Belgische piloot viert Nationale Feestdag

Tijdens een luchtgevecht haalt André De Meulemeester op 21 juli 1917 een Duits vliegtuig van het type Albatros neer. Omwille van het neerhalen van deze ‘vogel’ op de Belgische nationale feestdag geeft men hem de bijnaam Arend van Vlaanderen. Deze bijnaam is ook een verwijzing naar Brouwerij De Arend in Brugge, eigendom van zijn familie, waar de piloot na de oorlog ook gaat werken. In 1928, na de fusie met de Gentse brouwerij Belgica, wordt André De Meulemeester voorzitter van de raad van bestuur van Brouwerij Aigle Belgica.

AndreDeMeulemeester

Na Willy Coppens is André De Meulemeester de tweede meest succesvolle Belgische piloot tijdens de eerste wereldoorlog. Hij behaalt elf officieel bevestigde luchtoverwinningen en daarnaast negentien onbevestigde.

 

 

Zoals wel meerdere mensen heeft André de Meulemeester een ongewoon trekje. Zo zou hij bij iedere vlucht zijn chihuahua hebben meegenomen in zijn geel geschilderde vliegtuig. Sinds het najaar van 1916 maakt De Meulemeester deel uit van de eerste jachtescadrille, een eenheid die opereert vanaf een vliegveld in De Moeren.

Bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
http://siagrius.be/siagrius/?p=684

Belgische piloten neergehaald boven Vladslo

kervyn_de_lettenhove_charlesGedurende een luchtgevecht op 15 juli 1917 boven Vladslo wordt de Farman 40 van luitenant Charles Kervyn de Lettenhoven neergeschoten. Zowel deze piloot als de waarnemer aan boord, onderluitenant Jacques de Meeûs, laten daarbij het leven.

JacquesdeMeeus

Jacques de Meeûs

 

Omdat de lichamen van beide slachtoffers niet meer uit elkaar gehouden konden worden, worden ze samen in een graf begraven op de gemeentelijke begraafplaats van Vladslo.

Op de hoek van de Deselgemstraat en de Molenstraat in Dentergem wordt na de oorlog een bakstenen Heilig Hart-kapel gebouwd ter nagedachtenis van luitenant Charles Kervyn de lettehoven.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Von Richthofen gewond boven Wervik

De Duitse piloten van Staffel 11 zijn vanaf 28 juni 1917 gelegerd in in kasteel Bethune bij Markebeeke, niet ver van Kortrijk. Een van de meest bekende piloten van Staffel 11 is hun commandant Manfred von Richthofen, beter bekend als de Rode Baron omdat hij met een rode driedekker vliegt.

Op 2 juli 1917 behaalt von Richthofen nog een overwinning. Maar op 6 juli heeft hij minder geluk. Hij geraakt gewond tijdens een luchtgevecht boven Wervik, maar ondanks een ernstige hoofdwonde, slaagt hij erin een noodlanding uit te voeren. Hij wordt afgevoerd naar het Feldlazarett 76 in Kortrijk. Hij moet er verschillende operaties ondergaan om botsplinters te verwijderen.

De onderstaande foto dateert uit zijn herstelperiode. Links van von Richthofen staat verpleegster Käthe Ottersdorf die hem in die periode verpleegd heeft. Op 25 juli 1917 keert von Richthofen terug naar Staffel 11 om de leiding weer op zich te nemen.

bronnen
http://www.frontflieger.de/4-ric17.html
https://nl.wikipedia.org/wiki/Manfred_von_Richthofen

VonRichthofen_191707

 

De laatste avond van Fritz Krebs

Engelse jachtvliegers en bommenwerpers zijn op de terugweg van een bombardement op Moorslede als ze boven het Polygoonbos vijftien Duitse albatrossen tegenover zich krijgen. Er begint een gevecht tussen Britse en Duitse piloten.

Rond kwart voor 8 ’s avonds schiet de Britse kapitein G.H. Bowman Vizefeldwebel Fritz Krebs neer ten noorden van Zonnebeke. De pas 21-jarige Duitse piloot heeft dan acht luchtoverwinningen op zijn naam.

