aanleg van een mijnenveld

Op 2 mei 1918 voltooit de USS Baltimore haar taak in het Noorderkanaal, een zeestraat tussen Groot-Brittannië en Ierland. Sinds 13 april werden er ongeveer negenhonderd diepzeemijnen gelegd. Het schip vervoegt nu het Mine Squadron, dat een groot mijnenveld aanlegt tussen de Orkney-eilanden en Ijsland.

De USS Baltimore is een schip met een lange en gevarieerde staat van dienst. Sinds de tewaterlating in 1888 deed het schip zo ongeveer de hele wereld aan. Deze stoomboot was aanwezig in Chileense wateren tijdens de Chileense revolutie, beschermde Amerikaanse handelsbelangen in de Indische Oceaan, was actief in Hongkong en Havana, beschoot de vijand tijdens de Spaans-Amerikaanse oorlog en patrouilleerde op de Middellandse zee. Ze werd omgebouwd tot mijnenlegger en diende later als oefenschip.

bron : oorlogskalender 2014-2018, Davidsfonds

Uss_baltimore_1918

USS Baltimore

 

Ramp vermeden in Haringe

Een volle munitietrein arriveert op 30 april 1918 in een munitiedepot in Haringe (Poperinge). Na de loskoppeling van de locomotief ontstaat er brand in de tweede wagon. De Britse militair A.H. Furlonger beveelt treinbestuurder J.E. Bigland om opnieuw achteruit te rijden en de wagons weer aan te koppelen. Samen met Joseph Farren koppelt Furlonger de eerste twee wagons weer aan de locomotief. Tegelijkertijd koppelt een andere soldaat de overige wagons af van de brandende.

Precies dan ontploft de munitie in de brandende wagon en doodt of verwondt de toegesnelde soldaten. Zonder hun dappere inzet zou de ontploffing niet beperkt gebleven zijn tot twee wagons maar zou de hele munitieopslagplaats geëxplodeerd zijn. De militairen die om het leven kwamen bij de ontploffing van de treinwagons, zijn begraven op Bandaghem Military Cemetery in de Nachtegaalstraat in Haringe.

munitiedepot_191804