gevecht om de Annaberg

Bij de derde Silezische opstand zijn de Polen goed voorbereid en kunnen ze de Duitsers verrassen. Een Pools commando slaagt erin om heel wat spoorbruggen te ondermijnen en treinen te doen ontsporen. (Lees maar daarover in dit bericht) . De Duitsers in het oosten krijgen daardoor niet tijdig versterkingen en worden westwaarts teruggedrongen. Na twee weken zijn ze echter wel klaar voor een tegenaanval tegen de Polen. Daarbij zijn er zelfs versterkingen uit Beieren met heel wat oorlogsveteranen onder de rangen waaronder de latere nazi-leider Sepp Dietrich.

De Annaberg met het klooster op de top van de heuvel is strategisch van belang omdat je daarmee de Odervallei kan controleren. Op 21 mei 1921 om 2u30 gaan het Oberland Freikorps en de Silezische Selbstschutz met 900 man in de tegenaanval. De Duitsers hebben geen artillerie die ze kunnen inzetten, maar na hevige gevechten slagen ze erin twee kanonnen te veroveren op de Polen. Na nog eens zeven uren van zware gevechten drijven de Duitsers het Pless regiment weg en pakken vervolgens de vrijwilligers van Katowice aan, die in de buurt gelegerd zijn.

Om 11 uur trekken de Duitsers op naar de Annaberg die ze vanuit vier richtingen benaderen. Weer komt het tot zware lijkf-aan-lijfgevechten waarna de Polen zich oostwaarts terugtrekken. Een Poolse tegenaanval wordt afgeslagen. Deze overwinning vindt enorme weerklank in Duitsland omdat het als eerste overwinning gold sinds november 1918.

Op 22 mei nemen de Polen Raszowa en Daniec terug in en in de regio van Januszkowic verhinderen ze een Duitse poging om de Oder over te steken. Op 23 mei willen de Polen op hun beurt oprukken maar de Duitse artillerie slaat hen terug.

Op 25 mei besluit de Selbstschutz om onderhandelingen te beginnen, onder druk van de Duitse regering in Berlijn. Op 26 mei komt er dan ook vanuit Poolse kant een oproep om de gevechten te staken. Het blijft rustig tot er weer schermutselingen zijn van 4 tot 6 juni.

Begin juli 1921 nemen geallieerde soldaten posities in rond de Annaberg en trekken Duitsers en Polen zich terug. De definitieve grenzen in Silezië zullen later na een volksraadpleging door de geallieerden getrokken worden. De Annaberg zal Duits blijven tot 1945. Daarna wordt het gebied Pools.

bron : Battle of Annaberg – Wikipedia

brand in Custom House

Op 24 mei 1921 worden er in Noord-Ierland parlementaire verkiezingen gehoude, voor de eerste keer onder de nieuwe Home Rule Act. DIe voorziet in aparte parlementen voor het protestantse noorden en het katholieke zuiden. De Ulster Unionist Party wint twee derde van de stemmen en bijna drie kwart van de 52 zetels in het nieuwe parlement.

De IRA is natuurlijk niet van plan om dit te laten passeren zonder een tegenactie. Tot dan was de burgeroorlog in Ierland beperkt tot guerilla acties tegen de politie en het Britse leger. In Dublin is het een groep onder leiding van Michael Collins, bekend als the squad, die dit soort acties uitvoert. Maar Eamon de Valera, president van de zelfverklaarde Ierse republiek, wil een grotere actie met meer IRA aanhangers. Na de eerste parlementaire verkiezingen georganiseerd door de Britten, wil hij een actie waaruit blijkt dat de Irish Republican Army een echt leger is dat strijdt voor haar republiek. Men kiest als doelwit het Custom House, een belangrijk overheidsgebouw maar ondanks dat is het niet bewaakt door politie of Britse militairen. Michael Collins adviseert tegen de actie maar hij kan de anderen niet overtuigen om de actie te schrappen.

