Zuiver water in Ieper

In de Oorlogsdagboeken over Ieper lezen we dat de Engelse commandant Geoffrey Winthrop Young meedeelt dat de tyfusmicrobe gevonden is bij de ontleding van water. Maatregelen moeten dus genomen worden om het water te zuiveren. Men gaat grote tonnen aankopen, het water zal ontsmet worden en iedereen zal het nodige drinkbare water uit die tonnen kunnen putten.

’s Anderendaags staan er al tonnen drinkbaar water in Ieper aan de Menenpoort, de Rijselpoort, de kazerne en de kazematten. De Engelsen stellen voor alle huizen, zolders en kamers te bezoeken om eventuele zieken te ontdekken en zo nodig naar het hospitaal te brengen.

watertonnen aan de Menenpoort

watertonnen aan de Menenpoort

GeoffreyWinthropYoungGeoffrey Winthrop Young is 38 jaar als de eerste wereldoorlog uitbreekt. Op dat moment beschouwt men hem te oud om bij de infanterie in te delen. Hij gaat daarom aan de slag bij de Friends’ Ambulance Unit in Vlaanderen. Voor zijn moed wordt hij geregeld in Britse verslagen vermeld en hij krijgt van de Belgische overheid de Orde van Leopold toegekend. In 1917 gaat hij met een ambulancedienst naar Italië. Daar geraakt hij zwaar gewond waardoor hij een onderbeen tot boven de knie verliest. Zijn oorlogservaringen schrijft hij neer in een boek getiteld “The Grace of Forgetting”.

 

bronnen

Oorlogskalender 2014, 2018, Davidsfonds

http://www.alpinejournal.org.uk/Contents/Contents_1961_files/AJ%201961%20100-117%20Lunn%20Winthrop%20Young.pdf

 

Roosje Vecht raakt zwaar gewond in Veurne

Roosje Vecht

Roosje Vecht

Roosje Vecht is een Nederlandse verpleegster die aan het Ijzerfront heeft gewerkt. Ze is de oudste dochter (geboren op 18 juli 1881 in Elburg) van Mozes Vecht en Diena van Hamberg. Roosje trekt naar Amsterdam om er verpleegster te worden. Bij het uitbreken van de eerste wereldoorlog biedt ze zich aan bij het Rode Kruis. Ze werkt voor het “Belgian Field Hospital” in Antwerpen en na de val van de stad trekt ze met het Belgische leger mee naar Veurne.

Op 23 januari 1915 wordt ze zwaargewond tijdens een bombardement op Veurne als ze het hospitaal verlaat. Haar rechterbeen wordt verbrijzeld tot boven de knie. Men brengt haar nog haar het hospitaal “LOcéan” in De Panne, maar door het bloedverlies sterft ze.

Hieronder geven we een fragment weer van de graphic novel “Elsie en Mairie” van Ivan Petrus Adriaenssens die het bombardement van Veurne op die noodlottige dag weergeeft.

Roosje Vecht is niet vergeten ! Dat bewijst het feit dat er een herdenkinsgplechtigheid is 100 jaar na haar overlijden

RoosjeVecht01

RoosjeVecht02

bronnen

https://debliedemaker.wordpress.com/2014/08/13/roosje-vecht-de-enige-nederlandse-gesneuvelde-uit-wo-i/

http://www.hln.be/regio/nieuws-uit-veurne/herdenking-roosje-vecht-a2191783/

Ivan Petrus Adriaenssens, Elsie en Mairie – engelen van Flanders Fields, Lannoo

de kerk van Zarren

Pastoor Edmond Buyck is niet te spreken over het gedrag van de soldaten in zijn kerk in Zarren. Hij noteert in zijn dagboek op 18 januari 1915 het volgende :

Meer dan eens is het gebeurd dzt, als wij ’s morgens in de kerk kwamen, wij ze bevuld vonden door de soldaten die binst de nacht met de trein toegekomen waren. ’t Was ons dan onmogelijk mis te doen, en als de soldaten vertrokken waren, zagen wij tot onze spijt dat zij van het huis Gods een ware stal gemaakt hadden. We ondervonden dat de soldaten zich niet geschaamd hadden hun vuiligheid in de kerk te doen.

