Afspraak met de dood

Sinds het begin van de oorlog melden zich tal van buitenlandse vrijwilligers om dienst te nemen in het Franse leger. Ze worden ondergebracht in het Vreemdelingenlegioen. Mintens twee onder hen sneuvelen op 4 juli 1916 aan de Somme : de Amerikaan Alan Seeger en de Pool Bernard Kacenelen.

Behalve het feit dat ze  tot dezelfde strijdmacht behoren en op dezelfde dag sneuvelen, is er niets dat hen bindt. Het contrast tussen beiden kan niet groter zijn. Bernard Kacenelen is een onbekende Poolse vrijwilliger bij wie er zelfs onzekerheid is over zijn naam. Alan Seeger daarentegen zal bekend worden als oorlogsdichter. Zijn familie schonk een klok voor de heropgebouwde kerk van Belloy-en-Santerre zodat door het klokkengeluid zijn stem blijft klinken.

Een van Alan Seegers meest bekende gedichten is “I have rendezvous with Death”. En zo gebeurde

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

AlanSeeger_Rendez-vous

Een Duitse ooggetuige aan de Somme

De Duitse militair Matthäus Gerster observeert de Britse soldaten tijdens een aanval op de eerste dag van de slag aan de Somme. Vierenhalve maand later eindigt de slag met meer dan een miljoen doden en slechts 12 kilometer terreinwinst voor de Britten.

De Britse soldaat is zeker moedig en als hij zich eenmaal iets heeft voorgenomen, dan is hij daar niet snel meer van af te brengen. De aanvalslinies zijn weliswaar gehavend maar komen nu nog sneller op ons af.

De Britten gooien ook met granaten terwijl de infanterie met de bajonet op het geweer naar voren stormt. Het lawaai is onbeschrijflijk. Zelfs boven het geratel van de machinegeweren, het ontploffen van bommen, het diepe gedreun van de artillerie en het exploderen van de granaten, kan je nog steeds het schreeuwen van bevelen, het gegil en gejuich van aanvallende Britten horen.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

image

bloedigste dag voor de Britten

Op 1 juli 1916 begint de slag aan de Somme. In de vroege ochtend ontploffen vijf ondergrondse mijnen onder de Duitse posities, volgestouwd met tonnen explosieven. Onmiddellijk daarna valt de Britse infanterie aan. Het is 7u30 ’s morgens. De Britse infanteristen hebben veel vertrouwen in het artilleriewerk. Ze zijn ervan overtuigd dat geen enkele Duitser de beschietingen heeft overleefd. Groot is dan ook hun verbazing als blijkt dat hun ‘wandeling’ in het niemandsland een hel wordt.

Zodra de Britse infanteristen zich vertonen, stellen de Duitsers snel hun mitrailleurs op en nemen de Britten vanop korte afstand onder vuur. Het gevolg is de donkerste bladzijde ooit in de Britse militairen geschiedenis. Nooit hebben de Britten op één dag tijd meer gesneuvelden te betreuren dan op die noodlottigste eerste juli 1916. Van de meer dan 100.000 ingezette militairen sneuvelen er 19.240 en raken 35.500 anderen gewond. De Duitsers verliezen die dag ‘slechts’ 6.000 manschappen. Eén Duits regiment slaagt erin met slechts 180 verliezen een volledige Britse divisie tegen te houden en ze maar liefst 5.000 verliezen toe te brengen.

bron : Knack Historia 1916

Schermafbeelding 2016-07-01 om 20.20.56

de storm nadert aan de Somme

Kresten Andresen is een jonge Deen die in Duits uniform aan het westelijk front in de eerste linies staat. Op 30 juni 1916 bevindt hij zich in de Duitse sector aan de Somme. Hij heeft veel meer tijd met  een hak en een spade in zijn hand doorgebracht dan met een geweer en handgranaten. Wat hij op geen enkele manier betreurt. Op wacht staan in de voorste linies is gevaarlijk, onaangenaam en zwaar. Vooral nu, nu de Britten de Duitse linies enkele tientallen kilometers verderop blootstellen aan een onafgebroken trommelvuur, klaarblijkelijk als voorbereiding op een grote aanval. Af en toe jaagt de vuurwals ook over Andresens loopgraven, en ze moeten voortdurend hersteld worden. De witte krijtaarde is zwaar om in te graven. Het resultaat bestaat echter uit uitstekende schuilnissen.

