Gaston Le Roy wordt ingelijfd in het Belgisch leger

In een vorig bericht lazen we dat Gaston Le Roy de Nederlandse grens oversteekt en Vlissingen bereikt. We lezen het volgende in zijn dagboek.

17 januari 1915

Ik verblijf twee dagen in het goede Vlissingen, maar ik heb al een hele dag nodig om mijn reispas in orde te brengen. De zee blijft onstuimig. Al is de dijk erg hoog, toch zwiepen de golven een tiental meter hoger. Vanavond trek ik naar de boot waar ik samen met drie lotgenoten in een tweedeklasse kajuit zal overnachten.

18 januari 1915

Afvaart om 8 uur. Het schip klieft door het ruime sop en schommelt als een grote wieg op de speelzieke golven. We zijn ijlhoofdig, worden zeeziek en braken. Af en toe kruisen we een ander vaartuig, maar verder hebben we de eindeloze eentonigheid van de zee voor ons. In het zicht van de Engelse kust stellen we het wat beter. 16 uur : Folkestone. (…) Ik trek naar het Vluchtelingencomité. De vriendelijke (?) dame vraagt er naar mijn leeftijd (19 jaar) en verwijt me een slechte patriot te zijn omdat ik me niet dadelijk laat inlijven als vrijwilliger.  Uiteindelijk bezorgt ze me toch een adres om bij burgers de nacht door te brengen. Met een mondjevol Engels weet ik me uit de slag te trekken. De enige gast is een verminkte soldaat. Ik leg hem mijn voornemen uit verder naar Frankrijk te reizen, wat volgens hem totaal onmogelijk is, want in de stad is een order uitgeplakt waarin staat dat alle jonge kerels tussen 18 en 25 voor en door het leger worden opgevorderd.

Haven van Folkestone

Haven van Folkestone

20 januari 1915

Vanmorgen was ik nog een vrije burger en nu ben ik soldaat. Eerst dacht ik er helemaal niet aan militair te worden, nu ben ik in het leger ingelijfd.  In een plotse opwelling ondertekende ik het briefje waardoor ik oorlogsvrijwilliger werd. (…) Bij kalm weer varen we van Folkestone naar Calais. In Calais krijgen we een onderkomen in de onvoltooide aartsvuile Nouvelle Mairie, met stro als mest om op te slapen. (…) De hele morgen slenter ik door de stad. Bij valavond trekken we naar de haven waar we op een boot, de Leopold II inschepen. (…)

21 januari 2015

Rond 7 uur word ik door een geweldige schok van het schip wakker geschud, maar ik durf mijn zetel niet verlaten uit schrik voor het spook van de zeeziekte. Om 9 uur bereiken we Cherbourg. Veel geroep en getier, ovaties van het patriotissche front.

Roosje Vecht raakt zwaar gewond in Veurne

Roosje Vecht

Roosje Vecht

Roosje Vecht is een Nederlandse verpleegster die aan het Ijzerfront heeft gewerkt. Ze is de oudste dochter (geboren op 18 juli 1881 in Elburg) van Mozes Vecht en Diena van Hamberg. Roosje trekt naar Amsterdam om er verpleegster te worden. Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog biedt ze zich aan bij het Rode Kruis. Ze werkt voor het “Belgian Field Hospital” in Antwerpen en na de val van de stad trekt ze met het Belgische leger mee naar Veurne.

Op 23 januari 1915 wordt ze zwaargewond tijdens een bombardement op Veurne als ze het hospitaal verlaat. Haar rechterbeen wordt verbrijzeld tot boven de knie. Men brengt haar nog haar het hospitaal “LOcéan” in De Panne, maar door het bloedverlies sterft ze.

Hieronder geven we een fragment weer van de graphic novel “Elsie en Mairie” van Ivan Petrus Adriaenssens die het bombardement van Veurne op die noodlottige dag weergeeft.

Roosje Vecht is niet vergeten ! Dat bewijst het feit dat er een herdenkinsgplechtigheid is 100 jaar na haar overlijden

RoosjeVecht01

RoosjeVecht02

bronnen

https://debliedemaker.wordpress.com/2014/08/13/roosje-vecht-de-enige-nederlandse-gesneuvelde-uit-wo-i/

http://www.hln.be/regio/nieuws-uit-veurne/herdenking-roosje-vecht-a2191783/

Ivan Petrus Adriaenssens, Elsie en Mairie – engelen van Flanders Fields, Lannoo

De Zeppelins vallen voor de eerste maal Engeland aan

19 januari 1915 : Voor de allereerste maal voeren zeppelins bombardementen uit op Engeland, meer bepaald op de kustplaats Great Yarmouth. Twee burgers verloren daarbij het leven. Naar verluidt was het de bedoeling dat de reusachtige zeppelins (190 meter lang, 13 meter in diameter) de vitale haven van Hull zouden treffen, maar navigatieproblemen brachten de toestellen naar het zuidelijk gelegen Great Yarmouth. Het Royal Flying Corps trachtte de zeppelins te onderscheppen maar slaagde daar niet in.

