Commander Samson slaat toe

Charles Rumney Samson

Charles Rumney Samson

Britse vliegtuigen voeren op 12 februari 1915 een aanval uit op steden langs de Belgische kust. Tot op deze dag is dit een van de grootste luchtaanvallen uit de nog jonge militaire luchtvaartgeschiedenis.

Onder leiding van Wing Commander Charles Rumney Samson bombarderen 34 vliegtuigen Oostende, Blankenberge en Zeebrugge. De Britten richten zich vooral op stations en spoorlijnen die dienstig zijn voor de aanvoer van Duitse manschappen, voedsel en munitie. Veel aandacht is er ook voor de haven van Zeebrugge, een belangrijke basis van Duitse duikboten. De aanval wordt omschreven als zeer succesvol : de Britten verloren manschappen noch toestellen.

Hieronder staat een overzicht van het gebied waarin Wing Commander C.R. Samson zijn piloten liet opereren.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

CR_SamsonsOperations

Joris Lannoo meldt zich als oorlogsvrijwilliger in Calais

Joris Lannoo (van de gelijknamige uitgeverij) biedt zich op 11 februari 1915 in het recruteringsbureau in Calais aan als “volontaire pour la durée de la guerre”. Na de medische keuring begint hij aan een treinreis van 2 dagen naar Octeville, nabij Cherbourg, in een verre uithoek van Normandië. Die eerste tien dagen in Octeville worden voor Joris de tien eenzaamste dagen van de ganse oorlog.

Hij heeft er dan al een hele omzwerving op zitten. En 1914 was voor de familie Lannoo niet goed begonnen : op 12 januari 1914 overlijdt Jozef Lannoo, vader van Joris en eigenaar van een drukkerij in de Ieperstraat in Tielt. Op 4 augustus 1914 vallen de Duitsers België binnen. De frontlijn nadert Tielt en op dinsdag 13 oktober 1914 verlaat de laatste trein het station van Tielt alvorens de Duitsers binnenvallen.  Op die trein zitten acht oud-leerlingen van het Sint-Jozefscollege. Onder hen bevindt zich ook Joris Lannoo. Laat in de avond van 13 oktober komt de groep aan in Adinkerke-De Panne. De groep verspreidt zich en Joris Lannoo vindt met 2 kameraden een onderkomen in Ruminghem in Frans-Vlaanderen. Daar blijven ze tot begin februari ieder zijn eigen weg gaat. Louis De Brabandere verdwijnt als het ware spoorloos. Joris Impe maakt de overtocht naar Folkestone en werkt mee aan de krant “De Stem uit België”. Joris Lannoo meldt zich in Calais als oorlogsvrijwilliger.

Op de foto hieronder staan de drie kameraden, van links naar rechts : Louis De Brabandere, Joris Lannoo met rouwband (voor zijn overleden vader), Joris Impe.

bron : Romain Van Landschoot, Een Vlaamse viking aan het front, uitgeverij Lannoo

Lannoo_Ruminghem_1915

Jeroom Leuridan betreurt het bombardement van Reninge

Jeroom Leuridan is er het hart van in dat de kerk van Reninge zwaar getroffen is door de Duitse houwitsers.Hij noteert op 7 februari 1915 het volgende in zijn dagboek.

Iedere dag ga ik kijken achter onze hoeve, of de zware gotische toren er nog oprijst tussen de bomen van het platte landschap. Ik zie nog steeds zijn vage omtrent in de grijs-grauwe winternevel, maar weldra zal de lieve gotische tempel, in zeestijl gebouwd naar het model van de Duitse hallekerken, in puin storten, te midden van de vernielde of doorschoten huizen van het jammerlijk geteisterde dorp.

Ik wil woorden, scherp als schichten, venijnig als slangenbeten, om nog eens mijn verontwaardiging te vertolken. Ik vind er geen ! Niets dat er striemt en snijdt als mijn opgejaagd gemoed het verlangt. Ik zwijg, maar neen, voor eens gebruik ik het scledwoord dat ik reeds zo dikwijls hoorde :”Sales boches !”. Om zulke mannen te noemen kan men geen eerlijke woorden gebruiken.

Bron : oorlogskalender 2014 – 2018, Davidsfonds

Jeroom Leuridan behoorde tot het 23e linieregiment, waartoe vanaf 1916 ook Martinus Evers zou behoren. En Jeroom kreeg jammer genoeg gelijk. In 1916 was de kerk onherkenbaar zoals deze foto bewijst.

 

kerk van Reninge in 1916

kerk van Reninge in 1916

2 Engelsen terechtgesteld wegens desertie

Omwille van desertie stelt het Britse leger op 6 februari 1915 de soldaten Andrew Evans en Joseph Byers terecht, behorend tot de 1st Royal Scots Fusiliers. Beiden rusten op Loker Churchyard.
Andrew Evans, 41 jaar, gaf bij zijn verhoor voor de militaire rechtbank toe dat hij veertien dagen lang dronken was na Kerstmis. Tijdens de executie sterft hij bij de eerste kogelregen. De andere soldaat, een jongeling geregistreerd onder de naam Joseph Byers, is pas dood na de derde reeks kogels. Maar er is meer aan de hand.

