de Suffren gezonken

Ter hoogte van Lissabon, op zowat 90 kilometer buiten de Portugese kust, treft een torpedo van de Duitse onderzeeër U-52 het Franse slagschip Suffren. In enkele seconden zinkt het schip op 26 november 1916 en krijgen de 648 mensen aan boord een zeemansgraf.

De Suffren nam deel aan operaties in Galipoli en Salonika en was op weg naar huis voor bevoorrading. Tijdens eerdere gevechten raakte het schip al beschadigd, vandaar dat het wat moeizaam vaarde aan een snelheid van slechts 9 à 10 knopen. Bovendien was het schip op het ogenblik van de Duitse aanval al enkele dagen zonder escorte.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

suffren_1916

de meest succesvolle U-boot kapitein

De Duitse onderzeeër U-35 onder Lothar von Arnauld de la Perière keert op 20 augustus 1916 terug naar zijn basis in Cattaro in de Adriatische zee na een recordactie van 25 dagen. Hij heeft 54 schepen tot zinken gebracht, vooral Italiaanse, veel door kanonschoten. Dit is de zesde vaart van de U-35 onder leiding van Arnauld de la Perière en ook de meest succesvolle.Op 11 oktober 1916 krijgt hij als derde U-boot commandant de orde Pour le Mérite.

In totaal zal de kapitein 193 handelsschepen doen zinken voor een totaal van 457.179 Bruto Register Ton, 2 kanonneerboten met 2.500 BRT en 7 andere schepen (31.810 BRT). Daarmee is Lothar von Arnauld de la Perière de succesvolste bevelhebber aller tijden van een onderzeeër.

bronnen :
Ian Westwell, 1914-1918, de eerste wereldoorlog dag na dag, Deltas
https://de.wikipedia.org/wiki/Lothar_von_Arnauld_de_la_Peri%C3%A8re

LotharVonArnauldDeLaPerière.jpg

 

 

Charles Fryatt krijgt ruzie in fort Lapin

Het brits koopvaardijschip SS Brussels, op weg van Rotterdam naar Groot-Brittannië, wordt op 23 juni 1916 voor de Belgische kust aangehouden door een Duitse torpedoboot en vervolgens naar Zeebrugge geleid. Tot hier lijkt dit een banaal oorlogsincident.

De kapitein van de Brussels, Charles Fryatt, heeft met zijn schip al eerder problemen gehad met de Duitse marine. Op 28 april 1916 wordt zijn schip aangehouden door de Duitse onderzeeër U-33. De kapitein tracht de duikboot te rammen, maar die kan, weliswaar beschadigd, ontsnappen dor vliegensvlug te duiken.

Dat weten de Duitsers niet op het moment dat ze hem tot Zeebrugge meevoeren. Integendeel, de sfeer is zeer hartelijk. Kapitein Fryatt wordt uitgenodigd om met de Duitse U-bootofficieren mee te dineren in hun officierenmess in fort Lapin. De sfeer slaat helemaal om als de Duitsers de medaille in de gaten krijgen die Fryatt van de Britse regering ontving voor zijn rampoging van de U-33. Hij wordt gearresteerd en door een Duitse krijgsraad ter door veroordeeld. Op 28 juli 1916 volt de terechtstelling van kapitein Charles Fryatt.

Fort Lapin bestaat nog steeds en is momenteel een aperobar onder de naam salon Lapin.

bronnen :
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
Tomas Termote, oorlog onder water, Davidsfonds

CaptainFryatt_SS_Brussels.jpg

 

laatste patrouille van Arthur Metz

ub-13-metzOberleutnant zur See Arthur Metz verlaat met de UB-13 Zeebrugge op 23 april 1916. Metz heeft de opdracht om gedurende een week de scheepvaart ter hoogte van Southwold aan te vallen. Na zijn vertrek raakt de Duitse admiraliteit elk spoor van UB-13 bijster. Vermoedelijk is de duikboot een dag na het vertrek in een Brits mijnenveld geraakt.

