Dokter Lievens op de terugtocht uit Antwerpen

Dokter Lievens is één van de laatste Belgen in Antwerpen als hij op 9 oktober 1914 het bevel krijgt de stad te verlaten. Hij krijgt te maken met de snelle Duitse opmars.

De Duitsers steken in Schoonaarde en Antwerpen de Schelde over en omsingelen ons bijna helemaal. Omstreeks 22 u krijgen we het bevel ons vechtend terug te trekken. Verschrikkelijke nacht. Moreel beneden nul. Achter ons gaan de forten een na een de lucht in.

Paniek in Vrasene. Soldaten gooien wapens en uitrusting weg, duwen elkaar opzij en gaan op de vuist om hun hachje te redden. Heel wat mannen lopen verwondingen op. Uiteindelijk slagen oversten erin de orde te herstellen. Het merendeeld van de soldaten vindt zijn wapens terug en we begeven ons naar Verrebroek.

bron : kalender 2014-2018, Davidsfonds

Op onderstaande kaart staan Antwerpen, Vrasene en Verrebroek aangeduid. De nabijheid van de Nederlandse grens was voor sommigen heel aanlokkelijk om deze over te steken in de hoop van de oorlog af te zijn.

kaartBijAgendaLievens19141009

Van Mieghem en de landsverhuizers

Eugeen Van Mieghem is een Belgisch kunstenaar, geboren en getogen in Antwerpen, meer bepaald in de wijk van de oude haven. Hij maakt er kennis met de typische havensfeer en zou er waarschijnlijk ook een typisch havenberoep gevonden hebben als hij niet een bijzonder tekentalent had. Hij wordt jammer genoeg van de academie weggestuurd, nog wel door dezelfde profesoor die eerder ook Van Gogh had wandelen gestuurd. Maar zijn talent zal van Mieghem niet verloochenen en hij tektn met liefde de mensen die de haven van Antwerpen bevolken : de buildragers, de zakkenmaaksters, schippers, zwervers en emigranten. Voor de oorlog gaat het om de landverhuizers die oost-Europa verlaten om in Amerika een nieuw leven te beginnen. Menig schilderij van van Mieghem toont deze landverhuizers op zoek naar een beter leven.
En dan komt de grote oorlog die ook Antwerpen hard treft. Van Mieghem heeft deze tragiek treffend weten te tekenen in zijn typische stijl in onderstaande schilderij. Wie meer wil weten over deze kunstenaar kan terecht op  http://www.vanmieghemmuseum.com/main.php?lang=NL

Van Mieghem - vluchtelingen in Antwerpen

Van Mieghem – vluchtelingen in Antwerpen

Duitsers in Ieper

Rond eind september 1914 duiken de eerste Franse soldaten op in Ieper, maar hun aanwezigheid is nog maar zeer sporadisch. Net als die van de Engelsen trouwens. Het Duitse leger ontmoet dan ook nauwelijks of geen tegenstand als het op 7 oktober 1914 de stad inneemt. Tegen de middag duiken de eerste Duitse militairen op, maar rond 13 uur begint de eigenlijke intocht. Slechts één dag houden ze de stad bezet. ’s Anderendaags trekken de troepen verder. Wel blijven er nog een tiental dagen Duitse wachtposten aan de stadspoorten staan. Tegen 14 oktober 1914 is Ieper volledig in handen van Fransen en Britten. Ze zullen de stad niet meer afstaan tijdens deze oorlog.

bron : kalender 2014-2018, Davidsfonds

Ieper voor de oorlog

Ieper voor de oorlog

het allereerste luchtgevecht is een feit

Op 5 oktober 1914 wordt het allereerste luchtgevecht boven Franse grond gehouden. Aan boord van het Franse vliegtuig zitten Joseph Frantz en Louis Quenault. Aan boord van het Duitse vliegtuig zijn Wilhelm Schlichting en Fritz von Zangen. Het Duitse vliegtuig voert een verkenningsopdracht uit evenals het Franse. Maar het is Joseph Frantz die als eerste het Duitse vliegtuig opmerkt en het weet te benaderen. Het Franse vliegtuig gebruikt een Hotchkiss mitrailleur om het Duitse aan te vallen. Als de munitie op is, beschieten Fritz von Zangen en Lous Quenault mekaar met een geweer. Quenault schiet de piloot Schlichting neer waarop het vliegtuig naar beneden stort en terecht komt in Jonchery-sur-Vesle nabij Reims. Beide Duitsers komen om in de vlammen.

