gevecht tegen de modder

Priester Van Walleghem heeft medelijden met de Engelsen aan het front in de buurt en noteert op 1 augustus 1917 het volgende :

Aanhoudende regen de hele dag. Wat een tegenslag voor het offensief van de bondgenoten. Zelden in mijn leven vind ik het slechte weer zo jammer als nu. Bovendien is het ook erg afgekoeld.
Wat moeten de Engelsen afzien in hun nieuwe posities zonder loopgraven en gedwongen te schuilen in obusputten halfvol water en dat onder de plassende regen. Ze zijn naar het gevecht getrokken in hun zomerkostuumpje in korte broek en zonder regenjas.

bron : oorlogskalender 2014-2018

PilckemRidge1August1917StretcherBearersBoesinghe

Ledeberg gebombardeerd

Ook Ledeberg wordt gebombardeerd op 28 juli 1917, noteert Virginie Loveling in haar dagboek.

Nieuwe bomaanvallen op Gent en de voorstad Ledeberg. Vier personen zijn in één huis gedood. Een klein meisje, de eerste van haar klas, was geheel in het wit gekleed voor de spiegel bezig de laatste hand te leggen aan haar uit papier verloste krulletjes, klaar om naar de prijsuitreiking in school te gaan, toen een stuk ijzer haar bloedig neersloeg.

Ooggetuigen vertellen dat een hoop lillende ingewanden van de slachtoffers in een zak werden verzameld en op een kar weggevoerd. Elders vallen ook nog slachtoffers. Alle tien doden worden deze namiddag op kosten van de gemeente ter aarde besteld.

Bron : oorlogsdagboek 2014-2018, Davidsfonds

avro-529-1917-600px

Britse bommenwerper uit 1917

Vlucht uit Zarren

felicien-vanhove.jpgNet als de andere burgers moeten Felicien Vanhove en zijn familie Zarren verlaten op 27 juli 1917. De stoet van vluchtende mensen, bepakt en beladen, is identiek aan wat hij eerder tijdens de oorlog zo vaak door zijn dorp zag trekken. Alleen maakt hij er nu zelf deel van uit.

We roepen, gauw, rap opladen en naar Torhout. In een kwartier zijn we opgeladen. Op alles waar een wiel is, wordt er een koffer of pak geladen, en weg zijn wij. Alles wat benen heeft, moet voeren en dragen, zelfs onze kleine Richard heeft wat op zijn rug gebonden. Nu maken wij dezelfde treurige stoet gelijk wij ze zo dikwijls binst de oorlog gezien hebben, en dat om 12 uur ’s nachts. Wij rijden, slepen en dragen wat wij kunnen, altijd maar vort, om uit het gevaar te raken.

Straks, in Torhout, zal schoenmaker Felicien Vanhove voor het laatst iets in zijn dagboek schrijven.

Zarren_markt1917

Zarren markt

 

Bronnen 
oorlogskalender 2015-2018, Davidsfonds
https://pieterserrien.be/boeken/oorlogsdagen/de-32-dagboekschrijvers/
http://users.telenet.be/zarren/periode1718.htm

 

 

Unternehmen Strandfest

De Britten denken al vanaf 1914 plannen uit om de Duitsers uit de Belgische kust te verdrijven. Pas in 1917, met de derde slag van Ieper, lijkt het moment daar om een landing op de Belgische kust uit te voeren. Deze landing krijgt de naam “Operation Hush” en wordt voorafgegaan door verkenningstochten door vliegtuigen en schepen om de doelen aan de Belgische kust in kaart te brengen.

Op 19 juni 1917 nemen de Duitsers enkele Britse soldaten krijgsgevangen tijdens een verkenningsopdracht. De Duitsers hebben nu door dat de Britten een landing op de Belgische kust plannen. Daarom plannen de Duitsers een tegenaanval onder de naam “Unternehmen Strandfest“. Vanaf Lombardsijde wordt op 10 juli 1917 om 5u30 de aanval ingezet op de smalle strook land aan de oostelijke oever van IJzer. Daarbij voeren Duitse vliegtuigen bombardementen uit. Matrozen van de gespecialiseerde Sturmabteilung vallen de Britse loopgraven aan. Uiteindelijk valt het Britse bruggehoofd in Duitse handen. De foto hieronder toont Britse krijgsgevangenen in Brugge op 11 juli 1917, daags na Unternehmen Strandfest.