Britse rapporten bevestigen de Duitse vermoedens. Op 24 april 1916 zijn de Britten begonnen met een groot mijnenveld te leggen 18 mijl ten noorden van de Belgische kust. Daarmee willen ze het Belgische zeegebied zo goed mogelijk afsluiten voor U-boten. Die dag worden er ook verschillende ontploffingen gehoord in de netten. UB-10 is erin terechtgekomen en heeft bij verschillende pogingen om vrij te komen, mijnen tot ontploffing gebracht. Na acht uur spartelen kan UB-10 zichzelf bevrijden en veilig de basis te raken.
UB-13 heeft minder geluk. Ze raakt de ankerkabel van de drifter Gleaner of the Sea ter hoogte van de Thorntonbank. Door maneuvers om vrij te komen komt de duikboot in contact met een mijn in de sleep van het konvooi waarna die ontploft. Een patrouillerend watervliegtuig merkt wat er gaande is en werpt een bom op de plaats waar wrakstukken en olie aan de oppervlakte komen. Het wrak van de UB-13 blijft onontdekt tot de vroege jaren negentig van de vorige eeuw.

bron : Tomas Termote, oorlog onder water, Davidsfonds

 

Oostends schip redt Noorse drenkelingen

Ongeveer 20 mijl ten zuidzuidoosten van Main Head verplicht een Duitse U-boot op 23 maart 1916 de vijf bemanningsleden van de Noorse bark Chaema om in hun reddingssloep te stappen. Na een korte beschieting met kanonvuur zinkt het Noorse vaartuig. De op zee dobberende Noren worden opgemerkt door de Oostendse Marcella, die hen aan boord neemt en naar Milford brengt.

Opmerkelijk : begin februari 1917 wordt de Marcella zelf het slachtoffer van een Duitse onderzeeër. Alle elf bemanningsleden van de bemanning overleven het hachelijke avontuur.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Versenkbares 7,5cm-U-Boot-Geschütz

U-68 verrast door Q-schip

22 maart 1916 : nog maar zes dagen onderweg tijdens zijn allereerste patrouille zinkt de Duitse onderzeeër U-68 een eind voor de Zuid-Ierse kust, na treffers van het Britse Q-schip Farnborough. Geen enkele van de 38 opvarenden overleeft.

Q-schepen, zo genoemd naar de eerste letter van hun thuishaven, Queenstown in Ierland, waren een soort van lokvogelschepen. Ze zagen eruit als doodgewone vrachtschepen, maar waren voorzien van een goed verborgen bewapening. Meestal opereerden ze in hun eentje – om geen argwaan te wekken – in een gebied waar een Duitse onderzeeër opgemerkt was.

Kapiteins van Duitse duikboten gingen spaarzaam om met het beperkte aantal torpedo’s aan boord, die onder water afgevuurd konden worden. Als ze een onschuldig ogend vrachtschip opmerkten, kwamen ze liever boven water om het te beschieten met hun andere wapens.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
http://historyhubulster.co.uk/first-sinking-u-boat-q-ship-around-irish-coast-22-march-1916/

U 53 im Kampf mit der U-Boot-Falle.jpg

Franse duikboot gezonken

Op 5 december 1915 zinkt de Franse duikboot Q-65, ook bekend als Fresnel, na treffers door de Oostenrijks-Hongaarse destroyer Waradisner voor de kust van Durazzo, aan de Albanese kust. De bemanning is gevangengenomen, op een dode en gewonde na.

Elders in de Middellandse zee, in de buurt van Kreta wordt op dezelfde dag ook de Amerikaanse tanker Petrolite getroffen. De schade aangebracht door de Duitse duikboot U-39 is betrekkelijk gering. Ongeveer anderhalf jaar later wordt dezelfde tanker in de Middellandse zee opnieuw beschoten door een onderzeeër, nu een Oostenrijkse. Ditmaal zinkt de Petrolite.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

sous-marinFresnel

De Baralong incidenten

Tweemaal is de HMS Baralong betrokken bij incidenten met bemanningen van duikboten, die de Duitsers ertoe brengen de Britten te beschuldigen van misdaden. In beide gevallen hadden de Britten bovendien de toen nog neutrale vlag van de Verenigde Staten in top gehesen.

Baralong01Op 19 augustus 1915 houdt de U-27 het Britse schip Nicosian tegen. Een aantal Duitse matrozen gaat aan boord voor inspectie en vindt munitie in het ruim van het schip. De Duitse kapitein geeft bevel het Britse schip tot zinken te brengen als de HMS Baralong met Amerikaanse (dus neutrale) vlag in de mast komt aanvaren. De Baralong verandert de vlag en opent het vuur. De U-27 begint te zinken en overlevende Duitse matrozen zwemmen naar de Nicosian. Kapitein Manning van de Baralong geeft daarna het bevel om geen gevangenen te maken.

