis met de Bavarois

Odon van Pevenaege noteert in zijn dagboek onder de periode van 1 januari 1915 tot en met 12 februari 1915 het volgende :

BeiersRegiment13Net als de mannen uit de tranchée werden we gekantonneerd in Lampernisse. We hadden zes dagen repos. Tijdens de drie dagen tranchée hadden de grenadiers met de Bavarois kennisgemaakt toen die voor ons lag in Diksmuide. Ze waren overeengekomen om op nieuwjaarsdag niet te schieten, wat zo gebeurde. De hele dag praatten ze met elkaar en van beide kanten werden er souvenirs uitgewisseld. Ook werden door onze vrienden van achter de Rijn de doden begraven die nog tussen de linies lagen. Tegen de avond gaven ze het teken om hun “werk” te herbeginnen. Jammer genoeg zijn die mannen kort daarna vertrokken.

Toen die zes dagen om waren, gingen wij weer drie dagen in de tranchées. In het algemeen werden we dagelijks gebombardeerd door de vijand, echter altijd met kanonnen van klein kaliber die weinig of geen schade aanrichtten. Zo ging het alsmaar over en weer met drie dagen tranchée en zes dagen repos in de sector Diksmuide tot 13 februari 1915.

Volgens Wikipedia moeten de Duitse soldaten behoord hebben tot het 43e reserve Division.

bronnen

Odon, Ivan Adriaenssens, Lannoo

http://de.wikipedia.org/wiki/43._Reserve-Division_%28Deutsches_Kaiserreich%29

De Britse marine verliest een slagschip met nieuwjaar

Onder leiding van vide-admiraal sir Lewis Bayly doet de  5h Battle Squadron schietoefeningen ten zuiden van de Ilse of Portland.  Na de oefeningen blijft de vloot patrouilleren, ook al waren er U-boten gesignaleerd. De Britten gaan ervan uit dat de ruwe zee een aanval door een duikboot onwaarschijnlijk maakt.

Rudolf Schneider

Rudolf Schneider

Captain Loxley

Captain Loxley

Op 1 januari 1915 om 2u20 torpedeert de Duitse U-boot U-24 onder leiding van Kapitänleutnant Rudolf Schneider het Britse slagschip “HMS Formidable”. Om 3u05 volgt een 2e torpedo. Om 4u45 kapseist het slagschip. 537 van de 780 opvarenden, waaronder kapitein Loxley,  verliezen daarbij het leven.

HMS_Formidable

bronnen

https://dailydiaryww1.wordpress.com/2015/01/01/january-1-1915/

http://ww1blog.osborneink.com/?p=4605

http://en.wikipedia.org/wiki/HMS_Formidable_(1898)

http://uboat.net/wwi/men/commanders/304.html

Kunst over oorlog : Théophile Steinlen en Otto Dix

Onlangs heb ik een boek gekocht van Guus Veenendaal : “sporen naar het front”. In dit boek wordt het belang van de spoorwegen voor oorlogvoering bekeken. Het gaat niet alleen om de eerste wereldoorlog. Ook andere oorlogen komen aan bod, zoals de Frans-Pruisische oorlog van 1870, de Amerikaanse burgeroorlog. Ik zie in het boek een tekening van Théophile Steinlen van 2 Franse soldaten die wachten in een station voor hun trein richting front. Oorlog in de kunst heeft ma altijd geboeid en dus zoek ik Steinlen op via Google. En daar verschijnt een 2e naam waarvan de werken ooit op een tentoonstelling samen met Steinlen werden getoond : Otto Dix. Beide kunstenaars hebben een stijl die me aanspreekt. Krachtig en ondanks de grijze tinten heel spreken.

Théophile Steinlen – “Les camarades”

Steinlen_Camarades

Otto Dix – “der Krieg”otto-dix-der-krieg-01

Elsie en Mairi – Engelen van Pervijze

ElsieEnMairi

Na zijn graphic novel “Afspraak in Nieuwpoort” heeft Ivan Petrus Adriaenssens weer een nieuw boek uit :”Elsie en Mairi”. De strip is gebaseerd op 2 Britse verpleegsters die in de Belgische sector vlak achter de loopgraven 4 jaar lang hebben gewerkt. Het boek is een absolute aanrader omdat het duidelijk gebaseerd is op boeken over deze 2 engelen van Pervijze.

Wie de striptekenaar Ivan Petrus Adriaenssens wil zien en wat meer informatie wil over deze dames en de streek waarin ze gewerkt hebben, kan terecht bij onderstaande fragment van “de zevende dag”.

http://cobra.be/cm/vrtnieuws/videozone/programmas/dezevendedag/EP_131006_DZD?playlist=7.39644&video=1.1747499

het belang van het thuisfront

De provincie Limburg heeft een aparte website over Limburg 1914 1918. Het logo is een gedroogd madeliefje dat een Belgische soldaat naar zijn liefje in Limburg stuurde. Dit verhaal kwam ook voor in “ten oorlog” in de allerlaatste aflevering. Van dit waargebeurde verhaal is een filmpje gemaakt en dat vind je hier

les gueules cassées – verminkte soldaten

ChambreDesOfficiers

Tijdens de eerste wereldoorlog stond de geneeskunde ver genoeg om soldaten te helpen overleven die in de 19e eeuw gestorven zouden zijn. Maar dat ging wel ten koste van het leren leven met gruwelijke verminkingen, ook in het gezicht. Soldaten wiens gezicht vreselijk verminkt waren, noemden de Fransen “les gueueles cassées”, letterlijk de gebroken smoelen. De geneeskunde stond immers niet ver genoeg op het vlak van plastische chirurgie.
De film “la chambre des officiers” gaat over officieren die zwaar gewond van het slagveld zijn terug gevoerd en die moeten leren leven met hun verminkingen in het gelaat. Een bijzonder indrukwekkende film.