Soldaten aan het einde van hun krachten

Rudolf Binding, een Duitse officier en schrijver, blijft wel geloven in Duitsland maar een glorieuze overwinning zit er niet meer in. In zijn dagboek noteert hij op 22 april 1918.

Natuurlijk telt voor het leger het gevoel van superioriteit dat onze soldaten sinds 21 maart 1918 (begin van het lenteoffensief) nog steeds hebben. Maar toch behalen alleen nog verse troepen overwinningen, troepen die echt rust hebben gehad, schoon ondergoed hebben, nieuwe zolen onder de laarzen, schone geweren, gereviseerde kanonnen en uitgeruste officieren.

De lichamelijke uitputting van de infanterie was zo groot dat de manschappen op het laatst nauwelijks meer een schot losten, zich bijna apathisch door het vijandelijk geschut aan flarden lieten rukken en de stellingen niet meer verlieten. Ze waren net afgebeulde paarden die de wagen laten staan en afgestompt de slaag accepteren die op hen neerregent.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

DeutscheSoldatenErschoepft_april1918

de laatste vlucht van de Rode Baron

Manfred von Richthofen is een cavalerieofficier als de oorlog begint. Als de oorlog in de loopgraven vastloopt, vraagt hij zijn overplaatsing aan naar de Deutsche Luftstreitkräfte. In 1915 is hij nog waarnemer-boordschutter maar na een ontmoeting met Oswald Boelcke wil hij piloot worden.  Hij neemt vlieglessen maar een grote indruk maakt hij niet. De eerste solo landing eindigt in een crash. Hij zet door en neemt supplementaire vlieglessen.

In april 1916 behaalt hij zijn eerste overwinning. Omdat het Franse toestel achter de Franse linies valt, wordt die overwinning niet erkend. In augustus 1916 neemt Boelcke von Richthofen op in zijn nieuw opgerichte Jagdstaffel 2 (kortweg Jasta 2). Op 17 september 1916 behaalt von Richthofen zijn eerste officieel erkende overwinning boven de Somme. Nog voor het einde van dat jaar behaalt von Richthofen vijftien officiële overwinningen op zijn palmares.  In januari 1917 wordt hij onderscheiden met de Pour le Mérite, de hoogste Duitse militaire onderscheiding. Kort daarna krijgt von Richthofen het bevel over zijn eigen escadrille, de Jasta 11. Zijn persoonlijke toestel laat hij in het rood schilderen, wat hem de bijnaam “de Rode Baron” oplevert. De titel baron verwijst naar zijn adellijke titel Freiherr.

Op 21 april 1918, twee weken voor zijn 26e verjaardag en een dag na zijn tachtigste overwinning, zet von Richthofen bij de Somme de aanval in op een Brits vliegtuig bestuurd door de onervaren Canadese luitenant Wilfrid May. Terwijl von Richthofen het Britse toestel volgt, wordt hij zelf achternagezeten door de Canadese kapitein Arthur “Roy” Brown. Tijdens dit gevecht, dat zich op erg lage hoogte afspeelt, wordt von Richthofen dodelijke getroffen. Ondanks zijn verwonding weet hij zijn toestel in een Australische sector aan de grond te zetten. Wanneer soldaten komen toegesneld, vangen ze nog net von Richthofens laatste woorden op :”Kaputt…”.

Von Richthofen blijkt in de borst en het hart getroffen door een enkele 303 British-kogel – de standaard munitie in de legers van Groot-Brittannië en het Gemenebest. Waarschijnlijk is de Rode Baron vanaf de grond getroffen en niet door zijn achtervolger Roy Brown.

De Australiërs begraven von Richthofen met militaire eer op het kerkhof van het dorpje Bertangles bij Amiens. Na de oorlog begraven de Fransen hem op het Duitse militaire kerkhof van Fricourt. Nog later verhuist zijn stoffelijk overschot naar Wiesbaden.

bron : Mark de Geest, 14-18 in onder dagen, Manteau

 

slag van Hazebrouck

Drie dagen geleden begonnen de Duitsers een veldslag die de geschiedenis ingaat als de slag van Hazebrouck (Frans Vlaanderen) en slaan daarbij een bres in de Britse verdedigingslinies. Veldmaarschalk Douglas Haig geeft orders dat de troepen zich onder geen beding mogen terugtrekken.

Op 15 april 1918 eindigen de gevechten bij Hazebrouck maar het zal nog een paar dagen duren eer de Britten, gecommandeerd door generaal Herbert Plumer, over de hele linie de Duitse troepen tot staan brengen. Het Duitse leger zal er niet in slagen de Britten terug te dringen en zelf de Franse havens aan het Kanaal in handen te krijgen.