Herhaalde malen hebben wij daarover ons beklag gedaan bij de Duitse overheid. Men beloofde ons dat het niet meer zou gebeurden, maar het bleef bij beloften.

Op onderstaande foto staat de kerk van Zarren. Merk op dat de Duitsers ook een KriegsKino opgericht hadden. Die kwam er op de plaats van de afgebrande meisjesschool.

Zarren_Kerkplaats

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://users.telenet.be/zarren/periode1417.htm

Maman Tack

De 2e legerafdeling van het Belgische leger bezet op 11 januari 1915 de sector van grenspaal 19 tot 25 aan de Ijzer, op grondgebied Nieuwkapelle. Een aantal officieren krijgt onderdak in de vlakbij gelegen Villa Marietta, de woonst van de 78-jarige weduwe Tack, die vanaf nu de reputatie van “soldatenmoeder” krijgt. Anderen noemen haar “dame der loopgraven” of “Maman Tack”.

Maman Tack en haar soldaten

Maman Tack en haar soldaten

Het verhaal gaat dat mevrouw Tack op bezoek kwam bij de soldaten in de loopgraven, en hen voedsel en sigaretten bezorgde. Blijkbaar werd haar inzet voor de manschappen ook in hogere kringen gewaardeerd, want in juni 1916 ontvangt ze het Ridderkruis van de Orde van Leopold. II. In het najaar van 1917, toen het te gevaarlijk werd rond haar woning, verhuisde ze naar De Panne. Ook daar kwamen de soldaten haar opzoeken.

Villa Marietta bestaat nog altijd en ligt aan de Ijzerdijk 18 te Nieuwkapelle op slechts een tiental meters van de Ijzer.

Villa Marietta

Villa Marietta

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfond

http://www.militair.net/Biografieen/T/Madame%20Tack/

Canadezen komen aan in Dikkebus

Terwijl de nacht valt, lossen Canadese Patricia’s op 6 januari 1915 de resten van een Frans regiment af in de sector van de Vierstraat (Dikkebus). Al snel vallen de eerste slachtoffers onder de Patricia’s. Tegen de ochtende “verwelkomen” de Duitsers de pas gearriveerde Canadezen met een artilleriebombardement en een treiterend vuur van sluipschutters.

De Patricia’s, voluit Princess Patricia’s Canadian Light Infantry, werden opgericht en betaald door Hamilton Gault, een zakenman uit Montreal. Deze legerafdeling was daarmee het laatste door een privépersoon onderhouden regiment in Canada. In plaats van het regiment zijn naam te geven, noemde hij het naar prinses Patricia van Connaught, de dochter van de toenmalige Britse gouverneur-generaal in het land.

Princess Patricia's Canadian Light Infantry

Princess Patricia’s Canadian Light Infantry

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Odon maakt kennis met de Bavarois

Odon van Pevenaege noteert in zijn dagboek onder de periode van 1 januari 1915 tot en met 12 februari 1915 het volgende :

BeiersRegiment13Net als de mannen uit de tranchée werden we gekantonneerd in Lampernisse. We hadden zes dagen repos. Tijdens de drie dagen tranchée hadden de grenadiers met de Bavarois kennisgemaakt toen die voor ons lag in Diksmuide. Ze waren overeengekomen om op nieuwjaarsdag niet te schieten, wat zo gebeurde. De hele dag praatten ze met elkaar en van beide kanten werden er souvenirs uitgewisseld. Ook werden door onze vrienden van achter de Rijn de doden begraven die nog tussen de linies lagen. Tegen de avond gaven ze het teken om hun “werk” te herbeginnen. Jammer genoeg zijn die mannen kort daarna vertrokken.

Toen die zes dagen om waren, gingen wij weer drie dagen in de tranchées. In het algemeen werden we dagelijks gebombardeerd door de vijand, echter altijd met kanonnen van klein kaliber die weinig of geen schade aanrichtten. Zo ging het alsmaar over en weer met drie dagen tranchée en zes dagen repos in de sector Diksmuide tot 13 februari 1915.

