Joris Lannoo opgeleid in Criel

Op 5 februari 1916 vertrekt Joris Lannoo voor een maand naar het kamp van het Normandische Criel voor een speciale opleiding in het hanteren van nieuwe types van mitrailleurs en het bouwen van weerstandsnesten. Door de vastgelopen loopvrachtenoorlog kent de militaire technologie op het gebied van die weerstandsnesten een snelle ontwikkeling. Zeker in de Belgische sector tussen Steenstrate en de Minoterie in Diksmuide is de noodzaak aan snelvurende mitrailleurs bijzonder hoog. Iedereen, zowel de soldaten achter hun zandzakjes als de kandidaat-officieren, weet dat de gevechtszone met de mitrailleursnesten de gevaarlijkste en bloedigste is aan het hele front.

Als de opleiding in Criel afgelopen is, vertrekt Joris Lannoo onmiddellijk naar Fécamp voor de allerlaatste fase van de opleiding. Hij behoort dan, opnieuw voorlopig, tot het 12e linieregiment. Die tweede opleiding zal eindigen op 2 april 1916.

bron : Romain Vanlandschoot, Een VlaamseViking aan het front, Lannoo

CrielSurMerMitrailleursBelges.jpg

Duits expressionisme in de rouw

Franz Marc (München 8 februari 1880-Verdun 4 maart 1916) sneuvelt tijdens een verkenning te paard nabij Verdun. Daarmee verliest het Duits expressionisme een van zijn schilders.

Franz Marc wordt in 1900 student aan de Münchener Kunstakademie. De ontmoeting met August Macke in 1910 zorgt ervoor dat hij lid wordt van de Neue Künstlervereinigung München. In 1911 ontmoet hij Wassily Kandinsky met wie hij Der Blaue Reiter opricht.

In 1914 bij het uitbreken van de oorlog meldt hij zich als vrijwilliger. Hij wordt aan het werk gezet als camoufleur. Bedoeling is dat hij camouflagedoeken maakt waaronder de Duitse artillerie kan schuilen om aan het zicht van verkenningsvliegtuigen en -ballonnen onttrokken te worden. Franz Marc laat zich daarbij inspireren door Kandinsky. Over zijn werk schrijft hij in een brief het volgende :

Ik bevond me op een grote hooizolder (een hele mooie atelier) en ik schilderde negen “Kandinsky’s” op tentcanvas. Dit proces heeft een zeer nuttig doel : artillerieposities onzichtbaar maken voor verkenningsvliegtuigen en luchtfotografie door hen te bedekken met zeildoeken beschilderd in pointillistische stijl en in lijn met de kleuren van natuurlijke camouflage (..). Het schilderen moet ervoor zorgen dat onze aanwezigheid voldoende wazig en vervormd is zodat het onherkenbaar wordt. De divisie gaat ons een vliegtuig geven om te experimenteren met luchtfotografie om te zien hoe het eruit ziet vanuit de lucht. Ik ben echt nieuwsgierig om te zien wat het effect is van een Kandinsky bekeken vanaf 2000 meter hoogte

bronnen
http://www.verdun-meuse.fr/index.php?qs=fr/ressources/dessin-du-mois—mai-2012—franz-marc
http://roadstothegreatwar-ww1.blogspot.be/2016/01/franz-marc-kandinsky-and-camouflage.html

FranzMarc

 

The Bluff terug Brits

Zonder uitgebreide artillerievoorbereiding slagen Britse militairen op 4 maart 1916 erin om bij verrassing de Duitsers te verdrijven uit hun stelling aan The Bluff. Deze kunstmatige heuvel ligt aan de zijkant van het kanaal Ieper-Komen, niet eens zo ver van de befaamde Hill 60.

Slechts een paar weken voordien viel The Bluff in Duitse handen, nadat ze drie dieptemijnen tot ontploffing hadden gebracht.