Hazebrouck ligt bijna 50 kilometer zuidwestelijk van Ieper in Frans Vlaanderen. Gedurende het grootste deel van de eerste wereldoorlog is deze regio in geallieerde handen tot de Duitsers ook hier hun lenteoffensief lanceren.

Meer informatie over operatie Georgette, waar de slag om Hazebrouck deel van uitmaakt, is te vinden op deze website : http://bbcfm.be/operationGeorgette.html

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

OperatieGeorgette_191804

Dagorder van Douglas Haig

Het speciale dagorder van 11 april 1918 van generaal sir Douglas Haig bevat verwijzingen naar het “England expects” signaal voor de slag van Trafalgar. Het is een ongewoon dagorder voor de immer kalme Haig. Maar op 11 april voelt hij aan dat hij dicht bij de nederlaag zit. Twee dagen voordien begonnen de Duitsers de slag aan de Leie en ze baanden zich een weg door een Portugese divisie.

Als de Duitse opmars de Franse havens aan het Kanaal bereiken, zullen de Britten worden afgesneden van hun thuisland. Een overhaaste terugtocht, zoals we een oorlog later in Duinkerke meemaken, kan dan de enige optie zijn.

Het speciale dagorder van de commandant van de British Expeditionary Force (BEF) aan zijn soldaten roept hen op om iedere positie tot de laatste man vast te houden. Eén zin springt eruit :”Met onze rug tegen de muur moet ieder van ons blijven vechten tot het einde.”. Daarom noemt men dit order vaak de “rug-tegen-de-muur-order“.

Er komen gemengde reacties op dit dagorder. Sommige soldaten nemen zich voor om zich tot het uiterste te verzetten. Anderen beginnen te panikeren omdat ze zich nu realiseren dat het Britse leger in een heel benarde situatie zit. We mogen stellen dat deze dagen inderdaad de gevaarlijkste dagen voor de Britten zijn.

bron : Gary Sheffield, the first world war in 100 objects, Blackwell

DouglasHaig_Dagorder_19180411

de slag aan de Leie

De Duitse troepen lanceren op 9 april 1918 in de Franse Leiestreek de operatie Georgette als een tweede fase van hun grote Lenteoffensief. Onder leiding van generaal Erich Ludendorff willen ze de Britse troepen terugdringen naar de havens aan het Kanaal.

Bij wijze van voorproefje beschieten de Duitsers de Britten in de omgeving van Armentières op nauwelijks 20 kilometer van Ieper gedurende ruim vier uur met zwaar geschut. Vervolgens vallen ze ongemeen hevig aan over een front met een breedte van ongeveer 15 kilometer en slagen erin een doorbraak te forceren over een breedte van ongeveer 5 kilometer. Vooral de Portugese divisie, die meevecht met de Britten, wordt zwaar aangepakt : ongeveer zesduizend van hen worden gevangen genomen. Bovendien laten de Duitsers ook 2000 ton gifgassen (onder meer mosterdgas en fosgeen) vrij die ettelijke duizenden vijanden buiten gevecht stellen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

PortugeseSoldaten_19180409

Oostenrijks vredesvoorstel afgewezen

De Franse eerste minister publiceert op 8 april 1918 de brief waarin de Oostenrijkse keizer Karel I vredesvoorstellen deed, buiten het medeweten van zijn Duitse bondgenoot en zijn eigen minister van Buitenlandse zaken. De Oostenrijkse keer komt daardoor in een lastig parket. De geloofwaardigheid van het keizerrijk wordt zwaar aangetast. Bovendien krijgt de Oostenrijks-Hongaarse dubbelmonarchie geen zitje bij de vredesbesprekingen die een einde maken aan de oorlog. Tijdens de onderhandelingen wordt de dubbelmonarchie gewoon opgeheven.

bron: oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

KeizerKarel_I

 

Edwin Nicholls, dappere koerier

De Australische soldaat Edwin Nicholls behaalt in een periode van vier maanden twee eretekens. Op 6 april 1918 verdient hij een Military Medal voor zijn gedrag als koerier tussen de linies in de buurt van Albert (Frankrijk).

Onderweg naar de achterste linie met een belangrijk bericht helpt hij een paar brancardiers een gewonde officier te dragen. Met de woorden :”Mijn commandant zal me nodig hebben.” keert hij terug naar zijn positie onder een hevige beschieting van sluipschutters. Terwijl de sluipschutters hem onder vuur nemen telekens als ze een glimp van hem opvangen, kruipt hij van inslagput naar inslagput.