De familienaam Frantz was iets te Germaans voor de Franse kranten die de overwinnaar bedachten met de familienaam “France”. Joseph Frantz overleeft de eerste en de tweede wereldoorlog en zal in 1979 op 89-jarige leeftijd overlijden.

Joseph Frantz en Louis Quenault

Joseph Frantz en Louis Quenault

bronnen

http://fr.wikipedia.org/wiki/Joseph_Frantz

http://earlyaviators.com/efrantz.htm

http://www.frontflieger.de/2-ffa018.html

De Duitsers steken de Nete over

Op 5 oktober 1914 slagen de Duitsers erin om bij Lier de Nete over te steken. Hoewel de Belgen ondertussen Britse versterkingen hebben gekregen, slagen ze er niet in om de Duitsers terug over de Nete te drijven. Daarmee zetten de Duitsers een belangrijke stap op weg naar de verovering van Antwerpen. Het is nog maar een kwestie van dagen.

Niet alleen het fort van Lier is zwaar beschadigd. Ook de stad Lier zelf deelt in de klappen. Hieronder staat een foto van de Grote Markt in Lier. Wie nog meer foto’s en informatie over Lier in de Groote Oorlog zoekt, kan terecht op de website http://www.lier1418.be

Lier Grote Markt 1914

Lier Grote Markt 1914

Strafexpeditie in Lanaken

Edgar de Caritat de Peruzzis

Edgar de Caritat de Peruzzis

Begin oktober 1914 gaat alle aandacht uit naar Antwerpen dat op het punt staat te vallen. Maar er wordt ook hevig gevochten in Limburg. Daar zijn de troepen van generaal De Schepper nog altijd actief en hebben ze het de Duitsers behoorlijk lastig gemaakt. De Schepper zit vooral in het noorden van Limburg. Maar ook in het zuiden van Limburg laten de Belgen zich niet doen. In Lanaken is er een verzetsgroep actief onder leiding van de burgemeester Edgar de Caritat de Peruzzis. Deze groep verzet zich met hand en tand tegen de Duitse troepen. Als een Duitse verkenningseenheid per tram in Lanaken aankomt, wordt ze op een kogelregen onthaald.

Begin oktober hebben de Duitsers er genoeg van. Vanuit Tongeren wordt een strafexpeditie op pad gestuurd om het “Fort Lanaken” een lesje te leren. Op 4 oktober 1914 openen Duitse kanonnen in alle vroegte het vuur. Enkele granaten raken de kerk, terwijl de ochtendmis nog bezig is. Ook de brouwerij van burgemeester Caritat de Peruzzis wordt in de as gelegd. De burgemeester trekt zich samen met zijn legertje terug richting noord-Limburg, waar hij op 7 oktober 1914 in Hamont door een Duitse kogel wordt gedood.

Churchill maant de Belgen aan tot verzet in Antwerpen

WinstonChurchill1914In 1914 is Churchill minister van marine.In die hoedanigheid komt hij op 3 oktober 1914 naar Antwerpen om de Belgen aan te sporen de havenstad te blijven verdedigen. Churchill begrijpt ook dat het Belgisch leger de Duitsers niet lang kan tegenhouden nu de forten rond Antwerpen één voor één beginnen te vallen onder het geweld van de Duitse artillerie. Hij belooft daarom Britse troepen te sturen. Jammer genoeg kunnen die troepen niet ontschepen in Antwerpen zelf. Nederland wil immers angstvallig de neutraliteit bewaren en heeft daarom de Schelde afgesloten. Daarom ontschepen de Britse soldaten in Oostende of Zeebrugge en komen daarna op 6 oktober aan in Antwerpen.

Het gaat om soldaten van de Royal Naval Division die de Belgen komen versterken. Hieronder staat een foto van die soldaten die in de buurt van Antwerpen loopgraven maken om de Duitsers op te vangen.

RoyalNavalDivision_Antwerp1914_1

Het leuke is wel dat de Britten zelf deze episode niet vergeten zijn. En zo kan je op een site van modelbouwers een diorama vinden van deze mariniers met een verwijzing naar Antwerpen.