In de vroege ochtend van 25 mei 1921 komen de IRA aanhangers samen rond het Custom House in groepjes van twee of drie. Van de 120 IRA aanhangers is maar een minderheid geoefend in guerilla acties. Ze hebben enkel pistolen en een beperkte hoeveelheid munitie. Om 13 uur gaan ze tot de actie over. Ze overmeesteren de bewakers van het gebouw , schieten de concierge dood als die de politie wil bellen en laten een vrachtwagen binnen geladen met petroleum en balen katoen. Daarmee willen ze het gebouw in brand steken.

Om 13u10 komt de politie en het Britse leger aan en omsingelen het gebouw. De IRA opent het vuur maar na 30 minuten moeten ze het vurgevecht al staken wegens een gebrek aan munitie. Enkele IRA aanhangers worden neergeschoten als ze de vlucht willen nemen. Vijf IRA aanhangers worden gedood en 80 gearresteerd. ALs gevolg daarvan zal het aantal IRA acties in Dublin en omgeving de komende maanden afnemen. Het gewapend conflict stopt met een wapenstilstand op 11 juli 1921. Er komt nog een verdrag tussen Engelsen en Ieren in december van hetzelfde jaar.

bronnen
May 1921 – Wikipedia
Burning of the Custom House – Wikipedia

Dublin – Custom House in brand

de Wawelberg groep slaat toe

De Wawelberg groep verwijst naar Poolse commando’s die begin mei 1921 tot de actie overgaan en daarmee de derde Silezische opstand beginnen. Ze blazen in de nacht van 2 op 3 mei zeven spoorbruggen op die noord-Silezië met de rest van het Duitse rijk verbinden. De dagen daarna doen ze ook geregeld treinen ontsporen om het treinverkeer nog meer te verstoren. De naam van de groep is ontleend aan de schuilnaam Konrad Wawelberg. De Poolse officier met deze schuilnaam heet in het echte leven Tadeusz Puszczyński.

De Duitsers zijn volkomen verrast en verliezen tijd door de spoorverbinding met Silezië te herstellen. Deze tijd wordt nuttig gebruikt door de Polen om hun eisen op Silezië kracht bij te zetten. De derde Silezische opstand vindt plaats op een moment dat de geallieerden het niet eens worden over de uitslag van de volksraadpleging. Die raadpleging is nodig om de inwoners van Silezië de kans te geven zich uit te spreken over hun wens om aan te sluiten bij Duitsland of de nieuwe staat Polen. De Fransen willen Silezië aan Polen toekennen omdat ze liever een zo zwak mogelijk Duitsland willen zien. De Britten en Italianen hebben echter oor naar het Duitse argument dat zij zonder de industrie in Silezië veel moeilijker aan de herstelbetalingen kunnen voldoen.

Na de actie van de Wawelberg groep zijn er gevechten tussen de Duitse Grenzschutz, versterkt met Duitse Freikorpsen en Poolse soldaten. Half mei 1921 stelt Wojciech Korfanty voor om zijn soldaten terug te trekken achter een demarcatielijn. Het is de bedoeling dat de Polen het veroverde gebied overgeven aan geallieerde soldaten. Het duurt echter nog tot 1 juli 1921 vooraleer er Britse soldaten in het gebied aankomen.

bronnen
https://en.wikipedia.org/wiki/Silesian_Uprisings#Third_Silesian_Uprising
https://en.wikipedia.org/wiki/Wawelberg_Group

een ontspoorde trein in Silezië begin mei 1921

verkiezingen in Italië

Op 15 mei 1921 zijn er voor het eerst sinds de oorlog algemene verkiezingen in Italië. Het is ook de eerste keer dat er regio’s deelnemen die tot voor kort nog bij Oostenrijk-Hongarije hoorden, zoals Venezia Tridentina en Venezia Giulia. Om die reden is het aantal zetels in het parlement verhoogd van 508 naar 535. Het stemrecht is voorbehouden voor mannen vanaf 21 jaar.

