André Robert sneuvelt in Pilkem

De oorlogskalender 2014-2018 van het Davidsfonds vermeldt op 13 december 2014 het volgende over 100 jaar geleden : “André Robert, een 34-jarige Franse militair sneuvelt vandaag in de buurt van Pilkem. Toeristische tip :in de muur van de Sint-Michielskerk van Bozinge (Katspel) is een gedenkplaat ingemetseld voor zijn nagedachtenis. Hoewel de toenmalige geestelijkheid dergelijk inmetselen van gedenkplaten niet aanmoedigde, waren er toch drie Franse families die daarin slaagden, onder andere die van André Robert.

Meer vermeldt de oorlogskalender niet over André Robert. Via Google stuit ik op een aantal webpagina’s die wat meer informatie geven. Op lewage.be staat er vermeld dat André Robert in Reims is geboren op 30 september 1880 en gestorven in Langemark op 13 december 1914. Hij is gehuwd op 27 november 1912 in Parijs met Marie-Madeleine Lafosse. Uit dit huwelijk is een zoon geboren Jacques Robert op 20 april 1914. Hij zal ook niet oud worden want sterft op 16 mei 1940. Zijn vader én zoon omgekomen door het oorlogsgeweld ?

Ik vind evenmin iets terug over zijn regiment. Maar op 87dit.canalblog.com staat er het Franse 73 Regiment d’Infantérie Territoriale vermeld met als actieterrein “Guingamp, Le Havre, Les Flandres, Ypres, Saint-Julien, Boeringhe, Korteker-Cabaret, Pilkem.” En met Pilkem is de cirkel rond voor dit bericht. Het kan natuurlijk ook een ander regiment zijn. Maar gezien het 73e RIT zeker in Pilkem is geweest, plaats ik uit eerbetoon aan deze Fransen een foto van dit regiment van augustus 1914.

bronnen 

http://www.lewage.be/d0018/g0000518.html

http://87dit.canalblog.com/archives/2012/11/03/25247592.html

73e Regiment d'Infantérie Territoriale - augustus 1914

73e Regiment d’Infantérie Territoriale – augustus 1914

graaf Maximilian Von Spee sneuvelt bij de slag om de Falklands

Vice-admiraal graaf Maximilian von Spee voert het bevel over twee sterke kruisers, SMS Scharnhorst, zijn vlaggenschip de SMS Gneisenau en nog drie lichte kruisers: de SMS Dresden, de SMS Nürnberg en de SMS Leipzig.Zodra Japan de kant van de geallieerden heeft gekozen, verlaat von Spee de haven van Tsingtao (China). Een ander verhaal over de belegering van Tsingtao kan je hier lezen.

Het doel van von Spee is de handelsroutes langs de westkust van Zuid-Amerika af te snijden voor de geallieerden. Viceadmiraal Christopher Cradock krijgt bevel von Spee te achtervolgen. Britse radioberichten worden onderschept en von Spee weet hierdoor dat de Brit zich ter hoogte van Coronel (Chili) bevindt. Cradock wordt verrast door de aanwezigheid van het Duitse eskader en verliest de slag bij Coronel op 1 november 1914. Het is een eeuw geleden dat de Britten nog een zeeslag hebben verloren en ze reageren beslist. Sir Frederick Sturdee wordt er met een eskader op uit gestuurd om het eskader van von Spee te vernietigen.

Op 8 december 1914 is het dan zover. Tijdens de slag om de Falklandeilanden (Brits gebied vlakbij Argentinië) brengt de Britse marine de Duitse een zware slag toe. Van de acht Duitse schepen die de strijd aangaan ontsnappen er slechts twee. Graaf Maximilian Von Spee vergaat met zijn vlaggeschip de Scharnhorst. Om 16u17 vergaat dit schip met alle opvarenden. Bij die opvarenden zijn ook 2 zonen van Maximilian von Spee, Otto en Heinrich.

In 2014 zullen de Britten die slag herdenken samen met de Duitsers.

MaximilianVonSpee

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://nl.wikipedia.org/wiki/Slag_bij_Coronel

http://nl.wikipedia.org/wiki/Slag_bij_de_Falklands

http://en.mercopress.com/2013/01/28/falklands-battle-century-commemoration-includes-an-invitation-to-the-german-navy

Raoul Snoeck van wacht tot rust in De Panne

Op 6 december 1914 noteert Raoul Snoeck in zijn dagboek :

Met zes man hou ik de wacht langs de weg naar Adinkerke. We hebben zojuist de laatste eer bewezen aan een dappere die gisteren in het hospitaal bezweek aan de gevolgen van zijn verwondingen.

Uit de brief van mijn ouders kan ik afleiden dat ze mijn correspondentie slecht ontvangen. Ik schrijf hen nochtans regelmatig, tweemaal per week. Ik heb niet veel geld meer, maar zal me wel uit de slag trekken. Aan de Ijzer is Fernand Batta aan de kuit gewond geraakt, een worden die ik hem benijd. Over Freddy Lecluse, die ernstige hoofdwonden opliep in het gevecht aan de Ijzer, is er nog geen verder nieuws. Robert de Bethune is wegens verwondingen uit het leger ontslagen.

