Verdrag van Lausanne ondertekend

Op 24 juli 1923 wordt in Lausanne een vredesverdrag ondertekend na onderhandelingen die in november 1922 zijn gestart. De voornaamste onderhandelaren zijn Eleftherios Venizelos namens Griekenland, George Curzon namens Groot-Brittannië en Ismet ‘Pasja’ Inönü namens Turkije.

Het verdrag vervangt het voor Turkije veel ongunstigere Verdrag van Sèvres van 1920, dat door de Turkse nationalisten niet geaccepteerd is. Het betekent ook de erkenning van de Turkse regering van Mustafa Kemal, die later bekend zal worden onder de naam Kemal Atatürk.

Het verdrag van Lausanne legt de huidige grenzen van Turkije vast. In vergelijking met het verdrag van Sèvres wint Turkije gebieden van het Ottomaanse rijk die in 1920 aan geallieerde naties zijn toegewezen. In de afbeelding hieronder is duidelijk te zien welke gebieden Turkije erbij krijgt ten nadele van welke geallieerde natie.

Daarnaast wordt er ook een volksverhuizing officieel erkend. Het verdrag betreffende de uitwisseling van Griekse en Turkse bevolkingsgroepen is een overeenkomst tussen de Griekse en Turkse regeringen ondertekend door hun vertegenwoordigers in Lausanne op 30 januari 1923, in de nasleep van de Grieks-Turkse oorlog van 1919-1922. De overeenkomst voorziet in de gelijktijdige verdrijving van orthodoxe christenen uit Turkije naar Griekenland en van moslims uit Griekenland naar Turkije. Bij deze onvrijwillige bevolkingsoverdrachten zijn ongeveer twee miljoen mensen betrokken, ongeveer 1,5 miljoen Anatolische Grieken en 500.000 moslims in Griekenland. Hiermee wordt het einde van de Griekse aanwezigheid bezegeld in de stad İzmir (Smyrna) en de rest van de Ionische kust en Klein-Azië.

Bron : https://nl.wikipedia.org/wiki/Vrede_van_Lausanne_(1923)

Bomaanslag op een Duitse trein

In de nacht van 30 juni 1923 gaat er een Duitse trein met Belgische militaire verlofgangers richting Duisburg. Als de trein op de brug bij Hochfeld is rond 1u30, ontploft er een tijdbom. Tien Belgische soldaten komen om het leven. Onder de dodelijke slachtoffers zijn een aantal soldaten van het 23e linieregiment, hetzelfde regiment waar Martinus Evers in de oorlog heeft gediend. Jules Cornette komt uit Roesbrugge nabij Poperinge. Een ander dodelijk slachtoffer is René Mercier van Doornik. Een geluk bij een ongeluk is dat de trein niet in de Rijn valt. Het aantal slachtoffers had daarmee veel groter kunnen zijn.

De Belgische en Franse militaire overheden reageren hierop door een avondklok in te stellen. De soldaten krijgen het bevel om te schieten zodra er burgers na de avondklok nog op straat zijn. Op 3 juli worden er vier Duitse burgers doorgeschoten omdat ze de avondklok niet respecteren.

bronnen

https://www.vrt.be/vrtnws/nl/2016/02/18/een_ongelukkige_nasleepvandegroteoorlogderijnbezetting-1-2574221/

https://nl.wikipedia.org/wiki/Ruhrbezetting

https://westhoekverbeeldt.be/ontdek/detail/a0c8fc9c-bbc5-11e3-86b9-d77a8dcfb372

http://www.senegaldiv.com/in-memoria/rene%20mercier.htm

Twitter account 1923Live

nieuw dieptepunt voor de Duitse Mark

De Reichsbank moet na maanden haar akties om de Duitse Mark te ondersteunen , opgeven en het gevolg is er naar. De D-Mark gaat verder de dieperik in. Op 13 juni 1923 is 1 dollar 100.000 Mark waard. Voor de oorlog was 1 dollar 4,20 Mark waard. Onderstaande afbeeldingen, gepubliceerd door de Twitter account “Die Inflation von 1923” geeft duidelijk weer hoe zeer de Mark aan waarde verliest en wat de gevolgen zijn voor het dagelijkse leven in Duitsland in 1923.

bronnen
https://twitter.com/inflation1923
https://en.wikipedia.org/wiki/June_1923

de Reichsbank in het passief verzet

Na de Franse bezetting van het Duitse Ruhrgebied organiseert de Duitse regering het passief verzet. Ze roept de Duitse werknemers op om te staken en belooft alle lonen verder uit te betalen. Dat vraagt natuurlijk een ernstige financiële inspanning. En dus speelt de Duitse Reichsbank haar rol in dit passief verzet.

