De lichte kruiser Breslau, die deel uitmaakt van de Duitse Middellandse Zeedivisie, loopt op 19 januari 1918 bij het eiland Imbros op een Brits mijnenveld en zinkt met ruim driehonderd manschappen aan boord. De Breslau was op weg naar het eiland Lemnos om daar de geallieerde basis Mudros onder vuur te nemen.
Eerder was de Breslau actief in de Zwarte Zee waar het meerdere Russische handelsschepen tot zinken bracht. Zowel in de Middellandse Zee als in de Zwarte Zee opereerde de Breslau meestal samen met de slagkruiser Goeben.
In 1914 had Duitsland beide schepen ter beschikking gesteld van het toen nog neutrale Ottomaanse Rijk, weliswaar met behoud van de Duitse bemanning aan boord. Dit gebaar maakte zo’n indruk dat het land zich schaarde aan de zijde van Duitsland.
bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
De tekening hieronder is een schilderij van de Duitser Willy Stöwer die de Breslau samen met de Goeben afbeeldt.


Tijdens de gevechten in El Burf (Palestina) naderen Ottomaanse soldaten tot op 30 meter van de vuurlinie van de Britten. Het Ottomaanse bombardement en het vuren van hun automatische geweren zijn zo hevig dat de Britten nauwelijks kunnen terugschieten. Plots stormt Stanley Boughey naar de vijand en bestookt hen zo hevig met granaten dat er velen om het leven komen en de laatste dertig overlevenden bereid zijn zich over te geven. Als Boughey zich omdraait om meer granaten te halen, raakt hij dodelijk gewond.