RoyalNavalDivision_Antwerp1914_2

Raoul Snoeck ontsnapt in Duffel aan een omsingeling

2 oktober 1914 : Raoul Snoeck vermeldt in zijn dagboek :

gewekt om vier uur ’s morgens. We rukken op en steken in Duffel de spoorwegbrug over (Netebrug). Om zes uur verspreiden we ons over velden en bosjes op gevaarlijk terrein. De Duitsers bezetten de spoorweg. Het gevecht barst in alle hevigheid los. Stoutmoedige en geweldige aanvallen worden afgeslagen. De hele dag wordt een levendig artillerieduel. We bieden verbeten weerstand aan de aanvallers. het 2e en 22e linie leveren mooi werk. We voeren drie opeenvolgende aanvallen uit met de bajonet op het geweer. De Duitsers trekken zich terug, vluchten en laten geweren en gordels achter. We zijn blij als gekken. Op dat ogenblik komt een kogelbui neer op onze rechterflank. Luitenant Vanderhaeghen is gewond en de tweede luitenant valt op zijn beurt. Het 3e en 23e linie trekken zich vechtend terug. We hebben misschien te vroeg gejuicht. Sommigen beweren dat de twee genoemde regimenten dienst weigeren. We zijn omsingeld. (…)

Na een hevig gevecht slaagt Raoul Snoeck erin om met zijn kameraden aan de omsingeling te ontkomen.

We bezetten de Netebrug tot ’s avonds en zoeken een onderkomen in Kontich Daar vinden we de brave vrouw terug bij wie we een maand geleden kip aten. Ze is gelukkig om ons terug te zien maar deze keer vinden we geen gevogelte meer. Helaas ! Ook zij maakt zich klaar om te vertrekken.

bron : Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, vertaald uit het Frans door André Gysel, Snoeck-Ducaju

Duffel1914_02

Duffel krankzinnigengesticht na beschieting in 1914

Jozef de Block wordt zonder proces gefusilleerd

Jozef De Block

Jozef De Block

Zonder enige vorm van proces schieten twaalf Duitse marinesoldaten de burgemeester van Tisselt neer. Jozef De Block, burgemeester, landbouwer en eigenaar van een molen, werd in de ochtend van 29 september 1914 bij het verlaten van zijn molmen gearresteerd door Duitsers die zich verscholen achter de haag van zijn tuin. De Beschuldiging luidde : spionage. Men had immers telefoondraden gevonden die vastgemaakt waren aan zijn molen. Enkele dagen later moest Jozef De Block de Duitsers volgen, eerst naar Londerzeelberg, dan naar de Bormstraat in Nieuwenrode. Na een nacht overeind staan in de regen werd hij geëxecuteerd, zonder ook maar enig proces. Een Duitse soldaat getuigde achteraf dat de burgemeester de blinddoek weigerde.

bron : kalender 2014-2018, Davidsfonds

Duffel onder Duitse granaten

Raoul Snoeck noteert in zijn dagboek op 30 september 1914

Om vier uur ’s morgens zijn we weer van de partij. We zitten beschermd in een greppel. ’s Namiddags komen enkele obussen ons groeten. Twee vliegtuigen passeren. Een van onze kabelballons stijgt op , maar door het vuur van de Duitsers moeten we hem weer neerhalen.

Om zes uur ’s avonds naar Lint, waar we aankomen om één uur ’s nachts. Bivak, zoals gewoonlijk. We hebben de rekruten gezien, naar het schijnt schiet hun opleiding goed op. Hoeven, schuren en paardenstallen steken vol vluchtelingen. Aan de horizon brandt de toren van Sint-Katelijne-Waver. Nachtelijk bombardement op alle forten. We slapen onder het gefluit van de obussen. Ze makern zo’n verschrikkelijk lawaai dat het lijkt of alle duivels van de hel zijn losgebroken. Het Duitse offensief verhevigt nog en beangstigt ons. De forten worden voortdurend beschoten met obussen van het kaliber 420, die de gepantserde koepels vernietigen. Velen komen om in de loopgraven. De forten van de eerste lijn worden ingenomen. In Duffel vallen Duitse projectielen. Op welk front zullen we binnen enkele dagen vechten ? Men meldt dat het 3e en 23e linie, die ons hebben vervangen in de loopgraven, vermorzeld zijn door de ‘420’ : een ware slachtpartij…En de vijandelijke opmars gaat maar door. Onze laatste schuilplaats (Antwerpen) zal in hun handen vallen. Een ketting van Teutoonse krachten spant zich aan rondom de laatste Belgische schuilschans, waarvan iedereen graag geloofde dat het een oninneembare vesting was. Antwerpen moet eraan geloven.

Duffel na de beschieting - kapotte brug over de Nete

Duffel na de beschieting – kapotte brug over de Nete

bron : Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, vertaald uit het Frans door André Gysel, Snoeck-Ducaju