Midden augustus 1918 betaalt hij zijn dapperheid met zijn leven. Zijn moeder laat de volgende tekst op zijn grafsteen beitelen :

Hij leeft voort in de harten van hen die hij achterliet. Een leven dat we niet kunnen vergeten. Moeder.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Bij gebrek aan een foto van deze koerier plaats ik een schilderij van Gilbert O’Sullivan met brancardiers.

ww-art-gilbert-osullivan

Operatie Michael stopt

Generaal Erich Ludendorff zet Operatie Michael stop op 5 april 1918 wanneer duidelijk wordt dat hij geen definitieve overwinning kan behalen aan de Somme. Zijn troepen zijn 64 km gevorderd en hebben 240.000 Britse en Franse slachtoffers gemaakt. De Duitsers hebben ook grote verliezen geleden, vooral bij de stormtroepen die de strijd aanvoerden. Ludendorff richt zijn offensief nu op een andere sector aan het westfront.

bron : Ian Westwell, 1914-1918, de eerste wereldoorlog dag na dag, Deltas

OperationMichael_Kaart

de profetie van Foch

De geallieerde troepen aan het westelijk front komen onder het opperbevel van de 66-jarige Franse generaal Ferdinand Foch. Een week geleden is dit besluit genomen in Doullens, om beter weerstand te kunnen bieden aan het Duitse lenteoffensief dat enkele dagen daarvoor werd ingezet. 

Achteraf gezien blijkt deze gemeenschappelijke beslissing van de Britse, Franse en Amerikaanse regering bijzonder succesvol. Foch blijft deze functie uitoefenen tot aan de wapenstilstand. Na de ondertekening van het verdrag van Versailles in 1919 spreekt hij deze profetische woorden :”Dit is geen vrede, maar een wapenstilstand voor twintig jaar.”. Op 65 dagen na klopt die profetie.  

Oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds 

FerdinandFoch_Citation1918

een paasei voor Louis Barthas

Louis Barthas krijgt aan het einde van dagenlange marsen dan toch een bijzonder paasei aangeboden. 

Op een dag kregen we tijdens het rapport te horen :”Alle verloven zijn ingetrokken.”. Hoe laconiek ook gezegd, toch was dit voor iedereen een zin waarvan een dreiging uitging. Wat een ramp was het voor de soldaten die nog dezelfde dag of de dag erna met verlof zouden vertrekken. Ik ken een paar soldaten die hun familie al blij hadden gemaakt met hun komst en pas toen de oorlog voorbij was tussen vier dennenplanken thuiskwamen ! 

Op 23 en 24 maart 1918 werd Les Islettes zwaar gebombardeerd. Alle diensten in het dorp waren in allerijl verhuisd. 

In de nacht van 24 op 25 maart, gebruik makend van een heldere maan, kwamen de Gothas verschillende keren bommen werpen op de spoorweg en het station. Twee of drie bommen vielen op nog geen honderd meter van onze slaapplaats die we gelukkig hadden verlaten om de nacht in de openlucht door te brengen. Je nam liever het risico van bronchitis dan onthoofd, opengereten of vermorzeld te worden.  

Op 27 maart was er alarm. We moesten de hele dag bij onze uitrustig blijven, klaar om te vertrekken, met de geweren in de rijen gezet. Rond vijf uur ’s middags kwam het bevel dat we de volgende morgen om zes uur te voet moesten vertrekken. 

Op 28 maart 1918 trokken we om acht uur door Sainte-Menehould dat een droevige aanblik bood. Tot nu toe was de stad door een vreemde gril van de Duitsers gespaard, maar sinds zes dagen vielen de granaten in groten getale op de stad. De inwoners sloegen op de vlucht alsof er een verschrikkelijke ramp op komst was.  

Bij de uitgang van de stad stond een oud vrouwtje dat iets in haar schort droeg en naar ons toekwam. Het waren eieren die ze aan ons uitdeelde. In het voorbijgaan mocht in er een nemen. Een ei betekent weinig maar we waren allemaal ontroerd. Dit arme vrouwtje ontzegde zichzelf het noodzakelijkste om het ons te geven. De manier van geven is belangrijker dan wat je geeft. 

Bron : Louis Barthas, oorlogsdagboeken, uit het Frans vertaald door Dirk Lambrechts, uitgeverij Bas Lubberhuizen 

Paasei_Poilus