De verkiezingen vinden plaats in een zeer woelige periode. Vlak na de oorlog zijn er veel stakingen geweest en was er veel invloed van de communistische en socialistische partijen. Die periode wordt aangeduid met Biennio Rosso (of rode tweedaagse 1919-1920). Vanaf 1921 volgt er een Biennio Nero waarin de fascisten hun macht laten gelden. Dat leidt tot zeer veel gewapende confrontaties waarbij er gewonden en soms zelfs doden vallen.

Een goed voorbeeld van die spanningen zijn de “fatti di Citadella” die een week voor de verkiezingen gebeurd zijn. Op de ochtend van 8 mei 1921 valt een groep fascisten de arbeidskamer van Cittadella aan en verwoest deze, als vergelding voor de schotwond van de secretaris van de plaatselijke fascisten. Vijf aanvallers worden gearresteerd door de carabinieri. In de namiddag trekt een groep van 150 fascisten naar de kazerne om de vrijlating te eisen. Bij de aanval op de kazerne streven drie fascisten en een kwart van de aanvallers wordt gewond. Ook de commandant van de carabinieri laat bij de aanval het leven.

Het is in deze woelige periode dat de Italianen hun nieuw parlement gaan kiezen. De liberale partij van Giovanni Giolitti die tot dan in de regering heeft gezeteld, heeft zich met de nationalisten en fascisten verenigd in het Nationaal Blok. Zij behalen zo 19% van de stemmen. Benito Mussolini behaalt zo ook zijn eerste parlementszetel.

bronnen
https://en.wikipedia.org/wiki/1921_Italian_general_election
https://it.wikipedia.org/wiki/Elezioni_politiche_italiane_del_1921
https://it.wikipedia.org/wiki/Fatti_di_Cittadella

op zoek naar frontdienst

Hans Tröbst is op basis van zijn pionierservaring in het Duitse leger toegewezen aan een Turkse divisie die verdedigingsstellingen graaft in afwachting van de volgende Griekse aanval. Maar hij hoopt nog altijd naar het front te kunnen gaan. En dus besluit hij op 6 mei 1921 de trein naar Eskişehir te nemen om nogmaals te vragen naar het front te mogen.

De komende veldslag was het brandpunt van al onze gesprekken. Ze werd beschouwd als de laatste beslissende veldslag. Als de Griek opnieuw slaag zouden krijgen, dan zou hij ononderbroken tot Smyrna en verder weglopen. (…) Om zeker te zijn dat ik deze veldslag niet zou missen, besloot ik naar Eskişehir naar de generale staf te gaan om mijn overplaatsing aan te vragen naar een divisie aan het front en om tenminste bevel te kunnen voeren aan het front voor de duur van de veldslag.

En dus spoorde ik per trein naar Eskişehir om opnieuw de grootstadlucht in te ademen en vooral mijn aanbeden Adèle weer zien. Al aan het eerstvolgende station hadden we een langer oponthoud omdat hier een goederenwagon moest uitgeladen worden. Ook hier zoals overal een voorbeeldige orde. De uniformen waren natuurlijk een zeer bonte samenstelling. Engelse en Franse uniformstukken vielen het meest op. Maar hieraan ziet men dat men ook zonder reglementaire uniformen oorlog kan voeren zolang de wil er maar is.

Tegen de middag kwam ik in de stad aan, haalde Erturgrul op en we besloten om de rest van de dag te vieren en ons grondig te bezuipen. Want Ertugrul had bij de Duitse keierlijke marine gediend. We bezochten samen Adèle Georgiades, Käthe Leontides en daar leerder ik nog andere Griekse godinnen kennen. Nadat we ongelooflijk veel ijs en sorbet gegeten hadden, Shira en ander spul hadden gedronken, begaven we ons naar de woning van Ertugrul die hij van een Duitse, Frau Kleinert, gehuurd had.