Toeristische tip : The Bluff, met diverse mijnkraters, ligt nu op het grondgebied van het Provinciaal Domein De Palingbeek in Zillebeke (Ieper).

bronnen 
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
Een gedetailleerde beschrijving van deze Britse aanval is terug te vinden op http://www.longlongtrail.co.uk/battles/battles-of-the-western-front-in-france-and-flanders/actions-in-the-spring-of-1916-western-front/

TheBluff19160304

De Gaulle krijgsgevangen

Als kapitein De Gaulle met het 33e regiment in de eerste linies voor Verdun aankomt, signaleert hij aan zijn oversten een gat van 700 meter in de linies tussen zijn regiment en de naburige zouaven. Maar nog voor men de eerste linie kan versterken, komt er een Duitse aanval. Op 2 maart 1916 vanaf 6u30 ondergaat het 33e regiment een zwaar Duits bombardement. De Duitsers maken handig gebruik van het gat tussen het regiment van de Gaulle en de zouaven en hebben hen omsingeld tegen 13u15.  Tijdens de gevechten zoekt kapitein De Gaulle beschutting in een loopgraaf maar botst daar op Duitse soldaten. Eén van hen valt de kapitein aan met zijn bajonet en verwondt hem aan zijn bil. Een granaat ontploft vlakbij De Gaulle die het bewustzijn verliest.

Vanaf maart 1916 tot november 1918 is De Gaulle krijgsgevangen in het fort van Ingolstadt. Meermaals tracht hij te ontsnappen. Zijn opvallende lengte van 1,96 meter is daarbij geen voordeel. na de oorlog schrijft hij enkele boeken over militaire strategie, waarin hij onder meer pleit voor de vorming van pantsereenheden omdat deze vuurkracht en mobiliteit combineren. Het Franse leger blijft echter voorstander van statische verdedigingslinies zoals de Maginotlinie.

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
GeoHistoire février-mars 2016

de-gaulle-capitaine-en-1915

Herbert Sulzbach hoort de Duitse artillerie van Verdun

In zijn dagboek vermeldt Herbert Sulzbach dat hij in de buurt van Plémont zit. Volgens google maps is dit op een kleine 100 kilometer van Verdun. Het geeft een idee van de kracht van het artilleriebombardement als je het volgende leest.

Op 23 februari 1916 begint er een enorm lawaai van artillerievuur ver weg ten zuiden van ons. Dit was het trommelvuur aan het begin van ons offensief van Verdun.

Op 25 februari krijgen we het bericht dat verschillende dorpen rond Verdun door onze troepen zijn ingenomen, een hoop militair materieel is veroverd en onze frontlijn is dichter bij Verdun.

Ander interessant nieuws is dat er voortdurend nieuwe luchtschepen worden gebouwd in de Zeppelinfabrieken in Friedrichshafen en dat we ondertussen over meer dan 100 zeppelins beschikken. Ook het nieuws over Verdun is goed : één fort is ingenomen en de Woëvrelinie is doorbroken.

Op 27 februari word ik gepromoveerd tot Unteroffizier. Nabij Verdun houdt het gerommel nooit op. Er ligt wat sneeuw op de grond, maar het voelt desondanks al een beetje als lente aan.

bron : Herbert Sulzbach, with the German guns, Pen & Sword military

Verdun_DuitseArtillerie

Duitse duikers te Steenstrate

Dokter Maurice Lievens noteert in zijn dagboek voor 1 maart 1916.

We vertrekken voor de sector Noordschote – Steenstrate. Voor ons ligt het XXIIIste Duitse Reservekorps met veldartillerie en zware houwitsers. Twee Duitsers, die in onze sector gevangen genomen werden, waren helemaal gekleed in een ondoordringbare, waterbestendige uitrusting met masker, wat de totale onderdompeling toelaat. Zij waren door onze linies gestoten, maar onmiddellijk daarna aangehouden. Naar eigen zeggen was het hun bedoeling zich in een granaattrechter te verbergen achter onze linies. Daar zouden ze notities nemen over de plaats van onze mitrailleurs en onze waarnemingsposten. Daarna zouden ze dwars door de inundatie naar hun eigen posten zijn teruggekeerd. Zij bevestigden dat deze list al was geslaagd in de Britse sector.