Fritz Krebs ligt begraven op het Deutscher Soldatenfriedhof Menen, ook bekend als Menenwald, maar de grafsteen met zijn naam erop zou zich bevinden in het museum van het vliegplein van Wevelgem. Het Deutscher Soldatenfriedhof Menen ligt aan de Groenestraat en Kruisstraat op de grens van Menen en Wevelgem. Hier rusten iets meer dan 48.000 Duitse militairen, bijna allemaal geïdentificeerd. Dat aantal maakt Menen de grootste Duitse militaire begraafplaats uit de eerste wereldoorlog. In België zijn er nog drie andere grote Duitse soldatenkerkhoven uit de eerste wereldoorlog : Hoogleden, Langemark en Vladslo.

bronnen : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
http://www.theaerodrome.com/aces/germany/krebs.php
https://www.luchtvaartgeschiedenis.be/content/albatros-bij-zonnebeke

 

Jasta6

Londen lijdt onder de Gothas

Van op een of meerdere vliegvelden in de buurt van Gent onderneemt het Duitse leger op 13 juni 1917 een eerste zwaar bombardement op Londen, resulterend in 162 doden. Een van de betrokkenen, Von Eberhardt, schrijft daarover het volgende.

Nadat we door een opening in het wolkendek de monding van de Theems herkennen, begint de bewolking dunner te worden. Vanaf Southend treedt de Britse luchtafweer in actie, maar alle schoten liggen veel te hoog. Om 12u bereiken we met zeventien toestellen de Britse hoofdstad. Ondertussen zijn we omringd door Engelse vliegtuigen, maar ze vliegen zo ongeorganiseerd dat ze geen gevaar inhouden.

Heen en weer vliegend over Londen gooien we onze bommen uit. Dokken, loodsen, spoorwegen en een brug over de Theems worden getroffen. Zodra ze van hun bommenlast zijn verlost, stijgen onze toestellen zonder problemen tot 4500 meter. Na vierenhalf uur vlucht bereiken we opnieuw onze thuishaven.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Gotha-GV-Bomber

Duitse luchtmacht strijkt neer te Egem

Egem (Pittem) is een van de talrijke plaatsen in West-Vlaanderen waar het Duitse leger een vliegveld aanlegt. Veldwachter Victor Maeseele maakt het zelf mee.

Op 3 juni 1917 wordt door de gemeente uitgebeld (aangekondigd) dat alle bekwame manspersonen door de gemeente opgeëist worden om aan het vliegveld te helpen werken met zeisen, spaden en pikken.

De veldwachter weet ook nog te melden dat de officieren ingekwartierd worden in het nabije kasteel en dat het ’s anderendaags moet worden gereinigd door een twintigtal opgeëiste vrouwen.

Opvallen is de grote snelheid waarmee dit vliegplein aangelegd wordt : op 3 juni arriveren auto’s met materiaal en op 16 juni landen de eerste zes vliegtuigen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

DuitsVliegtuig

Grote drukte in de lucht boven Veurne

In Veurne is er behoorlijk wat gedruis in de lucht, noteert schoolmeester Jozef Gesquière op 31 mei 1917.

’s Avonds om klokslag 10 uur stijgt een van onze geallieerde vliegers op. Het toestel moet een van de grootste modellen zijn, wellicht een met twee motoren, gezien het geweldige gerond dat het laat horen.

Anderen volgen en het wordt een aanhoudend gebrom in de lucht. Weinig later ratelen mitrailleurs en machinegeweren. Er moeten dus ook vijandelijke vliegers in de lucht zijn. Misschien een luchtgevecht in volle nacht ? Slaap dan maar met zo’n lawaai boven u !

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
De tekening hieronder komt uit de stripreeks “de piloot met de edelweiss”.

PilootEdelweiss20170531B

Luchtacrobatie boven Ijzerfront

Dokter Lievens noteert het volgende in zijn dagboek op 26 mei 1917.