De dag erna ging ik met een zure snuit en een zware kop naar majoor Tefik Bey die net van de frontlinies was teruggekomen. Mijn uitdrukkelijke aandringen om me toch eindelijk naar het front te sturen, had tot gevolg dat hij me beloofde mijn vraag te bepleiten. Nu, dan was het alweer wachten.

In de namiddag ging ik op de uitnodiging van een oudere heer in, die zich als Oostenrijkse Rittmeister van de reserve voorstelde en die al 20 jaar dienst bij de spoorwegen had. Hij bewoonde met zijn Armeense vrouw een verrukkelijk huisje dat midden in een reuze fruitplantage lag. Ik beleefde bij varkensgebraad en wijn een zeer interessante namiddag bij hen. Jammer genoeg vertelde hij weinig vrolijks. Hij had de wereldoorlog aan alle fronten meegemaakt en vertelde me als oude soldaat met diepe droefheid over de toestanden in het Oostenrijkse leger.

Zo toonde hij me een omvangrijke verzameling springstoffen, waarop een datum en een kilometergetal gegraveerd stonden. Bijvoorbeeld 15.7.1915, km 495,5. Deze explosieven waren afkomstig van de kanonnen van Engelse en Italiaanse onderzeeërs die in de golf van Ismid binnengedrongen waren en negen maal geprobeerd hadden de spoorlijn naar Bagdad te verwoesten.

De spoorlijn tussen Berlijn en Bagdad waarvan hier sprake is, is een spoorlijn die door het Duitse keizerrijk gefinancierd werd. De spoorlijn werd door de Britten als een bijzonder risico ervaren omdat het de Duitsers dichter bij India bracht en ook controle gaf over de olievelden nabij Basra. Volgens sommige historici is deze spoorlijn een van de redenen waarom Groot-Brittannië tegen Duitsland ten oorlog trok.

Bronnen :
https://en.wikipedia.org/wiki/Berlin%E2%80%93Baghdad_railway

Die Reise nach Anatolien – Band 8: Vom Baltikum zu Kemal Pascha (Ein Soldatenleben in 10 Bänden 1910 – 1923) Kindle-editie

De foto hieronder toont een zicht op Eskişehir in de jaren 1920.


onlusten in Jaffa

Tijdens de week van 1 tot 7 mei 1921 zijn er onlusten in en rond de stad van Jaffa, Palestina. Alles begint met een oproep van de Joodse communistische partij om een 1 mei optocht te houden. Daarvoor verspreiden de communisten op 30 april pamfletten in het Arabisch en Jiddisch. Er wordt opgeroepen om zich tegen de Britse overheersing te verzetten en een Sovjetstaat uit te roepen in Palestina. Op 1 mei houden de communisten hun optocht van Jaffa naar Tel Aviv waarvoor ze geen toelating hebben gekregen. ALs ze onderweg een optocht tegenkomen van een socialistische groepering die wel is toegelaten, breken er al snel gevechten uit tussen beide groepen. Daarbij weerklinken ook schoten.

Onder de Arabische bevolking ontstaat het gerucht dat Arabieren door Joden worden aangevallen. Daarop komt een pogrom op gang tegen de Joden. Joodse winkels worden geplunderd. Arabieren vallen Joodse huizen binnen en vermoorden de inwoners met knuppels, messen of vuurwapens. Heel wat vrouwen, ook minderjarige, worden het slachtoffer van verkrachting. Om 13u wordt een hotel aangevallen dat door de zionistische commissie gebruikt wordt om Joodse immigranten op te vangen. Als de politie toekomt, schieten ze maar niet om de menigte te verdrijven. De agenten kiezen de kant van de aanvallers en schieten gericht op de Joden die zich schuilhouden in het hotel. Het geweld reikt ook tot de omgeving van Jaffa, onder meer Abu Kabir. In dat dorp worden twee Joodse boeren vermoord op 2 mei. Van Joodse kant komt het tot wraakacties tegen de Arabische burgerbevolking. In Tel Aviv bewapent de Joodse kolonel Margolin zijn oude manschappen van het voormalige Joodse Legioen om de stad te verdedigen. De gevechten houden na 1 mei nog dagenlang aan.

