Arthur Pasquier overschouwt de Vlaamse velden vanuit de kerk van Vinkem

de kerk van Vinkem bij Veurne

de kerk van Vinkem bij Veurne

Onderluitenant Arthur Pasquier wordt zowaar lyrisch wanneer hij op 20 december 1914 in een kerktoren klimt.

Vooraleer ik Vinkem verlaat, klim ik er in de intacte kerktoren. Bij het luiden van de mis schenken de klokken me evenveel vreugde als in vervlogen vredestijd. Elke klepelslag veroorzaakt een complexe trillingssymfonie en via de galmgaten worden de klankakkoorden over het dorp uitgestrooid. Ik overschouw de me zo vertrouwde Vlaamse vlakte. Hier is het vreedzaam en rustig, wat verder naar het oosten heerst de hel.

Arthur Pasquier had als student uitmuntende resultaten en krijgt daarvoor in juli 1914 van zijn vader een echte motor. Bij het uitbreken van het krijgsrumoer begin augustus beslist hij die machine naar het leger mee te nemen, hij wordt koerier en kan de veldtocht vanuit zijn speciale opdracht op een heel eigen manier volgen.

Arthur Pasquier

Arthur Pasquier

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://www.wo1.be/nl/personen/pasquier-arthur

Karel Van de Woestijne ziet Duitse troepenbewegingen

Hoewel hij een flink eind van het Ijzerfront zit, heeft auteur Karel van de Woestijne, die meestal in Brussel verblijft, toch wel een idee van wat ginder gebeurt, dankzij de troepenbewegingen in het hinterland. Op 17 december 1914 noteert hij het volgende :

Afschrikking : we horen weer het kanon. We weten wel dat er daar aan de Ijzer nieuwe bedrijvigheid moet zijn, ook al hebben de kranten er niets van gemeld. De voorbijrijdende treinen die uit Vlaanderen komen, of beladen met soldaten en materiaal naar Vlaanderen gaan, zeggen ons dat nieuwe, meer verwoede, misschien beslissende gevechten aan de gang zouden zijn.

Over de boulevard zien we nieuwe manschappen lopen : echte reuzen, eerbiedwekkend door de uitdrukking van hun strenge gelaat, als door de gestalte.

Duits troepentransport

Duits troepentransport

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds.

Gedenk Scarborough !

RememberScarboroughEen behoorlijk grote Duitse vlooteenheid beschiet op 16 december 1914 de Engelse kustplaatsen Scarborough, Hartlepool en Whitby. Er vallen veel Britse slachtoffers, onder wie heel wat burgers : 137 doden en 492 gewonden. Deze aanval is echt wel een huzarenstukje. Niet alleen treft de hevige Duitse beschieting diverse doelen, enkele van hun schepen leggen ook mijnen voor de kust. Bovendien was de Britse marine al twintig uur vooraf op de hoogte van de Duitse aanvallen via het decoderen van Duitse berichten, maar toch glippen de Duitse schepen tussen de Britse door.

Achteraf kwam er een storm van protest, zowel tegen het falen van de eigen marine als tegen de Duitse aanval op burgers. De slogan “remember Scarborough” ontstond toen, vooral om extra manschappen te recruteren.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Raoul Snoeck maakt kennis met een nieuw Duits wapen

Onderluitenant Raoul Snoeck ontdekt aan de Ijzer dat het Duitse leger een nieuw wapen in de strijd gooit en zorgt voor een levendige beschrijving ervan. Hij noteert op 15 december 1914.

Verschijning van een nieuw Duits oorlogstuig, dat men “torpille” (torpedo) noemt : een verschrikkelijke ontploffing voorafgegaan door een geschuifel, een verblindende klaarte, een langdurige trilling en scherven in alle richtingen geslingerd. We zijn verbijsterd.

Het is een afgrijselijk oorlogstuig : het komt recht op je af als een pijl en opgepast… Het is verschrikkelijk ! Maar we zijn over niets meer verwonderd. ’s Nachts in de loopgraven zien we de klaarte van de zoeklichten zich beweeglijk in de hemel verplaatsen. Plat op de buik, het geweer dicht bij de hand, wachten we af.

bron : Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, vertaald uit het Frans door André Gysel, Snoeck-Ducaju

Wie googelt op torpille en tranchée, komt uit bij diverse afbeeldingen. Bij sommige staan ook de termen artillerie de tranchée en crapouillot. Het voorwerp dat Raoul Snoeck beschrijft, lijkt nog het meeste op dat uit onderstaande afbeelding dat een Franse torpedo toont. De Duitsers spreken blijkbaar van Minenwerfer.

loopgraaftorpedo

loopgraaftorpedo

Oscar Potiorek verliest Belgrado aan de Serviërs

OscarPotiorekOp 15 december 1914 heroveren de Serviërs hun hoofdstad Belgrado op de Oostenrijkers. Het Oostenrijkse leger probeert nog een ordelijke terugtocht te organiseren maar dit verandert al snel in een wanordelijke vlucht. Het gezichtsverlies voor Oostenrijk-Hongarije is daarmee volledig en ook voor de bevelvoerende generaal Oscar Potiorek. Het was slechts enkele weken geleden dat het Oostenrijks-Hongaarse leger de Servische hoofdstad kon innemen : lees meer daarover op deze pagina

