vluchtelingen in Maaseik

Tegen de avond van 19 april 1918 komen in Maaseik ongeveer zeshonderd gewonden aan. Dus weer bijkomende oorlogsellende in de stad. Het waren bijna allemaal lichtgewonden. Ze zagen er haveloos en vuil uit en hadden gescheurde kleren aan.

Het is niet de eerste keer dat zo’n grote groep vluchtelingen in de stad aankomt. Midden december 1917 arriveerden ongeveer 650 mensen, afkomstig uit Torhout, Kortemark… Die mensen werden ondergebracht in verschillende dorpen in de omgeving.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

De tekening hieronder is van de Nederlander Herman Moerkerk en draagt de titel “vluchtelingen in Stramproy”. Stramproy is niet zo ver van Maaseik.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

HermanMoerkerk_BelgischeVluchtelingeninStamproy_1918

slag om Merkem

Tijdens een ochtendlijk offensief veroveren Duitse soldaten op 17 april 1918 het dorp Merkem op het Belgische leger. De Belgen moeten zich een eind terugtrekken, maar lanceren in de loop van de dag tegenaanvallen op diverse tijdstippen en plekken. Het ene na het andere gehucht, de ene boerderij na de andere komen opnieuw in Belgische handen.

Rond half tien ’s avonds trekken de Duitsers zich terug en nemen beide legers ongeveer dezelfde stellingen in als ’s ochtends. Op het terrein was er dus geen winst of verlies maar de Belgen namen wel bijna achthonderd Duitse soldaten en officieren gevangen. Een morele overwinning voor de Belgen dus, ook en vooral omdat ze de vijand hebben kunnen terugdrijven.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Merkemapril1918-1

slag om de Kemmelberg

Vanaf 16 april 1918 wordt de slag om de Kemmelberg uitgevochten. Die slag eindigt op 25 april 1918. Een Engelse soldaat verwoordt treffend de verwoesting die aangericht wordt.

Bij onze aankomst op 16 april 1918 was de Kemmelberg een mooie plaats, vrolijk bebost, dicht met bloemen bedekt en over het algemeen lijkend op Clifton Grove in de maand mei.

Bij ons vertrek was het een gefolterde massa bruine aarde met versplinterde bomen en bezoedelde lucht.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Kemmelberg_19180426

Valleye gedood door de dodendraad

In ’s Gravenvoeren komt Guillaume Valley uit Herstal op 10 april 1918 om het leven bij een poging om via den Draad naar Nederland te gaan. Hij had het al meermaals gedaan, het zou nu ook wel lukken. Eerste knipt hij vier draden door, dan kruipt hij er onderdoor maar zijn voet raakt de vijfde draad…

Zijn heengaan is een stevig verlies voor de Franse inlichtingendienst waarvoor hij al sinds 1915 jonge Fransen gidste die via Nederland naar het Franse leger willen gaan. In die periode is hij tweemaal aangehouden, maar kan telkens ontsnappen. Behalve als gids was hij ook actief bij het opzetten van spoorwegspionageposten.

Meer informatie over zijn leven kan je lezen op http://www.1914-1918.be/civil_valleye.php.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

GuillaumeValleye_191804

gasaanval in Nieuwpoort

Dokter Lievens noteert het volgende in zijn dagboek met datum 8 april 1918 :

’s Nachts moeten twee raids plaatsvinden : een door de 1e karabiniers en een door mijn regiment in Sint-Joris waar ik een eerste verpleegpost moet installeren. Omstreeks 23u regent het Duitse gasgranaten over Nieuwpoort, zeker tot 10 uur.

Om 2 uur moet ik me door de stikwalm naar mijn post in Sint-Joris begeven. Ik hou mijn gasmasker klaar en snuif eerst een beetje de lucht op om te weten of het nodig is het op te zetten. Me dunkt dat de geur niet doordringend is en ik gerust kan doorstappen.

In Sint-Joris slagen onze mannen erin een mitrailleur buit te maken en ze komen ongedeerd terug, uitgenomen de aalmoezenier Franco de Wyels die een wonde aan de rechterarm met beenbreuk heeft opgelopen en die ik ter plaatse verzorg. Ondertussen hebben de Duitsers Nieuwpoort opnieuw met gas bestookt. Rond 8 uur komen enkele mannen naar mijn post met vergiftigingsverschijnselen. Na een eerste verzorging stuur ik hen door naar het hospitaal. Steeds nieuwe ongelukkigen komen er aan met roddelende ogen en bloedfluimen hoestend, maar ik doe mijn werk voort zonder iets te voelen.

Rond 14 uur voel ik een prikkeling aan mijn ogen en wellen er enige tranen op. Ik hecht er niet veel belang aan en werk verder. Meer dan tweehonderd soldaten heb ik op dat ogenblik naar het hospitaal doorgestuurd. De prikkeling op mijn ogen wordt pijnlijk en het is alsof er een waas, een lichte rook voor het gezicht zweeft. Ik heb niet veel tijd om eraan te denken want steeds nieuwe slachtoffers komen aan. Omstreeks 16 uur zie ik bijna niets meer. Mijn hoofd begint te gloeien en mijn oogleden knipperen krampachtig. Dan begin ik te braken en ik voel me zo doodmoe dat ik mij moet laten vallen en zo blijf doorsukkelen. Om 18 uur is elk slachtoffer geëvacueerd en laat ik me meenemen in een wagen die me naar het hospitaal de Oceaan in De Panne brengt. Ik word er helemaal ontkleed en gewassen. Ze verzorgen mijn ogen en stoppen me in bed.

bron : André Gysel, dokter Lievens – dagboek van een arts, Lannoo
Onderstaande tekening komt uit de stripreeks Moeder Oorlog.