Maar ook voor wie er niet bij is, is de aanval indrukwekkend. Joris Van Severen vermeldt in zijn dagboek het volgende :

Van 6 uur ’s morgens tot 1 uur van de nacht, zonder een seconde stilstand, bombardement van de Engelsen op de Duitse stellingen van Nieuwpoort. Hachelijk. Het horen alleen, op 5 km afstand, bemachtigt bang mijn ziel. En ’s avonds ben ik verwonderd. Dan zitten nog levende mensen in die poel ! Dan zijn er nog die de moed hebben fusees te werpen. En dan gaat het Engelse geschut erop los met obussen die wreedakelig en flakkerlaaiend met een geweldige gloed door de nacht branden en walmen. Dit is het wreedste en het afgrijselijkste dat ik gezien heb sinds deze oorlog.

Brugge_1917_0711_Strandfest.jpg

bronnen
https://en.wikipedia.org/wiki/Operation_Hush
http://www.zeeuwsarchief.nl/zeeuwse-verhalen/marinekorps-flandern-1914-1918/
Joris Van Severen, die vervloekte oorlog – dagboek 1914-1918, studiecentrum Joris Van Severen

 

Na de Franse tankaanval

In het vorige blogbericht over Herbert Sulzbach lijkt het misschien of hij een rustig leventje leidde van trein naar verlof naar trein terug… Dat is allerminst het geval. Herbert Sulzbach is wel degelijk geruime tijd in de eerste frontlinies aanwezig.

2 juli 1917 : Ik bereik mijn nieuwe frontlinies. We zijn gelegerd links van de fel bevochten Winterberg, ongeveer 25 kilometers van Laon, en ten zuidoosten van ons ligt Reims. Of beter gezegd, onze positie lugt tussen Craonne en Barry-au-Bac. Aan het front is het bar en leeg en relatief rustig. (…) ALs ik neem ik foto’s met mijn draagbare camera. Je zou kunnen zeggen dat ik de regimentsfotograaf geworden ben.

Ik wandel naar de eerste linies en kom voorbij heel wat Franse tanks die uitgeschakeld zijn tijdens de laatste aanval. Er zijn er 20 in onze sector, en drie ervan liggen in onze linies. Één kanonnier van onze batterij die hier voor ons lag, heeft er 6 uitgeschakeld op zijn eentje. 24 uur later kreeg hij het Ijzeren Kruis eerste klasse. De dag erna werd hij tijdens gevechten gedood.

Ik zie nu voor de eerste keer deze ijzeren monsters en ik begrijp het gruwelijk effect op het moraal van de soldaten tijdens de gevechten. Onze infanterielinies liggen voor de ruïnes van Juvincourt.

Bron : Herbert Sulzbach, with the German Guns, Pen & Sword Military

CharSaintChamond02

 

Herbert Sulzbach van oost naar west

Herbert Sulzbach is een Duitse luitenant bij de artillerie. In het laatste blogbericht over Sulzbach zagen we dat hij begin mei toekwam aan het oostfront. Maar lang blijft hij daar niet. In mei en juni reist hij geregeld met de trein om naar het westfront, het thuisfront en weer het westfront te gaan. Een korte samenvatting uit zijn dagboek.

Als ik in Lemberg ben (huidige naam Lviv in Oekraïne), bezoek ik mijn nicht Vera, wiens echtgenoot een Hongaars regiment leidt aan het oostfront. ‘S Middags reis ik door naar Krasnoe en dan naar Zolochev, het laatste station voor het front. Ik kom aan in een mooie bosrijke omgeving waar Oostenrijkse, Hongaarse en Duitse troepen gelegerd zijn. (…) Hier ontmoet ik ook mijn oude kameraad luitenant Kirsten.

9 mei 1917 : Ik krijg het nieuws dat ik ben overgeplaatst naar het 5e veldartillerieregiment aan het westfront.Op 13 mei reis ik door naar Lemberg, Przemysl, Krakau en Oderberg. Na een tussenstop in Frankfurt-am-Main zet ik de reis verder naar het westen.

Herbert Sulzbach neemt nog verlof en bezoekt zijn familie in Berlijn en Frankfurt-al-Main. Daarna gaat hij naar zijn nieuwe regiment in Ardon, Frankrijk. Hij maakt er aanvallen en tegenaanvallen mee nabij Berthe-Ferme. Begin juni 1917 wordt het regiment een rustpauze gegund en gaan de soldaten naar hun nieuwe omgeving achter het front, nabij Roisin aan de Belgisch-Franse grens. Op 13 juni 1917 kan Herbert Sulzbach zijn familie weer bezoeken in Frankfurt-al-Main. Op 27 juni is zijn verlof over en reist hij weer naar het front langs Keulen, Brussel en zo naar Laon om te eindigen aan het front bij Sissonne.

Bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword Military

IMG_0145

Britse versterkingen in Veurne

Via de vaart in Adinkerke arriveren vier boten elk beladen met 150 tot 200 Britse soldaten die de Fransen komen aflossen. Langs de vesten in Veurne begeven ze zich naar het front. Jozef Gesquière voegt er nog aan toe :

De jongens lijden erg onder de laaiende zon die zo onbarmhartige zit te steken tussen dikke donderwolken. De soldaten zien er, hoewel vermoeid, toch allemaal even opgeruimd uit en af en toe neuriën ze hun eigenaardig klinkende liedjes. Geen lawaai of getier maar welluidende liederen. De Schotten die begeleid worden door pijp- en doedelzak spelers krijgen natuurlijk de meeste bijval.

SchotseSoldaten_WO1

Bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Raoul Snoeck vertrekt op cursus

Na dertien maand uitstel wegens twee verwondingen ben ik uiteindelijk vertrokken naar Gaillon. Ik kijk er eerlijk gezegd niet naar uit om bevorderd te worden. Want als de oorlog voorbij is, blijf ik niet bij het leger aangezien me thuis een job wacht.

Mijn commandant spoort me al geruime tijd aan me voor te bereiden op het examen van officier. Om hem tevreden te stellen heb ik ingestemd ook omdat verschillende makkers reeds officier zijn. Ik heb geen behoorlijke kleren meer. Die zijn enkele dagen geleden opgebrand (lees daarover in dit artikel) . Mannen van de compagnie en vrienden staan me bij. De ene bezorgt me een broek, de andere een jas, nog een andere schoenen, kousen, een hemd, enzovoort. Dankzij die verschillende onbaatzuchtige leveranciers raak ik op een fatsoenlijke manier uitgedost om in Gaillon mijn intrede te doen.

(…)

Nauwelijks zijn we uit de trein gestapt of we raken weer vast in de klemschroeven van een strenge tucht. Korte bevelen weerklinken. We vormen rijen langs de weg tussen het station en Gaillon-stad. We blijven er meer dan een half uur staan onder een loden hemel in onze zware legerjas met volledige uitrusting. Eindelijk rukt de kolonne nieuwkomers op richting stad. Na een mars van vijfendertig minuten komen we bestoft en bezweet in de kazerne aan.

Ons nieuw verblijf is een heel groot vierkant gebouw  van binnen naakt en streng. Onze eerste indruk is niet gunstig, we betreuren bijna het front, het bohemerleven en de vrijheid van ons kantonnement te hebben verlaten.

bron ; Raoul Snoeck, in de modderbrij vn de Ijzervallei, uit het Frns vertaald door André Gysel

Gaillon_GrandeGuerre

artillerieduel aan de Belgische kust

Ergens voor de kust tussen Nieuwpoort en Knokke ligt een Engels eskader dat in de nacht van 5 juni 1917 Duitse stellingen onder vuur neemt. De Duitsers reageren. In Veurne wordt Jozef Gesquière wakker van het lawaai.

Een nieuwe oorverdovende knal en weer een nieuwe schudding van de huizen :  het Duitse kanon met lange dracht dat het geschut van de Engelsen beantwoordt. EN zo duurt die afwisseling van schieten en grommen, van schudden en daveren een vol uur. Mijn God ! Wat zullen ons Vlaanderen en Vlaanderens gouden kusten er akelig uitzien, op de dag dat wij ze weer in ons bezit hebben.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

ww1-a-110-channel_jpg

Vuurwerk op de Kemmelberg

Op en om de Kemmelberg is er weer vuurwerk. Onderpastoor Van Walleghem kan zich moeilijk voorstellen dat er nog mensen leven in die hel.

Voorzeker moeten de Duitse stellingen er ver van vernietigd zijn. Nochtans, de Duitse kanonnen zwijgen niet en beschieten hevig de Kemmelberg en de loopgraven. Maar het geweld van de Engelsen is minstens vijfmaal groter dan dat van de Duitsers. De bliksems en slagen geven niet af.

Welk een raar, wreed en enigszins groots schouwspel als men op een heuvel slechts enkele kilometers ervan verwijderd dat razende kanonnengevecht bekijkt. Ja, nu en dan zoeft er een Duitse obus boven uw hoofd die gaat ontploffen in het Engelse kamp.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

german_barrage_fire_at_night_ypres