Wacht Noord. Op 26 mei maak ik tegen de middag onder een lekker zonnetje een toch langs de kleine posten en luisterposten en neem foto’s die nog interessant beloven te zijn. In de namiddag nemen onze vliegtuigen een reeks vernietigingen van vijandelijke constructies voor hun rekening. Ze worden met ongehoorde hevigheid bestookt en wel twintigmaal heb ik de indruk dat ze worden geraakt door de ontelbare shrapnels die in hun omgeving ontploffen. Maar onze piloten raken erdoorheen met een stoutmoedigheid gekoppeld aan een wonderlijk toeval.

Na een uur schermutselingen zijn de Duitsers door hun voorraad heen en moeten ze noodgedwongen onze vermetele piloten ongestraft laag over hun linies laten vliegen. De Duitse woede uit zich dan in karabijnschoten en mitrailleurgeratel. Als toetje bezorgen onze piloten hen wat spektakel door loopings en plotse koersveranderingen uit te voeren, wat de Duitsers, als ze positief zijn, toch moeten bewonderen.

bron : André Gysel, Dokter Lievens – dagboek van een arts, Lannoo

Onderstaande tekening is van Romain Hugault, de piloot met de edelweiss

PilootEdelweiss20170529.jpg

Gothas boven Londen

Zestien Duitse Gotha-bommenwerpers luiden op 23 mei 1917 een nieuw tijdperk in wanneer ze Londen aanvallen vanuit hun Belgische bases. De duisternis verijdelt de aanval maar de Gothas droppen hun bommen meer naar het oosten waarbij zo’n 100 Canadese soldaten het leven laten in hun militaire basis.

De Gotha heeft een driekoppige bemanning en kan 128 km per uur halen, 4600 meter hoogte bereiken en 300 kg bommen vervoeren. De verdediging bestaat uit twee of drie mitrailleurs. In 1914 begint men het vliegtuig te ontwikkelen en in januari 1915 gaat het prototype de lucht in. In april 1917 vallen Gotha’s Engeland aan vanuit hun bases in België. Hun doelwit is Londen in de operatie Türkenkreuz (Turks kruis).

De eerste aanvallen bereiken een hoogtepunt als veertien Gotha’s overdag centraal Londen bombarderen en 160 mensen in één keer doden op 13 juni 1917. Hoewel diverse Britse gevechtsvliegtuigen de indringers te lijf gaan, wordt er geen enkele neergeschoten.

De Britten versterken hun luchtafweer rond de hoofdstad en de Gotha’s zijn genoodzaakt bij duisternis aan te vallen. Tussen september 1917 en mei 1918 voeren de bommenwerpers negentien nachtelijke aanvallen op Londen uit. Daarbij worden 830 mensen gedood en meer dan 1900 gewond. Zestig Gotha’s storten neer maar weinige worden geraakt door het Britse afweergeschut. De Britten overwinnen de dreiging van de Gotha’s door een bommenoffensief te lanceren op de Gotha-bases in België.

Het schilderij hieronder heeft de titel “Gothas over London” en is van Marii Chernev.

bron : Ian Westwell, 1914-1918 – de eerste wereldoorlog dag na dag, Deltas

GothasOverLondon_MariiChernev.jpg

 

de piloot van de vliegenierskapel

de piloot van de vliegenierskapel

De 25-jarige sergeant-piloot Paul de Goussencourt komt op 12 mei 1917 samen met luitenant Leon De Cubber om het leven in Kaaskerke tijdens een verkenningsvlucht. Het is niet duidDE_GOUSSENCOURT_Paulelijk of hun vliegtuig geraakt is door vijandelijke afweergeschut of tijdens een luchtgevecht. Doordat ze neerstorten in geallieerd gebied, kunnen hun lichamen gemakkelijk gevonden worden en is de locatie van hun dood precies bepaald.

Paul de Goussencourt wordt begraven op de Belgische militaire begraafplaats in Adinkerke, maar zijn ouders laten in 1923 een kapel bouwen op de plaats waar hun zoon stierf. Dit godshuis blijft bekend als de Vliegenierskapel.

Toeristische tip : De Vliegenierskapel is via een smal pad, nauwelijks 100 meter lang, verbonden met de Kapellestraat in Kaaskerke. In het vijfhoekige gebouw hangt een gedenkplaat die verwijst naar de gesneuvelde piloot.

bron : oorlogskalender 2014-2018, davidsfonds