Onrechtstreeks waren de Fransen de oorzaak van deze bombardementen. Keizer Willem was namelijk boos dat Franse vliegtuigen Duitse steden bombardeerden. Daarom gaf hij zijn toestemming om ook burgers te treffen bij de tegenstrevers.

Opmerking : bovenstaande tekst komt uit de oorlogskalender van het Davidsfonds. Het klopt dat Franse vliegtuigen al eerder Duitse steden hebben gebombardeerd. Dat neemt niet weg dat Belgische burgers al eerder de terreur van zeppelinaanvallen hebben ondervonden einde augustus in Antwerpen. Lees er meer over op deze pagina

Duitse postkaart die de zeppelinaanval van 19 januari 1915 herdenkt

Duitse postkaart die de zeppelinaanval van 19 januari 1915 herdenkt

bron

Oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Louis Raemaekers – cartoonist met een vlijmscherpe pen

louis raemaekersNederland mag dan al neutraal geweest zijn tijdens de Groote Oorlog; dat betekent niet dat iedere Nederlander neutraal was. Louis Raemaekers (Roermond 1869 – Scheveningen 1956) was dat allerminst. Raemaekers was vooral geschokt door de Duitse inval in België en hij zou duidelijk de kant van de geallieerden kiezen. Zijn cartoons waren vlijmscherp zodat de Duitse autoriteiten de Nederlandse overheid onder druk zette om deze cartoons te verbieden. Dit werd echter geweigerd. In de herfst van 1915 ging er zelfs een gerucht de ronde dat de Duitsers 12.000 mark op zijn hoofd hadden gezet. In diezelfde periode werd zijn werk echter ook gepubliceerd in Frankrijk en Engeland. Zijn werk werd in Frankrijk dermate gewaardeerd dat hij in 1916 het Legion d’Honneur kreeg toegewezen. Ook het Engelse propaganda bureau Wellington House nam met Raemaekers contact op. Zijn werk wordt ook gebruikt in de Amerikaanse kranten om zo de Amerikaanse publieke opinie de kant van de geallieerden te doen kiezen. Zijn cartoons gaven hem in Amerika de titel “world’s most famous cartoonist”.

Na de oorlog vestigt Raemaekers zich in Brussel. België is zijn werk als cartoonist niet vergeten en neemt hem in 1920 op als Ridder van de Leopoldsorde. En daarmee zijn alle onderscheidingen zeker niet vermeld !

Als hij sterft in 1956, vermeldt “The Times” hem als de man die op eigen gezag, zonder titel of vertegenwoordiging, op zijn manier een grote invloed heeft uitgeoefend op het verloop van de eerste wereldoorlog.

In oktober 2014 is er een boek over zijn leven en werk uitgegeven. Tot en met 12 april 2015 is er ook een expositie van zijn werk in het Limburgs museum in Venlo.

LouisRamaekers_Cartoon01

Gijzelaars van Aarschot

Gijzelaars van Aarschot

LouisRaemaekers_VrijheidGeknecht

LouisRaemaekers_the-great-war

bronnen

http://nl.wikipedia.org/wiki/Louis_Raemaekers

http://louisraemaekers.com/

http://www.zuiderlucht.eu/louis-raemaekers-gebruikte-het-potlood-als-wapen/

de kerk van Zarren

Pastoor Edmond Buyck is niet te spreken over het gedrag van de soldaten in zijn kerk in Zarren. Hij noteert in zijn dagboek op 18 januari 1915 het volgende :

Meer dan eens is het gebeurd dzt, als wij ’s morgens in de kerk kwamen, wij ze bevuld vonden door de soldaten die binst de nacht met de trein toegekomen waren. ’t Was ons dan onmogelijk mis te doen, en als de soldaten vertrokken waren, zagen wij tot onze spijt dat zij van het huis Gods een ware stal gemaakt hadden. We ondervonden dat de soldaten zich niet geschaamd hadden hun vuiligheid in de kerk te doen.

Herhaalde malen hebben wij daarover ons beklag gedaan bij de Duitse overheid. Men beloofde ons dat het niet meer zou gebeurden, maar het bleef bij beloften.