De Britse gouverneur Herbert Samuel stelt de avondklok in, laat versterkingen uit Egypte komen en laat ook bombardementen uitvoeren door de Royal Air Force om de onlusten onder controle te krijgen. Daarnaast doet de gouverneur ook toegevingen om de Arabieren te kalmeren. Zo krijgen drie boten met Joodse migranten geen toestemming om aan te meren en moeten ze noodgedwongen terugkeren naar Istanboel.

Bij de onlusten komen 47 Joden en 48 Arabieren om het leven. 146 Joden en 73 Arabieren raken gewond. De meeste Arabische slachtoffers vallen door Britse pogingen om de orde te herstellen.

bronnen
https://en.wikipedia.org/wiki/Jaffa_riots
https://nl.wikipedia.org/wiki/Onlusten_in_Jaffa

Bozner bloedzondag

Op 24 april 1921 wordt er een volksstemming gehouden in Zuid-Tirol over aansluiting bij Oostenrijk of Italië. Op dezelfde dag wordt er in Bozen (Bolzano) een lentebeurs gehouden. De Italiaanse fascisten beschouwen dit als een provocatie en zakken af naar Bozen. In de ochtend van 24 april zijn er zo’n 290 zwarthemden uit gans Italië in Bozen om er keet te schoppen. Ze krijgen versterking van een 120-tal plaatselijke fascisten. Op het moment dat de optocht in traditionele klederdracht begint, starten de fascisten met de rellen. Een vijftigtal Tirolers geraakt gewond. De leraar Franz Innerhofer wordt gedood als hij een jongen wil beschermen.

De politie grijpt in maar enkel om de fascisten naar de trein te begeleiden. Als de Italiaanse eerste minister aandringt om de oproerkraaiers te arresteren, worden er twee opgepakt. Mussolini dreigt er echter mee zijn kameraden te bevrijden, waarop het tweetal al snel wordt vrijgelaten.

Op 25 april 2011 wordt er een plaats genoemd naar de overleden Franz Innerhofer.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Bloody_Sunday_(Bolzano)

gemeenteraadsverkiezingen in België

Op 24 april 1921 worden er voor het eerst sinds de Groote Oorlog gemeenteraadsverkiezingen gehouden in België. Voor het eerst mogen ook vrouwen gaan stemmen. Ze zijn met meer dan twee miljoen en dat heeft ook vrouwelijke burgemeesters tot gevolg. Strikt genomen is het niet de allereerste keer dat er vrouwen naar de stembus mogen. Bij de parlementsverkiezingen van 1919 is er al een zeer beperkt aantal vrouwelijke kiezers: vrouwen die tijdens de oorlog wegens patriottische daden door de Duitse bezetter zijn gevangen gezet, maar ook weduwen – echtgenotes of moeders van gesneuvelde militairen of burgers die door de bezetter zijn gedood.

Voor de gemeenteraadsverkiezingen worden vrouwen bijna gelijkgesteld aan mannen. De wet sluit wel prostituees en overspelige vrouwen van stemrecht uit. Het is hoe dan ook een grote vooruitgang. Tot aan de Groote Oorlog hebben Belgische vrouwen helemaal geen stemrecht. 

Het feit dat vrouwen wel mogen stemmen voor de gemeenteraad maar niet voor het parlement is een gevolg van een compromis tussen socialisten, liberalen en katholieken. De anticlericale socialisten en liberalen achten de invloed van meneer pastoor op de vrouwen te hoog en dat zorgt ervoor dat de stap naar stemrecht voor vrouwen voor het parlement een stap te ver is. De katholieken volgen die redenering eveneens en zijn dan ook fervente voorvechters van het vrouwenstemrecht.