De koude begint toe te slaan, maar tot nu toe heeft ze me nog niet te veel doen afzien. In mijn plunjezak steekt nog een flanellen hemd dat ik van moeder kreeg in Stalhille, alsook een onderbroek en een wollen trui. Ik heb geen kousen of handschoenen maar daarin zal de regering voorzien. Het nieuws is schaars want er zijn geen grote gevechten aan het front. Alle inspanningen concentreren zich nu aan Russische zijde. Van die kant komt voor ons het succes of de nederlaag.

We kregen twaalf dagen rust in De Panne, waar we ondertussen de duinen bewaakten. ‘Rust’ noemen we de etmalen die we niet aan het front doorbrengen. Was de oorlog niet uitgebroken, dan zou ik over negen dagen mijn militaire dienst achter de rug hebben. Enfin, de afzwaai zal voor een andere keer zijn.

bron : Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, vertaald uit het Frans door André Gysel, Snoeck-Ducaju

De Panne - weg naar Adinkerke

De Panne – weg naar Adinkerke – “repos Sainte Elisabeth” diende als hospitaal voor militairen onder de oorlog

Duitse vliegtuigen arriveren in Zeebrugge

Op 4 december 1914 arriveren de eerste twee Duitse watervliegtuigen in Zeebrugge. Ze zijn van het type Friedrichshafen FF29 en krijgen een basis in de nabijheid van het reizigersstation op de havenmuur. Wanneer begin 1915 nog eens twee toestellen arriveren, is het Seeflugstation Seebrügge volledig operationeel. Vanaf 1916 komen er snellere vliegtuigen naar deze basis…

De eerste twee toestellen voeren vooral verkenningen uit langs de Belgische kust, maar op de vooravond van Kerstmis laten ze ook al bommen vallen op Dover.

Friedrichshafen FF29

Frans Bosmans vergeten Belg in Dokkum

Frans Bosmans, Belg in Dokkum

Frans Bosmans, Belg in Dokkum

Bij het zoeken naar informatie over de interneringskampen voor Belgen in Nederland kom ik uit op een bijzonder pakkend verhaal. Wie het helemaal wil lezen, kan daarvoor terecht op deze webpagina van wereldoorlog1418.nl .

Samengevat komt het verhaal van Martinus Franciscus Bosmans hierop neer : op 5 augustus meldt hij zich als oorlogsvrijwilliger en verlaat de ouderlijke woning in Herenthout. Vanuit Luik trekt Frans Bosmans zich met de andere Belgische soldaten terug naar Antwerpen. Tot ook Antwerpen valt op 10 oktober 1914. Die dag steekt Frans Bosmans de Nederlandse grens in Klinge over. Op 12 oktober 1914 wordt hij geïnterneerd in het kamp van Harderwijk. De internering en bijbehorende verveling worden gebroken als Frans in 1917 werk vindt in Dokkum. En niet alleen werk… Hoe het met Frans afloopt, lees je op de hoger vermelde pagina van wereldoorlog1418.nl. Een aanrader !

Belgische opstand in het interneringskamp in Zeist

Nicolaas Bosboom, Nederlands minister van oorlog

Nicolaas Bosboom, Nederlands minister van oorlog

Voor de Belgische officieren die naar Nederland vluchtten was er geen huisvestingsprobleem, zij mochten in gewone pensions wonen. De soldaten echter waren ondergebracht in interneringskampen, waar de leefomstandigheden slecht waren. Ze kwamen terecht in door prikkeldraad omgeven kampen, zoals dat van Zeist, in onverwarmde barakken, met veel ratten soms.
Op 2 december 1914 breekt er een opstand uit in het interneringskamp in Zeist : de Belgische soldaten pikken de erbarmelijke leefomstandigheden niet langer. Bij de gevechten vallen 8 doden en 18 gewonden. Nederland is geschokt en de verantwoordelijke minister van oorlog, Nicolaas Bosboom, mag weliswaar aanblijven, maar moet de kampen herinrichten en het leven erin menselijker maken (bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds).

De Nederlanders zijn zelf dit oorlogsverleden ook nog niet vergeten. Deze TV-reportage geeft een goed beeld van het leven in het kamp van Zeist en hoe het kon leiden tot de opstand van 2 december 1914.