Het werk verloopt volgens een vast schema : acht uur graven, met een lange schatpauze halverwege. Daarna doen de soldaten wat ze willen. Een van deze loopgraven waar Kresten aan bezig is, loopt door het gezeefde zonlicht in een nog zomergroen bos, waar de omgeschoten bomen als mikadostokjes op de grond liggen, langs een beek, door een oude watermolen. Ze slapen in diepe, onderaardse schuilplaatsen. Daar is het veilig, maar krap. Maar het slapen verloopt moeilijk door de luchtaanvoer. Daarover noteert Kresten het volgende :

Als je daar vijf, zes uur hebt liggen slapen, voelt je borst benauwd en sponzig, alsof je astma had. Maar dat gaat vrij snel over als we boven in de frisse lucht en het licht komen.

bron
Peter Englund, de schoonheid en het verdriet van de oorlog, Spectrum

DuitsersWerkenAanLoopgraven

Martinus Evers in het 23e linieregiment

Ik heb al eerder op deze blog geschreven dat ik weinig met zekerheid van mijn grootvader weet.De meeste berichten verwijzen naar feiten van de dag om de sfeer te scheppen waarin mijn grootvader heeft geleefd. Maar soms kan ik feiten gebruiken om veronderstellingen te doen over het lot van Martinus Evers.

Eerste feit : via onderstaande website weet ik dat mijn grootvader deel uitmaakte van het 23e linieregiment http://www.tenboome.webruimtehosting.net/guldenboek/index/naam.pdf

Tweede feit : in zijn dagboek noteert Jeroom Leuridan einde juni 1916 dat zijn regiment is ontdubbeld.

Ik ben nu in première, I/1 van het 23e linieregiment.

Verder vermeldt het boek over Leuridan dat hij in die periode in Alveringem in de school een studentenvergadering bijwoont, geleid door Dr. Hilaire Gravez. Een paar dagen later is er een revue-vertoning voor het 3e en het pas opgerichte 23e linieregiment.

Ivo De Wispelaere is zo vriendelijk geweest me al geruime tijd geleden informatie door te sturen. Daardoor weet ik dat het 3e linieregiment in juni 1916 600 recruten had ontvangen. Door deze versterkingen kom men het 3e linie terug opdelen in het 3e en het 23e linieregiment. Ivo vermeldt trouwens eveneens Jeroom Leuridan die van het 3e naar het 23e overgaat.
In februari 1916 is Martinus Evers ingelijfd in Folkestone. Eind april 1916 is de foto genomen van Hamontenaren in het Franse kamp Auvours. We zijn nu 2 maanden verder. Ik neem aan dat het nu 100 jaar geleden kan zijn dat Martinus Evers bij het 23e linieregiment is aangekomen.

EversMartinusGuldenBoek

 

Links verzet tegen de oorlog

In Duitsland veroordeelt een rechtbank op 28 juni 1916 de marxistische politica Rosa Luxemburg tot twee jaar gevangenisstraf. De voornaamste reden is haar verzet tegen de door Duitsland gevoerde oorlog.

Eerder in 1916 verliet Rosa samen met Karl Liebknecht de SPD (Sozialdemokratische Partei Deutschlands) die tegen hun zin de oorlogsfinanciering had goedgekeurd. Samen met Liebknecht richt ze de Spartakusbund op, die ze na de oorlog zullen omvormen tot de communistische partij van Duitsland.

Begin 1919 worden Rosz Luxemburg en Karl Liebknecht gevangengenomen, ondervraagd en vervolgens vermoord door Duitse militairen van het Freikorps.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Liebknecht_Luxemburg.jpg

 

de heldenmoed van een mijnwerker

Een van de talloze namen die vermeld staan op het Ploegsteert Memorial for the Missing is die van soldaat William Hackett, die op 27 juni 1916 overlijdt. Hij is al 23 jaar mijnwerker wanneer hij in 1915 het Britse leger vervoegt. Niet helemaal onverwacht komt hij terecht bij een legeronderdeel verantwoordelijk voor het graven van tunnels.