MoederOorlog_19180408

noodlot treft Karel Desaever

Karel Desaever maakte meerdere gevaarlijke situaties mee tijdens de oorlog maar sneuvelt uitgerekend op zijn vrije dag op 2 april 1918.

Bij het begin van de eerste wereldoorlog wordt Karel Desaever, schrijnwerker van beroep, ingedeeld bij het 7e linieregiment. Bij de gevechten van de Dijle en om het fort van Waver wordt hij geraakt door een kogel, met een eerder lichte verwonding als gevolg. Later vecht zijn regiment ook bij Mannekensvere, Lombardsijde en Sint-Joris.

Na meer dan 3,5 jaar frontdienst komt Karel Desaever in Veurne terecht bij de 1e compagnie van het spoorwegbataljon. Vandaag heeft hij een dag verlof en bezoekt zijn ouders die in dezelfde stad aan de Iepersesteenweg wonen. Plots hoort iemand het geluid van een vliegtuig en iedereen loopt naar buiten. Een Duitse bom doodt Karel. Zijn vader, die op een schuur klom om een beter zicht te hebben, raakt gewond.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

GrandeGuerre_Adieu

geen paasverlof voor Raoul Snoeck

Raoul Snoeck merkt de onrust in de eerste linies en noteert op 31 maart 1918. 

Slecht nieuws voor ons : alle verloven zijn ingetrokken en niemand weet voor hoelang, tenzij de oorlog vlug zou eindigen. Maar dat geloof ik niet, wat er ook over verteld wordt. Ik verwacht geen opheldering in de oorlogssituatie en denk dat we er nog voor lang hebben. Een vliegtuig komt bommen gooien. De paaseieren zijn jammer genoeg niet van chocolade. We volgen de vlucht van de oorlogsvogel. De projectielen gehoorzamen gelukkig aan de wet van de zwaartekracht waardoor ze gemakkelijker ontweken kunnen worden. Vijandelijke piloten bestoken ons niet alleen met bommen, al lang werpen ze over de kampen ook vlugschriften en aankondigingen uit. Ze willen ons uitnodigen tot overgave of ons mentaal klein krijgen, maar dat lukt ze niet. De moffen meten ons beslist met eigen maat. Kennen ze ons dan nog niet ?  

bron : Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, uit het Frans vertaald door André Gysel, Snoeck-Ducaju & zoon 

DuitseVliegtuigen_19180331

gemor in de loopgraven

Gaston Le Roy noteert op 30 maart 1918 het volgende in zijn dagboek.

Het offensief van de Duitsers werkt op ieders gemoed. Want al schrijven de kranten dat het moreel uitstekend is, nooit eerder waren de soldaten zo ontmoedigd. De Duitsers hebben Amiens en Albert veroverd, wel, geen enkele soldaat die daarover verontrust is, wel integendeel, want je hoort niks anders dan het kan ons niet schelen. 

Dat ze Amiens innemen ! 

Dat ze de baas zijn op zee ! 

Dat ze ons omsingelen. 

Dat ze ons krijgsgevangen nemen, als wij er maar vanaf zijn ! 

De jongens worden het moe als slaven behandeld te worden. 

Bron : André Gysel, Gaston Le Roy – dagboek van een Vlaamse oorlogsvrijwilliger, Lannoo 

TrancheesBelges_Barbier

 

Gent krijgt een nieuwe burgemeester

In Gent deporteren de Duitsers burgemeester Emile Braun op 29 maart 1918 zoals de activisten dat wensen. Uit protest nemen de overige leden van het schepencollege ontslag. De activisten zien hun kans schoon en bezetten zelf de lege schepenzetels. 

Bij wijze van aanloop tot deportatie van burgemeester Braun werd gisteren de Duitse kapitein Künzer tot burgemeester aangesteld. Op zijn eerste werkdag verschijnt het heerschap in militair uniform. 

Bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

EmileBraun_1918

Emile Braun

guillotine voor Emile Verfaille

Volgens sommige bronnen wordt de doodstraf op Emile Verfaille voltrokken op 26 maart 1918, anderen houden het op 27 maart 1918. Wat er ook van zij, dit is in ieder geval de laatste uitgevoerde doodstraf voor een “gewoon” misdrijf. Na de tweede wereldoorlog worden er nog wel mensen gefusilleerd wegens collaboratie.

De krijgsraad veroordeelde Emile Verfaille, wachtmeester-foerier in het Belgische leger, voor roofmoord (lees meer op deze pagina) . Kort nadien wordt de doodstraf uitgevoerd met een speciaal daarvoor uit Frankrijk overgebrachte guillotine. Omdat het ging om een misdaad van gemeen recht, moet Verfaille niet het voor militairen meer gebruikelijke vuurpeloton trotseren. Naar verluidt werd Veurne beschoten tijdens de voltrekking van de doodstraf.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

veurne-guillotine