Karl von Bülow wordt veldmaarschalk

Veldmaarschalk Karl von Bülow

Veldmaarschalk Karl von Bülow

op 27 januari 1915 krijgt Karl von Bülow  bevordering tot veldmaarschalk, maar een paar maanden later al moet hij het front verlaten ten gevolge van een hartaanval. In 1916 trekt hij zich zelfs helemaal terug uit het leger. Bij het begin van de oorlog stond von Bülow aan het hoofd van het Duitse tweede leger, dat de invasie van België voor zijn rekening nam, in uitvoering van het Schlieffenplan. Onder meer de overwinningen bij Namen, Charleroi en Saint-Quentin (Frankrijk) worden op zijn palmares geschreven.

Op de keerzijde van de medaille staat dat hij over het algemeen verantwoordelijk wordt geacht voor de Duitse nederlaag tijdens de eerste slag van de Marne (5-12 september 1914). Zijn soms aarzelende optreden viel niet bij iedereen in goede aarde in Duitse militaire krijgen.

Meer over die beslissing tot terugtrekking in de septemberdagen van 1914 vind je op deze pagina.

bron

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

de slag bij de Doggersbank

Franz von Hipper

Franz von Hipper

David Beatty

David Beatty

Bij de Doggersbank in de Noordzee bevechten de Britse en de Duitse marine elkaar op 24 januari 1915 in een van de weinige grote zeeslagen uit de eerste wereldoorlog. Bij deze poging om de Britse blokkade te doorbreken en de Engelse oostkust te beschieten (lees meer op de bladzijde gedenk Scarborough) stomen de Duitsers onder leiding van admiraal Franz von Hipper op met 1 pantserkruiser, 3 slagkruisers, 4 lichte kruisers en 18 torpedoboten. Hipper werd opgewacht door vijf slagkruisers, onder bevel van admiraal David Beatty, de held van de slag bij Helgoland.

De Duitsers weten niet dat de Britten hun radiobericht decoderen. Ze kijken dan ook verbaasd op als er een bijna dubbel zo sterke vijandelijke vlooteenheid opduikt.

Hipper probeert te ontsnappen omdat hij gelooft dat zijn schepen sneller zijn dan de Britse. Maar het tegendeel blijkt het geval. Na anderhalf uur komt het tot een treffen waarbij de Blücher tot zinken wordt gebracht. Hippers vlaggenschip, de Seydlitz wordt beschadigd, maar op hun beurt weten de Duitsers Beatty’s vlaggenschip, de Lion, tot stilstand te brengen en dusdanig te beschadigen dat het niet meer aan de strijd kan deelnemen. Na enkele uren blazen de Duitsers de aftoch : ze verliezen 950 manschappen tegen 50 bij de Britten. Een grote overwinning lijkt in de maak maar Beatty trekt de Britse schepen terug uit angst voor mijnen en (nooit gesignaleerde) U-boten.

Doggersbank 1915

Doggersbank 1915

De slag kent geen duidelijke overwinnaar, maar het Engelse moreel wordt er wel door versterkt. De Duitsers trekken hun conclusie : keizer Wilhelm laat weten dat dit soort zeegevechten voortaan vermeden moeten worden. Als uitloper hiervan roepen de Duitsers op 18 februari de “onbeperkte duikbotenoorlog” uit.

bronnen

oorlogsdagboek 2014-2018, Davidsfonds

Roel Tanja, een korte geschiedenis van de eerste wereldoorlog, BBNC uitgevers

De Hartmannsweilerkopf wordt klaargemaakt voor bloedige gevechten

Pas na enkele maanden zien de oorlogvoerende partijen het strategische belang in van de Hartmannsweilerkopf, een 956 meter hoge berg in de Vogezen. De berg wordt ook wel Hartmannswillerkopf of Vieil Armand genoemd.

Vooral de ietwat lager gelezen rots ten oosten van de eigenlijke top biedt een zeer breed uitzicht. Op 28 december 1914 bezetten Duitse troepen dit strategisch belangrijke uitzichtspunt op de berg waarvan de naam gemakshalve afgekort wordt tot HWK.. Op 30 december 1914 zal Maximilian Ott van het 123 Landwehrregiment als eerste Duitser sneuvelen na een eerste treffen met Franse soldaten. Duizenden soldaten zullen Ott in de dood volgen op deze berg.

