Heimwee naar Gent

Raoul Snoeck verlangt hoe langer hoe meer naar zijn geboortestad Gent. Maar na meer dan 4 jaar aan het front heeft hij nog altijd vechtlust om de vijand van de vaderlandse bodem te verdrijven.

8 september 1918 : Ik verlang ernaar om weldra naar Gent terug te keren. De hunker naar mijn geliefde stad wordt steeds sterker naarmate de hindernissen die me van haar scheiden, zich opstapelen en de duur van mijn ballingschap langer wordt. Vanuit mijn observatiepost domineer ik het ganse slagveld. ’s Nachts betrek ik met Xantipe, Van Nuffel en adjudant Wauters een stevig gebouwde Duitse schans. Ik droom van een verrekijker die voldoende sterk is om me het Belfort, de massieve toren van Sint-Baafs en andere vertrouwde monumenten te laten bekijken. Wat een verbeelding ! Ga ik ze nog in werkelijkheid terugzien. Chi lo sa ? , wie weet, zou mijn Italiaanse marraine zeggen.

12 september 1918 : Ik zou wel een beetje willen vertellen wat er is gebeurd maar de tijd ontbreekt me. We zijn overwerkt en ik begrijp niet hoe onze mannen nog weerstaan aan de vermoeidheid. Het is middag en we moeten opnieuw aanvallen om twee uur. We hebben allemaal zin om de vijand een ferme oplawaai te geven. Weg ermee !

bron : Raoul Snoeck, in de modderbrij van de Ijzervallei, uit het Frans vertaald door André Gysel, Snoeck-Ducaju & zoon

RaoulSnoeck_191809

Raoul Snoeck 1918

 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s