De Oostenrijkers nemen Belgrado in

Op 2 december 1914 neemt het Oostenrijkse leger Belgrado in. Het Servische leger was zich al een tijdje aan het terugtrekken sinds november. En vandaag kan generaal Oscar Potiorek aan het hoofd van het Oostenrijkse leger de keizer melden dat de dood van de aartshertog gewroken is. Hij kan daarmee een schandvlek van zijn blazien halen want Oscar Potiorek was verantwoordelijk geweest voor de veiligheidsmaatregelen die het bezoek van de aartshertog in Sarajevo tot een goed einde hadden moeten brengen. Het Servische leger is nu gebroken. Dat denken de Oostenrijkers toch. En daarmee maken ze een grote misrekening. De Serviërs hebben zich met opzet terug getrokken om een beter strijdtoneel op te zoeken. Op 15 december 1914 zullen de Serviërs Belgrado opnieuw innemen en zal het Oostenrijks leger op de vlucht zijn. Maar vandaag 100 jaar geleden triomfeert dat Oostenrijkse leger nog…

Oostenrijkse intocht in Belgrado op 2 december 1914

Oostenrijkse intocht in Belgrado op 2 december 1914

Von Bissing wordt gouverneur-generaal van België

MoritzVonBIssingMoritz von Bissing heeft er al een behoorlijke militaire carrière op zitten wanneer hij op 27 november 1914 zijn benoeming krijgt tot gouverneur-generaal van België. Hij beschikt in die functie over uitgebreide bevoegdheden en is alleen verantwoording verschuldigd aan de Duitse keizer. Hij is rotsvast overtuigd van een Duitse overwinning en richt zich dan ook volledig op een duurzame Duitse heerschappij over België.

Von Bissing wil ook de Vlamingen op zijn hand krijgen en zijn Flamenpolitik zal leiden tot de vernederlandsing van de universiteit van Gent. In 1917 overlijdt von Bissing.

Het gouvernement-generaal omvat niet het ganse bezette deel van België. Tussen het front (operatiegebied) is er nog een zogenaamde etappengebied waar de rechten van burgers al een pak minder waren dan in het gouvernement-generaal. De keizerlijke marine had daarnaast nog een marinegebied. De rest van het bezette België viel onder von Bissing.

bronnen :

Oorlogskalender 2014-2018 , Davidsfonds

http://nl.wikipedia.org/wiki/Moritz_von_Bissing

http://buck.ugent.be/fulltxt/RUG01/001/458/406/RUG01-001458406_2011_0001_AC.pdf

IndelingBezetBelgie

Odon ontmoet zijn neef Cyriel tijdens de repos in Alveringem

Odon Van Pevenaege schrijft in zijn dagboek over de laatste dagen van november het volgende :

Na twee dagen zonder enige actie, gingen we de Fransen aflossen. Zij lagen juist voor Diksmuide. Het was het 93e Régiment Territorial dat mijn bataljon moest vervangen. Ze maakten de rechterkant van de sector uit. Er werd ons gezegd dat we 2 dagen tranchée en dan 4 dagen repos zouden hebben. Zo ging het ook. Na 2 dagen werden we afgelost door de karabiniers. Aangezien er 3 regimenten in een divisie zijn, hadden we 2 dagen tranchée en 4 dagen repos. Maar de mannen vroegen om 3 dagen tranchée en 6 dagen repos te doen. Onze generaal stemde daarmee in. Zo moesten we minder over en weer lopen. Mijn werk in de tranchée was erg gemakkelijk. Ik was délégué bij mijn pelotonchef. Die 2 dagen waren snel voorbij en we waren weinig gebombardeerd geweest.

Tijdens onze 4 dagen repos in Alveringem kregen we versterking van enkele oude soldaten die uit de forten van Antwerpen overgekomen waren naar Frankrijk. Bij die mannen bevond zich mijn neef Cyriel Van Pevenaege, maar omdat we elkaar al lang niet meer gezien hadden, herkende ik hem niet. Maar hij herkende mij wel. Zo waren die 4 dagen snel voorbij.

Cyriel Van Pevenaege (links op de foto)

Cyriel Van Pevenaege (links op de foto)

Cyriel Van Pevenaege was de neef van Odon. Tijdens hun jeugd hebben ze elkaar veel gezien, maar tijdens hun jeugdjaren minder. Zo komt het dat Odon Cyriel niet had herkend, maar andersom dus wel. Cyriel overleefde de oorlog, en het was hij die in 1918 het dagboek, de foto’s, de paternoster en het naamplaatje van Odon mee naar huis bracht.

bron : Odon, oorlogsdagboek van een Ijzerfrontsoldaat, door Ivan Adriaenssens, uitgeverij Lannoo.

De Serviërs trekken zich terug naar Belgrado

Op 19 november 1914 moeten de Serviërs Valjevo prijsgeven aan de Oostenrijkers. Ze trekken zich verder terug naar Belgrado. Einde november 1914 zijn de Oostenrijkers ervan overtuigd dat de weerstand van de Serviërs gebroken is. Maar het Servische leger is bijzonder taai. Begin december zullen ze nog terugslaan en het verloren grondgebied heroveren. Zo ver is het 100 jaar geleden nog niet : dan denkt het Oostenrijks-Hongaars leger de eindzege in Servië binnen handbereik te hebben. Voor het einde van het jaar zal de slag bij de Kolubararivier echter een einde maken aan die hoop.

Oostenrijkse soldaten nemen Servische kanonnen in beslag

Oostenrijkse soldaten nemen Servische kanonnen in beslag