Harry Patch gewond aan de Steenbeek

Vroeg in de ochtend van 16 augustus 1917 steekt het bataljon waartoe de 19-jarige Harry Patch behoort, de Steenbeek over en maakt zich klaar Langemark te heroveren. Bij die gevechten raakt Harry zwaargewond en verliest drie van zijn beste vrienden.

In 2008 komt de dan 110-jarige Harry Patch een laatste maal terug naar die plek bij de Steenbeek. Hij onthult er een zelfbetaalde gedenksteen ter ere van zijn gevallen strijdmakkers en van een hele generatie oorlogsslachtoffers. Als Harry Patch in 2009 op 111-jarige leeftijd overlijdt, is hij de laatste overlevende soldaat die gevochten had in de eerste wereldoorlog.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

HarryPatch

de namenlijst van de Menenpoort

De datum 15 augustus 1917 bepaalt of de namen van vermiste militairen uit het Britse Gemenebest al dan niet op de Menenpoort in Ieper staan. Op de muren van deze indrukwekkende poort is er alleen maar ruimte voor hen die sneuvelden voor 15 augustus 1917. De namen van de manschappen die daarna sneuvelden, zijn gegraveerd in de boogvormige muur om Tyne Cot Cemetery in Passendale. 

De Menenpoort is zonder twijfel het belangrijkste oorlogsmonument in Flanders Fields. Via deze poort trokken duizenden manschappen naar de slagvelden. Een eindeloos aantal keerde nooit weer. Sinds 11 november 1929 weerklinkt hier dagelijks de Last Post om 20 uur.  

Toeristische tip : in de wandelbox Flanders Fields (Davidsfonds) vind je een routebeschrijving , een kaartje en andere nuttige informatie voor een wandeling die je langs de belangrijkste oorlogsmonumenten van het centrum van Ieper leidt. 

Bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds 

menin-gate-memorial

Belgische piloot viert Nationale Feestdag

Tijdens een luchtgevecht haalt André De Meulemeester op 21 juli 1917 een Duits vliegtuig van het type Albatros neer. Omwille van het neerhalen van deze ‘vogel’ op de Belgische nationale feestdag geeft men hem de bijnaam Arend van Vlaanderen. Deze bijnaam is ook een verwijzing naar Brouwerij De Arend in Brugge, eigendom van zijn familie, waar de piloot na de oorlog ook gaat werken. In 1928, na de fusie met de Gentse brouwerij Belgica, wordt André De Meulemeester voorzitter van de raad van bestuur van Brouwerij Aigle Belgica.

AndreDeMeulemeester

Na Willy Coppens is André De Meulemeester de tweede meest succesvolle Belgische piloot tijdens de eerste wereldoorlog. Hij behaalt elf officieel bevestigde luchtoverwinningen en daarnaast negentien onbevestigde.

 

 

Zoals wel meerdere mensen heeft André de Meulemeester een ongewoon trekje. Zo zou hij bij iedere vlucht zijn chihuahua hebben meegenomen in zijn geel geschilderde vliegtuig. Sinds het najaar van 1916 maakt De Meulemeester deel uit van de eerste jachtescadrille, een eenheid die opereert vanaf een vliegveld in De Moeren.

Bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
http://siagrius.be/siagrius/?p=684

Belgische piloten neergehaald boven Vladslo

kervyn_de_lettenhove_charlesGedurende een luchtgevecht op 15 juli 1917 boven Vladslo wordt de Farman 40 van luitenant Charles Kervyn de Lettenhoven neergeschoten. Zowel deze piloot als de waarnemer aan boord, onderluitenant Jacques de Meeûs, laten daarbij het leven.

JacquesdeMeeus

Jacques de Meeûs

 

Omdat de lichamen van beide slachtoffers niet meer uit elkaar gehouden konden worden, worden ze samen in een graf begraven op de gemeentelijke begraafplaats van Vladslo.