Door de oorlog zijn er meer vrouwelijke dan mannelijke kiezers zijn maar toch leiden die gemeenteraadsverkiezingen niet meteen tot een vervrouwelijking van de gemeentebesturen. Slechts in 146 gemeenteraden – op een totaal van meer dan 2.600 – worden één of meerdere vrouwen verkozen. Samen zijn er amper 196 vrouwelijke gemeenteraadsleden, minder dan één procent van het totaal. Het aantal vrouwelijke burgemeesters en schepenen is uiteraard nog veel kleiner. Als gevolg van de verkiezingen van 1921 worden 6 vrouwen burgemeester en 13 schepen.

Als oud-inwoner van Ranst vermeld ik graag Amelia Brocken, die bijna uit het niets burgemeester wordt van de Antwerpse gemeente Emblem (nu een deel van Ranst). Ze is de vrouw van een sluismeester op de Kleine Nete maar heeft middelbaar onderwijs genoten – eerder uitzonderlijk voor die tijd – en is erg sociaal geëngageerd. Bij de verkiezingen in Emblem komt Amelia Brocken op met een lijst met haarzelf als enige kandidate. 

Toch wordt ze verkozen. Geen enkele lijst haalt een meerderheid en er kan geen kandidaat-burgemeester worden voorgedragen. Amelia Brocken wordt eerst gekozen tot eerste schepen en daarmee waarnemend burgemeester. Als er na een jaar nog geen burgemeester is, stelt de arrondissementscommissaris voor haar te benoemen. Ze heeft ook de meeste voorkeurstemmen behaald. 

Als burgemeester zorgt ze ervoor dat Emblem een behoorlijk schoolgebouw krijgt. Bij de volgende verkiezingen wordt ze opnieuw verkozen op een “éénvrouwslijst”. Ze haalt zoveel stemmen dat de lijst meerdere zetels had kunnen halen als er meerdere kandidaten waren geweest! Maar ditmaal sluiten de andere lijsten een coalitie die haar beletten om burgemeester te blijven.  

bron : https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2021/04/07/100-jaar-geleden-belgische-vrouwen-gaan-voor-het-eerst-stemmen/

per trein naar pionierswerk voor Troebst

In Ankara wacht Hans Tröbst ongeduldig op verdere marsbevelen. Na enige dagen krijgt hij nog het voorstel om les te geven aan aspirant officieren, maar dat voorstel wijst hij af. Hij wil terug aan het front zijn. Nog enkele dagen later krijgt hij zijn marsbevel en een treinticket naar Eskişehir. Daar moet hij zich bij het hoofdkwartier van generaal Ismet Pasha melden. Daar aangekomen, krijgt hij een nieuwe functie en doel toegewezen. De Turken bouwen stellingen in Sabunje-Punar om een nieuwe Griekse aanval te kunnen afslaan. Het is van het uiterste belang dat ze de spoorlijn tussen Eskişehir en Afyonkarahisar behouden. Alleen dan kunnen ze met de nodige snelheid hun reserves naar bedreigde plaatsen sturen. Omdat de slag bij Inönü heel wat Turkse officieren het leven heeft gekost, rekenen de Turken op de ervaring van Tröbst om hen bij te staan bij de bouw van de stellingen.

De officier Tefik Bey wist me te vertellen dat ze een nieuw Grieks offensief over vier weken verwachten. Daarom waren ze nu bezig met de bouw van stellingen die commandant Shükri Bey als pionierinspekteur leidde. Ik zou onder zijn commando werken en zou vandaag nog met de trein naar Sabunje-Punar afreizen. Ik aanvaardde de opdracht maar was diep ontgoocheld. Nog altijd geen frontlucht !