Op onderstaande foto staat de kerk van Zarren. Merk op dat de Duitsers ook een KriegsKino opgericht hadden. Die kwam er op de plaats van de afgebrande meisjesschool.

Zarren_Kerkplaats

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://users.telenet.be/zarren/periode1417.htm

Russen verslaan Ottomaans en Oostenrijks-Hongaars leger

Op 17 januari 1915 eindigt de drie weken durende slag van Sarikamish, waarbij het Russische rijk het Ottomaanse verslaat. De Turkse nederlaag is vooral toe te schrijven aan hun slechte aanpassing aan de winterse condities. Lees meer daarover op deze pagina.

Volgens de officiële Turkse geschiedschrijving waren er 32.000 doden, 10.000 gewonden en 7.000 gevangenen onder hun troepen. Bijkomend probleem was een epidemie van tyfus, die nog lang na de veldslag uitdeinde. De Russen rapporteerden 16.000 gesneuvelden en 12.000 doden door ziekte en vooral bevriezing.

slag om Sarikamish

slag om Sarikamish

Enkele weken voor deze veldslag bezocht de Russische tsaar dit front in de Kaukasus en sprak daar met ARmeense hoogwaardigheidsbekleders. Vanaf toen zag het Ottomaanse rijk de Armeense minderheid als een potentieel gevaar binnen de eigen grenzen. De kiem voor het Turks-Armeense conflict was gelegd.

Op dezelfde dag bezetten Russische soldaten west-Oekraïne en de Bukovina. De Bukovina ligt naast Galicië en is een streek die tot 1918 bij het Oostenrijks-Hongaarse keizerrijk behoorde. De historische stad is Czernowitz. Na de eerste wereldoorlog is deze stad Roemeens (Cernăuţi) ), dan een tijdje Russisch, dan weer Roemeens om ten slotte een Oekraiense stad te worden (Tsjernivtsi).

Bukovina1915

Oostenrijks-Hongaarse troepen raken slaags met Russen in de Bukovina

 

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://thegreatwardaybyday.tumblr.com/post/108293996168/17-january-1915-russia-occupies-bukovina

 

Gaston Le Roy bereikt bij stormweer Vlissingen

Gaston Le Roy

Gaston Le Roy

Gaston Le Roy verlaat zijn woonplaats Wetteren om zich aan te melden bij het Belgisch leger. De eerste maal geraakt hij niet over de Belgisch-Nederlandse grens. In zijn dagboek lezen we het volgende :

14 januari 1915

Hollandse grens. Een bakkerskar brengt me zonder problemen tot bij de landsgrens. Bij de avondschemering trekken we met een smokkelaar de versperring over. Maar plots botsen we op een Duitse patrouille. Bidden of smeken helpt niet.
– “Nach die Wacht !” klinkt het kort.
De wachtpost schijnt me een eeuwigheid ver, drie kwartier stappen tot aan een school. Ik moet er pakken en zakken leegmaken. Gelukkig heb ik mijn brieven verbrand en bezit ik niets wat verdenking kan wekken. De kleren die ik bijheb, staven mijn bewering.
– “Ik ga naar mijn oom in Axel“.
Mede dankzij mijn sluwe gids raken we veilig buiten. Door omwegen, over velden en moerassen stappen we terug naar ons vertrekpunt. Soms zit ik op de rug van mijn gezel, soms waden we door brede beken. Maar we geraken er, ergens te velde. Het lijkt wel een rovershol.

15 januari 1915

We slapen enkele uren. Met twijfel in het hart niet over de grens te zullen raken en misschien nooit Parijs te bereiken, trekken we om 7 uur bij dageraad richting Nederland. Een boerenmeisje gaat ons voor. Na een korte woordenwisseling met de Duitse schildwacht wenkt ze me vooruit te komen. Ik wil de man een fooi geven, maar hij weigert en maant me aan om spoed te maken. Voorbij de draad proberen twee Nederlanders met mijn pakjes te gaan lopen, maar als ik hen verzeker dat er slechts kleren insteken, laten ze me met rust. In de lucht van de vrijheid schrijf ik dan eerst een briefje om mijn familie gerust te stellen en stap dan verder naar Axel. Men weigert mijn zilvermunt voor een treinticket naar Terneuzen, ik moet met goud betalen. Tijdens de toch naar Vlissingen steekt in de zware Scheldemonding een zware storm op. Hoge golven beuken met razend geweld tegen de scheepswanden.

bron

André Gysel, Gaston Le Roy – dagboek van een Vlaamse oorlogsvrijwilliger, uitgeverij Lannoo

Zuid-Afrika verovert Swakopmund op de Duitsers

De oorlog beperkt zich niet tot Europa of Azië, ook in Afrika is er strijd tussen de beide partijen. Hieronder staat een kaart van de Duitse kolonies met de datums erbij waarop ze gekapituleerd hebben,.

