de staking bij Putilov

De staking die op 18 februari 1917 uitbreekt in de staalfabriek Putilov, draait om een loondispuut maar wordt gezien als het begin van de Russische Februarirevolutie. De directie gaat over tot een lock-out van de zowat twintigduizend personeelsleden. S’ Anderendaags leggen de arbeiders in meer dan achthonderd fabrieken in en rond Petrograd het werk neer. Dat betekent negentigduizend stakers extra. Tegen 22 februari loopt hun aantal op tot boven het half miljoen, onder meer omdat er geruchten circuleren over een verdere beperking van het broodrantsoen.

In de loop van de volgende dagen verloor tsaar Nicholaas II geleidelijk meer invloed en macht. Uiteindelijk doet hij op 2 maart 1917 troonsafstand.

Bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

putilov_factory_meeting-petrograd-1917

de Athos gezonken

In de Middellandse Zee torpedeert een Duitse onderzeeboot op 17 februari 1917 het Franse passagiersschip Athos. Eerder opmerkelijk zijn de passagiers aan boord : ongeveer 900 Chinezen, van wie er 543 om het leven komen. De meesten onder hen blijven naamloos. Niet alleen beschikte de Athos niet over een passagierslijst, veel van de arbeiders aan boord werden aangeworven buiten het medeweten van de Chinese overheid.

Grote aantallen Chinese arbeiders worden tijdens de oorlog naar Europa gevoerd, weliswaar niet om te vechten, maar ze zijn toch vaak aan het werk in gevaarlijke oorlogszones of bij riskante taken zoals het transporteren van munitie naar het front.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

athos1917

 

Duitsers openen de Montzenroute

Op 15 februari 1917 openen de Duitsers de in snel tempo aangelegde spoorlijn 24 tussen Aken en Tongeren als een onderdeel van het traject tussen het Ruhrgrbied en de haven van Antwerpen. Deze route krijgt de naam Montzenroute met als meest karakteristiek onderdeel het viaduct van Moresnet. Gezien de neutrale opstelling van Nederland in deze oorlog was het gebruik van de Ijzeren Rijn (via de grensovergang tussen Hamont en Weert) niet meer mogelijk. De officiële opening van de lijn, met tal van genodigden en toespraken volgt bijna twee weken later.

Weldra is de lijn druk in gebruik voor transporten van vooral militaire goederen allerhande. Op een gewone werkdag rijden er zowat vijftig treinen in beide richtingen. Vanaf 9 oktober 1917 is er ook personenvervoer op spoorlijn 24. Vlakbij de dorpskern van Sint-Martens-Voeren is een circa 20 meter hoger en 250 meter lange viaduct dat deel uitmaakt van spoorlijn 24. Dit viaduct is gekend als het viaduct van Moresnet.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

viaductmoresnet

Gesneuveld na één dag frontdienst

LeonVanHecke_1917.jpgLeon Van Hecke uit Tielt, buurjongen van Joris Lannoo in de Ieperstraat, vlucht op 13 oktober 1914 naar het zuiden van Frankrijk. Daar krijgt hij op 1 juli 1916 de oproep voor zijn legerdienst. Op 13 februari 1917 komt hij terecht bij de grenadiers aan het front in de sector Boezinge. De dag erna sneuvelt Leon door de kogel van een Duitse sluipschutter. Joris Lannoo schrijft een in memoriam in het Gazetje van Tielt van juli 1917.

bron : Romain Van Landschoot, een Vlaamse Viking aan het front, Lannoo

 

 

Mata Hari gearresteerd

mata_hariOp 13 februari 1917 arresteert de Parijse politie Margaretha Geertruida Zelle, een Nederlandse die beter bekend is onder de naam Mata Hari. Waarschijnlijk heeft deze exotische danseres in Den Haag haar eerste contacten met de Duitse inlichtingendienst. In 1916 verhuist ze naar Frankrijk, waar ze na enige tijd ook haar diensten aanbiedt aan de Franse inlichtingendienst. De Britse politie houdt haar al enige tijd in het oog. Als de politiediensten denken voldoende bewijsmateriaal tegen haar te hebben, wordt ze gearresteerd. Op 24 juli 1917 hoort Mata Hari haar gerechtelijk vonnis.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Was Martinus Evers in het kamp van Mailly ?