Oscar Potiorek is geboren op 20 november 1853 in Bad Bleiberg (Karinthië). Hij volgt een officiersopleiding in Wenen en wordt al snel tot de generale staf toegelaten. In 1911 wordt hij inspecteur-generaal van het Oostenrijks-Hongaars leger (vaak afgekort tot KuK : Kaiserliche und Königliche Armee) en militair gouverneur van Bosnië-Herzegovina. Het feit dat deze regio, vroeger Ottomaans terrein, daarna in feite bestuurd door Wenen, door de Oostenrijkers geannexeerd wordt in 1908, leidt tot woede van de Serviërs. Zij zoeken naar aanleidingen om in Bosnië-Herzegovina hun invloed uit te breiden. Het is in deze gespannen toestand dat Oscar Potiorek de fatale beslissing neemt om aartshertog en Oostenrijkse troonopvolger Franz Ferdinand uitnodigt voor een bezoek aan Sarajevo. Ook de datum lijkt een provocatie : uitgerekend op de dag dat de Serviërs de slag bij het merelveld herdenken : 28 juni 1914.

Oscar Potiorek is verantwoordelijk voor de veiligheid in Bosnië-Herzegovina maar wordt toch niet ter verantwoording geroepen. Hij stuurt aan op een oorlog met de Serviërs en valt Servië een eerste maal binnen op 16 augustus 1914. Op 19 augustus moeten de Oostenrijkse troepen al terugtrekken. Een tweede offensief in september 1914 heeft niet meer succes. De derde inval in Servië leek geslaagd met de verovering van Belgrado. Maar met het verlies van Belgrado verliest Potiorek ook zijn aanzien en het vertrouwen van zijn keizer. Potiorek zal zich van deze nederlaag niet meer herstellen en gaat in 1915 op pensioen.

bronnen

http://nl.wikipedia.org/wiki/Oskar_Potiorek

Georges Mardaga sneuvelt in Oud-Stuivekenskerke

Georges Mardaga

Georges Mardaga

In Oud-Stuivekenskerke sneuvelt op 14 december 1914 Georges Mardaga, een 23-jarige universiteitsstudent en vrijwilliger die korporaal is bij “les Spéciaux”. Zijn laatste opdracht bestaat erin de Reigersvliet te controleren, die vlakbij stroomt.

Zijn collega’s begraven hem bij de toren van Oud-Stuivekenskerke, maar de voortdurende beschietingen leiden ertoe dat het terrein totaal omgewoeld wordt zodat er na de oorlog niets meer terug te vinden is van zijn graf. Les Spéciaux is een aparte compagnie van het Belgisch leger waarin vrijwilligers voor gevaarlijke opdrachten ondergebracht zijn.

Toeristische tip : een herdenkingsplaat op de ruïne van de toren (Oud-Stuivekens, Stuivekenskerke) herinnert aan de dood van Georges Mardaga.

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://www.bel-memorial.org/cities/west-vlaanderen/kaaskerke/oud-stuivekenskerke_gedenkplaat_MARDAGA_Georges.htm

http://www.bel-memorial.org/photos/MARDAGA_Georges_20381.htm

André Robert sneuvelt in Pilkem

De oorlogskalender 2014-2018 van het Davidsfonds vermeldt op 13 december 2014 het volgende over 100 jaar geleden : “André Robert, een 34-jarige Franse militair sneuvelt vandaag in de buurt van Pilkem. Toeristische tip :in de muur van de Sint-Michielskerk van Bozinge (Katspel) is een gedenkplaat ingemetseld voor zijn nagedachtenis. Hoewel de toenmalige geestelijkheid dergelijk inmetselen van gedenkplaten niet aanmoedigde, waren er toch drie Franse families die daarin slaagden, onder andere die van André Robert.

Meer vermeldt de oorlogskalender niet over André Robert. Via Google stuit ik op een aantal webpagina’s die wat meer informatie geven. Op lewage.be staat er vermeld dat André Robert in Reims is geboren op 30 september 1880 en gestorven in Langemark op 13 december 1914. Hij is gehuwd op 27 november 1912 in Parijs met Marie-Madeleine Lafosse. Uit dit huwelijk is een zoon geboren Jacques Robert op 20 april 1914. Hij zal ook niet oud worden want sterft op 16 mei 1940. Zijn vader én zoon omgekomen door het oorlogsgeweld ?