Duitse kolonies anno 1914

Duitse kolonies anno 1914

Zuid-Afrikaanse militairen veroveren op 14 januari 1915 Swakopmund in Duits Zuidwest-Afrika (nu Namibië). Swakopmund is een havenstad en zoals het Duise woord “mund” aangeeft is het de monding van de Swakop-rivier. Hieronder zie je de ligging van Swakopmund in Namibië.

swakopmund_map

De Zuid-Afrikaanse regering doet dat niet zonder bijbedoelingen : ze wil haar grondgebied uitbreiden in noordelijke richting. Op 9 juli 1915 geven de Duitsers in deze kolonie zich over en twee weken later annexeert Zuid-Afrika het gebied.

Zuid-Afrikaanse militairen  in actie in Zuidwest-Afrika

Zuid-Afrikaanse militairen in actie in Zuidwest-Afrika

Bij het begin van de oorlog had eerste minister Louis Botha onmiddellijk zijn steun toegezegd aan de Britten, alhoewel een aantal van de blanke Afrikaners bog kwaad waren omwille van de Boerenoorlog (1899-1902).

Hieronder zie je één van de markante gebouwen uit Swakopmund : de vuurtoren.

Swakopmund_Vuurtoren

Maman Tack

De 2e legerafdeling van het Belgische leger bezet op 11 januari 1915 de sector van grenspaal 19 tot 25 aan de Ijzer, op grondgebied Nieuwkapelle. Een aantal officieren krijgt onderdak in de vlakbij gelegen Villa Marietta, de woonst van de 78-jarige weduwe Tack, die vanaf nu de reputatie van “soldatenmoeder” krijgt. Anderen noemen haar “dame der loopgraven” of “Maman Tack”.

Maman Tack en haar soldaten

Maman Tack en haar soldaten

Het verhaal gaat dat mevrouw Tack op bezoek kwam bij de soldaten in de loopgraven, en hen voedsel en sigaretten bezorgde. Blijkbaar werd haar inzet voor de manschappen ook in hogere kringen gewaardeerd, want in juni 1916 ontvangt ze het Ridderkruis van de Orde van Leopold. II. In het najaar van 1917, toen het te gevaarlijk werd rond haar woning, verhuisde ze naar De Panne. Ook daar kwamen de soldaten haar opzoeken.

Villa Marietta bestaat nog altijd en ligt aan de Ijzerdijk 18 te Nieuwkapelle op slechts een tiental meters van de Ijzer.

Villa Marietta

Villa Marietta

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfond

http://www.militair.net/Biografieen/T/Madame%20Tack/

het Garibaldilegioen vecht in de Argonne.

De familienaam Garibaldi doet de meesten denken aan Giuseppe Garibaldi (Nice 1807 – Caprera 1882),  de leider van de Italiaanse roodhemden die vochten voor de eenmaking van Italië. Zijn kleinzoon Giuseppe Garibaldi II, ook wel Peppino Garibaldi genaamd,  is uit hetzelfde avontuurlijke hout gesneden en vecht in Mexico aan de zijde van Pancho Villa en in de eerste balkanoorlog. Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog biedt hij samen met zijn broers hun diensten aan Frankrijk aan. Hij krijgt de leiding van een regiment in het Franse vreemdelingenlegioen op te richten. De officiële naam is het “4e Régiment de marche du 1er étranger”, maar iedereen sprak van het légion Garibaldi.

Op 26 december 1914 sneuvelt een broer van Peppino, Bruno Garibaldi in de Argonne. Bruno wordt naar Rome overgebracht om daar begraven te worden. Nog voor de begrafenis krijgen de Italianen te horen dat ook Costante Garibaldi gesneuveld is op 5 januari 1915. De broers Garibaldi staan op onderstaande foto waarbij vermeld wordt wie de 2 gesneuvelden zijn.

Gebroeders Garibaldi in dienst van Frankrijk

Gebroeders Garibaldi in dienst van Frankrijk

Beide broers hebben een herdenkingsplaats gekregen in Parijs op de Square Garibaldi.

De beide broers vermeld op de Square Garibaldi

De beide broers vermeld op de Square Garibaldi

bronnen

http://nl.wikipedia.org/wiki/Giuseppe_Garibaldi

http://en.wikipedia.org/wiki/Garibaldi_Legion_%28French_Foreign_Legion%29

http://www.hambo.org/kingscanterbury/view_man.php?id=162