Volgens onderzoek van Julian Putkowski (universiteit van Londen) is het niet Joseph Byers die begraven ligt in Loker. De echte Joseph Byers zou die dag gewoon naar school geweest zijn in Dumfries (Schotland). Het gebeurde wel meer dat te jonge kandidaat-soldaten een oudere leeftijd opgaven, maar of dit oorlogsslachtoffer ook een valse identiteit opgaf, is wellicht niet meer te achterhalen.

Toeristische tip : Loker Churchyard, Dikkebusstraat, Loker. Op dit oorlogskerkhof aan beide zijden van de plaatselijke kerk rusten 215 oorlogsslachtoffers : 184 Britten en 31 Canadezen.

Loker - de weg naar Ieper

Loker – de weg naar Ieper

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Gaston Le Roy krijgt zijn eerste drill in Bréhal

Na zijn aankomst in Frankrijk (lees meer op deze pagina) wordt Gaston Le Roy ingekwartierd in het Normandische Bréhal. In zijn dagboek lezen we daarover het volgende.

21 januari 1915
Een trein brengt ons van Cherbourg naar Coutances, verder in Normandië. Vandaar marcheren we drie kwartier naar Bréhal. Het is nacht. Burgers worden opgeklopt en per twee of drie worden we ingekwartierd. Wij in een slagerij. Vrouw en dochter in nachtgewaad ontvangen ons, geven ons te eten en verontschuldigen zich geen bed te kunnen aanbieden. We slapen in de stal.

30 januari 1915
We verblijven al tien dagen in het gastvrije Bréhal. De bevolking is ons erg genegen. In de slagerij G. Frémin, waar ik met twee andere vrijwilligers (waaronder Ward Hermans) vertoef, voelen we ons als thuis.
We krijgen onze eerste legeroefeningen in het Frans, wat de 3/4e van de Vlamingen natuurlijk niet begrijpt, af en toe voor ‘boer’ wordt uitgescholden en dagenlang hetzelfde moet herhalen. Ik begin stilletjes aan het militaire leven te wennen.

Bréhal

Bréhal

31 januari 1915
Omdat het zondag is en er geen legeroefeningen plaatsvinden, waag ik mij tot in Granville, wat ten strengste verboden is. De stad bestaat uit een hoog en een laag gedeelte. De kazerne staat donker en grauw op een rots. (…) Je ziet veel soldaten in de stad, meestal Fransen. De Belgische soldaten beklagen zich het meest over de militaire dienst en over de vijandige bevolking, die vooral de Vlaamssprekenden onder ons voor “Boches” uitscheldt.

Bréhal in Normandië

Bréhal in Normandië

De eerste gasaanval van de Groote Oorlog is aan het oostfront

Geruime tijd voor de Duitsers gifgas inzetten in Vlaanderen (22 april 1915) doen ze dat al in Polen tegen het keizerlijke Russische leger. Op 31 januari 1915 vuren de Duitsers 18.000 aangepaste, met gifgas gevulde artilleriegranaten af in de buurt van de rivier Rawka, westelijk van Warschau tijdens de slag van Bolimov (tussen Warschau en Lodz).

De granaten bevatten vloeibaar xylylbromide, dat een toepassing kent als traangas. De aanval mislukt omwille van het zeer koude weer, dat het gas niet toelaat effectief te zijn. Bovendien wordt een deel van het toch vrijkomende gas terug naar de Duitse linies geblazen, en is de concentratie eigenlijk te laag om schadelijk te zijn. Een deel van de granaten valt ook gewoon op de grond zonder te ontploffen.

De slag van Bolimov eindigt nog dezelfde dag onbeslist, alhoewel er bijzonder veel slachtoffers vallen : 40.000 alleen al aan Russische zijde.

gasaanval bij de slag om Bolinov 1915

gasaanval bij de slag om Bolinov 1915

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://roadstothegreatwar-ww1.blogspot.be/2015/01/gas-and-flame-firsts-in-early-1915.html

Parijs wordt voor de eerste maal aangevallen door een zeppelin

Op 29 januari 1915 zijn twee zeppelins op weg naar Parijs en overvliegen eerst Charleroi en vervolgens Maubeuge. Daar maakt een van beide rechtsomkeer omwille van technische problemen. Het andere toestel zet zijn opdracht voort en laat 18 bommen vallen op de Franse hoofdstad. Daarbij vallen 26 doden en 32 gewonden in de kwartieren Belleville en Ménilmontant. Enkele dagen later krijgen de doden een staatsbegrafenis. Meteen was het eerste bombardement op Parijs met een zeppelin een feit. Later voeren deze “vliegende sigaren” nog meer dergelijke opdrachten uit en bombarderen ook Londen.