Vlak na start van de bezetting in januari 1923 is de koers van de Mark gezakt. Vanaf eind januari grijpt de Reichsbank aktief in de markt in om deze trend te stoppen. Dat doet ze op twee manieren. Aan de ene kant beperkt ze het bedrijfskrediet, met name het deviezenkrediet. Dit zou de ondernemingen moeten dwingen terug te vallen op hun eigen deviezen. Aan de andere kant intervenieert de Reichsbank ook rechtstreeks op de valutamarkt door vreemde valuta, vooral dollars en ponden, te verkopen en marken op buitenlandse beurzen te kopen. Het verhoogt dus de vraag naar de Mark kuntsmatig waardoor de prijs stijgt.

In het begin werkt dit vrij goed, en de Reichsbank is in staat om deze markaankopen grotendeels uit haar eigen dollar- en pondbezit te doen. Hoe sterker de verkoopdruk op de Mark, hoe meer ze het moet tegengaan en hoe meer Mark ze moet opkopen. Daarom deponeert de Reichsbank goud uit haar bezittingen ter waarde van 164 miljoen goudmarken bij buitenlandse centrale banken. Wanneer ze niet genoeg deviezen heeft om marken in het buitenland op te kopen, koopt ze de markposities op krediet en borgt ze met het goud dat is opgeslagen bij de centrale bank van het betreffende land. Als de Mark op de lange termijn in waarde zou blijven stijgen, zou de Reichsbank de dollars later voor een kleiner bedrag kunnen terugkopen en de lening kunnen terugbetalen.

Maar het tegendeel gebeurt door de langdurige bezetting. De Mark blijft in waarde dalen en de Reichsbank moet hoe langer hoe meer dollars verkopen om Marken te kunnen opkopen. De Duitse goudvoorraden bij de buitenlandse centrale banken smolten als sneeuw voor de zon. Uiteindelijk moet de Reichsbank deze ondersteuningsakties stopzetten, waarna de koers van de Mark de diepte induikt. Aan een afslossing van het krediet valt al niet meer te denken en het goud dat als waarborg dient, is voor Duitsland verloren.

Bron : Frank Stocker, die Inflation von 1923, FBV

Executie van Albert Schlageter

Albert Leo Schlageter is een veteraan van de Groote Oorlog die ook na de oorlog actief blijft in paramilitaire eenheden. In 1923 is hij dan ook actief in het verzet tegen de Franse bezetting van het Duitse Ruhrgebied. Met zijn ervaring, zijn Ijzeren Kruis eerste en tweede klasse, is hij voor zijn omgeving een ideaal leidersfiguur. Onder zijn leiding worden geregeld sabotageacties ondernomen tegen de Franse bezetter.

Op 7 april 1923 krijgen de Franse militairen informatie over Schlageter en zijn activiteiten, en hij wordt de volgende dag gearresteerd. Berecht door de krijgsraad op 7 mei 1923, wordt hij ter dood veroordeeld. Daags erna schrijft Schlageter aan zijn ouders : “van 1914 tot vandaag heb ik mijn hele kracht opgeofferd om te werken voor mijn Duitse vaderland, uit liefde en pure loyaliteit. Waar het leed, trok het me, om te helpen… Ik was geen bendeleider, maar in stille arbeid probeerde ik mijn vaderland te helpen. Ik heb geen gewone misdaad of moord begaan.’ .

Op de ochtend van 26 mei wordt hij door een vuurpeloton geëxecuteerd op de Golzheimer heide bij Düsseldorf .

Vrijwel onmiddellijk na de dood van Schlageter vermoordt Rudolf Höss zijn vermeende verrader, Walther Kadow . Hij wordt bijgestaan door Martin Bormann . Höss wordt veroordeeld tot tien jaar, maar zal er slechts vier uitzitten; Bormann krijgt een gevangenisstraf van een jaar.

Na zijn executie wordt hij een held voor sommige delen van de Duitse bevolking. De Duitse Communistische Partij probeert de opkomende mythologie van Schlageter te ontkrachten door een toespraak van Karl Radek te laten circuleren waarin hij hem afschildert als een eervolle maar misleide figuur. Het is de nazi-partij die het Schlageter-verhaal het meest uitbuit. Hitler zal naar hem verwijzen in zijn boek “Mein Kampf”.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/Albert_Leo_Schlageter

wapenstilstand in Ierland

Frank Aiken wordt op 20 april 1923 de nieuwe stafchef van het Ierse Republikeinse leger als opvolger van Liam Lynch, die tien dagen eerder in een hinderlaag is omgekomen. Aiken, die de aanval van het Irish Free State National Army heeft overleefd, drintg er bij de 12 leden tellende raad van bestuur op aan om verdere actie in de Ierse burgeroorlog stop te zetten. Hij is tot de conclusie gekomen dat de anti-verdrags-IRA een langdurig gevecht met de Free State niet kan winnen. Aiken’s resolutie om vrede te sluiten met de Ierse Vrijstaat wordt aangenomen met 9 tegen 2 stemmen.