Als gevolg van de explosie van een Duitse mijn raakt William Hackett samen met vier anderen opgesloten in een ondergrondse galerij. Na bijna een dag graven is er opnieuw contact met de buitenwereld. Soldaat Hackett helpt drie van zijn makkers door de smalle opening naar buiten, maar weigert de vierde man van het groepje, die zwaargewond is, alleen achter te laten. Ook niet wanneer het gat naar de buitenwereld steeds kleiner wordt. Uiteindelijk stort de mijngalerij in.en sterven beide mannen. William Hackett krijgt postuum een Victoria Cross voor zijn moed en zelfopoffering.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

williamhackettvc

 

 

Trommelvuur aan de Somme

Britse en Franse troepen beginnen op 24 juni 1916 aan de Somme met een grootscheeps artilleriebombardement dat ruim een week zal duren. Het betekent de feitelijke aanloop naar de slag bij de Somme, de grootste en meest bloedige veldslag van de eerste wereldoorlog die zal duren tot in november 1916.

Aan het begin van de slag bij de Somme zal blijken dat de bombardementen in de noordelijke sector van het gebied niet het gewenste resultaat opleveren. Bij aanvang van het Britse offensief daar op 1 juli 1916 krijgen ze te maken met een bijzonder krachtig mitrailleurvuur. Britse soldaten sneuvelen bij duizenden.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Somme_Artillery1916

Charles Fryatt krijgt ruzie in fort Lapin

Het brits koopvaardijschip SS Brussels, op weg van Rotterdam naar Groot-Brittannië, wordt op 23 juni 1916 voor de Belgische kust aangehouden door een Duitse torpedoboot en vervolgens naar Zeebrugge geleid. Tot hier lijkt dit een banaal oorlogsincident.

De kapitein van de Brussels, Charles Fryatt, heeft met zijn schip al eerder problemen gehad met de Duitse marine. Op 28 april 1916 wordt zijn schip aangehouden door de Duitse onderzeeër U-33. De kapitein tracht de duikboot te rammen, maar die kan, weliswaar beschadigd, ontsnappen dor vliegensvlug te duiken.

Dat weten de Duitsers niet op het moment dat ze hem tot Zeebrugge meevoeren. Integendeel, de sfeer is zeer hartelijk. Kapitein Fryatt wordt uitgenodigd om met de Duitse U-bootofficieren mee te dineren in hun officierenmess in fort Lapin. De sfeer slaat helemaal om als de Duitsers de medaille in de gaten krijgen die Fryatt van de Britse regering ontving voor zijn rampoging van de U-33. Hij wordt gearresteerd en door een Duitse krijgsraad ter door veroordeeld. Op 28 juli 1916 volt de terechtstelling van kapitein Charles Fryatt.

Fort Lapin bestaat nog steeds en is momenteel een aperobar onder de naam salon Lapin.

bronnen :
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
Tomas Termote, oorlog onder water, Davidsfonds

CaptainFryatt_SS_Brussels.jpg

 

Bombardement op Karlsruhe

In de loop van de oorlog kennen militaire lichtvaarttoepassingen een geweldige ontwikkeling. Aanvankelijk werden vliegtuigen ingezet voor verkenningen of werden granaten of kleine bommen uit het cockpitraam gegooid. geleidelijk aan konden vliegtuigen en zeppelins zwaardere bommen meenemen en heuse bombardementen uitvoeren. Tijdens de oorlog stierven in Groot-Brittannië meer dan 1400 mensen bij Duitse luchtaanvallen, terwijl er in Duitsland ongeveer 700 doden vielen bij geallieerde aanvallen.

Op 22 juni 1916 bombarderen Franse vliegtuigen de stad Karlsruhe en daarbij vallen 117 doden. Onder hen zijn 85 kinderen die een voorstelling van circus Hagenbeck bijwonen. Naar verluidt was het de bedoeling het oude spoorstation te treffen, maar alle bommen vallen in bewoond gebied.

De Franse schilder Henri Farré heeft onderstaand schilderij van dit bombardement gemaakt. Hij was niet alleen officieel schilder bij het leger maar tevens piloot

bronnen
oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds
https://fr.wikipedia.org/wiki/Henri_Farré

HenriFarré_Karlsruhe1916.jpg