Ik heb geen dagboek van mijn grootvader Martinus Evers. Via het Belgisch leger weet ik alleen wanneer hij is ingelijfd. En door de foto’s van het Gulden Boek der Vuurkaart weet ik dat hij in het 23e linieregiment zat. In het fotoboek van Daniël Vanacker (zie bron) weet ik dat Jeroom Leuridan eind december 1916 in het kamp van Mailly zat. Gezien Leuridan in hetzelfde linieregiment zat, mag ik aannemen dat het ganse regiment, en dus ook Martinus Evers eind december 1916 in het kamp van Mailly (nabij Châlons-en-Champagne) zat.

Eind 1916 stelt de Franse generaal Joseph Joffre aan de Belgische minister van oorlog voor Belgische eenheden naar het kamp in Mailly te sturen. Daar kunnen ze dezelfde bijscholing krijgen als hun Franse collega’s. Koning Albert voelt er niet veel voor maar geeft toch toe. De eerste Belgische troepen vertrekken van het front op 11 december 1916. De treinreis duurt veertig uur.
In Mailly maken de Belgen kennis met een internationaal gezelschap. “De zondag is de enige rustdag waarover de troepen beschikken.” schrijft een deelnemer. “In het dorpje verbroederen Fransen, Russen en Belgen op voorbeeldige wijze en bezingen de weldaden van de Franse pinard (tafelwijntje).”.
Op onderstaande sneeuwfoto van januari 1917 staan een Rus, een Belgische grenadier, een Belgische gendarme en een Fransman.

mailly1917

bron : Daniël vanacker, België in de grote oorlog, Roularta

 

Gaston Le Roy leert golven

Gaston Le Roy is in Bray-Dunes (Frankrijk) en noteert op 10 februari 1917 het volgende in zijn dagboek.

Legermysteries. Vandaag dacht ik te kunnen profiteren van mijn verzwakte ogen om vrij te zijn, maar zonder succes. Waarom men bij sommige gelegenheden in het leger niet ziek mag zijn, dat vertelde me de legerarts :”Hoe graag ik je naar de oogarts wil doorsturen, vandaag kan dat helaas niet, daar ik niemand van oefeningen mag vrijstellen. Kom morgen terug.

Niemand was vrij. De reden heel het regiment voert aanvalsoefeningen in golven uit voor de grote heren. We golfden de duinen op en af tot rond 1 uur. De rollende keuken kwam ditmaal zelf tot bij ons en niet wij bij haar zoals gewoonlijk en rond 16 uur waren we terug.

Hoe ongaarne ik ook oefeningen doe, ik moet toegeven dat ik er vandaag deugd aan heb beleefd. De vermoeienissen hebben mijn moraal opgemonterd en de zwarte gedachtewolken zijn weggedreven.

Ook Jeroom Leuridan, in het 23e linieregiment net zoals Martinus Evers, heeft leren golven maar dan in december 1916 in het kamp van Mailly. Hij noteert op 23 december 1916.

Vanmorgen om vijf uur waren we in de weer en om zeven uur reeds in het gelid om vagen te gaan doen (vagen komt van het Franse vagues – golven). op het onmetelijke oefenplein. Een Frans bataljon dat de nieuwe techniek demonstreerde, maakte wel indruk. Het was prachtig ! In de diepte wriemelden de blauwe uniformen die de aanval voorbereidden. De lange lijnen van de “vages d’assaut” (aanvalsgolven) bewogen voorwaarts, slangachtig en ’t was een daverend geweld van loze houwitsers en granaten en patronen.

bronnen
André Gysel, Gaston le Roy – dagboek van een Vlaamse oorlogsvrijwilliger, Lannoo
Daniël Vanacker, België in de grote oorlog, Roularta

LerenVagen_1917.jpg

 

dokter Lievens tussen koude en geweervuur

Dokter Lievens is einde januari en begin februari 1917 bij de vooruitgeschoven posten nabij het Viconiakasteel en de kerk van Stuivekenskerke.