Op het kaartje hieronder zie je dat de Hartmannsweilerkopf in 1914 in Duitsland gelegen was. De Elzas was door Frankrijk afgestaan na de oorlog van 1870-1871.

Hartmannsweilerkopf_191401bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://www.forumeerstewereldoorlog.nl/wiki/index.php/De_gevechten_om_de_Hartmannsweilerkopf

Herbert Sulzbach, Duitser in de Eerste en Brit in de Tweede Wereldoorlog

Toegegeven, ik heb gespiekt. In de oorlogskalender 2014-2018 van het Davidsfonds stond er op 12 november 2018 vermeld over dan 100 jaar geleden het volgende :

De hele oorlog lang was Herbert Sulzbach, een Duitse vrijwilliger van het eerste uur, als trotse officier aan het front. Vandaag kan hij niet anders dan de nederlaag doorslikken (…)

Ik was direct geboeid. Want Sulzbach had de oorlog overleefd en er stond nog een fragment van zijn dagboek op de oorlogskalender. Via Google kwam ik uit op zijn boeiende levensverhaal.

Herbert Sulzbach in Brits uniform tijdens de 2e WO

Herbert Sulzbach in Brits uniform tijdens de 2e WO

Herbert Sulzbach is geboren in Frankfurt-Am-Main in 1894. Hij stamt uit een rijke en invloedrijke familie van bankiers. Zijn grootvader Rudolf Sulzbach stichtte een bank die later de basis zou vormen van de Deutsche Bank. Herbert Sulzbach dient zich aan in 1914 als vrijwilliger in de Groote Oorlog. Hij wordt ingelijfd bij het 63e veldartillerieregiment dat zijn basis in Frankfurt heeft. Het grootste deel van de oorlog dient hij aan het westelijk front al is er ook een kleine periode waarin hij aan het oostelijk front gelegerd is. Tijdens het offensief aan de Somme in 1916 krijgt hij het Ijzeren Kruis, tweede klasse.  en overleeft die ook. In 1918 na een offensief bij Villers-Coterets krijgt hij voor zijn moed het Ijzeren Kruis eerste klasse. Uit handen van Paul Von Hindenburg krijgt hij ook het Frontkruis van verdienste. In 1935 publiceert hij zijn dagboek onder de titel “Zwei Lebende Mauern”. We zijn dan na de machtsovername door de nazi’s en als Jood krijgt hij het moeilijk. Sulzbach  vlucht in 1937 naar Londen. Als de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, neemt hij dienst in het Britse leger. Hij krijgt als opdracht de Duitse krijgsgevangenen te ondervragen en te denazificeren. Na de oorlog werkte Sulzbach voor de Duitse ambassade in Engeland. Zijn hoofddoel was de verzoening tussen Duitsland en Engeland. Voor zijn verdiensten kreeg hij ook de medaille “Paix de l’Europe”. In 1975 verschijnt er een Engelse versie van zijn dagboek over de Groote Oorlog “With the German guns”. Herbert Sulzbach sterft in Londen op 91-jarige leeftijd in 1985. In datzelfde jaar verschijnt zijn dagboek nogmaals in het Duits, maar dit keer onder de titel “Zwischen Zwei Mauern”.

bronnen

http://spartacus-educational.com/FWWsulzbach.htm

http://www.firstworldwar.com/poetsandprose/sulzbach.htm

http://www.juedische-allgemeine.de/article/view/id/16430

http://de.wikipedia.org/wiki/Herbert_Sulzbach

Duits uniform maar Deens bloed

Na de Deens-Duitse oorlog in 1865 is Denemarken een deel van zijn grondgebied verloren. Het gevolg is dat veel Deense jongemannen tegen wil en dank een Duits uniform moeten aantrekken in 1914. Een van die jongemannen is Kresten Andresen die in de kazerne in Flensburg wacht tot hij einde september 1914 naar het front moet vertrekken.