Het onderstaande schilderij toont een zeppelin boven Parijs. Het schilderij is van Georges Taboureau die vooral bekend is onder zijn naam Sandy Hook (1879 – 1960). In 1917 krijgt hij de eretitel “peintre de la marine” omdat hij vooral schepen tekent. Zijn vruchtbaarste periode kent hij tussen de twee wereldoorlogen in. Wie zijn naam googelt, zal vooral afbeeldingen zien waarin reclame wordt gemaakt voor scheepvaartmaatschappijen. Maar Taboureau heeft dus ook een zeppelin geschilderd.De meeste bronnen vermelden wel dat dit schilderij verwijst naar een aanval van 20 op 21 maart 1915.

Georges Taboureau - zeppelin sur Paris

Georges Taboureau – zeppelin sur Paris

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://www.amazon.fr/Sandy-Hook-myst%C3%A9rieux-peintres-marine/dp/2352610516

Pierre Thuret sneuvelt te Nieuwpoort

Pierre Thuret

Pierre Thuret

Troepen van het Franse 7e Régiment de Marche de Tirailleurs Algériens doen op 28 januari 1914 een zoveelste poging om Hoogte 17 te veroveren te Nieuwpoort. Deze duin stond bij de Fransen bekend als Grande Dune, bij de Duitsers als Heksenketel. Na het voorbereidende artillerievuur trekt de Franse infanterie redelijk vlot op tot voorbij de eerste Duitse linie. Daarna herpakken de Duitsers zich, maar de Fransen houden nog stand. Een bevel tot terugtrekking bereikt de Franse linies niet en de aangevoerde troepen blijven de doden en gewonden vervangen. Toch kunnen de Fransen de duin niet behouden. ’s Avonds wordt de aftocht geblazen. De Fransen tellen 121 doden, 206 gewonden en 46 vermisten. Een van de gesneuvelden is de 26-jarige luitenant Pierre Thuret. Voor hem is een gedenkkruis opgericht op de top van de duin, maar de ligging van zijn graf is onbekend.

Het gedenkkruis Pierre Thuret ligt aan de Matrozenlaan 14 te Nieuwpoort. Vlakbij het gedenkkruis staan restanten van een Duitse bunker. Op de website vermeld onder bronnen staan er onder meer foto’s van het gedenkkruis dat gerenoveerd is in 2007.

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://archief.wo1.be/jwe/2007/September/Nieuwpoort1309/body1.htm

Karl von Bülow wordt veldmaarschalk

Veldmaarschalk Karl von Bülow

Veldmaarschalk Karl von Bülow

op 27 januari 1915 krijgt Karl von Bülow  bevordering tot veldmaarschalk, maar een paar maanden later al moet hij het front verlaten ten gevolge van een hartaanval. In 1916 trekt hij zich zelfs helemaal terug uit het leger. Bij het begin van de oorlog stond von Bülow aan het hoofd van het Duitse tweede leger, dat de invasie van België voor zijn rekening nam, in uitvoering van het Schlieffenplan. Onder meer de overwinningen bij Namen, Charleroi en Saint-Quentin (Frankrijk) worden op zijn palmares geschreven.

Op de keerzijde van de medaille staat dat hij over het algemeen verantwoordelijk wordt geacht voor de Duitse nederlaag tijdens de eerste slag van de Marne (5-12 september 1914). Zijn soms aarzelende optreden viel niet bij iedereen in goede aarde in Duitse militaire krijgen.

Meer over die beslissing tot terugtrekking in de septemberdagen van 1914 vind je op deze pagina.

bron

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Zuiver water in Ieper

In de Oorlogsdagboeken over Ieper lezen we dat de Engelse commandant Geoffrey Winthrop Young meedeelt dat de tyfusmicrobe gevonden is bij de ontleding van water. Maatregelen moeten dus genomen worden om het water te zuiveren. Men gaat grote tonnen aankopen, het water zal ontsmet worden en iedereen zal het nodige drinkbare water uit die tonnen kunnen putten.

’s Anderendaags staan er al tonnen drinkbaar water in Ieper aan de Menenpoort, de Rijselpoort, de kazerne en de kazematten. De Engelsen stellen voor alle huizen, zolders en kamers te bezoeken om eventuele zieken te ontdekken en zo nodig naar het hospitaal te brengen.

watertonnen aan de Menenpoort

watertonnen aan de Menenpoort

GeoffreyWinthropYoungGeoffrey Winthrop Young is 38 jaar als de eerste wereldoorlog uitbreekt. Op dat moment beschouwt men hem te oud om bij de infanterie in te delen. Hij gaat daarom aan de slag bij de Friends’ Ambulance Unit in Vlaanderen. Voor zijn moed wordt hij geregeld in Britse verslagen vermeld en hij krijgt van de Belgische overheid de Orde van Leopold toegekend. In 1917 gaat hij met een ambulancedienst naar Italië. Daar geraakt hij zwaar gewond waardoor hij een onderbeen tot boven de knie verliest. Zijn oorlogservaringen schrijft hij neer in een boek getiteld “The Grace of Forgetting”.

 

bronnen

Oorlogskalender 2014, 2018, Davidsfonds

http://www.alpinejournal.org.uk/Contents/Contents_1961_files/AJ%201961%20100-117%20Lunn%20Winthrop%20Young.pdf