Op 27 april 1923 kondigt Éamon de Valera aan dat het Ierse Republikeinse leger bereid is in te stemmen met een staakt-het-vuren in de burgeroorlog. Op 30 april kondigt Frank Aiken, dan een staakt-het-vuren aan en roept alle IRA-vrijwilligers op om op 24 mei afstand te doen van hun wapens om 12 uur.

De foto links toont Frank Aikin. Rechts staat Eamon de Valera.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/April_1923

een nieuwe haven voor Polen

Door het verdrag van Versailles worden er nieuwe staten opgericht, waaronder de Poolse republiek. Eén van de eisen van de Polen is dat ze toegang krijgen tot de Baltische zee om hiermee een handelsweg over zee te krijgen. Die havenstad moet gezocht worden in een strook kustlijn, die snel bekend zal staan als de Poolse corridor. Deze corridor is gelegen tussen de nieuw gecreëerde vrije stad Danzig (Gdańsk) en de Duitse provincie Oost-Pruisen in het oosten, en West-Pruisen in het westen.

De grootste haven in dit deel van de Baltische kust is Danzig, een stad met een geschiedenis van 900 jaar. Veel burgers daar, evenals de Duitse regering die enorme invloed blijft uitoefenen op de besluitvorming van de heersers van de Vrije Stad, staan echter onsympathiek tegenover de behoeften van de nieuwe Poolse staat. Dit is duidelijk aangetoond als de haven van Danzig weigert Franse bewapening te lossen voor Poolse troepen die betrokken zijn bij de Pools-Sovjetoorlog van 1920.

Als de Polen een haven willen waar ze zeker van zijn, moet die elders gezocht worden. De Poolse regering is daarom vastbesloten om een nieuwe zeehaven te bouwen op de top van de ‘corridor’ en de keuze valt op het kleine vissersdorpje Gdynia. De ontwikkeling van Gdynia tot een belangrijke haven wordt gezien als cruciaal voor de economische onafhankelijkheid van het nieuwe land. Op 23 april 1923 is er een inauguratieceremonie in de nieuwe haven van Gdynia. Tussen 1923 en 1933 zal het inwonertal stijgen van 1.000 naar 30.000.

bronnen

https://www.inyourpocket.com/gdynia/what-was-the-polish-corridor_77223f

https://www.inyourpocket.com/gdynia/gdynia-i-polands-gateway-to-the-world_72159f

vals geld in omloop

Al van in het begin van de bezetting van het Ruhrgebied nemen de Franse militairen geld in beslag. Op 19 januari 1923 stoppen ze een geldtransport van de Deutsche Bank in Düsseldorf dat 150 miljoen Mark van de Reichsbank aan boord heeft. Hetzelfde gebeurt in andere Duitse steden. De Fransen rechtvaardigen de inbeslagname van het geld op grond van het afbetalingsplan dat in Londen is overeengekomen.

Maar niet alleen het geld van de Reichsbank wordt in beslag genomen. Midden maart 1923 nemen Belgische militairen in Rheydt 100 miljoen Mark in beslag als dat geld vervoerd wordt van de stadskas naar de uitbetaling van werklozen. In Düsseldorf wordt enkele dagen later 120 miljoen Mark aan lonen in beslag genomen in de woning van de boekhouder van de Rheinische Metallwerke. En dan zijn er ook gevallen van Franse soldaten die burgers tegenhouden en hen onder dreiging van hun wapens dwingen hun baar geld af te geven.

In totaal nemen Franse en Belgische soldaten in de eerste vier maanden van de bezetting 27,18 miljard Mark in beslag. Op 26 mei worden nog eens 92 miljard geconfisceerd bij het kantoor van de Reichsbank in Essen. Op 11 juni volgt de confiscatie van 52 miljard Mark in Dortmund.

Maar in april gebeurt er nog iets bijzonders. Begin april nemen Franse soldaten drukplaten in beslag in een drukkerij in Mühlheim die in opdracht van de Reichsbank werkt. Enkele weken later stelt de Reichsbank vast dat er nieuwe biljetten van 20.000 Mark in omloop zijn met een totale waarde van 35 miljoen Mark die een nummering hanteren die nog niet in omloop is gebracht. Het is vals geld dat door de Franse bezetters in omloop is gebracht.