Op wikipedia valt er in het artikel over de slag om de Ijzer nog het volgende te lezen.

Lange tijd bleef het stil aan het westfront, soldaten kropen zo diep mogelijk weg in de loopgraven. De onderwaterzetting gaf een gevoel van veiligheid, al bleek dit gevoel van veiligheid vals toen tijdens de nacht van 15 januari – 16 januari 1916 de soldaten plots oog in oog kwamen te staan met drie Duitsers. Men dacht dat het onmogelijk was zo’n grote afstand af te leggen door het ijskoude water. Met grote ontzetting ondervond men dat de soldaten uitgerust waren met speciaal ontworpen zwempakken, bestaande uit zeildoek, teer en rubber zodat ze zich gedurende lange tijd in uiterst koud water konden voortbewegen. Bovendien kwam men te weten na ondervraging dat er soldaten getraind werden om op deze manier de vijand te besluipen. Meteen werd de beveiliging van de wachtposten strenger gecontroleerd. Het bleef echter bij deze drie “zwemmers”.

Het dagboek van dokter Lievens spreekt dit artikel echter tegen. na januari 1916 waren er dus nog Duitse zwemmers die de Ijzer hebben overgestoken. In het boek van dokter Lievens uitgegeven bij Lannoo wordt er verwezen naar Vandeweyer, Onder water, oorlog in het overstroomde gebied ism Ijzerbedevaartcomité Diksmuide.

bronnen :
André Gysel, Dokter Lievens – dagboek van een arts, Lannoo
https://nl.wikipedia.org/wiki/Slag_om_de_IJzer

IjzerOverstroming02

Duel op zee

Het bewapende Britse koopvaardijschip Alcantara en de Greif, een Duits schip vermomd als een Noors, zinken na een wederzijdse beschieting op de Noordzee.

De Alcantara wordt uitgestuurd op 29 februari 1916 als de Greif, voorzien van de Noorse vlag door de Britse blokkade wilt varen. herhaalde Britse oproepen om communicatie leveren geen antwoord op. Als de Britse kapiteit de Greif aanmaant halt te houden voor inspectie, hijst die de Duitse vlag en opent het vuur.
Twaalf minuten lang beschieten beide schepen elkaar van dichtbij, resulterend in 74 doden op de Alcantara en bijna 200 op het Duitse schip. Met een laatste torpedo geeft de Greif het Britse schip de genadeslag, maar zinkt zelf ook snel nadien. De overlevenden, onder wie ruim 120 Duitsers, worden opgepikt door een toegesneld Brits schip, de Andes.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Alcantara_Greif_20160229

Duitsland verliest Kameroen

De Duitse troepen in Kameroen geven zich over op 28 februari 1916.

Bijna onmiddellijk na het begin van de wereldoorlog beginnen de Britten de strijd om deze Duitse kolonie. De Duitse verdediging zit goed in elkaar. Ze weten dat het weinig zin heeft de kust te verdedigen tegen de sterke Britse marine en trekken zich daarom terug in het soms moeilijk toegankelijke binnenland.

Bij de vredesonderhandelingen van 1919 krijgen de Britten en de Fransen elk het bestuur over een gedeelte van Kameroen, dat een mandaatgebied wordt van de Volkenbond, die in het begin van het jaar was opgericht.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Op onderstaande kaart staan de vier Duitse kolonies in Afrika. Kameroen staat in het rood weergegeven. De kleinste kolonie is Togo. Links onder is Duits Zuidwest-Afrika (Namibië) en rechts Duits Oost-Afrika (Rwanda, Burundi en Tanganyika).

Deutschen_Kolonie_Afrika_-_Kamerun

Van Folkestone naar Auvours

Zoals ik reeds eerder vermeldde, weet ik niet veel zaken over mijn grootvader aan het Ijzerfront. Wat ik wel met zekerheid weet, is dat Martinus Evers zich heeft laten inlijven bij het Belgische leger in Folkestone op 16 februari 1916. Het document van die inlijving vermeldt eveneens dat hij naar het opleidingscentrum in Auvours gestuurd wordt.