Op de hoek van de Deselgemstraat en de Molenstraat in Dentergem wordt na de oorlog een bakstenen Heilig Hart-kapel gebouwd ter nagedachtenis van luitenant Charles Kervyn de lettehoven.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

republiek van Korce

Het koninkrijk Italië roept op 23 juni 1917 de onafhankelijkheid uit van het gedeelte van Albanië dat het bezet, onder Italiaans protectoraat. Het betreft het zuidelijkste kwart van het land, gelegen beneden de denkbeeldige lijn tussen de steden Vlare en Korce. De omgeving van Korce is nog in Franse handen, de rest van het land valt onder Oostenrijks-Hongaarse bezeRepubliekKorce1917tting. Italië raadpleegde zijn bondgenoten niet vooraf en die spreken achteraf ook geen officiële erkenning uit.

Na de wapenstilstand van 1918 valt het Italiaanse protectoraat ongeveer samen met het huidige Albanië. Begin augustus 1920 trekt Italië zich terug en vervalt het protectoraat over het land.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
http://www.crwflags.com/fotw/flags/al_w1914.html

 

hospitaal l’Océan opent de deuren

Grotendeels gefinancierd met steun van het Amerikaanse Rode Kruis opent op 20 mei 1917 in Vinkem (Veurne) het hospitaal l’Océan. Tot september 1917 werkt het deels in tenten terwijl arbeiders houten paviljoenen bouwen voor het definitieve hospitaal.

Hospitaal l’Océan blijft werkzaam tot 15 oktober 1919 en behandelt in die periode bijna 9500 patiënten, zowel militairen als burgers. Achteraf gezien was de meest beroemde patiënt Joe English. Die Vlaamse frontsoldaat en ontwerper van de heldenhuldezerkjes overlijdt hier op 31 augustus 1918 aan een blindedarmontsteking.

Toeristische tip : een gedenksteen (Joe Englishstraat 3 te Vinkem) verwijst naar de locatie van legerhospitaal l’Océan. Dichtbij staat de heldenhuldezerk van Joe English. In de nabijheid ligt ook hoeve De Torrelen, waar hoofdgeneesheer Antoine Depage van l’Océan verbleef.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Ocean

de piloot van de vliegenierskapel

de piloot van de vliegenierskapel

De 25-jarige sergeant-piloot Paul de Goussencourt komt op 12 mei 1917 samen met luitenant Leon De Cubber om het leven in Kaaskerke tijdens een verkenningsvlucht. Het is niet duidDE_GOUSSENCOURT_Paulelijk of hun vliegtuig geraakt is door vijandelijke afweergeschut of tijdens een luchtgevecht. Doordat ze neerstorten in geallieerd gebied, kunnen hun lichamen gemakkelijk gevonden worden en is de locatie van hun dood precies bepaald.

Paul de Goussencourt wordt begraven op de Belgische militaire begraafplaats in Adinkerke, maar zijn ouders laten in 1923 een kapel bouwen op de plaats waar hun zoon stierf. Dit godshuis blijft bekend als de Vliegenierskapel.

Toeristische tip : De Vliegenierskapel is via een smal pad, nauwelijks 100 meter lang, verbonden met de Kapellestraat in Kaaskerke. In het vijfhoekige gebouw hangt een gedenkplaat die verwijst naar de gesneuvelde piloot.

bron : oorlogskalender 2014-2018, davidsfonds

 