De Reichsbank besluit om geen geld meer te laten drukken in het bezette Ruhrgebied. In plaats daarvan wordt het geld in Keulen gedrukt. Keulen is bezet door de Britten die zich niet in het Frans-Duitse conflict mengen. Vandaaruit wordt het geld via smokkelwegen naar het gebied bezet door Fransen en Belgen gebracht.

Bron : Frank Stocker, die Inflation von 1923, FBV

een bloedige paaszaterdag

31 maart 1923 is een paaszaterdag. Een jaar eerder was minister Walther Rathenau erin geslaagd om met het verdrag van Rapallo Duitsland weer hoop te geven. Maar na de aanslag op zijn leven was het land in een economische chaos weggezonken en in het Ruhrgebied zwaaiden Franse militairen de plak.


Op die 31e maart willen Franse soldaten bij Stahlwerk Krupp in Essen voertuigen in beslag nemen. Maar de Fransen stuiten op de weerstand en woede van duizenden arbeiders. Die zwaaien met hamers naar de bezetters, zingen liederen en roepen dreigende taal. Op een gegeven ogenblik, na uren waarin beide groepen vijandig tegenover elkaar hebben gestaan, verliezen enkele soldaten hun koelbloedigheid en ze beginnen te schieten. Na de schietpartij liggen dertien arbeiders dood op de vloer. Het is een van de bloedigste conflicten in het bezette Ruhrgebied.

De Franse militaire overheid wijst Gustav Krupp von Bohlen und Halbach aan als verantwoordelijke en arresteert hem. Voor het Franse krijgsgerecht wordt hij veroordeeld tot vijftien jaren gevangenisstraf en een geldboete van 100 miljoen Mark.
Beelden van de begrafenis van de arbeiders van Krupp vind je hieronder :

bron : Frank Stocker, die Inflation von 1923, FBV

De spanning stijgt in het Ruhrgebied

De spanning stijgt langzaam maar zeker in het Ruhrgebied door actie en reactie van de Frans-Belgische bezetters en de Duitse bevolking.

1 maart 1923 : Frankrijk en België delen mee dat ze de doodstraf opleggen aan iedereen die in bezet Duitsland transportlijnen saboteert.

2 maart 1923 : Franse legertroepen die het Duitse Ruhrgebied bezetten, nemen 232 locomotieven en honderden goederentreinwagons (en hun ladingen) in beslag tijdens ochtendlijke raids in de steden Düsseldorf, Hamborn en Wanne, als straf voor achterstallige herstelbetalingen.

3 maart 1923 : Het Franse leger breidt zijn inbeslagname van spoorwegemplacementen in de Ruhr uit en neemt de controle over het belangrijkste industriële centrum in Darmstadt , samen met de havens van Mannheim en Karlsruhe , en de dorpen Lorch am Rhein en Knielingen , nu een deel van Karlsruhe.

6 maart 1923 : De Duitse bondskanselier Wilhelm Cuno vertelt de Reichstag dat Duitsland geen directe onderhandelingen met Frankrijk zal aangaan over de kwestie van de herstelbetalingen, maar dat via een derde partij zal doen. De regering van de Britse premier Bonar Law wordt door de oppositie onder druk gezet om een meer definitief standpunt in te nemen over de kwestie van het Franse beleid ten aanzien van het Ruhrgebied.

10 maart 1923 : Twee Franse functionarissen (een legerofficier en een spoorwegchef) worden vermoord aangetroffen in de buurt van het bezette Buer, Duitsland.

12 maart 1923 : Zeven Duitse burgers worden gedood en 13 gewond in Düsseldorf door Franse troepen in het bezette Ruhrgebied na de moord op twee Franse functionarissen op 10 maart.

13 maart 1923 : De Franse minister van Oorlog André Maginot kondigt aan dat nog eens 15.000 Franse soldaten naar het Ruhrgebied en het Rijnland zullen worden gestuurd.

15 maart 1923 : Duitsland biedt 20 miljard goudmarken aan Frankrijk en België om de bezetting van het Ruhrgebied te beëindigen.

20 maart 1923 : Een vertegenwoordiger van het Duitse ministerie van Financiën zegt dat hyperinflatie en de bezetting van het Ruhrgebied het onmogelijk hebben gemaakt om de financiën van het land te beheren, aangezien de begroting voor 1922-1923 een tekort vertoonde van 7,1 biljoen (7.100.000.000.000) mark. De Sovjet-Unie kondigt aan dat het 70.000 ton graan zal sturen om arbeiders in het Ruhrgebied te helpen.

bron : https://en.wikipedia.org/wiki/March_1923