Aan de hand van een tweetal boeken probeer ik zijn reis van Folkestone naar Auvours te reconstrueren. Het eerste boek is van Michael en Christine George, Dover & Folkestone during the Great War, Pen & Sword Military. In dit boek wordt geschreven over de troepentransporten van Folkestone naar Boulogne. Het lijkt me evident dat de Belgische soldaten zich aansloten bij de Engelsen om de oversteek te doen.

Het tweede boek heb ik al googelend gevonden. Het is het Jaarboek Abdijmusuem Ten Duinen 1138 . Google Books vermeldt het onder de titel Novi Monasterii – Vol. 8 – 2008

Je kan het nalezen op deze link https://books.google.be/books?id=c9ru1J4Dn7AC&pg=PA95&lpg=PA95&dq=folkestone+auvours&source=bl&ots=t4PrS1fG0Q&sig=gtQWiCnUX5Ww8nybJScSfZhJ-bE&hl=nl&sa=X&ved=0ahUKEwjr-pKklv_KAhWJXhQKHUl5CesQ6AEIRzAH#v=onepage&q&f=false

Hieronder vind je twee uittreksels. Het eerste komt uit pagina 94. Het vermeldt dat Auvours het enige opleidingskamp was voor Belgische brancardiers. En daar komen de monniken terecht die in vredestijd geen militaire diensplicht moeten doen. In 1916 wordt echter iedere Belgische man tot 40 jaar opgeroepen.

NoviMonasteri_p94

De reis die de monniken hebben afgelegd, staat vanaf Boulogne beschreven.

NoviMonasteri_p96

Samengevat krijgen we dan het volgende traject. Martinus Evers is samen met andere soldaten de boot opgegaan om van Folkestone naar Boulogne te varen.

Folkestone_Auvours01

Het volgende deel van het traject is per trein gebeurd. Mogelijk heeft Martinus Evers net zoals de monniken het laatste traject tussen Le Mans en Auvours te voet afgelegd. Google Maps vermeldt 5u 1 min met de wagen. De troepentransporten gingen per trein en het valt sterk te betwijfelen of alles naadloos aan mekaar aansloot.

Folkestone_Auvours02

Fort Douaumont in Duitse handen

Voor de Duitse generale staf staat het vast : het fort van Douaumont is het meesterstuk in het verdedigingssysteem van Verdun. Daarom geeft het keizerlijke opperbevel op 25 februari 1916 de opdracht tot verovering van dit fort aan de elitedivisie Brandenburg. De Duitsers gaan er wel van uit dat ze het fort eerst uren onder handen moeten nemen met hun artillerie. En dus krijgt het 24e regiment van de Brandenburg divisie de opdracht zich op 800 meter van de muren van het fort te houden.

Verdun_VonBrandis

Luitenant von Brandis

De 8e compagnie van het 24e regiment installeert zich in de gaten gemaakt door granaatinslagen en maakt zich klaar om er de nacht door te brengen in afwachting van de aanval. Luitenant von Brandis die aan het hoofd van deze compagnie staat, wordt echter ongeduldig. Het lijkt er immers op dat het fort niet echt bevolkt is. Met een twintigtal soldaten gaat von Brandis tot de actie over. Ze knippen de prikkeldraad over, springen over een beek en stormen het fort binnen. Tot hun verbazing zien de Duitsers dat het Franse garnizoen enkel bestaat uit 57 soldaten en 10 artilleristen. Allen geven zich over zonder dat er een schot gelost wordt.

Daags erna koppen de Duitse kranten de overwinningstitels “Douaumont ist gefangen !”.In alle steden van het Duitse rijk luiden de klokken. Von Brandis wordt gedecoreerd met de”Pour le Mérite” medaille.

Bron : GeoHistoire, février-mars 2016