Het landschap was redelijk eenvormig, een breed, zeer vruchtbaar dal , aan beide zijden door ergen begrensd, waarin de trein zich over vele bruggen en door enkele tunnels heen kronkelde. Al na twee uren kwam ik op mijn eindbestemming aan en stapte uit de trein. Mijn nieuwe chef was natuurlijk uitgerekend die morgen naar Eskişehir vertrokken en ik meldde me dan maar bij zijn vervanger, majoor Hasim Bey.

Tussen de Griekse en de Turkse linies zat een niemandsland van ongeveer honderdvijftig kilometer. Men verwachtte dat de Grieken bij het volgende offensief opnieuw naar Eskişehir zouden oprukken. Daarom moesten er stellingen worden aangelegd ter bescherming van de stad. Als we aankwamen, was het bataljon al aan het werk. Het bestond bijna uitsluitend uit geïnterneerde Griekse burgers, die in Klein-Azië woonden maar Ottomaanse onderdanen waren. Omdat men hen tijdens de oorlog niet vertrouwde, waren ze niet naar het front gestuurd, maar had men hen enkel voor arbeidsdienst ingezet. Veel lust om te werken hadden ze niet, en dus werd er door de korporaals af en toe met een knuppel wat extra ijver aangemaakt.

bron : Die Reise nach Anatolien – Band 8: Vom Baltikum zu Kemal Pascha (Ein Soldatenleben in 10 Bänden 1910 – 1923) Kindle-editie

hinderlaag in Renzino

In Italië nemen de politieke spanningen toe, voornamelijk door de agitatie van de nieuwe fascistische beweging van Mussolini. In de provincie Arezzo, in Toscane, hebben de fascisten al heel wat macht verworven. Maar er is één deel van deze provincie dat nog altijd rood is : de Valdichiana en in het bijzonder Foiano, met de communistische burgemeester en raadsleden. In de ochtend van 12 april 1921, nadat de burgemeester en de raad van Foiano della Chiana de dreigende en onwettige verzoeken om ontslag hebben afgewezen , vallen 150 fascisten, geëscorteerd door het leger, de straten van Foiano binnen.

Het hoofdkwartier van de socialistische afdeling en coöperatie, de Arbeidskamer en het stadhuis worden verwoest . Onfortuinlijke voorbijgangers worden geslagen en geslagen, de ouders van de burgemeester en die van de communistische voorman Gervasi worden bedreigd. Tijdens de inval houdt de politie zich afzijdig en grijpt niet in tegen de squadristi. Zo nemen burgemeester en gemeenteraad op vrijdag 15 en zaterdag 16 april, na het geweld en de vernieling een paar dagen eerder, ontslag om de veiligheid van de burgers te beschermen.

Op zondag 17 april 1921 , om vijf uur ’s ochtends, vertrekken twee vrachtwagens met fascisten met 22 gewapende zwarte hemden naar Foiano. De geweren zijn uitgeleend uit de wapenarsenalen van het leger. Het stadhuis wordt weer op zijn kop gezet, ze breken de huizen binnen en dreigen socialisten en communisten gevangen te nemen. Hetzelfde lot treft opnieuw de bejaarde ouders van de communistische voorman Gervasi.

In de namiddag wordt een van de twee fascistische vrachtwagens op de terugkeer in een hinderlaag gelokt door een groep aangevoerd door Bernardo Melacci, de anarchistische leider, en Galliano Gervasi. Overrompeld worden drie zwarte overhemden gedood en raken er nog veel meer gewond.

De zwarte reactie liet niet lang op zich wachten. Ploegen van fascisten komen uit Toscane en zelfs uit Rome. Op de avond van 17 april staan er heel wat huizen en boerderijen in Renzino in brand. Wie zich verzet, wordt gedood. De volgende dag wordt op het centrale plein van Foiano een “fascistische rechtbank” opgericht en wordt een onbepaald aantal inwoners van het gebied geëxecuteerd met een jachtgeweer op het hoofd. In de daaropvolgende weken volgen nog heel wat schijnprocessen.

bron : https://www.lavaldichiana.it/renzino-resistenza-foiano/