Op 24 september 1915 gebeurt er iets gelijkaardigs. De Baralong brengt de onderzeeër U-41 tot zinken en overvaart vervolgens de reddingsboot waarin zich een aantal overlevenden bevinden.

Baralong_MedalDe incidenten komen aan het licht mede door de aanwezigheid van Amerikaanse burgers. Op 15 januari 1916 is er een debat in de Duitse Reichstag. De Duitsers maken ook een herinneringsmedaille gewijd aan deze incidenten.

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

https://en.wikipedia.org/wiki/Baralong_incidents

Gezonken voor Stavanger

De SM U-6, één van de meer dan 300 duikboten van de Kaiserliche Marine, zinkt in de loop van de namiddag van 15 september 1915 voor de kust van Stavanger (Noorwegen) na een treffer door de Britse duikboot HMS E-16. Het Britse schip had slechts twee torpedo’s aan boord, maar de tweede die het afvuurde naar de U-6, is een voltreffer. Slechts 5 van de 29 Duitse bemanningsleden overleefden de aanval.

In de voorafgaande zes dagen was de Duitse duikboot behoorlijk actief : niet minder dan vier Noorse vrachtschepen werden naar de zeebodem gestuurd : een motorschip, een stoomschip en twee zeilboten.

U-6 in vredestijd

U-6 in vredestijd

bronnen

Oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

https://de.wikipedia.org/wiki/SM_U_6

De Lusitania : Duitse drift of Britse provocatie ?

De ondergang van de Lusitania is altijd omgeven geweest met controversen. De Britten claimden dat kapitein Schwieger zijn twee torpedo’s had afgeschoten – vandaar de twee explosies – maar de Duitsers hebben altijd volgehouden dat de tweede explosie het gevolg was van ontploffende munitie. Dit zou betekenen dat er oorlogsmateriaal vervoerd werd met een “neutraal” schip. Later is uit geheime Britse documenten vast komen te staan dat deze Duitse claim inderdaad juist was.

Het torpederen van de Lusitania kwam zeer goed uit voor oorlogszuchtige Amerikanen die zich aan de zijde van de Britten wilden scharen. Dit werd door de Duitsers net zo ervaren, want zij hadden ook wat vragen te stellen. Waarom lapte kapitein Turner alle bevelen aan zijn laars en begon hij langzamer te varen ? Waarom zigzagde hij niet zoals was voorgeschreven door de rederij ? Turner stelde dat hij zigzaggen een verspilling van tijd vond. Waarom voer Turner midden op zee en niet zoveel mogelijk langs de kust, zoals voorgeschreven ? Waarom werd de Lusitania niet door de Britse admiraliteit gewaarschuwd voor de incidenten die de U-20 eerder had veroorzaakt in de Ierse zee ? De Duitsers dachten de antwoorden wel te weten. : de Lusitania is opgeofferd om Amerika bij de oorlog te betrekken. Een claim dat het schip ook Canadese militairen vervoerde, bleek achteraf geheel en al ongegrond te zijn.

Hoe dan ook, het zinken van de Lusitania was een propagandistische ramp voor Duitsland, hoewel president Wilson vooralsnog een neutrale koers bleef varen.

Wie nog meer wil nalezen over de mysteries rond de Lusitania, vindt leesvoer onder bronnen. Een recent werk van Gérard Piouffre, behandelt de laatste reis van de Lusitania en de diplomatieke gevolgen ervan. Een korte inhoud van dit boek vind je onder bronnen (URL begint met “guerre et conflits” voor Franse bespreking of met “france24.com” voor een Engelse bespreking)

TorpillageLusitania

bronnen

Roel Tanja, een korte geschiedenis van de eerste wereldoorlog, BBNC uitgevers

https://foolscrow.wordpress.com/2014/05/07/sinking-the-lusitania-an-act-of-mass-murder-by-the-banksters/

http://www.centenarynews.com/article?id=1616

http://www.theguardian.com/world/2014/may/01/lusitania-salvage-warning-munitions-1982

http://guerres-et-conflits.over-blog.com/2015/03/lusitania.html

http://www.france24.com/en/20150507-100-year-anniversary-sinking-lusitania-usa-britain-germany-first-world-war