Binnenkort is het zover. Het kan nog een dag kosten, misschien twee of drie. Het zal nu echter niet lang meer duren voor ook zij op weg zullen gaan. En het zijn niet alleen de gewone kazernepraatjes. Want de lucht gonst immers altijd van de geruchten : gissingen die worden verheven tot waarschijnlijkheden. Nee, er zijn ook duidelijke tekenen. Alle verloven zijn ingetrokken en het is verboden de kazerne te verlaten. Vandaag hebben ze ook niet zoveel exercities gehouden. In plaats daarvan hebben ze onderricht gekregen in zaken van direct levensbelang, zoals hoe je een schotwond moet verbinden, welke regels er gelden voor het noodrantsoen, hoe ze zich dienen te gedragen bij een treintransport en wat er gebeurt als je deserteert (doodstraf).

Kresten Andresen is ongerust, bezorgd en bang. Bij hem wekt de gedachte aan het front niet het minste sprankje verlangen. Hij hoort bij een nationale minderheid die zichzelf plotseling, buiten eigen schuld om, bij een grote oorlog betrokken ziet waar men eigenlijk geen belang bij heeft. Velen maken zich deze dagen op oma te sterven en te doden voor een land waarmee ze eigenlijk maar een oppervlakkige verbondenheid voelen : Elzassers en Polen, Toethene en Kasjoeben, Slovenen en Finnen, Balten en Bosniërs, Tsjechen en Ieren. Andresen behoort tot zo’n groep : zijn moedertaal is Deens, zijn staatsburgerschap Duits. Hij woont in de voormalige Deense gebieden op Zuid-Jutland die nu al meer dan een halve eeuw binnen de grenzen van het Duitse rijk liggen.

bron : Peter Englund, de schoonheid en het verdriet van de oorlog, Spectrum

Onderstaande foto staat op https://arkiv.dk/vis/5727725 en toont een aantal jongemannen in Flensburg. Kresten Andresen is de jongeman die centraal gezeten is.

de trein redt de Duitsers aan het oostfront

Hieronder zie je een locomotief  van 1914. Deze locomotief samen met de nodige wagons zullen de Duitsers aan het oostfront helpen om een dreigende nederlaag om te buigen in een klinkende overwinning. Zonder de trein waren de nodige soldaten nooit tijdig van de oostgrens naar de zuidgrens van Oost-Pruisen geraakt om achtereenvolgens een Russisch leger te stoppen en daarna een ander Russisch leger te vernietigen. Wie wil weten hoe deze slag verliep, kan dat lezen in de slag van Tannenberg.

sneltreinlocHSM_1914_Berlijn

De Russen zijn daar !

Het von Schlieffenplan ging uit van een snelle Duitse overwinning op Frankrijk in 40 dagen om daarna met de Russen af te rekenen. Daarbij rekende men op een tragere Russische mobilisatie. Maar de Duitsers kwamen al snel tot de ontdekking dat ze 2 misrekeningen hadden gemaakt. De Belgen verzetten zich feller wat hun meer tijd kostte. En bovendien waren de Russen al heel snel om legers over de grens te sturen. Op 17 augustus valt een Russisch leger onder leiding van generaal von Rennenkampf (van oorsprong een Baltische Duitser) Oost-Pruisen binnen. Dit leidt tot een eerste slag om Stallupönen (huidige naam Nesterov in Rusland) op 17 augustus 1914. Hier zouden de Duitsers onder leiding van von François een defensieve overwinning behalen en de Russen kunnen terugdringen. Maar al snel blijkt dat dit niet voldoende zal zijn, want de Russen komen terug. Door hun numerieke minderheid aan het oostfront zijn de Duitsers gedwongen zich dan terug te trekken naar Gumbinnen (huidige naam Goesev nabij de Russische enclave Kaliningrad).

Stalluponen1914

 

begindagen van augustus 1914 in Frankfurt

Herbert Sulzbach uit Frankfurt, noteert in de eerste dagen van augustus 1914 het volgende in zijn dagboek :

Vrijdag 31 juli: Oorlogstoestand afgekondigd en totale mobilisatie aangekondigd in Oostenrijk-Hongarije. 