Volgens Wikipedia moeten de Duitse soldaten behoord hebben tot het 43e reserve Division.

bronnen

Odon, Ivan Adriaenssens, Lannoo

http://de.wikipedia.org/wiki/43._Reserve-Division_%28Deutsches_Kaiserreich%29

2014 herzien – de statistieken van deze blog

De statistieken hulpaapjes van WordPress.com heeft een 2014 jaarlijks rapport voor deze blog voorbereid.

Hier is een fragment:

In een New York City metro-trein passen 1.200 mensen. Deze blog werd in 2014 ongeveer 6.700 keer bekeken. Als je blog een NYC metro-trein zou zijn, zou die ongeveer 6 reizen nodig hebben voordat die zoveel mensen zou kunnen vervoeren.

Klik hier om het complete rapport te bekijken.

Jeanne Philipsen sterft in Minderhout op weg naar Castelré

Het Nederlandse Castelré is Nederlands grondgebied maar wordt vrijwel geheel omsloten door Belgisch grondgebied. Van Castelré is het maar een half uur te voet naar het Belgische Minderhout. Begrijpelijk dus dat de inwoners liever naar hier komen dan naar het Nederlandse Baarle-Nassau, 12 kilometer verder. Ook op 27 december 1914 komen de mensen van Castelré naar de hoogmis in Minderhout. Wanneer de Nederlanders weg zijn, sluiten Duitse soldaten de weg Minderhout-Castelré af. Zoals overal wordt de grens tussen, Nederland en Vlaanderen afgesloten. Tegen de Nederlanders die komen kijken wat er gebeurt, zeggen de Duitse soldaten :”Nicht mehr zurück kommen, in Holland Beten” (Niet meer terugkomen, in Holland bidden).

Enkele uren later wordt de 22-jarige Jeanne Philipsen neergeschoten wanneer ze samen met haar moeder en broer de grens wil overschrijden. Ze wordt nog met een kruiwagen naar een boerderij gebracht, maar ze sterft. Tussen haar kleding zitten brieven voor haar 2 broers aan de Ijzer. Jeanne Philipsen was één van de allereerste slachtoffers door grensincidenten tijdens de eerste wereldoorlog.

gedenkplaat Jeanne Philipsen

gedenkplaat Jeanne Philipsen

bronnen

oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

http://nl.wikipedia.org/wiki/Castelré

http://www.dodendraad.org/index.php/teksten3/bijzondere-locaties/17-mnderhout-en-castelre

http://www.bloggen.be/vlaanderensvelden/archief.php?ID=2642404

Een aanbevolen blog over de Groote Oorlog

Diksmuide is welgekend als strategische plaats aan het Ijzerfront. De meeste blogs en forums die deze frontstad vermelden, zijn Belgisch of Nederlands (ja, er zijn ook Nederlandse sites gewijd aan de eerste wereldoorlog !). De meeste niet-Belgische blogs richten zich op het Franse front. Het is dan ook verrassend om onderstaande foto in een artikel over Diksmuide te vinden op een Engelstalige blog. Ik kan “The Great War blog” van harte aanbevelen voor zijn uitgediepte artikels die aandacht schenken aan alle fronten : westfront, oostfront, gevechten in Turkije, Afrika of het verre Oosten. Je vindt het hier allemaal terug. Het artikel over Diksmuide vind je op deze pagina . Deze blog heeft ook een Facebook-pagina. Wie ook een Facebook profiel heeft, kan zich abonneren op nieuws over de nieuwe artikels.

Ergens nabij Diksmuide in 1914

Ergens nabij Diksmuide in 1914

Kerstmis 1914

Over Kerstmis 1914 is al heel wat geschreven. Wat er echt waar is en wat mythe, daar is niet iedereen het over eens. Wat alvast wel een feit is, is dat de gewone soldaten van alle kanten het toen al behoorlijk beu waren om in de loopgraven te zitten terwijl er in augustus 1914 overal gezegd werd dat deze oorlog voor kerstmis gedaan zou zijn. Niet dus… en dus zochten de soldaten hun kerstgezelligheid daar waar ze zaten. Wie over deze periode een goeie film wil bekijken, kan ik van harte “Joyeux Noel” aanbevelen…