Ik vind evenmin iets terug over zijn regiment. Maar op 87dit.canalblog.com staat er het Franse 73 Regiment d’Infantérie Territoriale vermeld met als actieterrein “Guingamp, Le Havre, Les Flandres, Ypres, Saint-Julien, Boeringhe, Korteker-Cabaret, Pilkem.” En met Pilkem is de cirkel rond voor dit bericht. Het kan natuurlijk ook een ander regiment zijn. Maar gezien het 73e RIT zeker in Pilkem is geweest, plaats ik uit eerbetoon aan deze Fransen een foto van dit regiment van augustus 1914.

bronnen 

http://www.lewage.be/d0018/g0000518.html

http://87dit.canalblog.com/archives/2012/11/03/25247592.html

73e Regiment d'Infantérie Territoriale - augustus 1914

73e Regiment d’Infantérie Territoriale – augustus 1914

graaf Maximilian Von Spee sneuvelt bij de slag om de Falklands

Vice-admiraal graaf Maximilian von Spee voert het bevel over twee sterke kruisers, SMS Scharnhorst, zijn vlaggenschip de SMS Gneisenau en nog drie lichte kruisers: de SMS Dresden, de SMS Nürnberg en de SMS Leipzig.Zodra Japan de kant van de geallieerden heeft gekozen, verlaat von Spee de haven van Tsingtao (China). Een ander verhaal over de belegering van Tsingtao kan je hier lezen.

Het doel van von Spee is de handelsroutes langs de westkust van Zuid-Amerika af te snijden voor de geallieerden. Viceadmiraal Christopher Cradock krijgt bevel von Spee te achtervolgen. Britse radioberichten worden onderschept en von Spee weet hierdoor dat de Brit zich ter hoogte van Coronel (Chili) bevindt. Cradock wordt verrast door de aanwezigheid van het Duitse eskader en verliest de slag bij Coronel op 1 november 1914. Het is een eeuw geleden dat de Britten nog een zeeslag hebben verloren en ze reageren beslist. Sir Frederick Sturdee wordt er met een eskader op uit gestuurd om het eskader van von Spee te vernietigen.

Op 8 december 1914 is het dan zover. Tijdens de slag om de Falklandeilanden (Brits gebied vlakbij Argentinië) brengt de Britse marine de Duitse een zware slag toe. Van de acht Duitse schepen die de strijd aangaan ontsnappen er slechts twee. Graaf Maximilian Von Spee vergaat met zijn vlaggeschip de Scharnhorst. Om 16u17 vergaat dit schip met alle opvarenden. Bij die opvarenden zijn ook 2 zonen van Maximilian von Spee, Otto en Heinrich.

In 2014 zullen de Britten die slag herdenken samen met de Duitsers.

MaximilianVonSpee

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://nl.wikipedia.org/wiki/Slag_bij_Coronel

http://nl.wikipedia.org/wiki/Slag_bij_de_Falklands

http://en.mercopress.com/2013/01/28/falklands-battle-century-commemoration-includes-an-invitation-to-the-german-navy

Raoul Snoeck van wacht tot rust in De Panne

Op 6 december 1914 noteert Raoul Snoeck in zijn dagboek :

Met zes man hou ik de wacht langs de weg naar Adinkerke. We hebben zojuist de laatste eer bewezen aan een dappere die gisteren in het hospitaal bezweek aan de gevolgen van zijn verwondingen.

Uit de brief van mijn ouders kan ik afleiden dat ze mijn correspondentie slecht ontvangen. Ik schrijf hen nochtans regelmatig, tweemaal per week. Ik heb niet veel geld meer, maar zal me wel uit de slag trekken. Aan de Ijzer is Fernand Batta aan de kuit gewond geraakt, een worden die ik hem benijd. Over Freddy Lecluse, die ernstige hoofdwonden opliep in het gevecht aan de Ijzer, is er nog geen verder nieuws. Robert de Bethune is wegens verwondingen uit het leger ontslagen.

De koude begint toe te slaan, maar tot nu toe heeft ze me nog niet te veel doen afzien. In mijn plunjezak steekt nog een flanellen hemd dat ik van moeder kreeg in Stalhille, alsook een onderbroek en een wollen trui. Ik heb geen kousen of handschoenen maar daarin zal de regering voorzien. Het nieuws is schaars want er zijn geen grote gevechten aan het front. Alle inspanningen concentreren zich nu aan Russische zijde. Van die kant komt voor ons het succes of de nederlaag.

We kregen twaalf dagen rust in De Panne, waar we ondertussen de duinen bewaakten. ‘Rust’ noemen we de etmalen die we niet aan het front doorbrengen. Was de oorlog niet uitgebroken, dan zou ik over negen dagen mijn militaire dienst achter de rug hebben. Enfin, de afzwaai zal voor een andere keer zijn.

bron : Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, vertaald uit het Frans door André Gysel, Snoeck-Ducaju

De Panne - weg naar Adinkerke

De Panne – weg naar Adinkerke – “repos Sainte Elisabeth” diende als hospitaal voor militairen onder de oorlog

Duitse vliegtuigen arriveren in Zeebrugge

Op 4 december 1914 arriveren de eerste twee Duitse watervliegtuigen in Zeebrugge. Ze zijn van het type Friedrichshafen FF29 en krijgen een basis in de nabijheid van het reizigersstation op de havenmuur. Wanneer begin 1915 nog eens twee toestellen arriveren, is het Seeflugstation Seebrügge volledig operationeel. Vanaf 1916 komen er snellere vliegtuigen naar deze basis…

De eerste twee toestellen voeren vooral verkenningen uit langs de Belgische kust, maar op de vooravond van Kerstmis laten ze ook al bommen vallen op Dover.

Friedrichshafen FF29