26-1-1917 : ’s Avonds proberen de Duitsers nog een van onze posten te veroveren. Deze poging heeft geen succes net zo net zomin als die van de vooravond. Onze schuilplaats is beklagenswaardig. Je kunt je er niet in bewegen en wij logeren daar met vijf in, opgehoopt als haringen in een ton. Het is zo koud dat al onze drank bevriest.

27-1-1917 : Het heeft een beetje gesneeuwd waardoor het van langsom gevaarlijker wordt om de passerelles te gebruiken. Je kunt elk ogenblik vallen. De volledige wacht is op post gedurende de hele nacht zonder aflossing want er klinkt ongewoon lawaai bij de vijand. De thermometer wijst -21° aan.

30-1-1917 : In de nacht van 30 op 31 januari is er grote opschudding. De Duitsers vallen de kleine posten 1,2,3 en 5 aan. Ze beginnen met een buitengewoon hevig bombardement. Na zowat een uur houdt die zondvloed van projectielen op, maar dan treden de mitrailleurs in het wit gekleed en plat op de buik schuiven ze over het ijs vooruit met behulp van twee met ijzer gepunte stokken die elke soldaat vasthoudt. In een witte vermomming zijn ze tot aan onze prikkeldraadversperring geraakt zonder dat wij ze opmerkten. Ze waren al bezig die door te knippen toen plots alarm werd geslagen.

lissac_nuit

Pierre Lissac – Nuit

Dadelijk springen onze mannen in de gevechtsloopgraaf en met geweerschoten en geratel van mitrailleurs ontvangen ze de vijand. Tegelijk spreidt onze gewaarschuwde artillerie met een hevig spervuur van alle granaatkalibers een gordijn van schroot en vuur achter hen, waardoor hun aftocht afgesneden is. Enkelen gooien handgranaten, anderen slagen erin tot bij onze loopgraven te geraken, maar ze worden onmiddellijk met de bajonet terug gedrongen. Beetje bij beetje luwen de gevechten en uiteindelijk wordt het weer stil.
Jammer genoeg verliep het gevecht ook voor ons niet zonder verliezen. Zes strijdmakkers zijn omgekomen en zestien zijn min of meer zwaargewond. De sneeuw valt al een poosje met kleine vlokjes en bedenkt die helden met een blanke sluier.

Ik blijf in de loopgraven tot 2 februari en elke nacht zijn er min of meer ernstige schermutselingen.

bron : André Gysel, dokter Lievens – dagboek van een arts, in de loopgraven van WO I, Lannoo

De tekening bij dit artikel is van Pierre Lissac, getiteld “Nuit”.

 

 

 

Guynemer haalt als eerste een Gotha neer

De Fransman Georges Guynemer is de eerste piloot die erin slaagt een zware Duitse bommenwerper van het type Gotha G.III neer te halen. Hij doet dat op 8 februari 1917 aan boord van een SPAD VII. Weer een opmerkelijke prestatie van de jonge piloot (geboren 24 december 1894), ook al omdat hij nog maar anderhalf jaar in de lucht was.

Guynemer zal op 11 september 1917 neergeschoten worden in de buurt van Poelkapelle zonder dat er ooit nog een spoor van hem gevonden wordt.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

gotha01

het einde van de SS California

Vroeg in de ochtend van 7 februari 1917 bestookt de Duitse onderzeeër U-85 nabij de Ierse kust het Britse passagiersschip SS California dat op weg is van New York naar Glasgow, met twee torpedo’s. Eén ervan is raak : bij de ontploffing komen al vijf mensen om het leven. Slechts negen minuten later zinkt het schip, waarbij nog eens 35 mensen om het leven komen.

Op het schip is er ruimte voor 1214 passagiers, maar nu zijn er slechts 31 aan boord, samen met 184 bemanningsleden. Merkwaardig is dat kapitein John Henderson op de burg blijft tijdens het hele gebeuren, samen met zijn schip ten onder gaat, maar er toch in slaagt om levend boven water te komen en aan boord te klimmen van een reddingsboot.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

willystoewer_uboottaten