ontsnapping uit de gezonken UC-26

In de ochtend van 8 mei 1917 wordt UC-26, onder bevel van Kapitänleutnant zeur See Mattias Graf von Schmettow, geramd door een Britse torpedobootjager. De duikboot zinkt voor Kaap Gris Nez. UC-26 komt terecht op een bodemdiepte van 50 meter en water stroomt binnen via de radiokamer. Er wordt meerdere keren gepoogd om lucht in de tanks te blazen en perslucht in de U-boot te laten, alles zonder resultaat. De machinekamer loopt onder n ook in de commandoruimte stijgt het water tot borsthoogte. Uiteindelijk zorgt het oprukkende water voor een vergrote drukken de toren waardoor het torenluik opengeslagen wordt. Oberleutnant zur See Heinrich Petersen raakt met zijn voet geklemd aan de torenladder, maar kan zich vrijmaken en opstijgen. Petersen weet dat hij onder meer dan 5 atmosfeer druk staat op deze diepte en probeert zijn opgang zoveel mogelijk te remmen. Zo weet hij de oppervlakte te bereiken. Rond hem hoort hij verschillende hulpkreten maar hij kan niemand zien door de hoge golven.

Pas twintig minuten later komt er een Britse torpedobootjager in zicht die reddingsgordels overboord gooit naar de drenkelingen. Petersen kan zich met zijn laatste kracht aan een van de gordels vastklampen. De Britten laten een reddingsboot te water en kunnen Petersen em Maschinistenmaat Axel uit het water halen. Een groep andere overlevenden bevindt zich nog wat verder. Als Petersen aan het dek van de Britse jager komt, hoort hij de commandant zeggen :”I think that will do it.”. Hij hoort nog het hulpgeroep van zeven of acht overlevenden in het water. De reddingsboot wordt echter terug op zijn plaats vastgemaakt en de kapitein maakt aanstalten om verder te varen. Petersen gaat naar de commandant en smeekt hem om ook de anderen te redden, maar valt dan bewusteloos op het dek waarna de torpedobootjager verder vaart.

Na meer dan 2 uur wordt Petersen wakker met zware draaiingen en oor-, hoofd- en nierpijn. Na 8 uur verdwijnt de oor- en nierpijn en uiteindelijk wordt Petersen goed behandeld op de torpedobootjager. In Dover aangekomen worden Petersen en Axel overgebracht naar gevangenenkampen. Tot in 1919 heeft Petersen nog last van de longoverdruk die hij heeft opgelopen bij de ontsnapping uit de UC-26.

bron : Tomas Termote, oorlog onder water, Davidsfonds

Uboot_VictoryBonds

dood van Arthur Graeme West

ArthurGraemeWestEen sluipschutter maakt op 3 april 1917 nabij Bapaume een einde aan het jonge leven van Arthur Graeme West (26 jaar), schrijver en oorlogsdichter. In 1915 treedt West in dienst uit een gevoel van plichtsbesef en patriottisme, maar geleidelijk aan ontwikkelt hij een intense afkeer voor het leger, ook al omdat hij individualistisch ingesteld is en routine haat. Die toenemende afkeer verwoordt hij in twee oorlogsgedichten :”God, How i hate you” en “Night patrol”.

In 1919 verschijnt postuum zijn boek “the diary of a dead officer“. Een hartverscheurend eerbetoon aan een verloren generatie van soldaten dat tegelijkertijd een ontluisterend beeld schetst van het leven in het leger.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

 

Britten zinken Duitse Leopard

De Britse kruiser Achilles, geassisteerd door de bewapende stoomboot Dundee, houdt op 16 maart 1917 op de Noordzee een wat mysterieus schip tegen om het te inspecteren. Een officier en vijf manschappen gaan aan boord van wat later de Duitse hulpkruiser Leopard blijkt te zijn, vermomd als het Noorse vrachtschip Rena Norge.

De Duitse kapitein ziet dat hij geen kant meer op kan en vuurt enkele torpedo’s af die de Dundee rakelings missen. Daarop opent de Achilles volop het vuur met als gevolg dat de Leopard zinkt, met aan boord 319 bemanningsleden plus de zes Britten die er vastgehouden waren.

Onderstaand schilderij van William Lionel Wyllie geeft het treffen van de Achilles, Dundee en Leopard weer en is geschilderd in 1920.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

(c) IWM (Imperial War Museums); Supplied by The Public Catalogue Foundation