Zaterdag 1 augustus, 18.30 uur: De Kaiser geeft bevel tot mobilisatie van het leger en de marine. Dat woord ‘mobiliseren’, het is vreemd, je kunt niet echt bevatten wat het betekent. De eerste mobilisatiedag is 2 augustus. 

Hoe ik het ook probeer, ik kan gewoon niet overbrengen hoe prachtig de stemming en wilde enthousiasme is die ons allemaal heeft overvallen. We voelen dat we zijn aangevallen, en het idee dat  we ons moeten verdedigen geeft ons een ongelooflijke kracht. 

Ruslands vuile intriges slepen ons deze oorlog in; de Kaiser stuurde de Russen nog een ultimatum op 31 juli. Je kunt je nog steeds niet voorstellen hoe het zal zijn. Is het allemaal echt, of gewoon een droom? 

Mijn schoonbroer reisde op 3 augustus naar Wilhelmshaven. Hij is stafmedisch officier bij de Marine Reserve. Ik heb me natuurlijk als oorlogsvrijwilliger ingeschreven op de namenlijst; ik hoop bij ons 63ste regiment terecht te komen. Ik ga naar de kazerne en probeer mijn geluk. Er gebeurt daar van alles, en mensen zijn erg enthousiast; ook enkele tranen bij het afscheid, want het regiment beroepssoldaten vertrekt. 

Ik bezoek mijn lieve moederlijke vriendin Martha Dreyfus en krijg een gelukscentje. Mijn broer is in Londen en wil hier binnen vier dagen zijn, zes op z’n laatst. 

Berthold, die al een tijd onze huisknecht is, sluit zich aan bij zijn regiment, en onze dierbare vriend kapitein Rückward is al vertrokken uit de kazerne. Heel snel, je zou  bijna zeggen binnen enkele uren, zijn bijna alle mannen die je kent verdwenen uit het burgerleven. Mijn zus en al haar getrouwde vriendinnen blijven alleen achter— hun echtgenoten zijn onder de wapenen gegaan. 

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen&Sword military

Linnekogel vestigt een Duits hoogterecord op 9 juli 1914

Gino Linnekogel

Gino Linnekogel

Op 9 juli 1914 vestigt de Duitse vliegenier Gino Linnekogel het hoogterecord op 6600 meter. Het vorige record staat op 6150 meter op naam van de Franse piloot George Legagneux. Linnekogel was daarmee niet aan zijn eerste exploot. In 1911 had hij al een duurrecord gevestigd door in een Duits vliegtuig, de “Taube” of “duif” gedurende 4 uur en 35 minuten te vliegen, samen met Suvelick Johannisthal. De Taube was een vrij populair vliegtuig en zou dat ook tijdens de eerste wereldoorlog blijven. De Italianen zouden als eerste de Taube gebruiken als oorlogsvliegtuig in 1911 toen ze Turkse stellingen in Libië bombardeerden. De Taube werd eveneens gebruikt als oorlogswapen tijdens de eerste en tweede balkanoorlog. We weten dus zeker dat de Taube tijdens de eerste wereldoorlog opduikt. Hoe het met Gino Linnekogel tijdens de oorlogsjaren is vergaan, heb ik nergens terug gevonden.

31 maart 1914 – de Zeppelin vestigt een hoogterecord

 

Op 31 maart 1914 ziet graaf Ferdinand von Zeppelin zijn luchtschip stijgen tot 3.065 meter. Met dit nieuwe hoogterecord onderstreept hij nog maar eens de prestaties van zijn zeppelins (bron “beleef elke dag de eerste wereldoorlog” kalender 2014-2018 van het davidsfonds).
De zeppelins zouden tijdens de eerste wereldoorlog ingezet worden om Engelse steden te bombarderen. De allereerste keer dat een zeppelin een stad zou bombarderen was in de nacht van 24 op 25 augustus 1914. Toen ging het niet om een Engelse stad maar een Belgische stad. Antwerpen kreeg de twijfelachtige eer om als eerste stad onder vuur te worden genomen door een Duitse zeppelin.

Zeppelin_Antwerpen_1914